Een ochtend met een zwaar gevoel

Vannacht heb ik “gedroomd” dat een bepaald persoon zou sterven.
Ik word vroeg en met een “zwaar gemoed” wakker.
Ook al wil ik dat wel, het “gevoel” ebt niet weg.
Ik doe boodschappen, fiets door de polder, pluk een bos wilde bloemen, maar het gevoel blijft.
Na de koffie gaan we de natuur in.
We stappen in de auto, ik vraag niet eens waar we naar toe gaan. Mijn lief rijdt en stopt bij een bos in de Lage Vuursche  (gem.Baarn)
We lopen zonder te spreken.

Ik kan het gevoel niet van me afschudden.
In een bepaalde stemming ben je ontvankelijker voor dingen die passen bij die bui: ik zie vooral dode bomen en doodhout (Ook die kunnen “mooi” in hun vergankelijkheid zijn)


Gelukkig zie ik ook een koolwitje, heel veel bloeiende bramen en veel rose/wit vingerhoedskruid.
We zien een meertje onder bomen: het water lijkt wel inkt, zo zwart, het spiegelt
meertje.3In mijn hoofd  komt de titel van een boek van Frederik van Eeden boven drijven:
Van de koelen meren des doods.
Mijn lief wéét hoe dit water is ontstaan: Aan het eind van de oorlog waren hier Canadezen gelegerd, toen ze vertrokken hebben ze al hun explosieven hier tot ontploffing gebracht. *)

verdelgen
Als we terug bij de auto zijn, zien we een processierupsenkar met 2 werknemers aan het werk.
De een heeft een gesloten pak aan en een bril en glazen schermpje voor en lacht vriendelijk; ze gaat in de hoogwerker zitten en wordt door haar collega omhoog gebracht vlakbij het rupsennest.
Er wordt een buis naar  het nest toe gebracht die het nest opslurpt; wéér een nest minder.

In plaats van in de auto te stappen stelt mijn lief voor op een nabijgelegen terrasje iets te drinken: een puik plan!
We lopen erheen.
Dáár op dat terrasje ebt mijn “zware “gevoel een beetje weg, genieten we van koffie en
biertje.


Een hond brengt zijn felgroene discus bij me. Ik gooi weg. Niet ver genoeg naar zijn zin, hij komt niet naar me terug.

We rijden naar huis. De ochtend is voorbij.
De middag is begonnen.

 


*) thuis zie ik op internet dat ook de Duitsers munitiedepots in dat bos hadden. In een rapport ”Vooronderzoek conventionele explosieven A 1 en A 27 “gedateerd 8 mei 2012 lees ik dat daar “heden ten dage” nog steeds munitie gevonden wordt!