Postbezorging

                                                 Litteris absentes Videmus*)

 

In de Volkskrant stond laatst een stuk over (de kunst van) het brieven schrijven.
Daarin werd de naam Francisco de Tassis, (1459-1517) de grondlegger van het Europese postwezen genoemd. Ik las het en bedacht me dat ik NIETS weet van hoe het postbezorgen ooit ontstaan is.

Het blijkt dat Maximiliaan I (vanaf 1508 keizer van het Heilige Romeinse Rijk en vader van Filips I ) behoefte had aan communicatie tussen hem, zijn zoon en zijn dochter, die resp. in Innsbruck, de Nederlanden en het Franse hof verbleven.

Daartoe nam de keizer contact op (waarschijnlijk per koerier??) met de koeriersfamilie de Tasso: Janetto, zijn broer Francisco en diens neef Jan Baptista.
Deze familieleden zetten tezamen het eerste estafettestation op met vaste pleisterplaatsen (meestal herbergen), om de ruiters en de paarden te wisselen.

De zoon van Maximiliaan: Filips  de Eerste (1478-1506) landsheer van de Bourgondische Nederlanden,  nam in 1501 Frans (Franciso) aan als postmeester van de Nederlanden.

De Tassispost
zoals het postverkeer toen genoemd werd kwam in 1516 binnen het bereik van particulieren.
Toen al was er een overeenkomst dat niemand postdiensten mocht opzetten ZONDER toestemming van de hoofdpostmeesters (Frans en Jan Baptista waren daartoe benoemd).

Van het staatsmonopolie heeft de PTT nog jarenlang geprofiteerd.

Heden ten dage, mailt, chat en Whats-appt iedereen; brievenschrijven gebeurt nog maar mondjesmaat, toch liepen hier tot voor kort nog af en toe  3 postbezorgers door de straat van Post NL, Sandd en Deutsche Post.

Na vele vette jaren, waarop de postzegels alsmaar duurder werden,  is er nu waarschijnlijk geen droog brood meer te verdienen aan brievenbezorging.
Wijken zijn groot, maar de te bezorgen brieven steeds minder.
Post NL  wil het bedrijf Sandd overnemen maar de toezichthouder (ACM) blokkeert de overname vanwege een dan te verkrijgen monopoliepositie op de postmarkt (geleerd van vroeger?)

Zou het brievenschrijven en de postbezorging over een aantal jaren helemaal uit ons leven verdwenen zijn?
brievenbus bronkhorstg

*) Door brieven zien we de afwezigen

Een chevron

Chevron_Anadarko_24547

In Nederland was omstreeks 1967 een benzinemerk bekend onder de naam Chevron.

 

 

Verder hoorde ik ooit van mijn lief dat chevron ook een raceautomerk is ( of was?)
Pas onlangs in Engeland heb ik geleerd wat het nog meer is.
chevronOp de autowegen staat namelijk dat je bij mist minimaal 3 chevrons afstand moet houden; op de weg staat dan een teken:

chevrons
In Nederland hebben we hier een bord voor, maar daar heb ik nooit het woord “chevron” bij zien staan.
Nu weet ik dus dat dit  v-teken, een chevron heet.

Ook zag ik nu dat het Franse woord chevron
visgraat
betekent.

Hergebruikte telefooncellen

Nu (bijna) iedereen een mobieltje heeft zijn telefooncellen niet meer echt nodig. In Nederland zijn er al heel veel weggehaald.
In Engeland zijn de telefooncellen, de Londense taxi’s en de dubbeldekbussen DE herkenningstekens van Engeland.Dus die telefooncellen kunnen, voor buitenlanders én als Engels handelsmerk, niet weg.
Zoals een film die in Parijs speelt minstens één shot van de Eiffeltoren moet hebben,zo heeft een film die in Engeland en/of Londen speelt óf een Engelse (hoge) cab, óf een rode dubbeldekbus of een telefooncel, of  soms alle drie. Dán weet zelfs een kind:dit speelt zich af  in Engeland!

De Britten zijn vindingrijke mensen (denk aan Alexander Fleming penicilline, Alexander Parks – parkesine (de voorloper van plastic)  en Peter Durand, de uitvinder van het conservenblik)
Dus vonden ze nieuwe toepassingen voor hun bekende rode telefoonboxen uit: Deze vakantie zagen we weer 3 nieuwe:

Informatiezuil                      waterkraan                defibrillatorbox

Verleden keer toen we in Engeland waren (2017) zagen we al een telefooncel met een kleine buurtbibliotheekje erin.
Dat is nog eens goed hergebruik!

Kinderen voorbereiden

Toen mijn zoontje naar het ziekenhuis moest, inclusief een nachtje blijven, wilde ik hem voorbereiden. Daarvoor kocht ik een boekje: Nijntje Pluis naar het ziekenhuis.
Daarin werd op kindniveau het e.e.a. over het ziekenhuis verteld. Onder andere ook over dat hekwerk dat voor je bedje komt, zodat je er niet uit kunt vallen. Ik had dat al verteld, maar mijn zoon zei dat hij pertinent niet in een hok wilde slapen. Met het plaatje uit het boek werd het nee, een oké.

Onlangs sprak ik een begrafenisonderneemster die helaas ook kinderen te begraven of cremeren krijgt. Ook broertjes en zusjes wil je op zo’n gebeurtenis voorbereiden.
Zij heeft daartoe de aula, de wachtkamer én de ovens met bouwsteentjes nagebouwd, zo exact mogelijk naar het voorbeeld van de werkelijkheid. Onlangs was er een kindje overleden en heeft ze het nagemaakte uitvaartcentrum aan het broertje en zusje laten zien. De moeder vertelde later dat ze bij de ovens, meteen zeiden “precies zoals  in het klein”.

kittenscannerNu las ik in een ziekenhuiskrantje iets over een Kittenscanner. Weer iets om ( kleine) kinderen voor te bereiden op een, voor hen onbekende gebeurtenis, een MRI ( 0f CTR) scanonderzoek.
De ouders kunnen daar NIET bij aanwezig zijn, dát maakt het voor de meeste kinderen al “spannend”.
Het ziekenhuis heeft de Kittenscanner in de wachtkamer gezet zodat de kinderen er vóór hun eigenlijke onderzoek mee kunnen spelen.
De kinderen kunnen zelf bepalen WIE er in de miniscanner geplaats moet worden; een olifant, kip of krokodil. Als het beest in de scanner ligt kunnen ze zien wat er binnenin (filmpje) de kip, krokodil of olifant zit.

Weer een mooi voorbeeld van hoe kinderen voorbereid kunnen worden

BOSH!

In Engeland las ik een artikel over Ian Firth en Henry Theasby, die tezamen BOSH! vormen. Volgens het artikel zijn ze een internetsensatie. Ze produceren video’s over veganistisch koken, hebben 90.000 volgers en een miljard views.

Al hun recepten zijn gebaseerd op 100% plantaardig voedsel en zijn “makkelijk” te maken, zeggen ze.
Henri is de oprichter van BOSH! en heeft een werkachtergrond in digitale video business. Zijn levensdoel is, zegt hij zelf, het reduceren van de effecten van klimaatverandering en de mensen te laten zien dat planten eten, lekker, gemakkelijk en leuk is.

Zijn medeoprichter Ian Firth was creatieve marketeer in de mode en heeft veel aparte ideeën om plantenvoedsel te promoten en meer mensen te motiveren om planten te eten en daarmee onze planeet te sparen.

Ze zijn in 2016 hiermee begonnen en noemen zich “food remixers”.
bosh!
Ze schreven een boek: Bish,Bash,Bosh! waarin ook barbecue gerechten staan.
Het  boek is ook in het Nederlands uitgegeven las ik.

 

Zie ook : https://www.bosh.tv/recipes

De geschiedenis van het linksrijden

Ooit reden we allemaal links, óók in Nederland.
Dat had te maken met ridders en zwaarden.
Omdat de meerderheid van de mensen rechtshandig was en is, maaiden ze vroeger, vanaf hun paard, met hun zwaard in de rechterhand andere ridders neer (althans ze probeerden dat)
Dat zwaard zat links “omgord”
Een ridder stapte links op zijn paard en dus was linksrijden toen logisch.

In Het Verenigd Koninkrijk en in de meesten van hun vroegere koloniën rijdt men nog steeds links (denk aan Australië, Cyprus, Nieuw Zeeland etc)

Nederland had ook koloniën; in 1596 zetten ze voet aan wal in Indonesië en voerden daar ook het linksrijden in. Ook in Suriname ging dat zo.

Waarom zijn WIJ rechts gaan rijden?
Dat kwam door Napoleon! Linksrijden was, vóór Napoleon, een privilege van de Franse aristocratie.
Door de Franse Revolutie werd IEDEREEN gelijk, dus besloot Napoleon dat RECHTS (de kant van het volk) rijden voor IEDEREEN verplicht werd.
Eerst was dat alleen in de landen die Napoleon veroverde, later werd dat ook n de omliggende landen.

Suriname en Indonesië zijn NIET meegegaan met het rechts gaan rijden en daar rijden ze DUS nog steeds links.

Bij mijn weten is Zweden het land dat het laatst omgeturnd is van links naar rechtsrijden, dat was in september 1967 groot nieuws herinner ik me.

Nu zou, met de enorm drukte op de wegen, het veranderen van links naar rechtsrijden niet meer zonder veel  problemen en ongelukken mogelijk zijn.

Engels wegennet

De Engelsen rijden links. In hun auto’s zit het stuur rechts
Als wij in Engeland rijden we ook links, “If you’re in Rome, do as the Romans do”.

Je kunt er rijden op Motorways, zoals de M 40 en M 25. Vier banen (of meer) de ene kant op en even zovele de andere kant op. Bomen of hoge heggen aan weerskanten, niks te zien. Druk.  Eéntonig (letterlijk:  een constant gezoef)

Er zijn B-wegen, 2 baanswegen, die je ook door dorpjes kunnen leiden.
En er zijn éénautobrede weggetjes met aan weerszijde heggetjes en soms een uitwijkstukje aan de ene kant en soms aan de andere kant. Veel Engelsen (wij ook) rijden ook overdag met hun lichten aan, zodat je ze kunt zien aankomen. Dan ga jij óf de tegenligger in zo’n “uitwijkhaventje” staan zodat de ander passeren kan.

Wij hebben erg veel dit soort weggetjes gereden. Vaak stopte de tegenligger en seinde met lichten “kom maar door”  Dan steek je je hand op en de ander ook (dank, graag gedaan)

Mijn taak op dit soort weggetjes is uitkijken voor tegenliggers omdat mijn lief ( die linksrijden geen enkel punt vindt) aan de andere kant zit.
Alleen als Veerle (onze Vlaamssprekende GPS) ons over dergelijke weggetjes stuurt terwijl de vouwwagen achter de auto hangt, zitten we wel eens met samengeknepen billen, want achteruitrijden is er dan niet bij, en loskoppelen en draaien, daar is de ruimte niet voor. De mogelijkheid dat je óók een auto met aanhanger tegenkomt IS er altijd. (Nooit gebeurd)*)

De staat van de wegen is een verhaal apart.
De meeste wegen zijn lappendekens; overal zijn stukjes wegdek hersteld of worden hersteld. Op de motorways zijn dan pilonen neergezet, en komen er eindeloze files.
Dát hebben wij op de heenweg meegemaakt. Loeiheet en stapvoets rijden, dan een stukje “gewoon” rijden, kadunk, kadunk, eentonige geluiden en dan plotseling weer afremmen omdat er een teerwagen bezig is; wéér  in een file.

Op de B wegen staat er soms of een stoplicht of een geel-vest-man met een STOPbord; jouw kant van de weg is dan geblokkeerd en de tegenliggers mogen door. Of het stoplicht gaat op groen óf de man draait zijn bord op GO en dan kun je door.
Ze zijn dan “aan het werk” Soms zie je dat er gewerkt wordt, soms (met een stoplicht) is het ook wel eens ERG stil qua werk,maar ligt de weg wel open.

Wat in Engeland erg fijn is dat ze het ORANJE in de stoplichten daadwerkelijk gebruiken: Vóór groen verschijnt komt er eerst oranje. Dat werkt snelle doorstroming enorm in de hand. Mogen ze van mij in Holland ook doen.

Wat ons weer erg ouderwets aandoet zijn, in de dorpjes,  de knipperbollen aan weerszijden van een zebrapad. Wél zijn ze ietwat geüpgraded: er zit een soort geel flikkerlichtrand omheen.

*)
tegelspreuk

Engelse camping eigenaardigheden

Engelsen zetten hun auto het liefst IN de tent of caravan. Hun uitzicht vanuit de tent of caravan MOET de auto zijn. Dat maakt Engelse campings vaak erg rommelig. Er komen vaak een paar gezinnen die met elkaar kamperen (ieder in eigen tent, kampeerbus of caravan) kriskras om hun slaapplekken staan dan hun auto’s

De auto parkeren bij zich thuis gaat trouwens ook vaak vlak voor het huiskamerraam. Veel Engelse huizen hebben een geteerde plek voor hun raam waar de auto, soms zelfs 2 staat/staan.(persoonlijk zie ik liever een tuin vanuit mijn raam)

Op een camping “versieren” Engelsen hun tent of caravan vaak. Ze hebben lange zwarte op hengels lijkende stokken, die uitschuifbaar zijn en waaraan ze een vlag ( de Engelse, Schotse of Welsh vlag maar ook piratenvlaggen) Vaak ook nog een windvaan eraan ( of een nieuwe stok ernaast) De windvaan bij voorkeur in de vorm van een vis.
En dan de lichtjes, gekleurd (natuurlijk) soms knipperend, rond de luifel of langs de “mast” maar ook in de grond om de tent. (Ik vroeg de campingbaas waarom ze dat doen. Zijn antwoord: “Dan kunnen ze hun eigen tent makkelijk vinden”)

Engelse kamperende mannen hebben de meest fantastische pyjamabroeken.
Gewoon voor je tent gaan zitten en ’s morgens zien wat er allemaal langs komt: roze met beertjes of woeste gestreepte met allerlei kleuren, maar altijd bijna afzakkend en veel te wijd. (vrouwen hebben trouwens ook vaak dat soort broeken aan, dat noemen we dan “mode”)

droogmolen
Dit jaar zagen we “iets nieuws” op campings: kleine opvouwbare droogmolens.
Een weekendje weg of een “holiday” van 2 weken, er MOET gewassen worden en alles hangt op de minidroogmolen.

De kinderen hebben vaak een fietsje bij zich en  racen over de camping, maar………… allemaal met een fietshelmpje op; de meisjes bijna allemaal een roze.
(Overigens dragen veel volwassen fietsende mensen een helm hier)

Kermisoorsprong

Ieder jaar is er bij ons in het (boeren) dorp kermis.
Zelf ben ik geen fan van een kermis (wel leuk om met kleine kinderen heen te gaan) ringstekenmaar evenementen die erom heen georganiseerd worden vind ik soms wel leuk om te zien.Ringsteken, spijkerbroekhangen en touwtrekken zijn extra leuk om te zien als er bekende(n) aan meedoen en je een “favoriet”  kunt aanmoedigen.

 

Onlangs las ik dat het woord KERMIS af komt van kerk mis.
Volgens geschriften werd op  26 juni 1023  de eerste kermis gehouden in Utrecht, dat was omdat de Sint Maartenskerk werd ingewijd. Er werden later vaker  Ker(k)missen georganiseerd om de verjaardag van een kerk te vieren. Ook wel  om de naamdag van een patroonheilige extra glans te geven. Tijdens die tijd mochten de gelovigen niet werken, dus konden ze vieren.

Deze feesten trokken ook niet-gelovigen aan; er kwam steeds meer vertier bij deze ker(k)missen oa. muziek,  rondtrekkende artiesten (vlooientheater, maar ook de vrouw met een baard etc)  en handelaren ( die goede zaken konden doen omdat bijna de hele burgerij daar aanwezig was)
Ook rondtrekkende tandartsen waren op de kermis, zodat je een kies kon laten trekken (er was genoeg herrie om de pijnschreeuw niet te horen)
Zo kwam de kermis steeds verder van de viering van een religieus feest af te staan.
Hoewel er nog steeds kermissen zijn (Lobith) die met een processie beginnen

Ampersand

Vandaag las ik voor het eerst het woord AMPERSAND mét de betekenis erbij.
Het is een en-teken; het en-teken dat we allemaal kennen van C & A en V & D.

Ampersand symbol isolated on white
Het is een logogram; een teken dat een woord voorstelt. In dit geval is het de Latijnse vorm van en , dus et, (wordpress  ondersteunt dit teken niet, maar als u  met het lettertype Trebuchet MS het teken & aanslaat ziet u het  et teken wel)  hetgeen & is geworden.

Op de site van Onze Taal lees ik dat ampersand waarschijnlijk uit het Engels komt en
“and per se and” betekent =  “en op zichzelf het teken  &” ( met het teken & op zichzelf  wordt het woord “and” bedoeld)

Het teken is al uit de achtste eeuw uit handschriften bekend.
Wat betreft het gedrukte teken  & worden verschillende namen genoemd, die als eerste drukker dit teken gebruikt zou hebben; het gaat hierbij om 2 Venetianen:  Nicolas Jenson  (1420-1480) en Aldus Manutius  (1449-1515)
Wie van de twee écht de eerste was,is niet bekend.