Groentesoort?

De aardappel, oorspronkelijk afkomstig uit Zuid Amerika (de Inca’s verbouwden ze al in de 2e eeuw van onze jaartelling) werd in Nederland in 1727 erkend als eetbare groente (alleen in Nederland en België is de aardappel NU een aparte productgroep, in alle andere landen wordt hij gezien als groente)

Vóór de tijd dat de aardappel in Nederland zijn intreden deed at men hier voornamelijk pap/brij van graansoorten (zo’n 5300 jaar vóór onze jaartelling ontstonden in Limburg de eerste vormen van landbouw) bonen, knollen en erwten met spek.
Pas vanaf de 18e eeuw werd de aardappel in Nederland volksvoedsel.

Vroeger thuis aten we altijd BINTJES, ze werden gebracht door de “aardappelboer” en in de kelder gegooid. Dit aardappelras was “gemaakt” door kruising van de rassen Munstersen met Fransen door de Friese onderwijzer en aardappelkweker Kornelis Lieuwes de Vries uit  Suameer (nu behorend tot de gem. Tietjerksteradeel) en door hem in 1905 vernoemd naar de toen 17-jarige Bintje Jansma (hij vernoemde nieuwe aardappelrassen vaak naar zijn leerlingen)

Bintjes zie je niet veel meer, het is een ziektegevoelig ras en werd daarvoor “behandeld” met (giftige) bestrijdingsmiddelen. Milieuorganisaties zoals Stichting Natuur en Milieu en Milieudefensie noemde het een “gifpieper” en adviseerden supermarkten deze aardappel “stapsgewijs” uit hun supermarkten te weren. In 2000 besloot Albert Heijn  bintjes uit de schappen te schrappen, andere supermarkten en ook fabrikanten van patat frites  volgden en weerden BINTJES.

Overigens heeft de aardappel al sowieso al ”moeilijke tijden” gehad doordat verschillende bekende (koolhydraatarme) diëten de aardappel in de ban deden; het zouden ”dikmakers” zijn.


In 1885 schilderde Vincent van Gogh in Nuenen het schilderij “de Aardappeleters”



Er zijn vroege en late soorten :

Een Frieslander (ook prima voor patat)  is bv een vroege soort (verkrijgbaar van juni tot januari*) ook de Doré (hutspot en puree)  is een (zeer) vroeg soort aardappel.
Deze 2 soorten hebben allebei een groeitijd van tussen de 90 en 100 dagen

Late rassen worden ook wel winteraardappelen genoemd (geoogst in sept/okt en verkrijgbaar midden sept. tot half juni) zijn oa. Bildtstar (genoemd naar de Friese gem. Het Bildt)  rode schil en vastkokend en de kruimige  Irene, vaak gebruikt voor winterstampotten.( wie deze aardappel haar naam gegeven en waarom “Irene” heb ik niet kunnen achterhalen)

Tot slot nog een  bewaaradvies én een kooktip:

Aardappelen  kun je 1 tot 3 weken bewaren bij een temperatuur van 8-12°C.
Bewaar ze op een droge, donkere en goed geventileerde plaats en stop ze niet in een plastic zak, want aardappelen moeten kunnen ademen.

Kook de aardappelen nóóit in te veel water, de smaak gaat dan in het water zitten en dat gooi je af!






*)Tegenwoordig zijn de meeste aardappelsoorten het hele jaar verkrijgbaar, gerooid, opgeslagen in schuren, maar verser dan vers is lekkerder!

“Rook”bordjes

Eerst lagen pakjes sigaretten bij de supermarkten gewoon in het schap en kon je ze als klant pakken, later kon het nog maar alleen bij een paar kassa’s, daarna alleen bij de servicebalie  en uiteindelijk gingen ze volledig uit het zicht. De volgende stap van supermarkten is om de verkoop te stoppen. Winkelketen Lidl heeft, als eerste supermarkt, officieel aangekondigd uiterlijk 2022 te stoppen met de verkoop van sigaretten.

Het wordt rokers steeds moeilijker gemaakt om nog “ergens”, behalve thuis, een sigaret op te steken.
Sinds oktober 2014 is de horeca volledig rookvrij en mag er alleen nog maar op het terras gerookt worden (sindsdien worden terrassen [voor Coronatijd] ook met slecht weer bezet )
In 2019 was er een uitspraak van de Hoge Raad omtrent “rookruimtes in horecagelegenheden” dat werd NIET meer toegestaan (geen vol rook staande ruimten, waar je niet eens een sigaret op hoefde te steken, maar gewoon de rook kon inademen)

Eigenlijk zijn we als samenleving al behoorlijk gewend aan een samenleving waarin “bijna” niet meer gerookt wordt. Hoe kom ik er nu dan zo “opeens” op?

  • In de vrije natuur waarin wij veel lopen zag ik onlangs ( in een bos in ’t Gooi) een bord staan dat ik nog nooit eerder had gezien.
  • Bij de school, vlakbij ons huis staat een “rookvrij” bord
  • en ook in het park waarin we vaak lopen staat een “rookvrij” bord.

    Waren we “bijna” vergeten dat er ooit VEEL gerookt werden, nu hangen ze weer borden op waardoor we er weer aan denken.
    Zouden die borden nog nodig zijn?

    Uit een onderzoek, dat werd gepubliceerd in het  Journal of the American Heart Association
    is gebleken dat rokers  drie keer  meer kans op vroegtijdig overlijden aan de gevolgen van hart- en vaatziekten lopen dan mensen die nooit hebben gerookt. Reden genoeg om een campagne tegen het roken te voeren.
    De prijs van een pakje shag of sigaretten is sinds juli 2000 meer dan drie keer zo duur geworden (blijkt uit cijfers van het CBS)

Dié maatregel én vele anderen hebben effect gehad. Veel volwassenen zijn de laatste jaren gestopt. Maar van de jonge mensen rookt volgens het Trimbos-instituut (landelijk Nederlands kennisinstituut voor geestelijke gezondheids-, verslavings- en maatschappelijke zorg) één op de drie. Zorgelijk.

Zelf let ik niet (meer) op sigaretten sinds ik in 2006 zelf gestopt ben met roken ( ze zien is ook moeilijk, want ze mogen niet meer in het zicht liggen) maar het schijnt dat alle sigarettenpakjes per 1 oktober van dit jaar dezelfde donkergroen/bruine kleur hebben.
Voor sigaren en e-sigaretten worden ook regels opgesteld voor een standaardverpakking per 2022.

Dit is allemaal in Nederland, maar hoe staat het in het buitenland?


Rookfeitjes:


* Uit een enquête onder duizend Nieuw-Zeelanders blijkt dat men een partner die rookt minder aantrekkelijk vindt dan een partner met een strafblad

*: In Australië  zijn e-sigaretten vanaf okt 2020  alléén op doktersvoorschrift verkrijgbaar.

* Uit een enquête van antirook-organisatie Action on Smoking and Health (ASH) is gebleken dat een miljoen Britten zijn gestopt met roken door de Coronacrisis

*  Mensen die in de buurt van natuur wonen, hebben eerder de neiging met hun gezondheid bezig te zijn en zijn minder snel geneigd te roken wijst onderzoek (gehouden onder 8.000 volwassenen) van de University of Plymouth (gepubliceerd in Sociale Science & Medicine) uit.

Statiegeld

Statiegeld is  hier niet wettelijk geregeld. In het Verpakkingenbesluit is een paragraaf opgenomen over statiegeld; deze paragraaf is echter nooit in werking gezet.
Op 1 januari 2008 is, in Nederland, de verpakkingenbelasting ingevoerd; dat betekende dat bedrijven die verpakkingen of verpakte producten voor de eerste keer op de Nederlandse markt brachten een indirecte belasting moesten  betalen. Deze belasting is vervolgens op 1 januari 2013 weer ingetrokken (vervangen door een systeem van verplichte afvalbeheersbijdragen*)

In Nederland gaan er jaarlijks zo’n 1,5 miljard PET-flessen over de toonbank (wereldwijd  werden er in 2017 één miljoen plastic flesjes per minuut verkocht)

Plastic flesjes en blikjes zijn verantwoordelijk voor ongeveer 40% van het volume van het zwerfafval
De Nederlandse regering vindt dit óók verontrustend en wil er wat aan doen: In maart 2018 meldde ze dat het zwerfafval 70 tot 90% verminderd moest worden, daartoe kreeg het bedrijfsleven twee jaar de tijd,  als dat NIET gaat lukken, komt er vanaf 2021 statiegeld op kleine flesjes.

Mij klinkt dat positief in de oren: niet gehaald? Volgend jaar statiegeld! Dan gaat de plasticafvalberg ongetwijfeld met een deel verminderen; als mensen geld voor teruggave krijgen gooien ze minder “zomaar” weg.
Helaas, in een artikel van het  Recyclingnetwerk staat, dat in 2002 het bedrijfsleven de flesjes en blikjes in het zwerfafval  (toen in 3 jaar tijd) met 80% zou verminderen  en als dát niet zou lukken zou statiegeld voor blikjes en flesjes worden ingevoerd.
Dié doelstelling is nooit gehaald, maar het statiegeld werd niet ingevoerd.
Dat geeft te denken. Zou het 16 jaar later wél gaan lukken?

Ik las dat bij  Coca Cola Nederland 50% van hun 1,5 literflessen uit gerecycled materiaal  bestaat, materiaal dat grotendeels afkomstig  is van statiegeldflessen

Ik vond op internet een staatje waar goed op te zien is hoe een fles in het statiegeldcircuit “rond” gaat. De klant staat quitte als hij een fles koopt,
€ 0,25 statiegeld betaalt en het flesje terugbrengt en weer € 0,25 terug krijgt.
De supermarkt staat quitte als ze € 0,25 cent aan de drankfabrikant betaalt en € 0,25 weer terugkrijgt bij het inleveren van de flessen.
Maar waar zit dan de winst van het  recyclebedrijf? Ik kon dit niet ontdekken!

De supermarkt had vroeger een loketje waar je de flessen aan een mens kon inleveren. Tegenwoordig zijn het  allemaal machines die je flessen “inslikken” en zelfs kratten naar binnenslurpen.  Zowel het personeel als de machine zijn een kostenpost voor de supermarkt.  Zo’n flesinnamemachine kost ongeveer € 13.000 euro heb ik me laten vertellen en dáár komen dan nog de onderhoudskosten bij.**)

Wij, in Nederland, zijn gewend aan statiegeld (uit onderzoek blijkt dat zo’n 80% van de Nederlandse bevolking positief tegenover statiegeld staat) en kunnen een fles terugbrengen bij elke supermarkt die dat merk verkoopt. Ik herinner me van vakanties in Frankrijk dat je bij de supermarkt een bonnetje van statiegeld meekreeg als je een fles fris kocht en alléén bij dié winkel met dát bonnetje statiegeld terug kon krijgen.

Dat was TOEN, NU is de productie en vervuiling van plastic zó sterk toegenomen dat 50 tot 80 procent van het afval in zee bestaat uit plastics (die voornamelijk van het land komen).
En niet alleen in de zee vormt plastic een probleem, ook op het land. Het Nederlandse zwerfafvalbeleid kost ieder jaar ongeveer 250 miljoen euro  (dat is € 15,10 jaarlijks per inwoner).

Laten we hopen dat de Nederlandse Regering doorpakt en we, als de doelstelling tot vermindering van het zwerfafval met 70 tot 90% NIET gehaald wordt, ook statiegeld op kleine flesjes ingevoerd wordt!

Alle kleine beetjes helpen ( zei het muisje en plaste in de Rijn)



*) De hoogte van de Afvalbeheersbijdrage Verpakkingen is afhankelijk van het materiaal en de soort. Voor verpakkingen die meerdere keren te gebruiken zijn,  wordt maar één keer een bijdrage geheven. In de verpakkingencatalogus van het Afvalfonds kan een bedrijf opzoeken of het voor háár product een bijdrage moet betalen.

**)Er zijn óók supermarkten waar je, op de flesseninnamemachine, kunt kiezen of je het statiegeld wil ontvangen of doneert aan een goed doel.









Mondkapjesadvies

Net terug uit de Achterhoek waar, in openbare ruimtes, supermarkten, warenhuizen etc. mensen mondkapjes dragen, bijna allemaal. Op terrassen (ja we hadden óók wel eens terrasweer) had het personeel mondkapjes voor, kwamen ze met een kort vragenlijstje en moest je je emailadres invullen. In een restaurantje, personeel mondkapjes, de tafeltjes ver uit elkaar, en een strookje met 3 vragen mét pen op ieder tafeltje. (die pen bleef wel liggen na gebruik)

Nu terug in [aan] (de rand van de) Randstad. Vanmorgen bij de supermarkt in de rij, 5 mensen voor me, 2 met mondkapje (cassiére ook).

Daarna had ik een afspraak met de mondhygiëniste. Receptioniste achter een scherm, tafel met stoelen voor wachtenden weggehaald, 4 stoelen voor 4 wachtenden op flinke afstand.
Desinfecteer-handen-paal-ding met paars lichtje om je handen onder te houden mét briefje erop om NIET het apparaat zélf aan te raken.
Ik heb 3 mensen het zien doen en allemaal (ook ikzelf) hadden moeite met het ding AAN te krijgen. Handen eronder laag, handen hoog, maar géén psst-straaltje.
De “truc” bleek het bewegen onder de straal te zijn (luie straal kennelijk)
Eén van de 3 mensen die NA mij kwam, hield WEL het apparaat vast toen het ding het NIET deed.
O jee, foei!

Je kunt weinig met een mondhygiëniste praten als je met je mond open zitten moet.
“Mijn” mondhygiëniste (altijd al een mondkapje voor) en ik praten héél even vóór zij begint en ik mijn mond open moet doen. Ik vertelde dat ik weggooimondkapjes gebruikte, maar nu toch van plan was zo’n stoffen te kopen.

Nu legt ze even haar, net opgepakte, martelwerktuig neer en zegt gepassioneerd “NIET DOEN, die stoffen dingen kopen, het COVID virus kan er makkelijk doorheen”.
Dan krijg ik een metafoor voorgeschoteld die zéér DUIDELIJK maakt wat ze bedoelt: “Stel je wil geen insecten door je open raam en je zet er een hor voor van kippengaas, denk je dat dat werkt?”
Ze wacht mijn antwoord niet af “Natuurlijk niet, zo is dat met zo’n stoffen mondkapje ook”

Ik besluit daar: ik ga geen stoffen mondkapje kopen.
Denk ik.

Thuis ga ik op internet zoeken wat “zou kunnen werken” en wat niet.
RIVM geeft “gebruiksaanwijzing” hoe je een mondkapje zelf kan maken, dat kan van theedoeken of laken stof bijvoorbeeld! Meteen zie ik in gedachten muggen en vliegen door het kippengaas naar binnen vliegen! Het RIVM geeft instructie voor een mondkapje van stof, nergens wordt gesproken over een filter.(MET filter zou ik nog kunnen bedenken dat het (een beetje meer) werkt.)
Door internet kom ik niet verder wat GOED of NIET GOED werkt

Ik laat mijn (nu nog) gezonde verstand (met behulp van advies mondhygiëniste) maar werken; ik blijf weggooimondkapjes gebruiken en kijk misschien later naar zo’n stoffen ding waar een filter in kan en stof dat ik wassen kan.
Misschien

Veranderende tijden

In onze supermarkt zie ik sinds de Coronacrisis een ander specimen van het mensensoort: ze zijn jong ,doelgericht en de meeste zijn van het mannelijke geslacht inmiddels weet ik wat het zijn: orderpickers! (Misschien waren ze al eerder, maar niet in zulke getalen)

Ze duwen boodschappenkarretjes voort met daarin kratjes en ze hebben een soort scanner in hun hand en roepen dingen naar elkaar als : “Weet jij waar D 1405 staat?”

kratje met

Ze maken, weet ik nu, online- bestellingen klaar.
Er zijn supermarkten die dat rechtstreeks vanuit hun magazijn laten doen, MIJN supermarkt niet.

Hier in de straat komen ook vaak bestelautootjes van een supermarkt die kratjes boodschappen bij de mensen thuis brengen. Uit zeer welingelichte bron, hoorde ik dat zowel orderpickers als chauffeurs voor die busjes HARD nodig zijn.
Vooral als eerdaags de middelbare scholen weer beginnen, zullen sommige “studenten”  afhaken en minder genegen zijn om bij te klussen.

Hoewel ik NIET van boodschappendoen houd, zal ik toch niet gauw mijn voedsel online bestellen.
Ik kom, al winkelend, graag op “menu-ideeën” en zie ook, door de zaak lopend, dingen die ik “vast” meeneem voor een later tijdstip (als ik géén zin/tijd  in/voor winkelen heb)

Zelf denk ik dat ook als deze Coronacrisis voorbij is, behoorlijk wat mensen boodschappen online blijven bestellen (gewenning, lekker makkelijk, tijdbesparend)
Net zoals veel bedrijven hun medewerkers zullen laten thuiswerken (of in ieder geval een aantal dagen per week) omdat het bewezen is dat het zó ook werkt én omdat er dan minder kantoren, (méér flexplekken gecreëerd) kantines, parkeerplaatsen en schoonmaakpersoneel nodig zullen zijn (besparing van geld)

koffieautSommige aspecten daarvan zijn prettig zoals minder reistijd en minder milieuvervuiling, maar ik denk dat veel werkgevers onderschatten dat de onderlinge samenhang van personeel essentieel is voor het goed laten lopen van een business. Die onderlinge samenhang is moeilijk als je elkaar alleen online spreekt en niet meer “even” bij  het koffiezetapparaat, in de kantine, of zomaar een praatje in het voorbijlopen.
Daardoor “weet”je dingen van elkaar, probleempjes in de werksfeer kunnen in de kiem worden gesmoord, uitgesproken, ideetjes kunnen worden uitgewisseld, hulp aangeboden, allemaal in de informele sfeer. Daar hoeft geen mail voor worden verzonden!
We zullen zien hoe dit op de lange duur gaat uitpakken. 

In de kranten lezen we dat er steeds meer ontslagen, door de economische crisis, plaatsvinden en nog zullen plaatsvinden.
Misschien zien we over een tijdje ook oudere orderpickers in de supermarkt!

Coronatijd in een grote stad

Wij komen nu, in Coronatijd, niet in steden, daar wonen mensen dicht op elkaar en het is, als het niet persé hoeft, niet nodig daar nog meer mensen aan toe te voegen (1x om mensen weg te brengen, dan hoefden ze niet met OV, maar we zijn dáár niet de auto uit geweest)
Ons  eigen dorp heeft momenteel iets meer dan 10.000 inwoners, en dat verdeeld over 3 woonkernen.

Gisteren spraken we iemand die in een (Nederlandse)  stad woont met meer dan 820.000 mensen, dat is dan een totaal andere beleving in deze Coronatijd.

In heel Nederland moet je in het Openbaar Vervoer een mondkapje voor
Gelukkig ben ik niet afhankelijk van OV, dus ik ben er de laatste maanden NIET in geweest.  Wel zie ik hier af en toe (bijna lege) bussen voorbij rijden. De mensen DIE erin zitten hebben allemaal een mondkapje voor en ook als ik langs bushaltes fiets hebben de meeste wachtende mensen al een mondkapje voor in afwachting van het instappen.

amsterdamIn het OV in onze hoofdstad heeft ook (bijna) iedereen een mondkapje voor (anders kom je het OV niet in) maar zodra ze in de tram, bus of trein zitten, schuiven ze dat naar beneden vertelde iemand ons.
Niet iedereen “pikt” een medepassagier  zonder mond/neuskapje

Het gaat om hun, maar ook om JOUW veiligheid! Daarom is deze maatregel dan ook ingesteld
Gisteren hoorde we dat iemand er tegen de conductrice in de tram wat van gezegd had:
” Er zitten mensen met hun mondkapje af in de tram, kunt u er wat van zeggen?”
En wat denkt u dat deze OV-functionaris zegt?
“Dat heeft toch geen zin!”
Er werd wél nog even wat terug gezegd, maar ook dat had geen effect; de OV-dame had duidelijk geen in de confrontatie aan te gaan.

Ook in de trein zaten mensen met hun mondkapje af, ook dáár zei iemand wat van en ook dat had NIET het effect dat de kapjes weer op gingen. Het nut van mondkapjes wordt kennelijk niet door iedereen ingezien. Wees sociaal voor je medepassagiers en draag het wél.

spanje portugalVanmorgen sprak ik een Nederlander die in Portugal woont en nu hier op familiebezoek is. Bij hem (Portugal)  waren de maatregelen mild, zei hij (hij kon “gewoon met zijn campertje door Portugal naar Nederland rijden) Maar in Portugal waren behalve de supermarkten en de apotheken alle winkels dicht! Geen mogelijkheid om kleding of wat dan ook te kopen, alleen de supermarkten open, waar in het begin enorm gehamsterd werd en bijvoorbeeld géén vlees meer te krijgen was!
Uit Spanje kreeg ik een appje dat er daar naar bepaalde gebieden nog NIET gereisd mag worden.

baliEen gestrand kennisje op Bali mocht nu weer terug naar Nederland, maar moest vóór ze het vliegtuig inging wel getest worden en ZEKER geen Corona onder de leden hebben.
Zelf had ze besloten, eenmaal thuis, minimaal een week in quarantaine te blijven (ze weet niet wat er IN het vliegtuig gebeurd zou kunnen zijn)

gb Zelf willen we graag naar familie in Engeland en sinds kort MAG dat ook weer en hoeven we niet eerst 2 weken in quarantaine daar, wat eerst WEL moest. Maar of we het ook daadwerkelijk gaan doen? We wachten nog even af.

 

W.c.rollen schaarste

w.c.rol

In de supermarkten hele schappen leeg; geen w.c.-papier meer.
Wat bezielt de mensen om juist dát artikel te gaan hamsteren?
Straks zijn mijn blikken doperwtjes op, maar wat geeft het, als ik mijn billen maar kan afvegen? Zoiets?
Ik snap er helemaal niets van.
Mensen schijnen méér dan de kostprijs voor een rol w.c. papier te willen betalen (ik las op internet € 500,- (maar dat geloof ik niet)
Wie ik wél geloof is expert consumentengedrag  Roham Miller (University of Sidney): We zijn niet gewend aan tekorten en schaarste. We zijn gewend om te kopen wát we willen en wanneer we dat willen. De run op toiletpapier is een voorbeeld van kuddegedrag om die luxe te behouden.’

De Amsterdamse hoogleraar gedragsbeïnvloeding Frenk van Harreveld verwoordt het zo:“ Door onze kar vol te laden willen we controle krijgen over de thuissituatie. Laat dat virus maar woekeren, met mijn voorraadkast vol rijst en pasta zingen wij het wel uit, is de gedachte. Maar daarnaast speelt ook de zogenaamde descriptieve norm een rol.
We zien de lege schappen die de hamsterende medemens heeft achtergelaten, dus denken we: hamsteren zal wel verstandig zijn, laat ik ook wat extra pakken wc-papier nemen. Terwijl we óók weten dat juist daardoor de schappen leeg raken.

Dat laatste werkt zo, weet ik uit ervaring.  Toen ik van de week boodschappen ging doen lag er op een dag 1 pak met 4 rollen w.c. papier in het schap. Tot mijn latere schaamte kocht ik het pak, precies (op dát moment)  om de reden die van Harreveld schetste. Het werkt dus kennelijk zo!

Ik  las over gerecycled w.c. papier, over w.c. papier op de zwarte markt, wc-papier op Marktplaats én over de methode die zeelui vroeger gebruikt schijnen te hebben om je billen af te vegen met een oud touw of  ankerlijn gedrenkt in zout water.
Romeinen
in vroegere dagen gebruikten een spons op een stok en Amerikaanse kolonisten gebruikten vroeger het binnenste van maiskolven.

We moeten in deze crisis inventief worden. Oude kranten? Verzin eens iets nieuws!
En als je het écht niet meer weet, dat idee van dat touw met zout water lijkt me moeilijk als je niet aan zee woont en wáár haal je in deze tijd maiskolven vandaan? (En wat doe je er mee vóór  de maiskolven gebruiksklaar zijn voor je billen?)
Zelf geen ideeën? En lees je de krant op je e-reader? Dan lijkt me een spons op een stok de enige bruikbare (niet erg hygiënische) oplossing.

*)  bron Volkskrant

Oranjebloesemwater

wporanjebloesem
Koken is niet mijn ding. Gelukkig heb ik een partner die het wél leuk vindt en het frequent doet, zeker als we eters krijgen. Hij kookt, ik ben dan “facilitair bezig”, dat wil zeggen dat al het benodigde keukengerei er is, dat de ingrediënten gekocht worden en dat de tafel, op het moment van opdienen, gedekt staat. Meestal is dat “facilitair” bezig zijn een makkie; de meeste kookspullen hebben we al en de ingrediënten zijn meestal makkelijk verkrijgbaar. Een enkele keer springt er iets uit dat NIET zo makkelijk verkrijgbaar is. Oranjebloesemwater was dat deze keer.

Dus toog ik naar de supermarkt voor deze boodschap. Ik vroeg het maar meteen bij binnenkomst in de winkel. Het meisje liet het me drie keer herhalen en  ging  het toen vragen. Ze vroeg het aan de slager. Hij kende het niet, maar liep meteen naar een computer en leerde het meisje hoe ze dat zelf op de computer kon doen. Na een tijdje en hoofdschudden van beiden kwam ze bij me terug: Neen, ze verkochten het niet. Ik fietste meteen door naar een andere supermarkt, ook daar vroeg ik het meteen aan de eerste winkelpersoon die ik tegenkwam. Hij keek me strak aan en zei: “Hebben we niet”. Of hij wist ECHT alle artikelen in de winkel uit zijn hoofd óf hij dacht dat hij in de maling genomen werd en ging daar niet in mee.

Volgende dag, volgende ronde, nieuwe kansen. Ander dorp, andere winkels. Ook daar wist niemand wat het was en verkocht het dus ook niet. Vandaag is de dag dat het stoofpotje gekookt moet worden. Ik sta vroeg op en fiets naar wéér een andere supermarkt in een naburig dorp. Ik stap op een winkelpersoon af en stel mijn vraag. Deze jongeman lacht er vriendelijk bij “Wij hebben het niet ik koop het zelf altijd bij de Turk.”Ik ben zo blij dat iemand het KENT en vraag meteen hoe dat komt. ”Ik bak veel en dan heb je dat nodig”. Ik bedank hem en ga op weg naar een Turkse winkel. Een oudere man is kratten naar buiten aan het brengen. Ik vraag hem of hij Oranjebloesemwater heeft. Hij blijkt zeer weinig Nederlands te spreken, maakt een uitnodigend gebaar naar binnen; ik mag zelf kijken. Op een schap staan vele flesjes en wonder boven wonder vind ik een flesje met Arabische lettertekens maar ook met oranjebloesemwater erop. Ik loop er blij mee naar de kassa. De Turkse meneer kijkt me vriendelijk aan en zegt: Hoeveel? Ik heb echt geen idee, er staan geen prijsje op de schappen en ook mijn flesje heeft geen prijs. De man is alleen in de winkel. Zou het “geen prijs hebben” me kunnen weerhouden van het kopen, net nu ik het gevonden heb op De kookdag??? Ik bekijk alle flesjes en keer ze om, op één staat een bijna onleesbaar prijsje. Bijna onzichtbaar, vaag is € 1,25 te zien. Ik laat het hem zien en gelukkig heb ik het afgepast in mijn portemonnee. Hij legt het geld op de hoek van de toonbank en gaat weer verder met zijn kratten tillen. En weer verlaat een tevreden klant het pand*)

*) Uit een conference van Herman Finkers