Film: Yesterday

Regie: Danny Boyle
Hoofdrollen: Himesh Patel; Lily James
bijrollen: Ed Sheeran; Kate MacKinnon; Joel Fry
Jaar; 2019

Een film over een middelmatige (sommige zeggen “slechte”) singer- songwriter  in Engeland.
Al er een stroomstoring optreedt en alle lichten uitvallen, krijgt hij een verkeersongeluk en komt in het ziekenhuis terecht. Wat er is gebeurd tijdens de stroomstoring, die 12 seconden de hele wereld even plat legde, wordt niet bekend. Maar daarna is er een collectief geheugenverlies voor de hele mensheid, behalve……. 3 personen.
Eén ervan is  Jack Malik ( de zanger)*)
Hij kent de Beatles en hun liedjes, gaat ze zingen en doet of hij ze geschreven heeft en wordt beroemd.(Behalve de andere 2 heeft nog nooit iemand van de Beatles gehoord en kent niemand hun liedjes)

yesterday
Dat is het verhaal in hoofdlijn.
Er tussendoor speelt een liefdesgeschiedenis: zijn vroegere manager is verliefd op hem maar hij heeft dat niet door.
Ook een tussendoorlijn is de wereld van de platenindustrie; het “ster” van iemand maken ten koste van alles, het niet luisteren naar de “werkelijke” ster, maar alleen bezig met eigen gewin.(Een mooie rol van Kate McKinnon als zijn nieuwe manager.)
Ook  Joel Fry speelt een bijzondere bijrol als een vaak stoned,  onhandige roadie.

Een  bij tijd en wijle grappige film met zeker leuke stukjes voor Beatlefans;  Abbey Road en Penny Lane (Londen) en Strawberry Fields (Liverpool) en natuurlijk worden nogal wat Beatle- evergreens ten gehore gebracht.
Er komt ook een  van de Beatles in voor, maar hoe en wat kan ik hier niet vertellen want dan verklap ik iets.

*) de anderen zijn een Moskoviet en een Engelse dame

Principes

Het hebben van principes en er voor uit komen lokt vaak tegenreacties uit.
Dan bedoel ik niet het op de barricade staan en het uitschreeuwen maar “gewoon” er naar leven;  iets NIET doen, terwijl velen het WEL doen, omdat je vindt dat het niet kán of juist wel móet.

Een voorbeeld: Ik ging toen ik een jaar of 20 was met een stel vriendinnen naar een discotheek. Voor de ingang van de discotheek stond een soort portier die keek wat er binnen kwam en naast de deur stond een  briefje met daarop de tekst: geen Marokkanen.
Ik zei tegen mijn vriendinnen dat IK hier niet naar binnen ging. Ze vonden het flauw van me, dit was de leukste discotheek die er was en…
Het eindigde er mee dat ik alleen naar huis ging en zij de discotheek in.
Natuurlijk had ik best een beetje de pé in, maar ik KON niet naar binnen, dat druiste tegen alles in waar ik in geloofde.

In mijn woordenboek staan voor principe meerdere synoniemen, één daarvan is overtuiging.
Een overtuiging hebben wil niet persé zeggen dat je iemand overtuigen wil, het is iets waarin je zelf gelooft. De ene overtuiging hebben is voor jezelf moeilijker dan de andere: het is niet moeilijk om vegetariër  te worden als je niet van vlees houdt, wél als je gek bent op vlees.
Wat is je overtuiging en hoeveel heb je ervoor over?Hoe principieel ben je?

Hetzelfde heb ik vaak met belasting betalen. Niemand betaalt graag belasting, maar het is wel nodig willen we de voorzieningen die we hebben, ook houden.Belastinggelden die  we  met elkaar opbrengen, naar draagkracht, worden gebruikt voor gezamenlijke voorzieningen:  kinderbijslag, werkelozen uitkering, wegen, onderwijs en nog ontzettend veel meer. Als burger wil je dat deze zaak GOED geregeld zijn. Iemand die dus belasting ontduikt, zorgt dat er minder geld voor deze voorzieningen is.
Dezelfde (belastingontduik)personen willen wél AOW, uitkering, op wegen rijden of wat dan ook, maar denken niet na over wáár die gelden vandaan moeten komen (of zien het verband niet)

Hoe vaak ik me niet heb moeten verdedigen omdat ik niet zwart wil werken, geen zwartwerkende mensen in dienst wil hebben of dingen wil kopen zonder rekening!
Vrienden van me zeggen: Dan ben je een dief van je eigen portemonnee.
Ik heb proberen uit te leggen dat er iets boven MIJN portemonnee gaat (de gezamenlijkheid) , maar iemand die niet horen wil, kun je niets uitleggen.
Jammer, maar zo is het wel.

Hoe kom ik op principes als onderwerp voor dit blog?
Vanmorgen deed ik boodschappen bij de supermarkt.
Ik raakte aan de praat met de cassiére (het was rustig bij de kassa’s) Ze vertelde dat je als je met de postcodeloterij meedeed je een kaart krijgt voor een gratis vegetarische maaltijd voor 4 personen bij Albert Heijn. Ze doet mee aan de postcodeloterij en kreeg dus zo’n kaart. Maar, zei ze ”Ik ga hem niet innen. Ik kom nooit bij Albert Heijn, dan ga ik nu ook niet iets gratis halen”
Principieel!  Een daad waarvan mijn vriend zou zeggen”Je bent dan wel een dief van je eigen portemonnee”
Maar waarvan ik denk “Wat goed dat er mensen zijn, die hun overtuiging trouw blijven”

Sinterklaasinkopen

We hadden het vroeger niet breed maar er waren altijd sinterklaascadeautjes.
Mijn moeder naaide s’avonds als wij naar bed waren poppenkleertjes, mijn vader timmerde een klerenkast voor die poppenkleertjes. Mijn broer kreeg een pakhuis met katrol waar “echte” kistjes en tonnen (ook door mijn vader gemaakt) naar boven konden gehesen worden.
Mijn vader kon goed dichten, dus er waren gedichten bij getypt op een oude typemachine, zodat we het handschrift niet zouden herkennen. (Ik denk dat hij dat in de schuur deed, want ik heb hem nooit horen typen.

sint en paard
door mijn stiefvader getekend.

Toen ik zelf kinderen kreeg was het “even” erg moeilijk toen de oudste 3 jaar was en hij 2x per week een ochtendje naar een peutergroepje ging, waar de Sint zou komen. We hadden ons voorgenomen NOOIT tegen onze (toen toekomstige) kinderen te liegen. Dat Sint bestaat is een leugen, dus….
Toen zoonlief thuiskwam met het Sint verhaal werd het voor ons beiden moeilijk. Wat pak je een kind af, als je vertelt dat het allemaal een leugen is, terwijl andere kindjes met spanning in hun lijfje en schitter oogjes wachten tot de Sint komt? We zijn er DUS toch maar “een beetje” in meegegaan. Nooit vertelt dat hij bestond, maar ook nooit verteld dat hij niet bestond.
Cadeautjes gemaakt én gekocht en gedichten gemaakt op mijn (elektrische) typemachine
(l’histoire se répète)
pietGeven maakt gelukkiger dan ontvangen. De kinderen zaten in spanning wat ze zouden krijgen en wij, ouders, zaten in spanningen of we de juiste dingen hadden gemaakt en gekocht.(meestal was het cadeau dat WIJ het mooist vonden niet HET cadeau waar het kind het gelukkigst mee was!)
Het was een fijne spannende tijd. Het werd “anders” toen de oudste niet meer geloofde en de jongste wél, maar nog steeds leuk en spannend.

De tijden zijn veranderd: ik hoorde van een jong stel met 2 kinderen die overwegen om eerdaags aan hun kinderen  te vertellen dat Sint NIET bestaat, dan “hoeven ze er niets aan te doen”!
Vandaag was ik bij het Kruidvat waar een jong stel bezig was met  Sintinkopen. De vader was het duidelijk zat:” Esther, dit vindt ze vast leuk, zo niet, jammer dan” Dat klonk mij niet als inkoopplezier in de oren.

Het gaat NIET om dure cadeautjes, het gaat om de pret die zowel de gever als de ontvanger vooraf en achteraf heeft. Zoals mijn vriendin zegt: Kruidvat, Wibra en Action ze hebben genoeg dingetjes voor een kleine portemonnee. Die vriendin viert het met al haar kinderen en kleinkinderen die op het Sinterklaasmoment in Nederland zijn; ze trekken loodjes en maken een surprise; elk jaar weer dolle pret bij de voorbereidingen én op de dag zelf. Ouderwets plezier bestaat nog!

De Hamvraag

johan Bodegraven
Johan Bodegraven (1914-1993)

Als kind woonde ik in een oplopend straatje. Wij woonden bijna onderaan. Bijna bovenaan de straat (die overigens laan heet) woonde een bekende radioman; Johan Bodegraven. (de uitdrukking BN-er bestond toen nog niet)

Mijn moeder zei van hem “Johan Bodegraven kon zelfs je laatste dubbeltje uit  je zak praten”
Dát sloeg op het feit dat deze radiopresentator geld binnenpraatte voor Goede Doelen.
Ter ere van het 50 jarig bestaan van de NCRV was er de actie Geven voor Leven, die Bodegraven in 1974  presenteerde. Aan het eind van de avond was er 65 miljoen (gulden) binnengehaald voor de bestrijding van kanker bij kinderen.
Dit  laatste feitje heb ik net op internet gelezen.
Toen wij daar woonden
wist ik alleen dat hij op de radio (NCRV) spelletjesprogramma’s presenteerde en dat zijn bijnaam de “aartsbedelaar van Nederland ” was.

Gisteren hadden we het over de uitdrukking: De hamvraag.
Waar komt die uitdrukking vandaan?Onze (oudere) bezoeker zei dat het uit een quiz  van de radio kwam: Mastklimmen (uitgezonden 1953-1957) Daarin werden door Johan Bodegraven vragen gesteld en als er een vraag goed beantwoord was mocht iemand hoger in een mast klimmen.Boven in de mast hing een gerookte ham (een flinke prijs voor die dagen wist onze bezoeker) Als je de laatste vraag goed had mocht je de ham uit de mast pakken.
Onze bezoeker wist zelfs de zin, die Bodegraven aan het eind van het programma zei: “Want haalde u de ham niet uit de top, dan haalde u in elk geval uw kennis weer eens op!”

Hij wist nog iets over Johan Bodegraven; Bodegraven heeft het radioprogramma Beurzen Open, Dijken Dicht gepresenteerd, dat vanaf 7 februari tot 28 maart 1953 elke week werd uitgezonden om geld in te zamelen voor de slachtoffers van de watersnoodramp in Zeeland ( 1.2.1953)
Aan het eind van de uitzendingen werd er 6 miljoen gulden aan giften aan het Rampenfonds overhandigd. En dat in een tijd dat velen het zelf niet breed hadden.

Ik denk nu, met terugwerkende kracht, dat mijn moeder gelijk had met de uitspraak:
“Die man kon zelfs het laatste dubbeltje uit je zak praten”

Overspoeld door emoties

Soms lees je iets dat je raakt, waarvan je denkt dat je er misschien ooit “iets mee moet”.
Dat had ik met een wijsheid op een kalenderblaadje. Een uitspraak van Sakyong Jamgon Mipham Rinpoche, een boeddhistisch geestelijke.*)

Op het kalenderblaadje stond:

Een emotie die zo groot als een huis aanvoelt
kan steen voor steen afgebroken worden.

Ik scheurde het kalenderblaadje, toen die dag voorbij was, af en bewaarde het in mijn agenda.
Ik word nog al eens door emoties overmand; de emoties spoelen dan over me heen.
Mijn stiefvader, een wijs man, zei ooit dat ik vaak zo primair reageerde.(Primaire reacties zijn reacties die voortkomen vanuit emotie, vanuit DIE emotie wordt actie ondernomen. De eerste drie of vier seconden is de actie vaak onbewust en dát heet primaire reactie).
Ik reageer inderdaad snel en vanuit mijn gevoel ( ipv doordacht en met enige hersenactiviteit!)

Vanuit deze achtergrond vond ik bovenstaand citaat ERG interessant.
Maar hoe doe je dat: steen voor steen een emotie afbreken?

Ik las  onlangs een methode die hiervoor te gebruiken is

Ga naar binnen bij jezelf en onderzoek de emotie: voel je de emotie in je lichaam? Zo ja, waar dan?
Heeft de emotie een kleur? Zo ja welke?
Is de emotie de hele tijd even sterk? Zo niet, wanneer neemt ze af of toe?

Het schijnt dat de emotie, door deze manier van onderzoeken afneemt in kracht
Je  moet dan merken dat het gevoel verandert, de emotie is  dan niet zo sterk als je dacht.
Je kunt dan kennelijk de emotie (huis) steen voor steen afbreken,  zoals de boeddhistische geestelijk al  schreef.

 

*) geboren in 1963

Tuinvogels

vlaamsegaai
Wij voeren vogels.
In de voortuin zijn 3 voederplekken.
In de achtertuin  zijn er ook drie

Bij onze buurman zijn er zoveel dat ik ze niet tellen kan.
En gisteren hing hij er nog 3 nieuwe bij.

voer4We raakten aan de praat en hij vertelde dat hij minder merels had dan ooit, wel veel koolmezen.

Hij voert vet met zaden, mais, noten, broodkruim, koekkruimels en…
Hij vertelde dat hij goedkope spaghetti in de aanbieding had gekocht, 5 minuten gekookt,  gesneden en in de voederbakken gegooid. De vogels waren enthousiast.
Een paar dagen later vertelde de (andere) buurvrouw hem dat ze al een paar keer spaghettislierten op haar autodak had gevonden en dat ze geen idee had waar die nou vandaan kwam.
Onze buurman gaf eerlijk toe dat HIJ wel wist waar het vandaan kwam en is er onmiddellijk mee gestopt.

 

N.B. Van 24 t/m 26 januari  a.s. is weer  de Nationale Vogeltelling

Mazelen, één van de meest besmettelijke ziektes

Ooit, vóór mijn geboorte, is een neefje van mij aan de mazelen overleden
Dus “mazelen”  was in ons huisgezin een ernstige ziekte.
Ik kreeg het en werd door mijn ouders met argusogen in de gaten gehouden, nadat de rode vlekjes wegtrokken en de ziekte over was, waren mijn ouders dolblij: Iemand die mazelen gehad had, kon het niet wéér krijgen: het gevaar voor hun dochter was geweken.

Ik las dat omstreeks die tijd er honderdduizenden mazelpatiënten per jaar waren, bijna ieder kind kreeg de mazelen. Het is één van de meest besmettelijke ziekte en is overdraagbaar door de mens; hele klassen werden vroeger door deze ziekte geveld.

Sinds 1976 worden kinderen in Nederland hiertegen ingeënt, 2 x één keer: 1x op de leeftijd van 14 maanden en één keer bij de leeftijd van 9 jaar. Daardoor zijn er nu nog máár zo’n 10 mazelpatiënten per jaar (niet iedere ouder laat zijn/haar kind vaccineren)
Er is géén behandeling tegen mazelen, meestal gaat het na zo’n 10 dagen vanzelf over. Soms niet, dan gaat het over in iets anders, zoals longontsteking.
Er komt wereldwijd steeds minder mazelen voor, toch stierven er in 2016 nog 90.000 kinderen aan de mazelen.

Momenteel woedt er een mazelen epidemie in Congo*) die al aan meer dan 3.000 mensen het leven heeft gekost. Aangezien er géén medicijnen tegen mazelen zijn, is vaccinatie de enige oplossing; zorgen dat er niet méér mensen deze ziekte krijgen (meer dan 165.200 mensen zijn al besmet)
Artsen zonder grenzen is in Congo actief om te zorgen dat de mazelen epidemie zich niet uitbreidt. Ze hebben al 475.000 kinderen onder de 5 jaar gevaccineerd. Dat is dan alleen in Congo, ook in Nigeria is een team van Artsen Zonder Grenzen de strijd tegen de Mazelen begonnen.

De Bondsdag heeft gisteren (op persoonlijke titel) over een wet tot verplichte mazelvaccinatie gestemd.
Vanaf maart 2020 moeten alle school- en crechegaande kinderen tegen de mazelen zijn ingeënt. Ook leraren, medisch personeel, medewerkers in een creche en mensen die met asielzoekers werken moeten tegen de mazelen zijn ingeënt.
De minister van Volksgezondheid(CDU) Jens Spahn:Deze wet is kinderbescherming in de waarste zin van het woord”
In de Volkskrant stond vandaag dat de groep vaccinatiesceptici, de antivaxxers, zowel in Nederland als in Duitsland toeneemt.
Volgens de WereldGezondheidsOrganisatie moet er een 95% vaccinatiegraad zijn om de gehele bevolking te beschermen.

 

*) 10 juni officieel begonnen

De onverwachte dood (2)

Er kwamen reacties op mijn vorige blog over de onverwachte dood.
Het komt vaker voor dan we denken.
Ook had ik me, toen ik het vorige blog schreef, niet gerealiseerd dat ik dit, jaren geleden, al meerdere malen héél ( fysiek) nabij heb meegemaakt:  Onze (naaste) buurjongen (17 jaar) kreeg een auto ongeluk, hij overleed in de ziekenauto.

Ook onze andere (directe) buren hadden een vreselijke tragedie meegemaakt. Dat wisten we niet toen ze naast ons kwamen wonen. Ze hadden 2 kinderen, waaronder een kleintje van een jaar of 3. Als het mooi weer was en ze waren in de tuin, riep de buurvrouw ieder uur wel een paar keer de naam van het jongetje. (Te snel) Oordelend dachten we wel eens: Geef dat kind eens even de ruimte!
Met de buurman zat ik in een commissie. Eens vertelde hij me dat ze een kindje hadden verloren; het was in een sloot naast het (vorige) huis verdronken.
Toén kregen die vele check-ups van de moeder opeens een héél andere lading.

Hier zou mijn blog over de buren en een plotselinge dood  moeten eindigen, maar helaas…
Er kwamen nieuwe buren in ons buurhuis, een gezin; vader, moeder en twee kinderen.
Toen de kinderen al pubers waren kwam één van de zonen (wij waren niet thuis) een keer uit school en lag zijn moeder dood op de bank (hartaanval bleek later)
Ook daar een plotselinge dood, zonder afscheid.

Ik wil dit blog afsluiten met iets dat ik van de onverwachte dood heb geleerd: Laat je naasten merken dat je van ze houdt: zeg het af en toe, je weet namelijk niet “of je de tijd krijgt om “ ooit eens” te zeggen wat je voelt, dus doe het NU.

Wat bij ons thuis vroeger, na de dood van mijn vader,echt niet kon, was boos van huis gaan. Eerst het goedmaken vóór je het huis uitging, was de keiharde regel die mijn moeder instelde.
Dat was niet altijd makkelijk. In het vuur van een ruzie en met de tijdsdruk  (een afspraak, school, werk) was het niet altijd mogelijk de ruzie daar én dán uit te praten.
Als het, door tijdsdruk niet mogelijk was “iets” uit te praten werd toen een soort  standaardzin:
“Ik ben NU boos op je, maar ik houd van je en we praten dit later uit, oké?
De ander zei dan (boos of niet) Oké, ik hou ook van jou.

 

Het is maar een idee.
Denk er over. Je weet niet of je de tijd krijgt.

De onverwachte dood

Je kunt iemand aan de Dood verliezen na  een  lang ziekbed, maar het kan ook,  door een ongeluk bijvoorbeeld, onverwacht gebeuren.
Geen afscheid kunnen nemen, niet zeggen wat je altijd nog “eens” had willen zeggen maar een abrupt einde. Behalve het eigenlijke gemis komt er dan nog zoveel méér bij.

Mijn vader had de ene nacht een hartaanval, ’s morgens  werd hij naar het ziekenhuis gebracht  en de volgende dag is hij overleden (zonder dat ik hem nog gezien had)
Dat is ook vrij plotseling, ik was toen 10 jaar. Op die leeftijd maakt een overlijden van een naaste een hele andere indruk dan op een (jong)  volwassene. (“Wat is DOOD? Komt papa niet meer terug? Waar is papa nu?)
Mijn drie broers hadden een ziekbed. Van mijn jongste broer heb ik verleden jaar een maand lang afscheid kunnen nemen. (hij koos voor euthanasie)
Het was heel intens, we leefden met elkaar naar het einde toe.
Er wás een afscheid. Dat is iets heel anders dan een plotselinge dood.

Ik hoorde van 2 jonge vrouwen hoe zij  het plotselinge overlijden van hun vader en broer hadden ervaren. Lang nadat het gebeurd was.

De een was 18 jaar en woonde nog thuis toen haar vader, die “gewoon” ’s morgens naar zijn werk was gegaan, niet meer thuis kwam. In plaats daarvan stond er een agent voor de deur, die het vreselijke nieuws kwam vertellen.
Zij en haar vader, vertelde ze me, lagen voortdurend met elkaar overhoop tijdens haar tienertijd.
Hij wilde, volgens haar, de touwtjes strak houden en zij vond dat ze, bijna volwassen, zelf wel kon bepalen wat goed voor haar was. Dat botste.
Toen ze 17 ½ was veranderde wat en kreeg ze een betere band met haar vader, er waren minder conflicten en soms zag ze iets van trots in zijn ogen. Trots op haar, zijn “kleine” meid.
En toen kwam de politie aan de deur.
Pas veel later kon ze afstand nemen van die moeilijke pubertijdsjaren en zien hoe de band met haar vader daarvóór en kort daarna was geweest.

De ander had een broer waarmee ze nog al eens overhoop lag, vooral in de pubertijd.
Ook daar kwam de dood opeens. Een jonge jongen opeens weggerukt uit het leven door een verkeersongeval. Het laatste jaar vóór het ongeval  veranderde er iets in hun omgang; ze kregen meer begrip voor elkaar en gingen met hun vrienden maar ook met elkaar meer om.
En ook daar werd deze vernieuwde band plotseling verbroken.
En ook zij heeft het er erg moeilijk mee gehad.

Jonge meiden die gelukkig nog een heel leven vóór zich hebben, maar in de jonge adolescente jaren een enorme klap te verwerken hebben gekregen, die ze confronteerde met vragen als : Waarom gebeurt dit?  Waarom nu? Net nu we het zo goed hebben samen?
En die meteen hun eigen handelen onder de loep gingen nemen. Terwijl pubers  vaak oogkleppen op hebben en meer op zich zelf gericht zijn dan op anderen; dat wordt van pubers als “normaal” gedrag beschouwd.
Als de dood er tussen komt wordt dat kennelijk  anders.
Het werd door één van de meisjes heel mooi verwoord:  We dachten dat we nog tijd genoeg hadden.
Wat ik mooi vind  is dat ze gelukkig vóór de dood hun vader/broer, wegrukte nog een tijd hebben gehad waarop het WEL goed ging met elkaar. (Er zullen ook genoeg mensen zijn waarbij dát niet het geval is geweest)

Spaans citaat uit de 17e eeuw

“Es mejor dormir pensando en lo que piensas hacer que no poder dormer pansando en lo que has hecho” *)

Baltasar Gracian y Morales

 

*) “It’s better to sleep on things beforehand
than lie awake about them afterwards”.

handorakel

Baltasar Cracian y Morales (1601- 1658) was een Spaanse Jezuiet die boeken heeft geschreven (oa Handorakel een in 1647 gepubliceerde handleiding voor de omgang met mensen)