Week van het handschrift

Soms mis je iets niet dat er wél is.
Zoals deze week, 19-26 januari 2022
Het blijkt de Nationale week van het Handschrift te zijn.
En in die week zat 23 januari : de Internationale Dag van het Handschrift !
Gemist!

Terwijl handschriften zo langzamerhand aan het verdwijnen zijn; het is bijna niet meer nodig te schrijven, alles gaat tegenwoordig digitaal, wie schrijft tegenwoordig wat nog?
Boodschappenlijstje? Typend op de smartphone
Kaart naar jarige oma? Dat is tegenwoordig een appje of  “even facetimen” geworden;
Zelfs een handgeschreven gekleurd memobriefje is digitaal (een mail) geworden!
Kortom  wat MOET je nog schrijven?



Persoonlijk vind ik het jammer. Als ik met genealogie bezig ben en ik zie ergens een handschrift van een voorvader ontroerd me dat. Zou dat in de toekomst allemaal verdwijnen?
Dat men van MIJ later alleen nog mails kan vinden? En hoelang blijven die zichtbaar?

Het platform Handschriftontwikkeling stelt dat het leren schrijven belangrijk is voor de ontwikkelingen van de hersenen van een kind en ook voor de ontwikkeling van de fijne motoriek.
Er wordt door enkele wetenschappers zelfs aangegeven dat de verminderde aandacht voor het schrijven een toename laat zien in het aantal gevallen van kinderen met dyslexie!

Het platform heeft NU op zijn website staan: “Het onderwijs in Nederland moet structureel beter. De basisvaardigheden van leerlingen zijn onder de maat en de kansenongelijkheid neemt tijdens deze coronacrisis alleen maar toe.”
Ze vragen of iedereen die direct of indirect met onderwijs te maken heeft,  wil helpen de omvang van de kinderen met handschriftproblemen in kaart te brengen (http://www.handschriftontwikkeling.nl/)

Ik heb nog even nagezocht waarom deze dag juist op 23 januari
aandacht krijgt*). Het blijkt de geboortedag te zijn van John Hancock (1737-1793)  hij was de eerste die de Onafhankelijkheidsverklaring op 4 juli 1776 ondertekende! Een Amerikaans staatsman en voorzitter van het Continental Congress dat de Onafhankelijkheidsverklaring aannam.

*) n 1977 werd de Dag van het Handschrift voor het eerst in Amerika in gevierd.

Diakritisch teken

Door kruiswoord/puzzelen en woordspelletje te doen leer je wel eens een nieuw woord.
Het zijn zelden woorden die je in de “gewone” spreektaal gebruikt, desalniettemin vind ik het leuk om de herkomst te achterhalen en met u, lezers, te delen.

Weer een nieuw woord geleerd; caret.
Het woord was me onbekend het teken was dat niet.
Het is het diakritisch teken ( ^) boven een klinker om aan te geven dat er iets is weggelaten.
Op het toetsenbord staat het boven de 6.

Het  wordt ook wel accent circonflexe genoemd.

En zo kwam ik terecht bij diakritisch teken: een caret is een diakritisch teken: óók een woord dat ik niet dagelijks gebruik. Toch maar even opgezocht want meer dan taalkundig teken wist ik niet.
Het blijkt een schriftteken dat boven, onder of door een letter gezet wordt, ter aanduiding van de uitspraak, te zijn.

Ook las ik nu dat het Nederlandse woord voor caret of accent circonflexe dakje is.
Hoe simpel kan het wezen?

Circonflexe , is Frans en komt oorspronkelijk van het Latijnse circumflexus=  rondgebogen
caret
komt uit het latijn = 3e pers. enk. van carēre = zonder iets zijn; missen; ontbreken.

Weer door het spelletje wordfeud een nieuw woord geleerd!

Happy birthday

Het overbekende liedje “ Happy Birthday to you” is van huis uit een Amerikaans liedje en hoewel het in het Engels werd uitgebracht, wordt het ook in Nederland vaak op verjaardagen gezongen.

Het liedje heette oorspronkelijk: Goodmorning to you en werd door 2 kleuterleidsters (Mildred & Patty Hill  uit Kentucky (USA) gecomponeerd en van tekst voorzien in 1893 en bedoeld als welkomstliedje als de kinderen de klas inkwamen.

De verjaardagversie werd voor het eerst in 1912 gepubliceerd. De familie kreeg pas In 1935 het copyright (en ..verkocht het weer door)

Wat ik ervan begreep zouden de auteursrechten eigenlijk al vervallen moeten zijn, maar zijn ze verlengd  en lopen ze tot (ten minste) 2030 door!

Je mag het liedje “gewoon ” zingen zonder rechten te betalen maar als het in de media gebruikt wordt óf voor commerciële doeleinden, dan moeten er wél auteursrechten betaald worden.
Ik las dat dit liedje heden ten dage nog  jaarlijks 2 miljoen dollar aan royalty’s oplevert!

Happy Birthday is één van de 3 populairste Engelstalige liedjes ooit ( de andere 2 zijn Auld Lang Syne  en For He’s a Jolly Good Fellow )



Lichtkunst in de hoofdstad

Ieder jaar wordt het Amsterdam Amsterdam Lightfestival georganiseerd.
Dit jaar zou het voor de 10e keer zijn en feestelijk!
Covid-19 gooide roet in het eten: De lichtkunst is er wel (17.00-22.00 uur) maar het “festival” is weggelaten. Vanaf 19 december waren de commerciële pleziervaarten verboden (met eigen bootje en max.4 personen mocht nog wel),langs de kunstwerken lopen mag wel, maar met maximaal 4 personen.

We waren wel van plan naar de hoofdstad te gaan, lichtobjecten kijken, maar het kwam er steeds niet van.
A.s. zondag is de laatste dag, dus we moesten snel actie ondernemen.
Vrijdagnamiddag schikt ons allebei.

We gaan met de auto naar een treinstation naar Diemen, daar is de auto gratis te parkeren, alleen….. het parkeerterrein is nu bezet door bouwspullen en bouwketen, géén mogelijkheden voor het parkeren van auto’s meer. (We zijn, door COVID, al zo lang niet met de trein naar Amsterdam geweest)
Gelukkig vinden we toch een gratis parkeerplek niet te ver van het station


We stoppen onze OV kaart in de tourniquet; ik kan er door mijn lief niet; te weinig saldo. Terwijl er toch op allebei onze OV kaarten ongeveer € 40,-  moet staan.
Geen nood er is een opwaardeerautomaat vóór het station.
Helaas doet deze maf! Het apparaat waardeert niet mijn liefs OV saldo op!
We voeden de machine nog met onze pinpas, maar deze spuugt hij uit.
Geen trein voor ons vandaag!


Mijn, in Amsterdam geboren lief, stapt weer in de auto en rijdt ons naar Amsterdam.
Het vervoer met eigen auto én parkeergeld kost dan wel wat meer, maar dan heb je ook wat: of liever iets niet: mondkapje in de auto niet verplicht! Vrij ademen!
Nog nooit hebben we Amsterdam zo rustig meegemaakt, brede straten met amper auto’s.

Eenmaal uit de auto en uit de parkeergarage blijkt Amsterdam berekoud te zijn, er waait een guur windje.
We zien wel meteen ons eerste lichtkunstwerk; Hollandser kan het niet: een grote bos kleurige, verlichte, TULPEN!

We lopen bruggetjes over en zien in de grachten mooie lichtsculpturen, maar ook verlichte bruggen en straten. We blijven niet te lang ergens kijken want het lijkt wel of er langs de grachten deuren openstaan en het tocht: een koude wind bijt in je snoet.

Als we nog niet eens de helft van de route gelopen hebben gebeurt er iets heel vervelends, tenminste het is vervelend in CORONAtijd: we moeten allebei plassen. Geen restaurant of café open, wel een snackbar om iets af te halen, maar ZONDER gebruik van toilet.
We lopen nog wat verder met samengeknepen billen, maar de pret is er af.

Mijn lief weet een kortere route en brengt ons beiden snel terug bij de parkeergarage.
We moeten nog een tijdje rijden voor we Amsterdam uit zijn en dan nog naar huis!
Ik zal u het verhaal van onze thuisreis besparen; het was “beklemmend”

Eenmaal thuis; snelle Coronavrije (tenminste dat hopen we) toiletten (voor ieder één want wachten is nu geen optie), warmte én een heerlijk kopje cappuccino ………………
Gelukkig hebben we de foto’s nog.

Autokennis

Mijn neefje vroeg, toen hij klein was, voor al zijn verjaardagen, Sinterklaas en Kerst, speelgoedautootjes. Alle ooms en tantes hadden hem een speelgoedautootje gegeven van het model waar ze zelf in reden. Hij was nog heel klein toen hij al heel veel automerken kende en je haarfijn kon vertellen wie in welke auto reed.
Omdat ik, zijn tante, niet veel ouder dan hij, vaak op de grond met hem zat te spelen, wist ik ook best veel van automerken en types (TOEN)

Ik ben opgegroeid in een mannenwereld met alleen broers, géén zussen.
Dus qua speelgoed mocht IK dan wel poppen gehad hebben, maar de wereld om me heen bestond voornamelijk uit jongens- en mannendingen, waaronder treinen en veel (speelgoed)auto’s. Automatisch leerde ik van de jongens (en later mannen) het één en ander over merken en modellen

Kortgeleden wandelden we ergens en zagen we in een tuin een auto staan van het merk Gurgel, een automerk waar ik (en ook mijn lief) nooit van gehoord had. Ik kon er toen geen foto van maken, maar gelukkig vond ik een foto op internet van dié auto. Uitlaat onder de auto én er op.

Thuis zocht ik het na en vond dat de auto genoemd is na de stichter van de fabriek Joao do Amaral Gurgel , een Braziliaan (1926-2009) Hij stichtte de fabriek in 1969. Aan het eind van 1994 sloot de fabriek wegens onvoldoende financiële middelen.
Er rijden dus nog Gurgel auto’s, zelfs in Nederland.(Hoewel ik  natuurlijk niet zeker weet of het exemplaar dat ik zag, nog rijden kon; de auto stond op een oprit!)

De fabrieksnaam Gurgel bestaat nog steeds, het is nu een Braziliaanse importeur van een soort driewielers.





Géén alcohol? Dan….

Op 29 december schreef ik over Dry Januari, een landelijke actie die mensen oproept om een maand geen alcohol te drinken.

Inmiddels lees ik steeds meer over drankjes zonder alcohol.
Onlangs las ik over mocktails.
Een  cocktail een mengsel  is een mengsel van minimaal drie ingrediënten, waarvan er twee drinkbaar moeten zijn en één alcohol moet bevatten.
Een mocktail  is een alcoholvrije cocktail, bereid uit frisdranken, vruchtensappen, fruit, siropen en andere alcoholvrije ingrediënten.
De naam, verbastering van cocktail, komt uit het Engels, waar to mock bespotten is.

Ook kwam ik een drankje tegen dat ik ooit nogal eens dronk: ginger ale.
Nu heet het Ginger Beer, geen alcohol en 0 % suiker. Er is een Virgin Mule mee te maken: neem een glas vol ijs, knijp er een limoentje in uit, doorboor een schijfje limoen met 3 kruidnagels  doe dit alles met een kaneelstokje en een steranijs in het glas bij het ijs, eroverheen het ginger beer gieten en voilá: een  virgin mule
Ik heb het nog niet geprobeerd maar ga het zeker doen!(als ik de juiste ingrediënten in huis heb

Dan nog even over wijn. Er bestaat alcoholvrije wijn, maar ook alcoholarme wijn!
Het verschil: alcoholvrije wijn mag helemaal geen alcohol bevatten,  terwijl alcoholarme wijn minder alcohol bevat  dan gebruikelijk is ( bv 5% alcohol, ipv de gebruikelijke 12%)
Allebei het proberen waard.

En ook alcoholvrij en alcoholarm bier
Er zijn dus genoeg mogelijkheden om minder of geen alcohol te drinken en toch iets lekkers te drinken!

Benauwd

Mede door antirookcampagnes; het steeds meer bekend worden van de longziekte COPD (Chronic Obstructive Pulmonary Disease), het zogeheten Nationaal Preventieakkoord (streeft naar een rookvrije generatie in 2040)  én COVID -19 zijn we ons méér dan ooit bewust van het feit dat we longen hebben en hoe belangrijk het is dat ze goed functioneren (we ademen ca. 25.000x per dag)

Ik las dat 600.000 Nederlanders onherstelbaar beschadigde longen hebben en dat het  voor 1,2 miljoen Nederlanders niet van zelfsprekend is  om “gewoon” te ademen.
En dat er een groot tekort aan longdonoren is: op de wachtlijst voor longtransplantatie  staan (bijna) permanent 180 wachtenden

De Wereldgezondheidsorganisatie voorspelt dat  in 2030 COPD doodsoorzaak nr.3 kán zijn.
Dat zijn schrikbarende berichten, waar een mens met gezonde longen amper bij stilstaat.


Er zijn ook goede berichten over longen en hoe er met ze wordt omgegaan;
In 2014 rookte nog 25,7% van de volwassen Nederlandse bevolking.
In 2020  rookte nog 20,2% van de Ned. bevolking van 18 jaar en ouder.
Het roken liep en (loopt nog steeds) terug!

Ook is er het “wonder” van de minilong; een kleine versie van een echte long, gekweekt uit stamcellen.
Op zo’n minilong kunnen onderzoekers snel en veilig testen welke nieuwe medicijnen voor dié specifieke patiënt het beste zal werken.
Men denkt zelfs in de toekomst met deze mini-longtechniek  (mits het de onderzoekers lukt longblaasjes te kweken, want pas dan is de mini-long compleet) gezond longweefsel te kunnen kweken om het beschadigde longweefsel te vervangen!


Door de pandemie, het thuis werken, het mindere vliegverkeer etc was de wereldwijde, dagelijkse CO2-uitstoot met maar liefst 17 procent – ofwel 17 miljoen ton kooldioxide – verminderd (De emissiedalingen waren het grootst in China; het land dat als eerst op slot ging)
Het kán dus wel, de CO2 uitstoot verminderen! (het negatieve nieuws is wel weer dat deze vermindering van uitstoot niet lang heeft zo drastisch heeft aangehouden)


Ook las ik een klein positief bericht over een “peukenmeisje”, een logopediste (57jr) die  rondslingerende sigarettenpeuken opraapt ( in één jaar tijd 125.000 stuks) Ze verzamelt ook informatie over de schade die sigaretten aanbrengen aan de natuur en informeert de politiek daarover.
Haar actie om de wereld “mooier achter te laten” heeft navolging, niet alleen in Nederland!
Er komen steeds meer mensen die de giftige peuken*) NIET in de natuur willen zien.

Nu nog (veel) méér mensen die de peuken niet in de natuur gooien of nog beter, niet meer roken.
Óp naar een rookvrije generatie! Naar méér lucht voor iedereen.







*) peuken zijn cocktails van chemicaliën, waaronder formaldehyde, pesticiden, cyanide, kwik, arseen en nicotine, dát komt, bij het buiten weggooien, dan allemaal in de natuur terecht

De blauwe schicht

Niet ver van ons huis ligt de grens tussen de provincies Noord Holland en Utrecht.
Na de vaststelling van de grens in 1351 werd bij de Zuiderzee een (houten) Leeuwenpaal*) geslagen en van daaraf een gracht gegraven.
De definitieve grens werd vastgesteld in 1719.

Nu loopt er langs de gracht een zand/grindpad waar we af en toe overheen fietsen.
’s Zomers stuift het als een malle en als het geregend heeft moet je om de plassen slalommen; er zitten (veel) kuilen in het pad. De beloning van het stuurwerk en gehobbel is het rijden langs een prachtig stukje natuur

Soms zien we daar een blauwe schicht over het water schieten; een ijsvogeltje.
35 tot 40 gram aan gewicht, 24 tot 26cm spanwijdte, snaveltje van ca.4cm.
In de rugveren van dit kleine vogeltje zitten geen kleurstoffen; maar door de structuur van de veren zorgen weerkaatsingen van het licht voor de blauwe kleur.
Dankzij dit iriseren kan het ijsvogeltje zich goed camoufleren, in de schaduw is hij (bijna) niet te zien

(Foto door Andrew Mckie op Pexels.com)

Het is me nog nooit gelukt een ijsvogeltje te fotograferen, dus ik moet het met bestaande beelden doen.

Als we langs de gracht (meer een ondiepe sloot) fietsen, schrikt hij (of zij) soms van ons en scheert hij over het water heen, dán zien we hem even. Als we geluk hebben gaat hij op een takje zitten en kunnen we hem wat beter bekijken, dát gebeurt maar heel sporadisch!
Ik vind een ijsvogeltje zien altijd een cadeautje van de natuur.

Van een familielid kreeg ik een glazen ijsvogeltje, dat een vaste plaats voor ons raam heeft gekregen.

Ooit was er een echte aan de rand van de vijver in onze tuin: op mijn verjaardag. Dát was een topcadeau van de natuur!


Onlangs las ik dat de hogesnelheidstreinen (Shinkansen) in Japan veranderd zijn op basis van de anatomie van de ijsvogel!
De kogeltreinen in Japan zijn één van de snelste treinen ter wereld, maar door hun stompe neuzen veroorzaakten ze nogal wat hinder bij tunnels (drukgolven leidden tot enorme knal bij het uitrijden van de tunnel)
Ingenieur ( én vogelspotter) Eiji Nakatsu liet zich voor de oplossen van dit probleem inspireren door de ijsvogel; als deze het water induikt spat het water nauwelijks op, door de vorm van zijn snavel kan de vogel zich namelijk razendsnel aanpassen aan de hoge waterweerstand!



Nakatsu besloot de neus van de hogesnelheidstrein dezelfde stroomlijn te geven als de snavel van een ijsvogel. De neus (snavel) van de trein werd zo’n 15 meter lang en het probleem met
trein-tunnel-geluid werd opgelost!

Moraal: Kijk naar de natuur, deze is niet alleen maar MOOI, maar kan je ook wat leren!

*) Een leeuwenpaal of leopaal, wordt zo genoemd omdat zowel de provincie Utrecht als Nrd Holland een leeuw in hun wapen hebben

Kaapse bossen

Het is een mistige zondagmorgen in januari; de zon ging, volgens de kalender om 8.40 uur op, het is licht, maar we zien de zon zelf niet.
We hebben net een heerlijk ontbijtje achter de rug met warme broodjes en een eitje.
Mijn lief, sinds kort in het weekend geabonneerd op 2 kranten, zit zich “bij te lezen” en ik blader wat in een, onlangs van een vriendin gekregen, oude Libelle (sept.2021)

Ons geplande theaterbezoek van vanmiddag kan geen doorgang vinden i.v.m. de verlengde culturele lockdown. We hebben een “lege” zondag  voor ons.
Dan lees ik in de Libelle een stukje over de, mij onbekende, Kaapse bossen.
Mijn lief legt zijn krant weg, zoekt op internet de wandelroute  op en na een rugzakje gevuld te hebben met flesje water, verrekijker, 2 mandarijnen én een rol snoep vertrekken we naar Doorn.

Een familie Swellengrebbel*) vestigde zich in 1751, na jarenlang in Zuid Afrika gewoond te hebben in Doorn en kwam in het bezit van een groot stuk woest heidegebied, dat hen deed denken aan het gebied achter de Tafelberg (Zd Afrika)

Natuurmonumenten heeft daar nu enkele wandelroutes uitgezet; we kozen de rode route van 6 km.

De parkeerplaatsen bij de Kaapse bossen zijn allebei supervol. Op een plek waar een grote plas met modder er omheen  is en kennelijk niemand zijn auto neer wil zetten, zetten wij hem wél neer; we willen wandelen en wel NU.

In het begin van de route lopen we massaal met oude van dagen, mensen met (kleine) kinderen, mensen met honden en joggende jongeren.  We zien de uitkijktoren van ver al. Hopelijk is dát het doel van de meeste wandelaars.

Al in 1890 werd de eerste houten uitzichttoren hier gebouwd, die in 1906 werd vervangen door een ijzeren toren , die daar  tot 1958 heeft gestaan. Daarna werd er in 1991  weer een houten uitkijktoren gebouwd (hoogte 19 meter) 
Deze werd in 2006 geheel vernieuwd  met staal én hout en  werd verhoogd tot 25 meter.

Voor die toren staan we nu.
Natuurlijk willen we, ook al is het mistig en zullen we de DOMTOREN, die we met niet-mistig weer wél zouden kunnen zien, nu NIET kunnen zien, tóch de toren beklimmen en van het uitzicht, ook al is het wolkig, genieten.

Boven staan kinderen te zwaaien naar hun ouders en overspoelt mij een golf van dieptevrees, dus maar weer snel de trappen af.

Inderdaad wordt het, als we de route verder volgen, steeds rustiger; de meeste andere bezoekers van de toren lopen kennelijk direct terug naar hun auto.

We startte onze wandeling om 12.12 uur en zouden dus om 14.14 weer terug bij de auto kunnen zijn (volgens het bordje bij het begin van de wandeling loopt een gemiddeld mens 3 km per uur)
Dát gaat ons niet lukken, de beklimming en afdaling van de toren vergt tijd én op de Helenaheuvel (genoemd naar de oudste dochter van pa Swellengrebel, die hier graag kwam) staat een chalet/theehuis (gebouwd in 1931). Daarbij staat buiten een bord dat het, ondanks de lockdown, hier mogelijk is aan een loketje één en ander af te halen en te nuttigen, maar géén gebruik te maken van het toilet (dus neem ik maar géén koffie)
We sponsoren graag de horeca in deze, voor hen, moeilijke tijden en lusten bovendien wel wat warms.

Daarna lopen we onze rode route weer verder en zien een “ontilbare” kei: De Doornse kei,  een overblijfsel uit de ijstijd. Dan ook nog een getordeerde, raar geknakte woudreus én vele mooie rechte met bomen afgezette lanen.

Bij terugkomst staat de auto nog steeds rondom in de modder, maar mijn galante lief rijdt hem er moeiteloos uit, waarna ik zonder natte voeten, kan instappen. (Er zijn inmiddels wel wat vrije parkeerplekken)

We rijden op huis aan, na eerst nog getankt te hebben. In plaats van de tankstations bij ons in de buurt, die al op een literprijs van € 2,10 zitten, kost hier de benzine beneden de € 2,- en aangezien de tank bijna leeg is, gooit mijn lief hem vol én verdienen we daarmee!

*) Hendrik Swellengrebel was van  1739 tot 1751 gouverneur van de Nederlandse Kaapkolonie.
Weduwnaar Hendrik vestigt zich, na zijn werkzame periode in Zd Afrika, met zijn gezin op de buitenplaats Schoonoord bij Doorn.

Dat het bosgebied bij Doorn sindsdien de Kaapse Bossen wordt genoemd, is te danken aan de familie Swellengrebel.  

Voornamelijk

Ik ben vernoemd.
Eén doopnaam heb ik van mijn vader met een” a” er achter om het te vervrouwelijken, een andere doopnaam komt van mijn (Belgische) moeder en mijn 3e doopnaam komt van een vrouwelijke relatie van mijn beide ouders:

De naam Maria is een variant van het Hebreeuwse Mirjam, een naam die voorkomt in de Bijbel (de zus van Mozes) De verlatijnste naam van Mirjam werd Maria ;de naam van de moeder van Jezus

Afbeeldingen van Mirjam, de zus van Mozes en Maria, de moeder van Jezus

De Maria, waar ik naar vernoemd ben was katholiek, mijn ouders allebei niet.
Ik heb een andere roepnaam, dus alleen bij het invullen van formulieren komt de naam Maria te voorschijn. Ik vind het géén fijne naam, zo “heilig”, past helemaal niet bij me (vind ik)

De verklaring van de herkomst van de naam Maria, is niet eenduidig, er schijnen 60 mogelijke verklaringen te zijn, één daarvan is dat het van oorsprong een Egyptische naam is, afgeleid van
” welgevormd” en “schoon” Een andere verklaring is dat het van oorsprong Hebreeuws is, afgeleid van “bitter” en “weerspannig”

Een paar Marianaam weetjes:

De populariteit van de naam Maria neemt, sinds 1970 af.
Er schijnen momenteel (in Nederland)  1.522.000 vrouwen en 510.000 mannen deze naam*) te dragen.
In het, door de Paus ingestelde, Mariajaar (1954), kreeg 17% van de geboren jongens Maria*) als volgnaam

In 2021 zijn er 128 meisjes geboren die Maria heten.

Er zijn veel meisjesnamen van Maria afgeleid. Daarvan is Marie wel de bekendste, maar ook Maaike, Marijke en Marieke zijn afgeleid van Maria.

Behalve afgeleide zijn er ook samenstellingen met de naam Maria, zoals Marianne van Maria en Anna en Marloes, van Maria en Louise en Marlies van Maria en Elisabeth.

Ook is er een samengestelde bijbelse meisjesnaam die zowel van Maria als van Josef afkomt, nl. Marie- José.

Vóór de Middeleeuwen vond men het niet gepast om de naam van de moeder van Christus als persoonsnaam te gebruiken (Het schijnt in Frankrijk zelfs een tijd verboden te zijn geweest)


*) In  rooms-katholieken gezinnen was/is het gebruikelijk om de naam Maria aan jongens als tweede of derde doopnaam te geven.