Regen: Bronstijd, vogelpindakaas, bosbessen en kersen

Het regent.
Er is, een paar huizen verder, iemand met een hogedrukspuit aan de gang (alsof de regen niet genoeg schoonwast!)
Bij de buren wordt de verwarming ontmantelt, geboor en gehamer.
Alom herrie.
Het regent.

Niet op bezoek gaan – Corona;
Tuinzitten of tuinwerken niet mogelijk;
Niet wandelen of fietsen;
Museumbezoek tevoren aanvragen
Maar ook niet op je gemak thuiszitten met die herrie!

vogelpindaOp dát moment een appje van een schoondochter: de vogelpindakaas is het goedkoopst bij Hornbach.
De potten vliegen hier in de tuin er doorheen; ons vaste goedkope adres verkoopt in DIT jaargetijde geen vogelpindakaas omdat, zo melden ze: vogels in de zomer NIET bijgevoerd moeten worden. De vogelbescherming meldt dat i.v.m het inkrimpen van de natuurlijke habitat van vogels deze  wél bijgevoerd moet worden.
Wij luisteren naar de Vogelbescherming!

In de tuincentra zijn de potten duur, maar we kopen ze wel omdat we het geweldig vinden dat we specht, Vlaamsegaai, kool- en pimpelmezen allemaal een plezier doen met de vogelpindakaas én onze tuin vol gekwetter is en blijft, maar goedkoper zou ONS beter uitkomen ( 1 pot=binnen 1 week leeg)

Dus rijden  we naar nwegein en kopen 10 potten vogelpindakaas (=ongezouten) kersenn aan boomOnderweg zien we diverse kersenboomgaarden langs de weg adverteren.
We stoppen op de terugweg kersen te kopen.
Als ik uit de auto loop om naar de kersenkraam te gaan, merk ik dat de miezerregen best meevalt  en  we besluiten we toch in een bos te  gaan wandelen i.p.v naar huis weer de herrie te trotseren.

We stoppen ergens langs een bospad, hebben regenjassen bij ons en gaan lopen.
Takken die overhangen druppen, het pad is licht drassig, het is niet koud, toch heeft het de uitstraling  de maand november.

We zien behoorlijk veel paddenstoelen

Op de paden waterplassen, waarbij ik erg aan het werk van Escher moet denken.


Het is erg stil in het bos en heerlijk om te lopen. We komen een plaquette tegen met info over de Bronstijd en grafheuvels waarin  vroeger urnen lagen
bronstijd

bosbes
Ik zie bosbessen en pluk er een paar (plastic tasje altijd bij me).
We lopen en genieten ondanks het lichte miezerregentje.

We zien een naaldboom met een bijzondere schors; alle andere, dezelfde naaldbomen daar in de buurt hebben een andere schors. Ik weet niet of deze boom ziek is, er een kevertje inzit, of…………


Als we  thuiskomen is het stil om ons heen. Ik ruim de potten vogelpindakaas op, doe de kersen op een schaal en schenk een drankje in. NU begint hard te regen!
Ik voel me een bofbips!

Wie schrijft die blijft!

Het valt me op dat er NU zoveel meer teksten als anders staan; rode vlaggen met de tekst Met elkaar, voor elkaar, teksten op spandoeken op scholen, op kerken,  op verzorgingshuizen en soms gewoon op huiskamerramen.
Men wil elkaar laten weten wat men vindt, solidariteit betonen met ouderen en zieken die binnen moeten blijven of  dank overbrengen aan mensen in de zorg.

Ik heb oog voor deze teksten, lees altijd  al alles wat ik tegenkom.
Vandaag zag ik, behalve de tekst “Bedankt team voor de goede zorg” tegen de muur van een instelling ook een sticker op een raam “Elk kakje in een zakje” met een plaatje van een hond erbij.
hondenbordjeOok de “gewone” dingen gaan door: poepende honden! (Er staat ook steeds meer van die NO- prikpennen met een poepende hond in tuinen en plantsoenen.)
Ik kan me niet voorstellen dat het helpt! Net zo min als in een grote stad een sticker met “geen fietsen tegen het raam aub” helpt. Meestal staan er fietsen tegen zo’n sticker.

Ook zag ik het woord GESLAAGD  in plakletters op een raam mét een uithangende vlag met daaraan een schooltas. schooltasDát symbool van geslaagd zijn had ik dit jaar nog niet veel gezien. Ondergesneeuwd tussen de “solidariteitsvlaggen”? Of minder als vorige jaren? Het voelt vermoedelijk “anders”, als je schoolresultaten bepalen of je je examen gehaald hebt of dat je echt examen moet doen.

Persoonlijk heb ik niets met die witte T-shirts met een rood hart erop voor het raam, als steun voor de zorg.
Iedereen hoort blij te zijn met de goede gezondheidszorg die we in Nederland hebben, NIET alleen nu er een pandemie is, maar altijd.
Geef de mensen in de zorg een beter salaris, maar een t-shirt met hart voor je raam………..pfft

Bijna alle winkels hebben de, voor hun branche geldende, speciale Corona maatregelen op de ruit geplakt,;de kapper in het winkelcentrum heeft er een briefje erbij dat, omdat er Coronamaatregelen in de zaak getroffen zijn, de kappersbezoeken NU € 2,50 duurder zijn. Ik ben benieuwd of die “toeslag” als de pandemie over is, weer gaat verdwijnen!

raambeerAl eerder blogde ik over de beren die voor de ramen gezet worden om kinderen en volwassenen iets te doen te geven als ze een wandelingetje maken: namelijk TELLEN.
Nu zag ik een raam met een vel papier met daarop in rood geschreven BEER. Waarschijnlijk iemand die mee wilde doen maar geen speelgoedbeer in huis had.

IK heb deze BEER meegeteld!

Vanuit de huismuis gezien.

Ik kan maximaal 30 maanden oud worden, maar dan moet ook alles meezitten.huismuis
Dus ik moet mijn leven goed benutten.
Ik leef onder de buitenvlonder van een huis van een MENSCH.
Nou ja het zijn er misschien wel meer; ik heb er ooit 2 tegelijk gezien, dus er wonen er minimaal 2 in het huis bij mijn vlonder.
Ze geven vogels en vissen (vijver) te eten, dus ik heb meestal genoeg te eten; ze knoeien namelijk behoorlijk met visseneten en dat vind ik best lekker.
Ik ben een alleseter, maar zaden, wormen en vissenvoer vind ik het lekkerst.
In mijn karigste dagen heb ik, in hun schuur, ook wel karton van doosjes gegeten; het smaakt naar niks, maar het voedt wel.

Ik leef celibatair en alleen.Ik ben onvruchtbaar, hoe dat kan weet ik ook niet; misschien iets verkeerds gegeten? Ik ben er niet trots op of blij mee, het IS zoals het IS.
Soms vind ik het jammer dat ik niet kan communiceren met de MENSCH.
Dan hoor ik MIJN MENSCH weer zeggen “Zien we nou de hele tijd dezelfde of zouden er meer zijn?”
En dan denk ik; je gaat toch geen gif kopen of zoiets? Ik leef alleen én maar dertig maanden, láát me nou maar gaan, maar ja dat kan ik de MENSCH niet laten weten, dus ik houd me gedeisd.
Ze zien me misschien 1x per week (als ze geluk hebben)
Ik heb een goed leven.
Van mij mag het 30 maanden duren.


Nawoord van de MENSCH: mens 
                                                                             Af en toe zie ik een muis onder de birdfeeder.
Muizen kunnen een plaag worden, maar ik heb het gevoel dat het er maar één is en dan is het géén plaag. Ik vind het eigenlijk wel schattig, zo’n rondscharrelend muisje in de tuin.
Op de website van het RIVM wordt dat de huismuis niet genoemd als ziektekiemverspreider.
Dus we laten hem  zijn (of zou het een haar zijn?) gangetje gaan.

Een ochtend met een zwaar gevoel

Vannacht heb ik “gedroomd” dat een bepaald persoon zou sterven.
Ik word vroeg en met een “zwaar gemoed” wakker.
Ook al wil ik dat wel, het “gevoel” ebt niet weg.
Ik doe boodschappen, fiets door de polder, pluk een bos wilde bloemen, maar het gevoel blijft.
Na de koffie gaan we de natuur in.
We stappen in de auto, ik vraag niet eens waar we naar toe gaan. Mijn lief rijdt en stopt bij een bos in de Lage Vuursche  (gem.Baarn)
We lopen zonder te spreken.

Ik kan het gevoel niet van me afschudden.
In een bepaalde stemming ben je ontvankelijker voor dingen die passen bij die bui: ik zie vooral dode bomen en doodhout (Ook die kunnen “mooi” in hun vergankelijkheid zijn)


Gelukkig zie ik ook een koolwitje, heel veel bloeiende bramen en veel rose/wit vingerhoedskruid.
We zien een meertje onder bomen: het water lijkt wel inkt, zo zwart, het spiegelt
meertje.3In mijn hoofd  komt de titel van een boek van Frederik van Eeden boven drijven:
Van de koelen meren des doods.
Mijn lief wéét hoe dit water is ontstaan: Aan het eind van de oorlog waren hier Canadezen gelegerd, toen ze vertrokken hebben ze al hun explosieven hier tot ontploffing gebracht. *)

verdelgen
Als we terug bij de auto zijn, zien we een processierupsenkar met 2 werknemers aan het werk.
De een heeft een gesloten pak aan en een bril en glazen schermpje voor en lacht vriendelijk; ze gaat in de hoogwerker zitten en wordt door haar collega omhoog gebracht vlakbij het rupsennest.
Er wordt een buis naar  het nest toe gebracht die het nest opslurpt; wéér een nest minder.

In plaats van in de auto te stappen stelt mijn lief voor op een nabijgelegen terrasje iets te drinken: een puik plan!
We lopen erheen.
Dáár op dat terrasje ebt mijn “zware “gevoel een beetje weg, genieten we van koffie en
biertje.


Een hond brengt zijn felgroene discus bij me. Ik gooi weg. Niet ver genoeg naar zijn zin, hij komt niet naar me terug.

We rijden naar huis. De ochtend is voorbij.
De middag is begonnen.

 


*) thuis zie ik op internet dat ook de Duitsers munitiedepots in dat bos hadden. In een rapport ”Vooronderzoek conventionele explosieven A 1 en A 27 “gedateerd 8 mei 2012 lees ik dat daar “heden ten dage” nog steeds munitie gevonden wordt!

Tweede Pinksterdag in Coronatijd.

Om 12 uur vandaag gaan de terrassen weer open.
Het gaat druk worden, nu we weer méér mogen
Wij blijven dus thuis.

We zijn in de tuin én binnen bezig; vijverfilters schoonmaken, snoeien, vegen en glazen vazen van binnen schoonmaken.
Volgens mijn schoonmoeder kun je glas en kristal helder schoon krijgen door er paardenpoep met stro in te doen.
Dát trekt me niet zo.

Haar tweede tip vond ik wél de moeite om te proberen waard: steradenttabletten met water in de fles laten staan en af en toe schudden!
Ik heb daarvoor speciaal zo’n buisje van dat spul gekocht, dus dat gooi ik nu in mijn glazen flessen.

rabatdelenDe (nieuwe) buurvrouw komt naar buiten met zwarte verf; zij gaat haar rabatdelen verven.
Ik weet dat ze haar achterschutting bedoelt, maar rabatdelen?
Ze zouden natuurlijk uit Marokko (hoofdstad) kunnen komen, maar dat denk ik niet want ze heeft het over Zweedse rabatdelen!
Deze zoeken we op: Een rabat is een plank die aan de ene kant is voorzien van een groef en aan de andere kant van een geschulpte rand. Hierdoor kunnen de rabatdelen in elkaar geschoven worden.
Dank buurvrouw; weer wat geleerd!

 

Om een uur of twee willen we er toch even uit, dus we pakken de fiets.
We fietsen langs een kerk met een spandoek: Houd moed, heb lief.
Langs een school met op het raam: Welkom terug lieve kinderen
Langs de Praxis; er rijdt nét een auto het parkeerterrein op, die het laatste parkeerplekje inneemt: druk daar dus.
Langs een sportveldencomplex; normaal zouden hier nu Pinkstertoernooien gespeeld worden; de velden zijn leeg, er klinken sproeiers en af en toe zie je enorme stralen langs komen.

kabouterpad
Dan rijden we door het bos (heerlijk koel) we komen fietsers én wandelaars tegen en….
een kabouterroute.

kabouter op takHeel hoog in de boom hangt een kaboutertje op een tak.
Hoog gehangen tegen vandalisme denk ik, maar dit is wel erg hoog!

Ik vraag me af of een kind deze kabouter ontdekt of dat ik de enige ben!
kaboutertak

Dan komen we langs een terras, Coronaproef, tafeltjes  1,5 m van elkaar af.
Het is er niet druk, maar ziet er wel gezellig uit. We rijden er langs.
We komen langs een tuincentrum, het is open.
Zaterdag was onze vogelpindakaas op, er roepen nu constant vogels in de tuin dat die pot leeg is!
Dus ik “vlieg” even snel naar binnen om vogelpindakaas te kopen.
Dom!
Vanwege de Corona zijn tussen “doorsteekjes” afgesloten en MOET je mét karretje de hele winkelroute volgen. Ik grijp 2 potten en gelukkig is er maar één dame bij de kassa voor me. (Wél een heel langzame dame!)
Ik reken af, loop naar mijn lief, die buiten moest wachten (1 klant per gezin) en we fietsen naar huis.

De schutting (rabatdelen)  van de buren is zwart!
Wij nemen ons laatste ijsje uit onze diepvries en duiken de tuin weer in.
Het was een rustige, vrij relaxte Tweede Pinksterdag

 

 

 

Bruiloft in Coronatijd

Vrienden van ons zijn 50 jaar getrouwd.
Dat is reden voor een feestje.
Een reden die ze in “normale tijd” zeker gevierd zouden hebben.
Maar het is nu geen “normale tijd” het is Coronatijd.
Het zijn kwetsbare mensen, niet alleen door hun leeftijd maar ook speelt een hartprobleem en suikerziekte daar een rol in. Géén mensen dus over de vloer.

Maar wat kunnen wij, hun vrienden én hun kinderen én familie dan wél doen.
Er is gebrainstormd.
gehuwd 50Buren en zoon hebben ’s nachts en ’s morgens het huis van buiten versierd. Om 11 uur verzamelden vrienden zich bij de buurvrouw voor een aubade in de tuin (kan door poort hoeft niet binnendoor)
Natuurlijk liep het anders dan gepland; omdat we ook niet bij de buurvrouw met zijn allen naar binnen konden, stonden we allemaal op een afstandje  van het huis te wachten tot iedereen er was. En wie kwam haar huisje uit om even een boodschap te doen? Natuurlijk de bruid!
De een dook de bakker in, mijn lief en ik een “onbekend” portiek, een vriendin in haar fietstas en de buurdame vloog haar huis weer in. Allemaal nét op tijd. De bruid zag niets!

huwelijk50
We zongen, toen ze terug was, in hun tuin; een vriendin deed een ontroerende voordracht, iedereen gaf een bos bloemen en toen gingen we allemaal weer.
De zoon bleef, anders werd het wel opeens erg stil voor ze.

Iedere vriend, vriendin, kind of familielid had,na overleg, een pagina toegewezen gekregen in een “krant”
Die kon (on line) ingevuld worden met foto’s gedachtes, een verhaaltje, kortom wat je hen maar meedelen wilde. Die krant werd door hun kinderen later op die dag aangeboden.
’s Middags gingen ze naar hun oudste zoon, die heeft een grote tuin. Zij  hadden het zo geregeld dat familieleden met een interval van 3 kwartier om de beurt zouden langskomen, mét inachtneming van de 1,5 meter.
Verrassing.

Zo kon het toch nog een beetje “bruiloft” worden.

Zwanen, vlieg en afwezige vriendin.

zwaneneierenEr zijn hier in de buurt nogal wat zwanennesten.Vandaag besloten we die eens langs te fietsen om te kijken hoe het er mee staat.Het eerste nest was teleurstellend; verlaten. Bij nadere inspectie bleek het 4 eieren te bevatten, pa en ma zwaan nergens te bekennen.De sloot verder afgefietst; geen zwanengezin gezien.

Vermoedelijk nest verlaten; géén toekomstige pulletjes!

We stappen op de fiets en op dat moment vliegt er een vliegje achter in mijn keel.
Ik kuch om het eruit te krijgen (wel IN mijn elleboog) maar het vliegje blijft zitten waar het zit.  Ik begin kokhalsneigingen te krijgen ,waar ik maar aan toegeef; het MOET eruit. Water stroomt uit mijn ogen
Een in de verte aankomende lopende mevrouw kijkt naar me en draait om: Ik denk dat ik het stempel: wellicht Coronahoester van haar kreeg!

Ik denk dat het  wel weer gaat en stap op de fiets. Helaas het gaat niet.
Het lijkt wel of de vlieg onder in mijn keel een dansje doet.
Gelukkig woont een vriendin hier vlakbij.
We gaan om een glaasje water vragen.
buitenkraanHet huis ziet er verlaten uit.
Voor de zekerheid loop ik toch even door het hekje achterom.
Tuinstoelen hangend op de tafel. Ze zijn WEG!
Maar  ze hebben wel…..een buitenkraantje!
Ik maak een kommetje van mijn handen en lepel zo wat water naar binnen.
De vlieg verdrinkt!
Ik krijg weer “gewoon” lucht.
We kunnen verder

We rijden langs het Gooi meer; honderden zwanen ,
gooimeer met zwanen                                                           waarvan één gezin
pulletjes

Bij het strandje staat een ijscoman: we moeten de lokale ondernemers steunen, dus we stappen af.
Er zijn afstandsstrepen op de grond geplakt. Ik ben nummer 4 in de rij.
Vóór me staan drie meisjes in badpakje, die ieder 3 verschillende bolletjes ijs willen.
Als de ijscoman vraagt of het niet koud in het water was roepen ze in koor: Nee, lekker.
Met mijn lief,zittend op een fietsenrek,  eten we de ijsjes op; ze zijn  bijzonder lekker!

Het volgende nest (in een brede sloot) is eerst niet te vinden, alles is dichtge(be)groeid. We fietsen verder en rijden een bruggetje over en rijden terug.Dan zien we het nest mét  zwaan erop aan de overkant, pa zwaan zit in het water en komt naar ons toe en dan………………. komt ma met haar 6 pulletjes ook het water in.
Ze steken over en kijken ons alle acht verwachtingsvol aan.


Helaas,  we hebben geen zwanenvoer bij ons.
Onze zwanentoer was, met één uitzondering,  succesvol

Hollandse regeltjes

Ooit, in de begin tijd van de personal computers kregen wij er één van een Universiteit mét inbelverbinding. In ruil daarvoor moest ons gezin (voornamelijk ik) meedoen aan onderzoeken met maatschappelijke relevantie.

Ik heb daar veel van geleerd, ben daardoor vaak ook onderwezen.

euEen van die onderzoeken ging toen over een eventueel op te richten Europese Unie
De eerste vraag bent u voor of tegen één Europa?
Ik was vóór.

Daarna kwam er een uitleg.
Bijvoorbeeld over de voorschriften die wij hier in Nederland hebben vóór dat geneesmiddel in de handel mag komen. Strenge voorschriften.
Andere Europese landen waren daar makkelijker in.
Als we één Europa zouden worden moest er “gemiddeld” worden.
Dus zouden de regels voor Nederland  (in dit geval) versoepeld en zou een geneesmiddel eerder op de markt gebracht kunnen worden (met minder testen vooraf)
Gevraagd werd na de uitleg:
Wilt u dat?

Ik niet, safety fitst.

Ander aspect: Nederland heeft strenge voorschriften op het gebied van bv. Speelgoed: loodvrije verf, touwtje aan trekbeesten voorschrift maximale lengte (zodat het te kort is voor het kleutertje om het om zijn/haar nekje te krijgen)
Andere landen hebben die voorschriften NIET, daar wordt bijvoorbeeld nog giftige verf gebruikt. Middelen betekent minder strenge voorschriften.*)
En weer de vraag na de uitleg:
Wilt U dat?
Ik niet, safety first.

Zo kwam er nog uitleg op allerlei gebied; landbouw, giftige stoffen ,etc.
Aan het einde van het onderzoek bleek dat ik (helemaal) NIET voor één Europa was; ik wilde de (strenge) voorschriften  in Nederland eigenlijk houden zoals het was: Veilig!

Dalkon Shield IUDVerschillende dingen zijn in Nederland keigoed geregeld.
Ik ken een voorbeeld van een ander land met andere regels.
Engeland in dit geval.
Begin jaren ‘70 kon voor geboortebeperking een Dalkonschildje bij een vrouw ingebracht worden. Het schildje werd gemaakt door een Amerikaanse firma.
Het schildje bleek NIET goed te werken, er kwamen veel klachten, verkleefde eierstokken, blijvende onvruchtbaarheid en doodgeboren en mismaakte kindjes ter wereld.

Toen e.e.a. bekend werd, werd  in Nederland gestopt met het inbrengen van de schildjes.(Er waren toen ook al Nederlandse vrouwen met problemen: Ca 2000 Hollandse  vrouwen hebben  in 1986 een schadeclaim bij Amerikaanse fabrikant ingediend)
In Engeland ging men, ondanks dat ook dáár in medische kringen bekend was dat er blijvende schade van kwam, ermee door.
Mijn Engelse nichtje kreeg het (pas toen) ingebracht; er werd haar niets verteld over de eventuele risico’s. Later bleek dat ze er  blijvend onvruchtbaar door was geworden.

Er is een groot proces in Amerika geweest waar alle vrouwen, die zich vooraf hadden aangemeld en waarbij bewezen was dat hun medische toestand aan het schildje te wijten was,  voor een rechtbank konden worden gehoord.
Mijn nichtje is naar Amerika gegaan en is in de rechtbank gehoord.
Daar zaten ook vertegenwoordigers van de Amerikaanse fabrikant. Het ging haar niet zo zeer om de schadevergoeding (daarmee kreeg ze haar vruchtbaarheid niet terug) als wel  dat de fabrikant zou WETEN hoe hij haar leven en dat van haar man had verruïneerd.
Die genoegdoening heeft ze gehad.(Dagen gewacht voor de rechtbank totdat ze aan de beurt was, maar ze hield vol)

Als dit Dalkonschildje ook in Engeland onmiddellijk, nadat de fatale gevolgen bekend waren geworden, uit de handel was genomen had háár onvruchtbaarheid NIET hoeven te gebeuren.

Terug naar de enquête: Nederland had (heeft?) strenge regels, die misschien niet altijd prettig zijn, maar wel nare dingen kunnen voorkomen.

genfoodAnder voorbeeld: Verleden jaar was er een Hollandse boer op t.v., die in een ander land boerde (welk land ben ik vergeten).Zijn vee werd ziek en ging dood. Na onderzoek bleek dat het kwam door een genetisch gemodificeerde ingrediënt dat als grondstof voor veevoeder was gebruikt. In dat land mocht zulk veevoer wél verhandeld en aan vee gevoerd worden.
Hij was meer dan de helft van zijn vee kwijt en vertelde dat hem dát in Nederland niet gebeurd zou zijn. Daar mag dit voer NIET worden verhandeld.(Tegelijkertijd vertelde dat hij naar dát land was gegaan omdat daar zoveel méér kon!)

We leven in een land vol met regeltjes en naar sommigen zeggen (met name boeren en ondernemers) té veel aan regeltjes.
Dat kan zo zijn. Maar als het regels zijn die voor de veiligheid van mens en dier gelden, ben ik persoonlijk daar WEL blij mee.

[Eind 1993 kwam de Europese Unie er, 27 Europese landen sloten een Statenverbond, maar er zijn nog steeds verschillende regels, bv wat betreft vuurwerk, wat in het ene land verboden is kan in het andere Europese land het hele jaar door “makkelijk” verkrijgbaar zijn;  aan het transport van gevaarlijke stoffen zijn in Nederland strengere regels verbonden dan in andere Europese landen.
Conclusie: misschien valt het wel mee dat “middelen” waarvan eerst gesproken werd en gaat veel nog “op de oude voet verder”

*) dit speelde allemaal dus vóór 1993)

 

 

Dierenleven en dood

mezenkast
In de voortuin heeft een mezenechtpaar een nestje gebouwd en horen we nu een gekrakeel van kleintjes. Omdat er schaarste aan rupsen en wormpjes in voren we bij met zaden en meelwormen.
Pa en ma vliegen af en aan om de kleintjes te voeden.

specht eet
Af en toe zit er ook een bonte specht in de voortuin. Hij is heel mooi met veel rood, maar…. hij eet jonge vogeltjes en kan ze uit nestkastje halen, desnoods boort hij met zijn snavel een extra gat in het hout. We zijn dus best een beetje “onrustig” als we de specht weer signaleren, meestal lijkt hij geïnteresseerd in “ons” voer, maar je weet het nooit! We houden hem in de gaten.

In de achtertuin, tussen de wilde wingerd zit een tortelduivennest. Er is veel geroekoe, maar of er al eitjes zijn kunnen we niet zien. In de achtertuin zitten ook vaak eksters, soms wel 3 tegelijk.
De eksters kúnnen eitjes en zelfs kleine vogeltjes verorberen maar of ze dat ook met  duiveneieren kunnen/willen, weet ik niet en ik hoop er ook niet achter te komen.

ooievaar en kleintjeIn de buurt is, op een hoge paal een ooievaarsnest met jongen.
Een kassière in “mijn” supermarkt is amateur- fotografe en maakt ieder jaar prachtige foto’s van het nieuwe ooievaarsgezin.
Vanmorgen vroeg ik of ze al wist hoeveel jongen er in het nest waren. Ze wist het niet, kwam er amper, had andere dingen aan haar hoofd.
Ik zag dat ze verdrietig was en wéét dat ze twee honden heeft.
Inderdaad bleek dat één van de twee honden overleden was. Ze was er behoorlijk stuk van.

Zoveel vreugde als dieren je kunnen geven, ook het verdriet van hun sterven kan intens zijn.

Staartloze vis

Een tijdje geleden hebben we een paar van onze vissen weggegeven.
De kennis had twee dode vissen in zijn vijver en vond 2 (gezonde) vissen in zijn vijver wel wat schraal, hij wilde na een tijdje wel weer iets “levends” erbij.
Aangezien wij te veel vissen in onze 2500 liter vijver hebben (ze worden er geboren!)
Kreeg hij 4 van onze vissen. Geen speciale, dat is een heel gedoe om juist DIE te vangen.
Welke ik in mijn netje krijg, die gaan “elders wonen
Een rode, een oranje, een zwarte die nog rood moest worden en eentje met licht geel gingen verhuizen.

Af en toe vragen we aan de kennis hoe het met onze vissen gaat.
Dit keer had hij een heel apart verhaal.
Niet over onze vissen, maar over één van de vissen die hij nog over had.
Op een dag zag hij de vis met zijn kop naar beneden en zijn staart………….
Niet de lucht in, maar weg.
Geen staart meer, een heel klein stompje waar ooit de staart zat.
Hij bleef kijken, het leek alsof de vis zijn richtingsgevoel kwijt was, hij zwom vreemd.
Tot na een aantal dagen, toen zwom hij weer redelijk “gewoon” maar wel zonder staart die, zo vertelde hij ons, best groot was geweest.

Reiger of aalscholver was het eerste wat in me opkwam, maar die mogelijkheid was praktisch uitgesloten, aangezien er ALTIJD een net over die vijver zit

vijvervissen
vissen nog mét staart

Een heel bijzonder verhaal dat, ben ik bang, nooit zal prijsgeven wat er nou werkelijk met DIE vis gebeurd is.