Onverwacht afscheid

Twee weken geleden heb ik  afgesproken met de fietsenmaker op mijn fiets te laten repareren.
Eerder kon niet; door de Corona pandemie was de zaak dicht geweest en was er achterstand met reparaties.

Mijn fiets reed wel, maar ik kon maar een paar van alle versnellingen gebruiken, dat zou een behoorlijke reparatie worden, zo werd me verteld, en dáár hadden ze pas over 2 weken tijd voor.

Vandaag was dé dag. Ik fietste naar de fietsenzaak, bracht mijn fietsje de werkplaats in en even later pikte mijn lief me op om me naar huis te brengen.

Nog geen half uur nadat we thuis waren ging de foon: de fietsenmaker
De ketting en de versnelling voor en achter  moesten worden vernieuwd, dat zou  veel geld gaan kosten en dat was de fiets niet waard.
Dat bericht overviel me en dat zei ik de opbeller ook.
Wat is het alternatief?
Een tweedehandse fiets kopen.
Hij had toevallig een fietsje staan dat me wel zou bevallen.
Ik zei dat ik dat overdenken moest.

Overdenken én overleggen.
Deze fiets had, in tegenstelling tot mijn vorige fiets, (gekregen bij het naar de Middelbare school gaan) geen enkele emotionele waarde voor me.
Een vervoermiddel dat ik bijna elke dag gebruik, moet betrouwbaar en veilig zijn en dát, bleek nu NIET meer het geval.

Het overleg was kort maar krachtig: Laten we even gaan kijken.
We keken. De fietsenmaker keek naar mijn figuur, stelde de tweedehands fiets  op maat voor me af.
Het is een prachtig fietsje om te zien, maar het belangrijkste voor mij is; hoe rijdt hij? (of is een damesfiets een ZIJ?)
Ik  rijd proef.
Prima fietsje, rijdt lekker licht
Het zadel is niet prettig en ik zou ook graag mijn eigen handels hebben, maar verder  is hij oké.
Mijn lief en ik keken elkaar aan: het vooroverleg behelsde de koop al.
“Waarom deed de vorige eigenaar deze weg? vraag ik nog.
Het antwoord had ik zelf kunnen bedenken: “Ze kocht een elektrische fiets”
De fietsenmaker zal  mijn “vertrouwde spul” zadel, handels en mandje  overzetten en ik krijg nieuwe snelbinders van hem, want overzetten doet hij de oude niet  Ik mag om 5 uur terugkomen dan is de nieuwe fiets klaar; de oude mag ik meenemen of daar laten, dan gaat hij naar de schroothandelaar.
Mijn vorige fiets werd opgelapt om naar Afrika te gaan, zei mijn toenmalige, nu vertrokken fietsenmaker. Dát trok me toen over de streep om mijn oude vertrouwde stalen ros dáár achter te laten.

fietsOm 5 uur kom ik terug en is mijn oude fiets ontmanteld: zadel, handels en  mandje overgezet.
Eén ding wil ik nog terug van mijn oude fiets voor hij naar de schroothandelaar vertrekt: het klokje dat aan mijn fietssleutel hangt. Ook dat krijg ik terug.

slotNu pas zie ik dat mijn nieuwe fiets een “moderne ” sleutel heeft; het lijkt een knipmes; druk op een knopje en hij schiet open .En nog een nouveauté: mijn lamp vóór en achter gaan vanzelf aan als ZIJ vinden dat het donker is.
De winkel is kennelijk te donker want als de fietsenmaker hem naar de uitgang duwt flikkert mijn achterlicht.

Na de overdracht en de betaling fiets ik naar huis; een totaal andere beleving dat mijn vorige fiets.
Ik hoop dat ik ook  van deze lang plezier ga hebben.

 

 

Mens en natuur: zij creëren

Wandelend in het Baarnse bos, startend bij het voormalig stationsgebouw*)  met Jugendstilachtige elementen, valt ons deze keer vooral de KUNST op.

station baarn

De wolkenlucht (Natuur) maar ook de “klauw met kristal” (Mens)

                                      De levende én dode boomformaties


ook de prachtige poorten met uitgestanste eikenbladeren

Ik fotografeer ook een “stronk” die me opvalt en aan een motorblok (koelribben) doet denken.

Er is  een “kunstwerk” waaraan  zowel de natuur als mensenhanden te pas zijn gekomen: de Koningslinde met het kunstig (in mijn ogen iets té ) opzichtige hek eromheen, geschonken door Staatsbosbeheer aan de Gemeente Baarn i.v.m.
200 jaar Koninkrijk der Nederlanden (2013)

Wandelmogelijkheden daar  te over, waaronder ook een kabouterwandeling**) een  grote waterpartij met beelden en lange lanen met hoge bomen aan weerskanten.

Wij hebben hier vaker gewandeld (ook met kleine kinderen) en eigenlijk is het voor ons bekend terrein, maar toch zien we ook hier steeds weer “nieuwe” dingen

 

 

 

 

*) Vandaar ving de Koninklijke familie hun treinreizen aan, dus er was een Koninklijke Wachtkamer!
kabouter

**) tegen een kleine betaling is een route, knapzakje en kaboutermuts  te krijgen, om met kinderen een kabouterwandeling te volgen mét (natuur) opdrachtjes

Erinaceus europaeus (egel)

Vanmorgen werd ik omstreeks half zes wakker van een vreemd geluid.
Ik kon het niet thuisbrengen en bleef een tijdje liggen luisteren.
Omdat ik toch niet meer kon slapen én nieuwsgierig was wie of wat dit geluid voortbracht stapte ik uit bed, waste me, kleedde me aan en liep de tuin in.
Twee kleine kraaloogjes keken me aan.

In een bladvormige schaal die ik in de tuin had liggen lag een egel. Niet opgerold maar met het spitse snoetje en de 2 donkere kraaloogjes kijkend naar me.
Het geluid kwam niet van haar maar, zo bleek van mijn andere stenen “blad” dat normaal met schelpen en mos artistiek ligt te wezen. De schelpen lagen naast de schaal en er in zat een dikke egel die een snuivend geluid maakte, best hard!

egel alleenIk heb geen verstand van egels, maar ik schat in dat dit een paartje is, dat “ergens” in onze tuin domicilie heeft. Onze buurman heeft, dit jaar, al meerdere egels in zijn tuin gezien.
Wij hebben een gat onder onze stukje schutting gemaakt zodat ze (als ze dat willen)door kunnen lopen van tuin naar tuin

Ik maakte een paar foto’s en stuurde die naar een, ook vroeg opstaande vriendin. Ik kreeg meteen een berichtje terug : kattenvoer neerzetten.
Ik heb geen kattenvoer in huis, ik wil geen katten in de tuin vanwege de vijver, vissen, kikkers én onlangs weer gezien; salamander!
Allemaal potentieel voedsel voor een kat.
Dus NEEN, geen katten én geen kattenvoer. Ik denk dat deze egels zelf hun voedsel wel kunnen vinden, want we hebben (helaas voor de planten) nogal wat slakken. Naakte en met huisjes:  dus gaan jullie je gang maar,  egels!

Ik las dat Carl Linnaeus Zweeds arts, zoöloog, geoloog en plantkundige in 1758 voor het eerst de wetenschappelijke naam Erinaceidae publiceerde. Daarvoor liep dit insectenetende zoogdier waarschijnlijk al wel op deze aarde rond, maar had nog geen naam (of was nog niet door mensen gezien?)
Deze West-Europese egel heeft ook nog familie in Oost Europa, de Erinaceus roumanicus.*)

Ik vond deze twee West-Europese (geen reden om aan te nemen dat het paar uit Oost Europa kwam) vanmorgen een natuurcadeautje!

*) De Oost Europese egel heeft ca.6500 stekels, de West Europese tussen de 5 en 8 duizend stekels!

Citaat: Toyo (2)

Toyo Shibata (1911-2013) was een Japanse vrouw die pas in haar 92 ste  levensjaar haiku-achtige verzen begon te schrijven.
Ik heb er ooit een aantal overgeschreven die ik las en die mij zeer aanspraken, misschien jullie ook?
Ik zal er af en toe in een blog één aanhalen.
Vandaag no.2

toyo           


Vergeten      
忘れる

Met elk jaartje dat erbij komt
ga ik meer en meer
dingen vergeten, zo lijkt
Namen van mensen,
al die lettertekens,
tal van herinneringen.

Waarom vind ik dat toch niet langer jammer?
Vergeten is een zegen
Ik berust in dat vergeten
Ik hoor
cicaden zingen.
cycaden

 

Berenjacht auteur Corona

Op 6 april schreef ik een blog over de berenjacht, een initiatief om in Coronatijd met
(kleine) kinderen te gaan wandelen en onderweg de beren te tellen, die mensen voor hun raam, in de tuin of waar dan ook hebben neergezet.
berenjact
Deze berenjacht kwam voor uit het boek Wij gaan op berenjacht, vertaald uit het Engels, geschreven door Michael Rosen en getekend door Helen Oxenbury, gepubliceerd in 1989.

Wat ik NIET wist is dat deze kinderboekenauteur en dichter (meer dan 140 boeken geschreven) in maart zelf aan Corona ten prooi was gevallen.
michael RosenIk lees nu dat hij 24 juni uit het ziekenhuis is gekomen, na 47 dagen op een intensive care en daarna nog op een “gewone” ziekenhuisafdeling heeft gelegen.
Sinds 24 juni is hij weer thuis en  met intensieve therapie kan hij weer met een stok lopen. Zelf schreef hij daarover dat na 2 maanden 24 uur plat te hebben gelegen zijn benen weer moeten leren functioneren.

Bijzonder dat een boek in de vorige eeuw gepubliceerd nu, in Coronatijd,  deze Berenjacht tot gevolg heeft en  weer zoveel kinderen (én volwassenen) blij maakt en gelukkig dat de schrijver zelf van deze ziekte  herstellende is.
zittende beer

 

 

 

 

Wie schrijft die blijft!

Het valt me op dat er NU zoveel meer teksten als anders staan; rode vlaggen met de tekst Met elkaar, voor elkaar, teksten op spandoeken op scholen, op kerken,  op verzorgingshuizen en soms gewoon op huiskamerramen.
Men wil elkaar laten weten wat men vindt, solidariteit betonen met ouderen en zieken die binnen moeten blijven of  dank overbrengen aan mensen in de zorg.

Ik heb oog voor deze teksten, lees altijd  al alles wat ik tegenkom.
Vandaag zag ik, behalve de tekst “Bedankt team voor de goede zorg” tegen de muur van een instelling ook een sticker op een raam “Elk kakje in een zakje” met een plaatje van een hond erbij.
hondenbordjeOok de “gewone” dingen gaan door: poepende honden! (Er staat ook steeds meer van die NO- prikpennen met een poepende hond in tuinen en plantsoenen.)
Ik kan me niet voorstellen dat het helpt! Net zo min als in een grote stad een sticker met “geen fietsen tegen het raam aub” helpt. Meestal staan er fietsen tegen zo’n sticker.

Ook zag ik het woord GESLAAGD  in plakletters op een raam mét een uithangende vlag met daaraan een schooltas. schooltasDát symbool van geslaagd zijn had ik dit jaar nog niet veel gezien. Ondergesneeuwd tussen de “solidariteitsvlaggen”? Of minder als vorige jaren? Het voelt vermoedelijk “anders”, als je schoolresultaten bepalen of je je examen gehaald hebt of dat je echt examen moet doen.

Persoonlijk heb ik niets met die witte T-shirts met een rood hart erop voor het raam, als steun voor de zorg.
Iedereen hoort blij te zijn met de goede gezondheidszorg die we in Nederland hebben, NIET alleen nu er een pandemie is, maar altijd.
Geef de mensen in de zorg een beter salaris, maar een t-shirt met hart voor je raam………..pfft

Bijna alle winkels hebben de, voor hun branche geldende, speciale Corona maatregelen op de ruit geplakt,;de kapper in het winkelcentrum heeft er een briefje erbij dat, omdat er Coronamaatregelen in de zaak getroffen zijn, de kappersbezoeken NU € 2,50 duurder zijn. Ik ben benieuwd of die “toeslag” als de pandemie over is, weer gaat verdwijnen!

raambeerAl eerder blogde ik over de beren die voor de ramen gezet worden om kinderen en volwassenen iets te doen te geven als ze een wandelingetje maken: namelijk TELLEN.
Nu zag ik een raam met een vel papier met daarop in rood geschreven BEER. Waarschijnlijk iemand die mee wilde doen maar geen speelgoedbeer in huis had.

IK heb deze BEER meegeteld!

De Hilversumse mart

Geboren en getogen in Hilversum, een dorp dat zich Mediastad noemt, hadden wij, Hilversummers het over “naar de mart gaan”. (dan gingen we naar de markt)

Toen ik trouwde ging ik Hilversum uit, iets dat me tóen best pijn deed. We komen er nog wel eens omdat zoon en vrienden er wonen, maar dan is het parkeren voor de deur, op bezoek gaan en weer in de auto naar huis.

Vandaag gingen we “naar de mart”. De mart is nog steeds op dezelfde plek aan het Langgewenst (vroeger vond ik dat een sprookjesachtige naam) maar er  is verder mega veel veranderd.
Een groot gebouw waarop Vue staat, is gezichtsbepalend voor het marktgebied: een bioscoop.
Aan de andere kant een Foodhall, waar vroeger Casino was, een “feestzaal” waar vroeger de meesters en juffies van onze school één keer per jaar optraden voor de leerlingen. Later werd het de Eurobioscoop, waar ik menig keer een film zag.
Nu is er veel van het oude gebouw, dat in verval was geraakt, weer hersteld in de Art Nouveau stijl waarin het in 1912 gebouwd was ( dat vermeldt de reclame van de foodhall)
We drinken een biertje op het terras, leuke bediening lekker bier.

Dan lopen we over de mart. Door de Corona is er een looprichting en kunnen we niet over de mart “zwerven”.
Op de plek waar ik vroeger met mijn vader vis ging halen (ik dacht dat dié visboer toen uit Bunschoten of Spakenburg kwam) staat nog steeds een viskraam. Nu is het een Volendammer; we kopen er een dorade, die vakkundig gefileerd wordt.

 

De kraam van Sjouwerman, bestaat al 100 jaar, dáár koop ik ook deze keer groente en fruit (toch een beetje vertrouwd)

Mijn geboorte dorp was nu  “anders “, maar toch een beetje vertrouwd.
 Lopen op de mart, pure nostalgie!

Kwikstaart – kool- en pimpelmees

 

Verleden jaar knutselde mijn lief 15 nestkastjes (+ 1 prototype) in elkaar om in eikenbomen bij de de Pitch & Puttbaan strand Horst op te hangen. De mezen die er zouden gaan huizen zouden de processierupsen die misschien in de eiken zouden willen gaan kruipen, opeten!
Een milieuvriendelijke oplossing.

Het recreatiegebied waarin de Pitch & Puttbaan ligt heeft ook veel eiken staan; er zijn rood/witte linten omgespannen om recreanten te waarschuwen en ook dáár zijn nestkastjes opgehangen.

Het was nu tijd om te gaan kijken hoe het zat met de bewoning van de nestkastjes ( én om weer eens een partijtje Pitch & Puttgolf te spelen)
Er zijn nestkastjes bewoond! We hebben er bewijs van!
Helaas ook bewijs dat er toch weer processierupsen zijn, minder dan vorig jaar, gelukkig
De nesten worden, indien mogelijk weggebrand, waarvan we óók het bewijs zagen.
(Ontzettende domme processierupsen, want dat nest was náást een nestkastje gemaakt; easy snacken voor die mezen.


                     Babymees kijkt naar buiten.    Brandplek wat ooit een rupsennest was


Na het golfen wilden we zelf ook wel wat snacken en omdat het daar héérlijk eten is, bestelden we wat en zaten heerlijk op het terras onder de parasol te eten

kwikstaart
Op
de baan en vlak daarboven nogal wat kwikstaartjes. Niet te fotograferen zo snel. (dus maar een plaatje ervan opgezocht) Geen idee of ze rupsen eten (hoop van wel, want het waren best veel kwikstaarten)





We zagen meteen de nieuwe 20 m lange steiger, zodat nu bootjes kunnen aanleggen en ook opvarenden van dit heerlijke eten kunnen genieten of een balletje slaan!

 

                     Wél even onthouden: Maandag is de baan én de Horeca GESLOTEN!

 

 

 

 

In of verkoop van huisraad e.d.

Soms is er iets, van huisraad bijvoorbeeld, NIET kapot, maar wil je het toch niet meer in huis hebben.

Er was een tijd dat onze zonen op kamers gingen en de zonen en dochters van vrienden ook. Al die jongelui hadden spullen nodig. Dus had je een lamp, een oude bank, een kruk of kastje over, dan ging het naar een kamerbewoner.


Mijn lief en ik zijn NIET goed in dingen verkopen. Ooit, vóór er computers bestonden ( Markplaats nog niet bestond) kochten we een nieuwe eethoek en hadden bij de supermarkt een kaartje gezet voor de verkoop van onze oude eethoek; ronde witte tafel met 5 oranje kuipstoeltjes.
Er kwam een dame in een sportautootje, die maar 1 stoel tegelijk kon meenemen en vroeg of wij ze niet wilden komen brengen én of het niet voor de helft van de prijs kon. Ze is, na vertrokken te zijn met één stoeltje, een paar keer terug gekomen, één keer met een kennis die de tafel kon vervoeren. We hebben nog niet de helft van het geld gekregen.
Natuurlijk hadden we eerst het geld moeten vragen en dan pas de eerste stoel meegeven, maar ja, dát hadden we niet gedaan!

Tegenwoordig zijn er sites zoals Marktplaats.
Ik heb er één keer iets via Markplaats gekocht, iets dat NIET meer in winkels te krijgen was en Ik graag iemand cadeau wilde doen..
Ik  werd binnengelaten in een woonkamer waar van alles gebeurde, dat ik niet wilde zien of horen en waar op een tafel “de waar” die ik wilde kopen, lag. Het geld werd me haast uit de handen gerukt door een kleine gast, die van de bank opsprong zodra ik GOED had gezegd.
De moeder vergoelijkte dat ze het geld hem had beloofd. Eéns maar nooit meer!

Laatst hoorde ik iemand, die van een flat kwam en nu een tuin kreeg  zeggen dat hij op Marktplaats eens ging kijken voor een tuinslang! Ik zou niet op het idee komen om voor een tuinslag op Marktplaats te kijken!

Aan de andere kant hoorde ik van iemand die een hele keuken voor €500,- op Marktplaats had gekocht. Precies  dat wat ze wilde; een kookeiland met alles erop en eraan. Er zijn dus echt wel “koopjes”

Mij verlokt het niet!Wat we “over”hebben gaat naar de Kringloopwinkel (die wij altijd Kringspierwinkel noemen)
Voor mij zijn ook de koopjes bij een Kringspierwinkel:  ik kan het voelen en bekijken, het prijsje staat erop en ik koop het in een “neutrale” omgeving, dat is meer mijn ding.

Fietsknoop


Bijster enthousiast over fietsen ben ik niet echt. Fietsen om van A naar B te gaan, prima, een stukje door de natuur ook prima, maar “zomaar” doelloos fietsen…………..
Voor mensen zoals ik zijn fietsknooproutes uitgevonden.

Een kaart van Nederland verdeelt in segmenten met cijfertjes er in. Je kiest een segment  en kijkt wáár je wilt fietsen. Je onthoudt de nummers en volgt de bordjes. Ben je het zat dan kijk je op een knooppuntbord en zoekt een kortere route terug.
Wij startten bij Austerlitz 03 en gaan via 16,04,05, 08, 70,07,06 terug naar naar 03

Als we net op pad zijn zie ik een gebouwtje (ik dacht een kerk) dat me aanspreekt en waar ik een foto van wil maken. Het blijkt de aula te zijn van de Algemene Begraafplaats Driebergen-Rijsenburg (46.500 m2 groot) Ik loop m het gebouwtje heen en……….zie een ree de blaadjes van de jonge boompjes af eten. Als zijn hertenlipjes  een jong boompje loslaten zwiept het boompje terug naar zijn oorspronkelijke staat.
Het is een komisch gezicht. We staan er lang naar te kijken en ik probeer wat foto’s te maken.
Zo nu en dan kijkt hij naar ons, oortjes gespitst, maar kennelijk vindt hij (of zij) ons géén bedreiging.
Echt leuk wordt het als hij naar een graf toeloopt en  een bosje anjelieren begint te ontdoen van de bloemetjes. Helaas is het in de schaduw, maar zo nu en dan zie ik een steeltje zonder bloemetje terugveren.
Voor ons een cadeautje van de natuur

Als we verder fietsen en ik moet remmen sta ik wel stil, maar is mijn remkabel geknapt.
Ik wil nu niet naar huis, mijn voorrem werkt nog wel, als ik voorzichtig rijd……….
Mijn lief vindt dat niet zo’n goed idee. Ook niet al mijn versnellingen werken; ik ben al naar de fietsenmaker geweest maar die had door de Corona reparatie-achterstand opgelopen; ik kon pas eind juni een afspraak maken. Dit wordt dus wel een krakkemikkig fietstochtje, want terwijl ik constant denk; ik moet remmen met rechts, knijp ik gewoontegetrouw bij  de eerstvolgende oversteek toch in mijn linker (dode) handrem.

We zijn bijna in Doorn en besluiten te kijken of er een fietsenmaker daar ons helpen wil.
Ik kan me niet herinneren ooit in Doorn (de plaats) geweest te zijn (wel in Huize Doorn, waar de Duitse ex-keizer Wilhelm II van 1920  tot zijn dood in 1941 gewoond heeft)

In het centrum is op een hoekje een makelaarskantoor, de deur staat open.
Ik sta in de deuropening *)en vraag de dame en heer, die tegenover elkaar achter de computer zitten, of hier een fietsenmaker in de buurt is Het antwoord: 3! De man legt het adres van de dichtstbijzijnde uit. Ik bedank, het is vlakbij.

Ik sta in de deuropening van de fietsenwinkel mét mijn fiets.
Binnen staat een kleine man met gele huid, kaal hoofd en pretoogjes. Ik vraag of ik binnen mag komen. Het mag. Ik vertel van onze fietstocht en de remkabel. “Ik maak”
Daar ben ik blij om, maar wil toch even checken of ik het goed begrijp: NU?
De man met de pretoogjes spreekt in korte zinnen: Jij gaat, komt terug, ik klaar.
Ik bedank hem en zeg dat we dan even koffie gaan drinken. Goed, dan klaar.
Ik loop de winkel uit, vlakbij de deur gekomen roept hij me na: Kost 15 euro, geen pin.
Prima, dan ga ik pinnen!
Wat hebben wij Nederlanders eigenlijk veel woorden nodig, besef ik opeens. Zoals hij het deed gaat het ook!

We zitten op een terrasje, midden in Doorn, onder een parasol; het is heerlijk weer.
Na de koffie lopen we terug naar de fietsenwinkel waar de reparateur wijst op mijn fiets: Klaar.
Ik geef hem 15 euro bedank nog een keer (zo fijn dat het even zo kan) en verlaat de winkel met werkende remkabels!

We fietsen door de bossen, het gaat geleidelijk omhoog (verdorie die kapotte versnelling!) en dan best wel hard omlaag. Ik dank God, de fietsenmaker en mijn lief, die het reparatie-idee had, dat beide remmen weer werken; dit was anders een gevaarlijk tochtje geworden.
We komen veilig en voldaan thuis: een dag mét een ree!


*) Coronatijd = niet “zomaar “naar binnen lopen