Wel/geen/soms, vis of vlees

Van veganisten en vegetariërs heb ik wel eens gehoord en een flexitariër ben ik zelf al een tijdje, maar  wat een pollotariër is? ( pollo is kip, dus misschien een kippeneter?)

Zo zijn er nog meer namen voor mensen die iets NIET eten (of juist iets wél)
Ik ben ze eens op een rijtje gaan zetten.
Het zou zomaar kunnen dat u één van de onderstaande “titels” heeft zonder dat u het wist!

Vegetariërs zijn mensen die geen producten van gedode dieren eten*)

Pollotariër  zijn mensen die geen vlees en vis eten, maar wel gevogelte en eieren

Een veganist is iemand die geen dierlijke producten gebruikt (wol, leer) én geen dierlijke producten eet :geen vlees of vis, maar ook geen honing, boter of eieren.

Een pescotariër eet geen zoogdieren en vogels maar wel vissen en zeedieren

Klimatariërs willen de aarde zo min mogelijk belasten en letten op wat ze eten; zo eten ze bv. regionale gerechten en seizoensgerechten, (geen vervuilend transport) en zo min mogelijk vlees(vleesproductie is een grote milieuvervuiler)

Lactovegetariërs eten geen voedsel waarvoor een dier gedood is, maar wel dierlijke producten zoals honing,
melk en kaas.


Een flexitariër is iemand die 1 of meerdere dagen per week geen vlees eet; niet bij avondeten, maar ook niet bij ontbijt, lunch of tussendoortje**)





*) dus ook geen gelatine (van dierenbeenderen) of kaas (kalfsstremsel)
**) 55% van de Nederlanders eet 3 dagen per week geen vlees ( bron AH)
      Volgens Natuur en Milieu  eet 67% van de Nederlanders 1 dag per week geen vlees of vis.

Zoogdierenslaap

Wij, mensen, slapen ongeveer een derde van ons leven.
Volwassen mensen hebben tussen de 7 en 9 uur slaap per nacht nodig.*)

De Amerikaanse National Sleep Foundation heeft een slaaptabel gepubliceerd met leeftijd en (gemiddeld) benodigde slaaptijd
0-3 maanden: 14-17 uur

4-11 maanden: 12-15 uur
1-2 jaar: 11-14 uur
3-5 jaar: 10-13 uur
6-13 jaar: 9-11 uur
14-17 jaar: 8-10 uur
18-25 jaar: 7-9 uur
26-64 jaar: 7-9 uur
65+: 7-8 uur


Slaap is nodig om te herstellen van geleverde inspanningen en om reserves op te bouwen voor de volgende dag. Hersencellen ontwikkelen zich tijdens de slaap, maar ook het geheugen zou zich ontwikkelen tijdens de slaap; genoeg slaap is dus essentieel voor het goed functioneren en de gezondheid.

Dit geldt voor alle zoogdieren (mensen zijn ook zoogdieren)**)
Niet alle zoogdieren slapen liggend; kamelen, paarden en olifanten*** zetten hun poten/benen “op slot” zodat ze niet omvallen; zij slapen staand. Dat komt omdat het prooidieren zijn en zij zich niet kunnen veroorloven om te gaan liggen en dus kwetsbaar te zijn. Ze slapen meestal ook maar een korte periode achter elkaar.

Honden daarentegen slapen 10- 14 uur; puppy’s en oude honden zelfs 18 tot 20 uur en katten slapen 40 tot 60% van hun leven!

Onlangs las ik (in Nr.4 van Lief Dier) dat bij zoogdieren de behoefte aan méér slaap is ontstaan doordat veel zoogdieren (waaronder ook de mens)  meer complexere hersenen, gedrag en visuele vaardigheden kregen, zo ontstond de behoefte aan extra geheugenruimte die wordt gecreëerd tijden de slaap.




*) 90% van de Nederlands
e volwassen bevolking doet dat ook
**) Er zijn een soorten vissen, die in scholen en diep water leven die niet schijnen te slapen; (Observerende wetenschappers hebben bij hen géén slaap kunnen ontdekken)
***) Olifanten zijn de slechtst slapende zoogdieren; gemiddeld 2 uur per dag


Het gewicht van een ei

Op 25 mei van vorig jaar schreef ik een blog over Respeggt eieren: eieren waarbij géén  jonggeboren haantjes worden gedood, maar waar, in het eistadium, al bepaald  kan worden of het ei een haan of een hennetje zal worden :de haantjes worden dan NIET geboren.
Wereldwijd worden 5 miljard eendagshaantjes gedood.

Sindsdien ik weet dat er 5 miljard eendagshaantjes worden gedood, koop ik Respeggt eieren.
Wat me wel opviel is dat de grootte van de eieren in één doosje verschilt: buiten op het doosje staat dan ook S/M/L.

Aangezien ik geen idee had hoeveel een (al dan niet niet-respeggt) ei weegt ben ik dit eens gaan nazoeken.
Een  met S,M of L geclassificeerd ei moet een bepaald minimum gewicht moet hebben:

S = een ei van minder dan 53 gram
M = een ei dat tussen de 53-63 gram weegt
L = een ei van rond de 63-73 gram
XL = een ei van 73 gram of meer
DD = een ei met de zogeheten dubbeldooier, een ei met twee dooiers.

6 eieren bij elkaar moeten een wettelijk minimaal gewicht van 258 gram hebben.

In het doosje met respeggteieren zou, zo vatte IK het op, een S, een M én een L ei in moeten zitten
( er staat immers S/M/L op)
Even wegen dan maar.


In mijn (laatst gekochte) Respeggtdoosje zaten 6 eieren:
1 van 70 gr
1 van 57 gr
1 van 60 gr
1 van 58 gr
1 van 63 gr én 1 van 67 gr

Totaal 375 gr. Dat is inderdaad meer dan 258 gr. en dus wettelijk correct!
Alles koek en ei dus!


Conclusie: in MIJN doosje zaten dus 4 M eieren in en 2 L eieren en géén S eieren.
Ik denk NU dat er met S/M/L  bedoeld wordt dat er eieren in het doosje zitten die het formaat S, óf M, óf L zouden kunnen hebben.

Opkikken

In onze vijver in de tuin zitten behalve vissen ook schaatsenrijders (nu in diapauze), de hoogst ontwikkelde familie van de oppervlaktewantsen*); een enkele salamander; (nu waarschijnlijk ergens buiten de vijver aan het winterslapen) klein microbiologisch leven onzichtbaar voor mensenogen én kikkers.

kikkers in april

Kikkers houden ook een winterslaap maar zijn daar niet fanatiek in; een enkele keer zie ik op de bodem of onder de rand van de vijver een kikker traag bewegen.  Opgeschrikt uit winterslaap, of even rek en strek-oefeningen aan het doen

Het mooie van een vijver is dat er altijd “leven” in zit, al is het ’s winters allemaal wat traag.
In deze lockdowntijd, zien we, meer wandelend door de wijk, ook in voortuinen vaak vijvertjes, soms met beeldjes ernaast, vaak van kikkers of vissende kabouters!

Kikkers doen ons, mensen, wat! Misschien niet de gladde, glibberige beesten zélf, maar wél hun beeltenis.
Onlangs kreeg ik een “opvrolijkkaart”
Een lieve wens van een lief mens.
Een kaart met een kikker op de voorkant: een (OP)KIKKERTJE!

De commercie heeft plaatjes van de kikker omarmt vanwege de naam én de associatie met opkikkeren
Hoe dat kwam?

Dát heb ik even nagezocht en het blijkt (etymologisch) dat het woord opkikkeren oorspronkelijk opkikken was.
Kikken (1875)= een klein geluid geven: Hij geeft geen kik!
Hij hoeft maar te kikken, of ze staat al voor hem klaar!
(Toen zat er volgens mij nog geen enkele associatie met de kikker in.
Heeft u wel eens een kikker een “zacht” geluid horen geven? Ze kwaken meestal uit volle borst!!)

Het woord opkikken werd vroeger ook gebruikt voor opbeuren, opmonteren.
Dát opkikken werd verworden tot opkikkeren; een woord  dat NU verwijst naar het levendige, springerige van een kikker.





*) Schaatsenrijders komen ook op zee voor en zijn de enige insecten die een vuile zee kunnen overleven

Statiegeld (2)

In november verleden jaar (10/11) schreef ik een blog over statiegeld.
Onlangs las ik (weer) een artikel hierover met aanvullende info, die ik graag met mijn lezers/lezeressen wil delen.

Verpakkingen terugbrengen en er voor geld krijgen was in 1899 al gebruikelijk in de bloembollenteelt, zo las ik in het Weekblad voor Bloembollencultuur. Daar ging het over de manden waarin de bollen verkocht werden en waarvoor statiegeld werd betaald en teruggekregen bij inlevering van de manden.

Ook de melkboer haalde vroeger de  glazen flessen op!
De flessen, die vroeger in de kruidenier/supermarkt werden teruggebracht, werden bij een loketje ingenomen en gesorteerd, behoorlijk arbeidsintensief

Twee Noorse broers bedachten daar wat op: ze ontwikkelden een machine die dit tijdrovende flesinnamegedoe kon overnemen. Dat leidde in 1972 tot de geboorte van het bedrijf  Tomra en de eerste flesinleverautomaat [er waren al wel eerder drankautomaten (eind jaren ‘50) die, na betaling, een flesje “uitspuugden” én het lege flesje ook weer opslokten].

Die eerste flesinleverautomaten zagen er anders uit dan de huidige: met lasers werd  op vorm gescand. Ook werd er zo info verkregen, of het flesje leeg of vol was.
Nu zijn de lasers vervangen door camera’s, die bepalen de vorm, de afmetingen  en het gewicht *) tegelijkertijd wordt de fles gewogen  en kan de barcode gescand worden.

Bij een krat wordt door een dergelijk apparaat stereovisie gebruikt. Dat is een oude cameratechniek waarbij je met twee camera’s naar de krat kijkt, zodat je diepte ziet. Zo kunnen ze zien of er flesjes in de krat zitten, hoe hoog die zijn en welke vorm de flessenhals heeft. Tegelijk kijken camera’s aan de korte zijde naar de kleur, de vorm en het logo van de krat.

Met plastic flessen gaat het ook zo in de machine. Vroeger werden plastic flessen (tot 2006) nog wel hergebruikt, nu niet meer, ze gaan, na inlevering in de flessenautomaat in grote zakken naar telcentra, waarna het plastic wordt hergebruikt.

TOMRA is actief in meer dan 80 markten wereldwijd en er werken zo’n 2500 mensen nu, het bedrijf had in 2016 een omzet van ongeveer 6,6 miljard
TOMRA: “Onze samenleving gebruikt meer grondstoffen dan er beschikbaar zijn. Als we zo doorgaan, komt er een moment dat de aarde uitgeput raakt. De visie van TOMRA is daarom: Leading the Resource Revolution. Wij willen vernieuwen hoe we onze grondstoffen verkrijgen, gebruiken en hergebruiken om zo te werken aan een duurzame samenleving.


*) je krijgt géén statiegeld voor een volle ingeleverde fles

Valentijnsdag (14 febr)

Ook in Nederland “vieren” mensen sinds de jaren ’90 van de vorige eeuw 14 februari: Valentijnsdag.
Het schijnt dat de Nederlandse Middenstand, en met name de bloemisten het feest al eerder in Nederland wilden promoten. Zij merkten dat rond 14 februari de vraag naar bloemen in het buitenland toenam.


Ik las dat in 1951 bloemisten in Leeuwarden een folder hadden verspreid met daarin WIE Sint Valentijn was én dat de handelingen van deze monnik, die bloemen aan geliefden gaf, navolging verdiende. De folder had niet het gewenste resultaat (massale run naar de bloemenwinkels)
Daar waren de Friezen te nuchter voor  werd als oorzaak van het mislukken van de actie gegeven

Valentinus (Latijn voor Valentijn) kunnen meerdere martelaren zijn geweest, ze leefden in de 3e en 4e eeuw. Een Sint Valentijn werd door paus Gelasius I in 496 tot heilige uitgeroepen.
Welke Valentijn hij bedoelde is niet bekend.
Er wordt geschreven: “Sint Valentijn is een heilige die terecht door mensen wordt vereerd, maar wiens daden slechts aan God bekend zijn”.
Waaruit ik lees: wij weten het niet!

Plaatje van “een” Valentijn, maar dus NIET zeker of dit DE Valentijn is????



Tot 1969
had Valentijn een plekje op de Calendarium Romanum Generale (heiligenkalender) Waarschijnlijk is hij toen geschrapt, omdat niet bekend is welke Heilige de echte Valentijn nu precies was.


Er zijn een aantal “kandidaten”:
Een geestelijke, een Valentijn; die een Christen vrouw met een heidense soldaat trouwde (dat mocht NIET van de keizer; hij deed het toch) De keizer liet hem, toen het hem ter oren kwam martelen en onthoofden op 14 febr);

Dan is er nóg een Valentijn, een bisschop uit Terni, (een groot bloemenliefhebber) hij werd in onthoofd tijdens de christenvervolgingen van Keizer Aurelianus, volgens geschriften was dat op 14 febr.

En een Romeinse Valentijn, een priester, die omkwam tijdens de Christenvervolging onder keizer Claudius II Gothicus  (268-270).

Géén van dezen is dus ZEKER de ECHTE Valentijn (ZEKER is dat Valentijn, voor de katholieke,n géén heilige meer is) wél is hij behalve “beschermheilige” van de geliefden ook die van de imkers.

Afwassen en –drogen.

Eén van de geweldigste uitvindingen voor een huishouden is, vind ik, de vaatwasser.
Ik heb altijd een vreselijke hekel gehad aan afwassen én drogen. Eén van de (mijn) redenen:
Het komt elke dag 3x terug.
Dát gaf mij het gevoel van ALTIJD aan de afwas zijn.

Dus, met een, vroeger dichte, keuken stapelde ik de afwas op de aanrecht en deed na het avondeten 1x de hele afwas. Die stond dan op een afdruiprek ZELF te drogen en op het moment dat er afgewassen werd, ruimde ik ook de, dan grotendeels droge, vaat op.
Het gevolg: er stond ALTIJD vuile vaat op de aanrecht.
Deur van de keuken dicht; niemand die het zag.

Totdat we verhuisde en het nieuwbouwhuis een openkeuken had!
Ik haatte nog steeds het afwassen maar nu kon IEDEREEN de vuile vaat op de aanrecht zien.
Sterker nog als je op de voordeurbel drukte, stond je tegelijk met je snufferd voor het keukenraam op de aanrecht te kijken!
Ik nam me voor na elke maaltijd af te wassen en drogen.
Dát voornemen werkte niet altijd!


Vele jaren later kwam er een nieuwe keuken. Mét een afwasmachine.
Ik heb er voor moeten soebatten, want milieubewust  was het NIET en min lief was mega TEGEN.
De keukenboer was vóór (logisch hij verdiende dan meer) en samen met hem ( 2 tegen 1) kon ik de weerstand van mijn lief breken.
Ik was (en ben) nog steeds erg blij met mijn vaatwashulp.
Nooit meer afwas op de aanrecht; vuile afwas gaat direct in de machine, deurtje dicht, niets te zien.

Nu zou de vraag van u, lezer, kúnnen zijn HIELP dan niemand je met dit vervelende karweitje?
En het antwoord is NEEN, ik gaf ze de kans niet.
Als kind haatte ik het afdrogen (niet na het avondeten buiten spelen maar éérst afdrogen!) en ik zwoer mezelf de (dure) eed dat, mocht ik ooit kinderen krijgen, ze nóóit hoefde af te wassen of drogen.[Mijn lief was veel weg (werk) dus het afwassen kwam (meestal) op MIJ neer.]

Wat me aan de vaatwasser (een klein beetje) irriteert is dat, als de piep geklonken heeft en ik het deurtje van de vaatwasser openmaak, alles droog is, behalve de……………. plastic voorwerpen (niet alles dus) Die dingen moeten dus toch nog apart worden afgedroogd!

Ik weet dat aardewerk en metaal (borden en pannen) prima warmtegeleiders zijn en bij het drogen van de vaatwasser de aanhangende druppels daarvan verdampen. Dát gebeurt bij plastic dus NIET.
Ik zet plastic spul altijd schuin, zodat het water er afdruipt, gevolg: minder nat, maar toch is dan theedoekhandwerk van mijn kant nodig)

Gisteren las ik  hier een stukje over. Het blijkt dat er voor dit al dan niet aanhangende “waterfenomeen””  woorden zijn:  hydrofiel (waterlievend)  en hydrofoob (watervrezend)
Hydrofoob: Op hydrofobe oppervlaktes blijft het water in druppelvorm liggen.
Hydrofiel:  Over hydrofiele oppervlaktes verspreidt het water zich heel gemakkelijk en vormt het een dunne, gladde laag [Het woord hygroscopisch (wateraantrekkend) kende ik al wel: de eigenschap van een materiaal om water (uit de lucht) aan te trekken  en daardoor te gaan klonteren, zoals zout vaak doet!]

Het verschijnsel blijft “jammer” maar mét naam vind ik het toch iets minder erg.
Met gevoel voor drama open ik nu de vaatwasser en verzucht “ Vervelende hydrofoben!”

Was COVID -19 al voorspeld?

Dat er in de sterren staat dat je de liefde van je leven dit jaar zal ontmoeten of
dat een kaartlezeres in de kaarten ziet dat er een geliefd persoon in je omgeving dit jaar doodgaat; er zijn tal van (on)mogelijkheden tot het doen van voorspellingen. Vroeger (Orakel van Dalphi) en NU (horoscoop)
Geloofwaardig of niet, de mens heeft altijd graag willen weten wat de toekomst voor hem of haar in petto heeft.

Zo leefde er eens (van 1503 tot 1566) een Franse  apotheker en astroloog, Michel de Nostredame (beter bekend als Nostradamus) die tientallen jaren bezig was  zijn profetieën (voorspellingen) op te schrijven. Hij was ziener, destilleerde zijn voorspellingen behalve uit de sterren ook uit eeuwenoude (vaak occulte) boeken
Hij voorspelde zijn eigen dood: die voorspelling klopte (zijn hart toen niet meer)
Vóór hij stierf verbrandde hij al zijn documenten en oude boeken. Waarom? Men denkt dat die voorspellingen té duidelijk waren en daarom gevaarlijk. De versluierde profetieën, zijn de 942 kwatrijnen die hij schreef en die bewaard zijn gebleven

Eén ervan:
“Van de ijdele eer van de onderneming en ongepaste klacht.
Boten slingerden tussen de Latijnen, kou, honger, golven.
Niet ver van de Tiber kleurde het land met bloed.
En er zullen diverse plagen op de mensheid zijn


voorspelt volgens zijn “volgelingen” de huidige Covid-19 epidemie.
Mede omdat Nostradamus elders schrijft:

“De grote plaag van de maritieme stad.
Zal niet ophouden totdat de dood gewroken wordt.
Van het rechtvaardige bloed, veroordeeld voor een prijs zonder misdaad.
Van de grote dame die verontwaardigd was over pretentie.”


IK haal  er geen voorspelling van COVID 19 uit ( en ik heb nog wel ooit de “ontcijfermethode van Nostradamus werk”  gelezen**)



In het boek over Nostradamus dat ik heb, staat dat er maar één afbeelding van Nostradamus bewaard is gebleven; een schilderij.
Op internet vind ik meer afbeeldingen. Allemaal voortgekomen uit dat ene schilderij?
Veel onduidelijkheden.







*) vierregelige verzen waarin in omzichtige bewoordingen voorspellingen worden gedaan

**) Op grond van een nieuw coderingssysteem worden de voorspellingen van de zestiende ziener uitgelegd en toegepast. Schrijvers Peter Lorie en V.J.H.Hewitt

(Huis?)Muis.

Wij delen onze tuin behalve met vijvervissen (zelf gekocht) kikkers en salamanders (wild; aan komen lopen, springen) vogels ( wild, af- en aanvliegend) de laatste tijd ook met muizen. Ik heb geen verstand van muizen, maar hoewel ze in de tuin leven, vermoed ik dat het huismuizen zijn.
Het grootste aantal dat we tegelijkertijd gezien hebben is drie.


Muizen zijn knaagdieren en knaagdieren vormen de grootste groep binnen de zoogdieren; bijna veertig procent van alle zoogdiersoorten behoort tot deze orde en zijn cultuurvolgers met een kosmopolitische verschijning.
Dat laatste heb ik (natuurlijk) niet van mijzelf maar van Wikipedia.
Het kosmopolitische betekent dat muizen bijna overal ter wereld voorkomen (ik geloof alleen op Antarctica niet) en cultuurvolgers wil zeggen dat ze voor verspreiding gebruik maken van de mogelijkheid die de mens biedt.

In onze tuin maken ze gebruik van de mogelijkheden die we de vogels bieden; ze eten van de vetbollen die we voor de vogels ophangen.
De vogels, voornamelijk mussen (en in deze tijd ook veel spreeuwen) die hier van de vetbollen eten én de muizen leven naast elkaar. Ze schrikken meestal niet van elkaar. (Eén van de oorzaken zou kunnen zijn dat muizen slecht zien; het zijn eigenlijk nachtdieren)
Wél zijn de muizen, als er een Vlaamse gaai in de buurt van de vetbol landt, razend snel verdwenen. Normaal lopen ze langs de takken omlaag, maar ik heb nu al 2x gezien dat ze (van schrik?) bij het aanvliegen van een grotere vogel (spreeuw soms ook) zich van de hoogte van de vetbol “laten vallen” en  dan meteen tussen de bladeren verdwenen zijn.

We zien echt een “show” van deze diertjes, waarvan we natuurlijk hopen dat zij buiten blijven en zo, naast ons, kunnen blijven bestaan.
Omdat ik e.e.a. opzocht kwam ik een paar dingen over knaagdieren te weten:

  • Knaagdieren vormen de grootste groep binnen de zoogdieren; bijna veertig procent van alle zoogdiersoorten behoort tot deze orde.
     
  • Knaagdieren hebben in het bovenste deel van het gebit maar 2 snijtanden; haasachtige hebben er 4  (Een konijn is dus géen knaagdier maar een haasachtige).
  • Alle knaagdieren hebben goed ontwikkelde snijtanden. Ze gebruiken deze scherpe tanden om voedsel te knagen, holen op te graven en zichzelf te verdedigen. De meeste knaagdieren leven van zaden of ander plantaardig materiaal, maar sommige hebben een meer gevarieerd dieet
  • De huismuis en de bruine rat  zijn de knaagdieren met de grootste verspreiding.
  • Een capibara  ook wel waterzwijn genoemd, is familie van de cavia en dus óók een knaagdier
  • De Patagonische *) haas (mara) is familie van de capibara en de cavia en is ook een knaagdier
    (en geen haasachtige zoals ik dacht)


    Tot slot: knaagdieren hebben een belangrijke relatie tot de mens: ze worden (werden) bijvoorbeeld gebruikt als voedsel (rat), voor kleding (chinchilla, bever), als huisdier (cavia, marmot)  en als proefdieren in onderzoek (muizen, ratten).

    Ik wil nog wel een “functie” aan toevoegen: voor amusement!
    “Onze” huis/tuin muizen zijn géén huisdieren (letterlijk én figuurlijk niet) maar we genieten van het zo nabij zien van hun muizenleven.


    En detail van een kunstwerk dat ik ooit op een tentoonstelling fotografeerde en waarvan ik, helaas, de naam van de kunstenaar niet meer weet!


    *) Patagonië- gebied in Zuid Amerika


Middenin.

Het was me wel eens meer opgevallen een groot stuk akker- of weiland met middenin één of meerdere bomen; een soort eilandjes in een weiland of akker.
Als er dieren in een weiland staan begrijp ik dat wel: schaduw voor het vee.
Ooit in Limburg op een boerenerf vertelde een boer me dat het vroeger vaak notenbomen waren die daar geplant werden. Vliegen en muggen hebben een hekel aan de aromatische geur die de bladeren verspreiden en blijven daar weg; het vee kon daar dus vrij van insecten in de schaduw staan.

Toen ik onlangs op één van onze vele wandelingen langs een akker kwam zag ik ook daar in het midden van het land een boom staan, onhandig voor het bewerken van het land leek me.
Een kennis vertelde me dat één boom in een akker een ding van vroeger is:  toen werd er belasting betaald aan de hand van de grootte van de akker; gemeten werd van boom tot boom. Door een boom middenin het akkerland te laten staan (of neer te zetten) viel de belasting voordeliger uit!

Laatst kwamen we wéér langs een akker met een groepje bomen en gisteren zagen we een akker met één enkele boom in het midden.
Thuis toch maar eens uitzoeken waarom men daar ooit een groepje boom plantte óf de rest wel en deze niet kapte!
Ik vond een derde reden waarom de boom/bomen daar neergezet/niet gekapt werden: een miltvuurbosje ! Ziek vee werd daar gedood en gedumpt. Miltvuur (anthrax) ontstaat door de miltvuurbacterie, dieren kunnen deze bacterie overbrengen op mensen (zoönose).
Momenteel komt miltvuur in Nederland niet meer voor, maar vroeger dus wel, ook at men toen nog vaak zieke dieren waardoor de verspreiding ook zó plaats kon vinden.

Sommige bomen, midden in een akkerland  die ik NU zag, leken me niet uit de tijd van het miltvuurbosje te stammen, misschien waren de oorspronkelijke bomen doodgegaan en had men daar een nieuwe boom neergezet omdat het historisch ooit zo was?
Zou kunnen!

Eén vraag, meerdere antwoorden mogelijk