Blog

Uitgelicht

BlablaBus

Gisteren, op weg naar de Achterhoek kwamen we, op de snelweg een Blablabus tegen.
Ik had nog nooit van een dergelijke bus gehoord, dus ben ik eenmaal thuis eens opgaan zoeken wat dat voor een bus is.

blablaEen dochter van de Franse Spoorwegen Ouibus ( Opgericht in 2012) is begonnen met het concept; een langeafstandcarpooler.

Er zijn ritten van Amsterdam naar onder andere Brussel, Parijs en Londen met een tussenstop  in Antwerpen, De nieuwe internationale busdienst rijdt via zestien routes door de Benelux. De startprijs voor een ticket van Amsterdam naar Brussel is vijf euro. In de bus zijn stopcontacten,toilet én is Wifi beschikbaar.
Ik heb even een voorbeeldje gezocht: Amsterdam-Sloterdijk naar Parijs ,vertrek om 7.00 uur aankomst Parijs 15.15uur  prijs € 22,- óf
10.00 uur vertrekken en 21.30 aankomen in Parijs en € 23,- betalen.(Ik denk dat die laatste bus een “ommetje”maakt)*

In Nederland rijdt de  BlaBlaBus in eerste instantie van en naar AmsterdamSloterdijk, Schiphol, Utrecht, Rotterdam en Den Haag en “binnenkort”(las ik) naar meer dan 400 bestemmingen in tien Europese landen.

Met de inzet van langeafstandsbussen gaat BlaBlaBus de concurrentie aan met FlixBus**)(intercity bussen van een Duits bedrijf)  en Eurolines, een groep van 29 onafhankelijke busbedrijven die samen het grootste langeafstandsbuslijnen netwerk van Europa (opgericht in 1985)  hebben.

Door de kleuren van de bus valt de Blablabus flink op.
Ik heb niet kunnen uitvinden waar de Franse de naam vandaan hebben: Blabla.
In het Nederlandse woordenboek staat bij blabla, geleuter, gezever, gezwam.
Het Franse (online) woordenboek komt met “opgeblazen gezwets”
Er moeten toch meer betekenissen zijn wil je een busonderneming zó noemen?

 

*) Zie https://www.busbud.com/nl/bus-schedules-results/u173zq/u09tvm?outbound_date=2019-10-29&adults=1

**) Flixbus noemt zichzelf het grootste busbedrijf ter wereld met 45 miljoen passagiers in 2018, waarvan 3,5 miljoen mensen in Nederland.

De kathedraal van de Achterhoek

Zó wordt  de  katholieke kerk Sint Werenfriduskerk *) in Zieuwent genoemd: De kathedraal van de Achterhoek.
Sinds mei 2006 behoren de kerkdorpen Zieuwent, evenals Lichtenvoorde, Harreveld, Lievelde, Vragender, Mariënvelde, het stadje Groenlo én de buurtschappen Zwolle (Zwolle bie Grolle) en Eefsele tot de gemeente Oost Gelre.

Werenfridus was een monnik uit afkomstig uit het Ierse klooster Rathmelsigi die (samen met Willibrordus) naar ons land kwam. Hij verkondigde het Christendom in Nederland (eerst in West Friesland, toen in Gelderland)
Zijn naam betekent vredebewarend. (fried =vrede, werend= bewaren)

Maquette Plattegrond Buitenaanzicht

Zieuwent had, toen ze nog een zelfstandige kerkdorp was, ca. 2000 inwoners.
Om Zieuwent heen was vroeger moerasgebied; de plek was niet voor bewoning geschikt, té drassing. Toen de Graaf van Gelre in de dertiende eeuw een afwateringskanaal liet graven
 (Grevengracht) van de Ruurlose Broek naar het riviertje de Berkel, zakte het waterpeil in dit gebied en werd bewoning mogelijk.

Binnenzuil Middenschip Doopvont

Ooit is er een kerk(je) gebouwd (én verdwenen;) later is op die plek in 1898 de huidige kerk gebouwd.
Een enorme kerk voor zo’n klein dorpje; de parochianen brachten het geld voor de bouw ervan, totaal de somma van f. 146.309,-, bijeen.

De toenmalige pastoor Sanderink ( ook wel Zanderink geschreven) had in Duitsland tijdens een bedevaarttocht de basiliek in Kevelaer bewonderd en wilde voor de Achterhoek “ook wel zoiets” Architect J.W. Boerbooms ontwierp de kerk met neogotische toren. De kerk was in 15 maanden klaar en werd 12 oktober 1899 in gebruik genomen.

Detail toren, beelden en klok


In de kerk las ik op een brieflet dat een bezoek aan dit bouwjuweel zeker de moeite waard is!
Het is een grote kerk met bijzondere, (felkleurige) gebrandschilderde ramen, maar de kerk, uitstraling en meubilair raakte mijn hart niet. ( als niet-katholiek heb ik moeite met de “versiering” van zo’n kerk; het ligt dus geheel bij mij, ga vooral kijken als u van kerken houdt)

Eenmaal buiten, tegenover de kerk; een (in mijn ogen té wit) beeld van Jezus aan het kruis in een beeldig parkje mét fontein en een mandarijneendenpaartje dat zich helaas niet liet fotograferen ( de “gewone” wilde eenden wilden wél op de foto!)


*)
Naast Zieuwent bezitten ook de plaatsen Wervershoof, Elst, Westervoort en Workum een Werenfriduskerk.



Citaat: Victor Borge

“Een glimlach is de kortste afstand tussen twee mensen

Victor Borge (1909-2000) werd in Kopenhagen geboren als de Joodse Borge Rosebaum en debuteerde als 8 jarig jongetje aan de vleugel; hij werd een wonderkind genoemd.

Hij ging aan het conservatorium studeren.
In 1940 vluchtte hij naar Amerika, waar hij tot aan zijn dood verbleef.
Zijn  talent als humorist werd ontdekt en, omdat hij muziek graag dichter bij een groot publiek wilde brengen, deed hij dat met muziek én grappige opmerkingen tussen door.
Vanaf 1953 speelde hij, op Broadway, een onemanshow samen mét een (steeds wisselende) zangeres .
Zijn mix van muziek en comedy leverde hem de bijnamen “The Clown Prince of Denmark” op

In een voormalig politiebureau

Toen iemand uit het beveiligingsvak me vertelde over “heilige boontjes koffie” die gemaakt en geschonken wordt in een voormalige politiebureau, dacht ik dat ik in de maling genomen werd, maar het blijkt echt zo te zijn.


Marco den Dunnen, agent en pedagoog en Rodney van den Hengel, reïntegratiedeskundige en sociaal/maatschappelijkvormer zijn ooit, in Rotterdam, een project gestart om jongeren, die om verschillende redenen problemen hebben én geen baan, de kans te geven opgeleid te worden en aan het werk te gaan. De jongeren krijgen ongeveer een jaar begeleiding en coaching.

Momenteel zijn ze gevestigd in het, in 2016 door de politie verlaten, politiebureau aan het Eendrachtsplein 3 in Rotterdam. Het historische gebouw (gebouwd rond 1860) was ooit een school (Bijzondere school voor Middelbaar Onderwijs voor eigen rekening) en heeft in de Tweede Wereld Oorlog, geconfisqueerd door de Duitsers, dienst gedaan als Duitse kazerne.


Nu is  het geschikt gemaakt voor deze nieuwe gebruikers.
(Er zijn ook vergaderruimtes in het gebouw te huur
Op de begane grond zijn is  de sociale koffiezaak Heilige Boontjes gevestigd.

Ze branden en schenken hun eigen  Heilige Boontjes koffie, waarvan de ongebrande bonen afkomstig zijn uit Brazilië, Ethiopië  en Peru. (te bestellen via http://www.heiligeboontjes.com)

Op de vierde verdieping van het gebouw, in het voormalige cellencomplex van het politiebureau is een bed & breakfast( b&b) gevestigd ,waar nog de sfeer van het gevangenisleven te voelen is mét een doorgeefluik én (niet werkende) grendels op de celdeuren. Een “cel” in Penthouse Prison, is vanaf ca.150 euro per nacht  te reserveren (www.airbnb.nl/rooms)

Mais.

In mijn beleving zie je nu meer maisvelden in Nederland dan vroeger.
Ik heb altijd geleerd dat Nederlandse mais alleen voor veevoer gebruikt wordt. Nu ik dit nazocht vond ik dat er ook wel (suiker)mais in Nederland verbouwd wordt maar dat het klimaat hier eigenlijk te koel is  om de korrels hier rijp te krijgen


In Nederland wordt in de landbouw meer dan 200.000 ha snijmaïs geteeld die vooral bestemd is als veevoer in de rundveehouderij. Het gaat bij snijmaïs niet om de korrel maar om de hele plant, die met een machine dichtbij de grond  wordt afgesneden en dan  in kleine stukjes wordt gehakseld


Mais is een graan, oorspronkelijk afkomstig uit Midden Amerika. De oudste archeologische vondsten van maïs, in de Tehuacan vallei, zijn volgens metingen zo’n 4700 jaar oud. 

Heden ten dage is mais nog steeds het hoofdbestandsdeel van een dagelijkse Mexicaanse maaltijd (tortilla) In veel delen van de wereld is mais  trouwens een onderdeel van het basisvoedsel.
De totale wereldwijde productie van maïs werd, in 2019, geschat op 1,05 miljoen ton.
Daarmee oversteeg de productie mais die van tarwe en rijst (bron Wikipedia)

Boeren in Nederland verbouwen graag hun eigen snijmaïs  om te gebruiken als veevoer voor hun koeien. Het is namelijk rijk aan zetmeel en dat is weer goed voor de melkproductie. 
Mais kan ook gebruikt worden om bio-ethanol van te maken. Bio-ethanol wordt gemaakt door vergisting van suiker, maïs, sojabonen, tarwe of aardappelen.
De VS maakt haar bio-ethanol vooral uit maïs.

Ik was verbijsterd toen ik las in welke artikelen mais allemaal zit: Het zit in kauwgum, chips, brood, en wordt ook als zoetstof gebruikt. Het is een ingrediënt voor het maken van linoleum, tapijt en behang. Het zit in schoensmeer, zeep en cosmetica, maar ook in antibiotica, verband, aspirines en hoestsiroop.
Ook in lijm, vuurwerk, krijtjes en in verf als ik het vakblad de Loonwerker mag geloven.

Ik weet dat mais in maizena (bindmiddel) zit, dat in de VS mais een bestanddeel (minimum 50%) is van Bourbon (soort Whisky)  en dat in Afrika maisbier gedronken wordt.
Zelf eet ik wel eens  cornflakes en popcorn, allebei  gemaakt van mais.
Op een Cultureel Festival waar ik ooit was werden wegwerpbekers van mais gemaakt, uitgedeeld en stonden er prullenbakken in de vorm van maiskolven waarin ze na gebruik gegooid konden worden ingegooid. (alléén die ene keer, verder nooit meer van gehoord of gezien)

Mais is dus wel een bijzonder gewas. Maisteelt schijnt weinig werk te vragen; door diepe beworteling kan het gedurende droogte lang vitaal te blijven, minder water (dan grassen of granen) te gebruiken voor verdamping én mais kent van alle inheemse teelten de hoogste dagelijkse groei.

Nog één gebruik van mais wil ik niet onvermeld laten; in 1999 opende het eerste MAIS doolhof in Nederland geopend (Hof van Overveld- Nrd. Br)
Inmiddels zijn er meer.

Verbouwburen

Al eerder blogde ik over het feit dat we nieuwe buren hebben die vanaf februari in het buurhuis getrokken zijn en sinds die tijd ook aan het renoveren zijn.
Ze wonen (en, door Corona, werken) grotendeels boven want de huiskamer en keuken zijn nog steeds gestript en “klusgebied”. Bijna alle klussen worden door vader en schoonvader gedaan.

Afgelopen week werd er gestuct, dat was fijn voor ons, want stucen gaat zo goed als geluidloos. Hiervoor was een Turks bedrijf ingeschakeld. In warme landen wordt veel gestuct en is er veel ervaring, hoorde ik.

Er werd hard gewerkt en wat aanvankelijk 2 dagen werk zou zijn werd in één (lange) dag gedaan. Het resultaat mag er zijn.
Buren blij!

Al het vocht dat met stucen in de muren gaat moet er ook weer uit en dat is een lang proces. Gelukkig is (was) het mooi weer en kunnen ramen en duren open. Ook staat er nu een luchtontvochtiger in de kamer.
De muren kunnen pas geverfd worden als het vocht eruit is en dat gaat nog wel even duren, heb ik begrepen.

Ik kijk naar zo’n renovatie met grote ogen. Het maanden “in de troep zitten” is voor mij een soort horrorscenario. Het is in mijn (volwassen) leven nooit nodig geweest.
Eerst woonden we “op kamers” muren schilderen was het enige wat we konden én mochten doen. Daarna kregen we een nieuwbouw flat en later een nieuwbouwhuis. Een behangetje erop en wonen maar.
Een huis wordt een thuis in mijn ogen als je er spullen inzet en erin gaat wonen.

Liever zó wonen, dan in de troep zitten en het “perfecte” huis creëren. Ons huis is verre van perfect, maar dat zijn wij ook niet.

Ik wéét wel dat je zo’n periode met beperkingen  snel  vergeet als alles klaar en mooi is, maar  van mij hoeft het niet. Stiekem bewonder ik onze buren wel een beetje dat ze dat zo lang kunnen.

Komt de dader terug?

Vanmiddag lag er op zo’n 2 meter van het graf van onze op 21 september begraven vis (zie blog raadselachtige moord) een lijk.
Het bleek de opgegraven vis te zijn. Waar eens het graf was, was nu een lege kuil in het zand.
De vis lag, lichtelijk aangevreten op de stenen.
Ik werd er onpauselijk van.

Opnieuw moet ik begraven, dieper ditmaal. Ik kom allerlei plantenwortels tegen en hoop dat ik door ze af te knippen niets “echt” verstoor .De vis is groot en zijn rug ligt open. Gekrabd?


Het lijkt me niet dat een reiger zich onder/in ons prieeltje waagt, waar de vis begraven lag
Ik verdenk de rooie kat die de laatste tijd vaak in onze tuin verblijft van dit vergrijp.
Door zoiets wordt ik nog feller op katten: roofdieren, die thuis genoeg in hun bakje krijgen maar toch MIJN dieren dood gaan maken of opgraven! Grrrr

Beeldeninsoest2020

In Soest is op Pimpelmees 1  een speciaalzaak in gereedschap & materiaal voor de beeldhouwer, beeldend kunstenaar, restaurator, hobbyist, designer, vormgever en houtbewerker gevestigd.

De basismaterialen steen en hout, maar ook gereedschappen van klein tot groot zijn hier te koop.
Een geweldige zaak! (maandags gesloten)

Bij (eigenlijk om) de zaak (heen) is een beeldentuin van de Kunststichting HazArt.

Ook zonder de speciaalzaak binnen te gaan is het mogelijk om de beelden te bekijken

De beelden in de tuin zijn o.a. van ijzer, staal, natuursteen, kunststof, hout en brons.
Groot en klein, veelkleurig en in één kleur, figuratief en/of abstract

De collectie is door de Stichting verkregen via legaten, giften en aankopen en ook zijn er kunstwerken in langdurige bruikleen.
Momenteel zijn er in de beeldentuin 80 kunstwerken van 37 kunstenaars 

Openingstijden dinsdag t/m vrijdag van 10.00 tot 17.00 uur en zaterdag van 10.00 tot 16.00 uur

Zonnebrand

Mensen vragen soms hoe ik aan mijn onderwerpen kom, of ik veel op internet surf om een onderwerp te zoeken?
Nee nooit.
Alles wat ik niet zélf meemaak of hoor van mensen in mijn omgeving LEES ik.
Ook in dit digitale tijdperk zijn er nog steeds kranten, bladen en folders.
Vaak lees ik iets dat mijn interesse wekt, DAN ga ik op internet zoeken wat ik daarvan kan vinden.

Zo duik ik in een onderwerp, leer ik veel en dát vind ik leuk om te delen.
wist jij….? nee. echt?

Zo las ik onlangs iets over zonnebrandproducten. Als ik eerlijk ben smeer ik me zelden in, ik kan slecht tegen de zon zit er nóóit in. (Met zonnig weer gaan we bv nooit naar het strand!) Ik wéét dat je je toch moet insmeren, maar het zit niet in mijn systeem, ik vergeet het. Ik heb het wel in huis (bederft dat goedje eigenlijk?) en ook wel eens bij me in een tas, maar gebruiken…!

Schadelijk in zonnebrandproducten zijn met name de UV-filters in de crème, spray of zalf zoals oxybenzone (C14H12O3)  *)
Laboratoriumonderzoek (Amerika 2015) toonde  aan dat oxybenzone al in kleine concentraties hormoonverstorend werkt tijdens de ontwikkelingsprocessen van koraallarven. **)
Ook octinoxaat (C18H26O3), wereldwijd het meest gebruikte zonnefilter, is schadelijk voor de onderzeewereld.
Bovenzeewereld: Stille Oceaan

Ik las op internet een berichtje van juli 2018 (Junglamsterdam):
Elk jaar spoelt er zo’n 14.000 ton zonnebrandcrème de zee in. De chemicaliën die in zonnebrand zitten, vernietigen plankton en zijn giftig voor vissen. Daarnaast sterft op verschillende plekken in de wereld het koraal af. (niet gecheckt of dit feit op waarheid berust)

Als je  zelf zorgvuldig met zonnebrandproducten wilt zijn kun je (volgens het WNF blad Be one with nature):

  • zorgen dat (áls je zonnebrand gebruikt) er twee stoffen NIET in zitten: oxybenzone en octinoxaat;
  • liever crème dan spray gebruiken
  • beter geen beschermende factor hoger dan 50 gebruiken ;
  • niet minder dan een half uur na het insmeren gaan zwemmen (dan spoelt het minder snel van je lichaam af)

*)  Volgens reguleringen mag in, onder andere de Europese Unie, Canada en de Verenigde Staten in ieder geval niet meer dan zes procent oxybenzone toe gevoegd zijn aan zonnebrandproducten

**) In reactie hierop heeft de staat Hawaï  (VS) in 2018 een wet goedgekeurd die vanaf 1 januari 2021 ingaat. Deze wet verbiedt het gebruik van de UV-filters oxybenzone (benzophenone-3) en octinoxate (ethylhexyl).

Vlieg- en daaswerend

Ooit vertelde een boer in Limburg me dat boeren die paarden hadden vroeger bijna altijd een walnotenboom in hun wei of bij hun hoeve hadden geplant. Een walnotenboom geeft schaduw én, belangrijker: hij is vliegen- en vooral daaswerend.
Sindsdien valt het me echt op; zie je ergens een oude boerderij dan is er vaak een walnotenboom bij te zien.



Hier in de wijk staan 2 oude, nootdragende walnotenbomen.
Dat is niet zó vreemd aangezien de grond waarop onze wijk gebouwd is vroeger een meent was, waar boeren hun vee  lieten grazen, het zou dus best kunnen dat minstens één van die walnotenbomen toen geplant is; om schaduw voor het vee te geven en het vliegend ongedierte weg te houden.


Ook in het boerendorp, waar onze wijk bij hoort, staan oude boerderijen. Nu zijn de meeste rigoureus verbouwd en aangepast aan deze tijd, vaak gekocht door BN-ers. Rieten daken, hoge heggen of hekken én af en toe nog een oude hoge walnotenboom op de grens van de (nu) tuin en de openbare weg.

Al jaren zoeken wij in september walnoten onder de twee, in de wijk staande, walnotenbomen.
Er staan heel veel brandnetels onder de boom, dus een noot zien en pakken leidt vaak tot een branderige hand met rode vlekjes.
Er zijn meer kapers op de kust, dus soms lopen we gewoon door als we geritsel tussen de brandnetels horen, dan weten we: iemand was ons voor!

Een boer in de Achterhoek die een walnotenboom in de tuin had en de noten droogde vertelde me “alles” over de noten. Hij had zelf gemaakte droogbakken gemaakt en liet me zien hoe je de noten schoonmaakte vóór je ze op de droogbak (metalen rasters) liet drogen. Alle haartjes moeten van de noot af, die staan in verbinding met de binnennoot en als die nat blijven rot de noot van binnenuit.
Hij deed het voor met een mesje. Verder gaf hij het advies de noten goed te laten drogen, pas met Kerst (of als je niet zo lang wachten kan (een paar) met Sinterklaas) openmaken en dan pas eten.

Dus sinds die tijd zoeken we noten in september. Eerst droogden we ze in op een krant, toen in een gazen mand en nu heeft mijn lief er roosters voor gemaakt.

Dit is een goed walnotenjaar!
We hebben er al behoorlijk wat. Schoonmaken van de noten als er nog (een beetje) bolster omzit is een klus waar je vieze, geelachtige handen van krijgt, dus handschoentjes aan. Nu ze ECHT rijp zijn én er soms behoorlijk veel wind is, liggen ze vaak schoon onder de boom (en in de brandnetels)

Van kerst tot ver in het volgende jaar stoppen we in onze witlof en wortelsla zelf gevonden, gedroogde, gepelde en gehakte noten.
Dat smaakt toch anders dan gekochte, kan ik u vertellen (de brandnetelbultjes trekken na een dag weer weg)

Nationaal Bomenmuseum Gimborn

In 1925 werd Max Theododor von Gimborn, (1872-1964) een Duitse inktfabrikant die in 1916 de Nederlandse nationaliteit kreeg, de grondlegger van het Von Gimborn Arboretum in Doorn.
In 1907 begon hij met zijn bomenverzameling eerst op 5 ha terrein maar in 1924 kocht hij een groter terrein in Doorn (47 ha.)

Hij kwam naar Nederland omdat in Emmerich (zijn geboorteplaats)”… de stoomboten te veel rook maakten voor zijn blauwdennen
Hij  begon zijn inktfabriek én een tuin in Nederland in Zevenaar.
Omdat zijn bomenvoorkeur uitging naar coniferen, die het op de kleigrond van Zevenaar niet zo goed deden, begon hij in 1907 een nieuwe bomentuin in Doorn.

Zijn inktbedrijf verkocht hij in 1931 aan Pelikan en de tuinen kwamen na zijn dood in eigendom van de Universiteit van Utrecht, die in 2009 de tuinen op haar beurt weer overdroeg aan een Stichting (Von Gimborn Arboretum) die het Nationaal Bomenmuseum Gimborn, zoals het nu heet, beheert. Veel vrijwilligers houden de tuinen in tiptopconditie

Zelfs de toilet ziet er uit alsof je in de natuur bent; de deuren zijn prachtig beplakt

De tuin zelf heeft prachtige doorkijkjes, waterpartijen en heideplantsoenen.
Je loopt rond en wordt steeds weer verrast met bijzondere struiken, bomen en planten.


Ook “gewone” struiken blijken iets verrassends te hebben, zoals een (parasol)magnoliaboom die, verscholen tussen de bladeren felroze vruchten blijkt te hebben.

We zien ook een bijzondere boom/plant met 3 soorten verschillende bladeren eraan, één vingerige, 2 vingerige en 3 vingerige bladeren aan één stam/tak. Helaas heb ik de naam van een bordje van een andere plant genoteerd! Dus weet ik niet hoe dit bijzonder exemplaar heet!

De Japanse notenboom draagt erg veel vrucht, maak kennelijk zijn ze nog niet rijp, want er ligt (nog) geen vrucht onder de boom.

We zien trouwens meer bomen met vruchten. Als ik tegen mijn lief zeg ”Kijk, een appelboom” richt een geknielde, onkruidtrekkende vrijwilliger zich op en zegt: “Kweeperen, mevrouw.”
We danken voor de informatie, die hij nog meer met ons deelt “Men maakt er gelei van”.

Ergens anders hangen mooi apart gevormde zaaddoosjes aan een tak, op het bordje staat dat de boom een bergsneeuwklokjesboom is!

In tegenstelling tot liefelijke (zachte) tafrelen zien we ook de rechte stammen van Douglassparren in een keurige rechte rij.
Stoer, mooi op een andere manier.


De verscheidenheid aan bomen, planten en struiken is groot.
Ook al is het eind september er zijn, behalve de voor de hand liggende planten als herfsthooi en hei

ook nog andere planten die pronken met bloeiende bloemen, zoals de verschillende soorten hortensia’s.

Er zijn veel, meest mannelijke, vrijwilligers aan het werk in deze grote, prachtige tuin, zij verplaatsen zich met (geluidloze) fietsen; invalide bezoekers kunnen in een(stil) golfkarretje rondgereden worden en verder zijn het wandelaars die, al zijn het er veel, zich verloren kunnen lopen op de vele slingerende paadjes. Stilte en natuur: een prachtige combinatie.
Nationaal Bomenmuseum Gimborn: Echt een aanrader.