Diesel- en benzineprijzen

Als je bij benzinepompen naar de prijzen kijkt valt het op dat diesel nu duurder is dan benzine, dat was nooit zo. Ik vroeg me af waarom dat zo is.
Ik las dat op 16 september jl. de eerste dag was dat diesel duurder was dan benzine (Ooit was diesel zo’n 30 cent per liter goedkoper dan benzine!)
Komen deze hoge prijzen door de oorlog in de Oekraïne; dus door de Russen?
Wat ik ervan begrijp grotendeels wel, maar er is méér.

Diesel was goedkoper o.a. door de lagere accijns (de accijns op diesel is nóg steeds lager dan die op benzine)

Wat ook zo is dat, bij het voortschrijden van de tijd, men zich steeds meer bewust wordt van het feit dat de uitstoot slecht is voor mens en milieu (denk aan 2015 Dieselgate: autofabrikanten die gunstigere verbruiks- en uitstootcijfers opgaven dan in praktijk haalbaar was)

Benzine- én dieselmotoren beide stoten schadelijke stoffen uit. Maar, zo las ik op de site van de ANWB, een dieselauto is veel vervuilender dan een benzineauto.
Al 15 Nederlandse gemeenten hebben momenteel een milieuzone voor dieselvrachtauto’s! (Amsterdam, Den Haag, Eindhoven en Utrecht hebben óók een milieuzone voor autobussen)

In Nederland rijdt 11,1% van de personenauto’s op diesel, 79,5% op benzine ( cijfers per 1.1.2022- CBS). [Op de site van de BOVAG las ik dat het aantal personenauto’s dat op LPG rijdt maar 1% van alle auto’s bedraagt.]

Vrijwel al het vrachtverkeer, van koeriersbusje tot zwaar transport rijdt op diesel.
Waarom is die diesel nu duurder dan de benzine?

We maken in Europa minder diesel (in raffinaderijen) dan we zelf gebruiken.[Een alternatief als biodiesel biedt geen oplossing omdat dit  niet voor alle dieselrijders geschikt is.[ Bron ANWB] We hebben en hadden dus altijd een dieselimport nodig!  
Vanuit Rusland haalden we dagelijks letterlijk miljoenen liters kant-en-klare diesel. Dát is nu weggevallen.

Het alternatief voor de Russische import ( lees: dan import uit Amerika) is een stuk duurder, het komt van verder en is lastiger om deze kant op te krijgen ook is de verwachting is dat de Amerikanen hun prijs zullen aanpassen aan de vraag ( dus duurder worden)

Er is nog een reden waarom diesel duurder is geworden: het toegelaten zwavelgehalte : er moet ontzwaveld worden. Bij diesel moeten er meer stappen worden genomen om de brandstof te ontzwavelen én  zijn de stappen moeilijker omdat diesel méér zwavel dan benzine bevat. De grondstoffen om hier diesel te maken zijn duurder geworden én diesel vraagt meer van deze grondstoffen dan benzine, dus is diesel duurder dan benzine geworden.

Stolpersteine.

Op 4 mei van dit jaar blogde ik over Laren en herdenkingsbordjes met de namen, sterfdata en overlijdensplekken van de slachtoffers van de Tweede Wereld Oorlog erop. Deze bordjes zullen ieder jaar omstreeks 4 mei in Laren worden opgehangen.
Er zijn echter ook constantere reminders gemaakt en geplaatst in Nederland, maar ook in andere Europese landen. Door een Duitse kunstenaar gemaakt.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog stond de vader van Gunter Demnig aan de kant van de nazi’s. Toen Gunter (zelf na de oorlog geboren) daar (jaren later) achter kwam heeft hij 5 jaar het contact met zijn vader verbroken.
Gunter werd kunstenaar en wilde “iets” doen om de mensen NU en in de toekomst de slachtoffers van de Holocaust niet te laten vergeten.
In 1990 begon hij een actie om de gedeporteerde en omgekomen Sinti en Roma *)(1940) uit Keulen niet in de vergetelheid te laten raken.

Dat resulteerde in het plaatsen van een steen met een koperen plaatje voor het stadhuis van zijn woonplaats Keulen.
Op dat plaatje zijn de eerste regels van het bevel van Himmler te lezen (Auf Befehl des Reichsfuehrers-SS vom 16.12.1942……)

In 1992 begon hij met het ontwerpen van Stolpersteine, in Nederland struikelstenen genoemd.
De stenen zijn 10 x 10 cm met een messing plaat erop met maar één naam.
Een struikelsteen wordt gelegd in een stoep vóór de laatste woning (of onderduikadres) van een slachtoffer van het Nationaal Socialistenregime, die tijdens de Tweede Wereld Oorlog werd vermoord. Op de steen staat de naam, geboortedatum, deportatiedatum én de plaats en datum waarop die persoon werd vermoord.

Gunter wil maar één naam per steen als tegenwicht voor de nationaalsocialisten die van de mensen nummers wilden maken en ze beroofden  van hun individualiteit.

Soms wil men echter ook groepen herdenken, dáár heeft Gunter Stolperschwellen voor ontworpen: struikeldrempels (formaat 100 x 10cm)

Een Stolpersteine is een steen die uitnodigt om even stil te staan bij wie hier herdacht wordt. Gunter zelf  haalt hierbij een scholier aan die opmerkte: ” Bij een Stolpersteine struikel je met je hoofd én met je hart”.

De stenen worden met de hand gemaakt en ook de tekst wordt er met de hand in geslagen

Sinds 2021  is er een Stolpersteine-werkplaats (de eerste) buiten Duitsland geopend. Iemand (Alexander Stukenberg) werd door Gunter opgeleid en kan nu ook de stenen maken. Er is een werkstation opgezet, het Goethe-Institut (Amsterdam)  heeft daarvoor ruimte  in haar tuin ter beschikking gesteld.

Omwonenden (waar de stenen liggen) en vrijwilligers onderhouden de stenen en maken ze schoon, in ieder geval op 27 januari als de Internationale dag ter herdenking van de slachtoffers van de Holocaust (Holocaust Memorial Day) plaatsvindt.

Ik las dat er inmiddels zo’n 90.000 struikelstenen in 26 Europese landen zijn geplaatst. Na Duitsland is Nederland het land met de meeste Stolpersteinen.( De eerste struikelsteen in Nederland werd in 2007 in Borne (Ov) gelegd)

Niet iedereen vindt de Stolpersteinen een goed initiatief  de voorzitter van de Joodse gemeenschap van München (hoofdstad van Beieren) en Oberbayern vindt het onverdraaglijk dat de namen van vermoorde Joden te lezen zijn op plaquettes in de grond, waar ze met voeten betreden worden.

Daarom zijn er, tot op heden geen Stolpersteinen in München geplaatst (Dáár worden deze slachtoffers op een andere manier herdacht, oa. met gedenkplaten op de muren van de huizen waar zij het laatst hebben gewoond)

 Gunter  Demnig: “Een mens is pas vergeten als zijn of haar naam vergeten is”


*)Nomadische volkeren

Aids wereldwijd

Deze week kreeg ik “Red Ribbon” in de brievenbus, een uitgave van het Aidsfonds.
Slim van ze, want digitaal lees ik hoogstens “iets” terwijl de papieren uitgave door mij veel uitgebreider bekeken wordt ( het ligt voor je, ik hoef er niets voor te openen, het papier staart me aan)

Eerst wat feiten:

Wereldwijd:

Aantal mensen met HIV: 38,4 miljoen
Aantal nieuwe infecties in 2021: 1,5 miljoen
Overlijdens door de gevolgen van aids in 2021: 650.000

In Nederland leven er ( naar schatting) 24.000 mensen met HIV waarvan er zo’n 12 per jaar sterven
Mensen met hiv op behandeling in 2020:  21.155
Nieuwe gevonden infecties in 2020: 411

Dan een heuglijk feit: Er is nu een HIV medicijn, namelijk een siroop, voor kinderen van 3 tot 20 kilo; makkelijk te doseren en (belangrijk in Afrika!)het hoeft NIET gekoeld bewaard te worden; het heeft aardbeiensmaak en is goed verteerbaar voor baby’s en kleine kinderen
Dit kindermedicijn gaat een groot verschil maken!

[Tot voor kort kregen de meeste kinderen (ook baby’s) HIV medicijnen die voor volwassenen gemaakt zijn; grote pillen met vieze smaak (moeilijk in te nemen) met soms ernstige bijverschijnselen]

Nóg een positieve mededeling: met een (grote) donatie is het mogelijk geworden om

eilandbewoners van Mfangano Island (eiland in Victoriameer bij Kenia) op het HIV virus te testen en levensreddende medicijnen te geven
( Omdat het zo afgelegen ligt waren en tot voor kort geen hulporganisaties werkzaam)

De schatting is dat 1/3 van de bevolking met HIV leeft; tot dusver zijn er 180 kinderen en 106 zwangere  vrouwen positief getest.
De gezondheidswerkers daar zorgen nu dat alle mensen met HIV hun medicijnen blijven slikken.

Ik las in Red Ribbon veel dat ik niet wist. Zoals: dat vrouwen wereldwijd harder geraakt worden door HIV en aids dan mannen : Het HIV virus wordt makkelijker overgedragen van man op vrouw dan andersom.
Dat komt oa. doordat de vagina meer voor infectie kwetsbaar weefsel heeft dan een penis én dat HIV makkelijker door de cellen van een vaginawand kunnen binnendringen.

Op veel plekken in de wereld krijgen meisjes niet, of maar kort onderwijs, daardoor bereikt voorlichting over HIV ze niet, of moeilijk; Ongeschoolde meisjes lopen dubbel zoveel risico op HIV als meisjes die wél naar school gaan!

Ook seksueel geweld heeft veel invloed op de HIV epidemie, vooral in oostelijk en zuidelijk Afrika. Onderzoekers schatten dat 1 op de 3  jonge vrouwen in Oeganda, Zambia, Zimbabwe en Tanzania seksueel geweld heeft meegemaakt!.

Niet alleen in Afrika zijn veel jongeren met HIV, ook in de Oekraïne; er zijn 260.000 Oekraïners met HIV.
Een aantal daarvan zijn op de vlucht of bevinden zich in bezet gebied. De partners van het Aidsfonds doen er alles aan om HIV klinieken te blijven bevoorraden en mensen met HIV te voorzien van medicijnen én psycho-sociale hulp [patiënten maken zich zorgen om hun veiligheid én hun gezondheid hebben stress en zien amper een uitweg]

Op https://steun.aidsfonds.nl/doneren kunt u lezen hoe u kunt doneren



Herdenking

Laren is een brinkdorp in de provincie Noord Holland.
De kerk St.Jansbasiliek (1924)  en de brink liggen in het midden van het dorp.
Laren is de enige gemeente boven de rivieren waar een processie ter ere van schutspatroon St.Jan wordt gehouden. Een afbeelding hiervan zag ik daar onlangs op een elektriciteitskastje in de hoek van een straat!

Op de Brink in Laren hangen nu (net als verleden jaar om deze tijd) witte vlaggetjes.
Het is een tijdelijk holocaustmonument dat uit 750 witte zakdoeken bestaat (ontwerp Elise Steilberg) Elke zakdoek is een symbolisch eerbetoon aan Larense, in WO II vermoorde slachtoffers van de Tweede Wereld Oorlog


Om de bomen zijn herdenkingsplankjes opgehangen met daarop de naam, leeftijd en plek van overlijden van de slachtoffers ( Joods én niet Joods) De plankjes zijn een initiatief van het Comité 4 en 5 mei en gemaakt door vrijwilligers.

Het plan is deze bordjes ieder jaar omstreeks dodenherdenking op te hangen.




Al ruim 100 jaar staat op de Larense Brink een deel van het jaar (te beginnen rond Koningsdag) een prachtig Oudhollandse poffertjeskraam.


Bijzonder dit schrille contrast; de vrolijk en gezelligheid in en bij de poffertjeskraam en even verder de witte zakdoeken en de herdenkingsplaatjes en witte vlaggetjes.

Het is net als het leven zelf: het leven van alledag mét soms feestelijkheden en de herinnering aan de oorlogsverschrikking en de mensen die toen gevallen zijn.
Zoals ook nu weer: hier in Nederland het leven van alledag is en wat er, op hetzelfde moment in de Oekraïne gebeurt!

Nationale tuinvogeltelling 2022

Sinds 2001 organiseren  Vogelbescherming Nederland en SOVON Vogelonderzoek Nederland de Nationale Tuinvogeltelling.

Ik heb me al een tijdje geleden voor deze vogeltelling opgegeven en in de opmaat naar de telling krijg je dan veel mailtjes met “vogelweetjes”. Waar ik ook dit jaar weer leuke dingen van leerde: onder andere dat bij de meeste vogels alleen de mannetjes zingen, maar dat bij roodborstjes ook de vrouwtjes zingen (meestal in de herfst) en dat heggenmussen zelden met meer dan twee zijn en dat huismussen eigenlijk altijd in grote groepen zijn

Dit jaar kon je kiezen uit 28,29 of 30 januari om een half uurtje de vogels in je tuin (of balkon) *) te tellen. Met de resultaten leren onderzoekers hoe en welke vogels de tuinen gebruiken. Die verkregen informatie kan helpen om (bepaalde) vogelsoorten (beter) te beschermen.

Ruim 198.000 (een recordaantal) Nederlanders telden tijdens de Nationale Vogeltelling verleden jaar de vogels in hun tuin. Het aantal getelde vogels bedroeg verleden jaar ruim 2,7 miljoen!
De top drie was toen huismus, koolmees en pimpelmees.**)

Ik volg al jaren de BBC natuurprogramma’s Spring- Autumn- en Winterwatch en daar hoorde ik afgelopen donderdag dat ook in Engeland  dit weekend vogels worden geteld én dat men daar vreest dat de huismus veel en veel minder geteld zal worden dan andere jaren. Het vogeltje wordt daar steeds minder gezien!

Team van Winterwatch 2022

Ik weet niet hoe het overall beeld hier in Nederland is (we zullen het weten ná de telling) maar hier in de tuin hebben we  ze nog steeds in behoorlijke aantallen op de voedersilo en in de “wachtkamer” ons bamboebosje.

Deze foto van de druk bezette bamboe in onze tuin was (helaas) niet gelijk met mijn telmoment

Zondagochtend ging ik er echt voor zitten met kop thee en potlood en papier. Er was veel gekwetter: de mussen, moeilijk zichtbaar in de heg, het harde geluid van de ekster (bij de buren) en gelukkig ook op dat moment ons “eigen” roodborstje, die wel een paar keer per dag “even ” komt kijken.
Dan komt er een Vlaamse gaai rare trucs uithalen om de pinda’s uit de opgehangen kokosnoot te krijgen; altijd een leuk spektakel om te zien; acrobatiek op hoog niveau.
De ekster, die bij de buren zit, vindt dit minder leuk, hij wil ook wel pinda’s. Hij strijkt neer op de rugleuning van onze houten tuinstoel en ziet toe. Van de andere kant komt nog een ekster aangevlogen, samen schelden ze de Vlaamse gaai uit (maar durven niet te naderen)
Er vliegen wat mussen naar de voeder silo, zó zijn ze tenminste makkelijk te tellen.
Na het eten vliegen de mussen naar het bamboebosje, hun vaste “bekijk de omgeving even plek”

De tijd vliegt voorbij, mijn tel halfuurtje is al weer voorbij. Ik vul digitaal mijn telling in.Op het moment van invulling hebben er 50.748 deelnemers al geteld. Zij telden 777.487 vogels.
Ik zit dus qua aantal getelde vogels onder het gemiddelde!
Later op de dag “krioelt” het in de tuin van de vogels, maar mijn telmoment is dan voorbij en ik vertrek mét een bezoekhond, naar de hei. Weinig kans om vogels daar te zien: de hond rent rond als een malle, blij eindelijk “vrij en buiten” te zijn. Oók van dat schouwspel geniet ik, óók dat is, al is het geciviliseerder, natuur!

Voor alsnog is, in de voorlopige resultaten van de de top drie getelde vogels van vorig jaar, niets gewijzigd, maar er kunnen nog tot maandag 12 uur telresultaten ingeleverd worden.

*) Vóór maandag 12.00 uur moeten de vogelaantallen worden doorgeven!
**) In Vlaanderen(B) werden deze zaterdag én zondag ook vogels geteld! Dit evenement heet daar: Het Grote Vogelweekend

Kinderliedjesherkomst

Er zijn veel kinderliedjes die generaties lang doorgegeven worden.
Ooit heeft iemand ze geschreven/gecomponeerd. 
Bijna iedereen kent bepaalde kinderliedjes maar zelden weet men wie ze geschreven heeft.

Onlangs las ik een bord bij het voormalige Raadhuis van Hilversum waarop de schrijfster werd vermeld van kinderliedje “Drie kleine kleutertjesCatharina van Rennes (1858-1940) dirigente, zangpedagoge en componiste.

IK dacht altijd dat de herkomst van dit lied Engels was.
Dát  bordje triggerde me om dat eens te gaan onderzoeken.

Catharina van Rennes, die haar eigen “zangschool voor kinderen” had (waar ze oa  zangles gaf aan Juliana Louise Emma Marie Wilhelmina, later beter bekend als voormalige koningin Juliana) schreef Drie kleine kleutertjes NIET zelf.

Ze vertaalde het, door de Britse illustrator Kate Greenaway (1846-1901) in 1879 geschreven rijmpje, “Three little girls were sitting on a rail”,  zette het op muziek en noemde het “Een babbeltje”.

Het boekje (debuut van Kate) waarin dit Engelse rijmpje stond heet “Under the window”
Catharina vertaalde daar nog 5 andere rijmpjes uit en zette die ook op muziek.
Ze kon geen uitgever vinden voor haar composities, waarna haar broer, die een kantoorboekhandel in Utrecht had, haar uitgever werd en het boekje “Miniatuurtjes” uitgaf.

Het “babbeltje” werd herdoopt in Drie kleine kleutertjes (oorspronkelijk drie kleine kleuterkes)
In de volksmond werd de beginregel als titel gebruikt. Daar is een term voor: incipit (Latijn voor het begint) Incipit wil zeggen de eerste woorden van een beginregel als titel gebruiken.


Een half jaar na haar overlijden, op 24 mei 1941, werd in de gevel van haar voormalige woonhuis en zangschool in de Brigittenstraat in Utrecht een bronzen gedenkplaat met haar afbeelding geplaatst

foto door Brbbl – Eigen werk, CC BY-SA 3.0.

Catharina van Rennes is overleden, maar haar compositie met vertaald rijmpje overleeft; is een “klassieker” geworden.

Tol


In de vakantie rijdend in bijvoorbeeld Frankrijk kom je tolwegen tegen,  je betaalt geld om over deze wegen te mogen rijden. In Frankrijk kennen ze geen wegenbelasting (de rest van het wegenonderhoud wordt door benzineaccijns gefinancierd)

In Nederland kennen we geen tolwegen meer, vroeger wel.

Wegen werden vroeger in Nederland  ingedeeld in drie klassen: rijkswegen, departementale wegen en lokale of “buurtwegen”
Heel vroeger (voor 1800) was maar ca. 500 km van de wegen in Nederland voorzien van bestrating.
De wegen die bestraat waren werden ook wel Straatweg genoemd. (In mijn geboortedorp ligt de Hilversumsestraatweg, nooit heb ik over die naam nagedacht, anders dan de weg van Baarn naar Hilversum: NU weet ik dus dat DIE weg, kennelijk eerder dan andere wegen bestraat was.)

Rond 1850 waren de meeste rijkswegen verhard.
In de tweede helft van de negentiende eeuw werden ook veel regionale en lokale wegen sterk verbeterd.
Rond 1900 was ongeveer 1200 kilometer rijksweg bestraat. Meestal met gebakken klinkers.

Waar veel zwaar verkeer was, gaf men de voorkeur aan keien van Belgische hardsteen of Duits basalt zogenoemde  “kinderkopjes” (De naam kinderkopje duidt op de grootte van de stenen: zo groot als het hoofd van een kind)

Bestrate wegen vond men heel vroeger alleen in- en direct buiten de steden.
Verbetering van wegen en de aanleg van bruggen vonden meestal plaats op initiatief van de steden zelf. Deze projecten werden soms gefinancierd door particulieren die daarvoor TOL mochten heffen, dat gebeurde in zogenaamde tolhuisjes.
Een tolhuis is een gebouw aan een verkeers- of waterweg, waar tol werd geheven en betaald. Meestal was het tolhuisje ook een dienstwoning waar de tolgaarder of tolpachter met zijn gezin woonde.

Bijvoorbeeld in en rond de BEL- gemeenten en omstreken*)  financierde de maatschappij van de heren Huydecoper en van Maarseveen de bestrating van de weg van Naarden via Laren, Eemnes en Blaricum naar Huizen (Een deel van deze weg werd daarom  in de volksmond ook wel de Maatschappijweg genoemd) Op dit traject staat nu nog een tolhuisje (1834 in gebruik genomen) op de Eemnesserweg in Blaricum

Ook in Huizen staat, met rieten dak, nu nog een tolhuisje
Het rieten dak vloog, door de vonkjes van de locomotief van de Gooische Stoomtram, die er  vroeger vlak langs liep, nog al eens in de brand. De tolheffing daar is in 1930 opgeheven

Er zijn in den lande hier en daar nog wel wat tolhuisjes van vroeger. In Gorinchem (ook wel Gorcum of Gorkum) staat een groter tolhuis , daar werd rond 1425 riviertol geheven.
Nu is er een appartement in de toren aangelegd, dat per nacht te huren is (met uitzicht over de Merwede, volgens de persinfo); slapen in een tolhuis!


tolhuis Gorinchem: Monument en bed

*) B(laricum) E(emnes) L(aren)

Baby’s

Nooit eerder had ik gehoord over het World Factbook  van de CIA.
Het lijkt iets uit een film, maar het is echt.
The World Factbook van de CIA is een naslagwerk dat elk jaar opnieuw wordt uitgebracht door de Amerikaanse buitenlandse geheime dienst CIA.

Staat er iets in dat u zou kunnen interesseren?
Geen idee.
Ik las iets dat ik opmerkelijk vond
Wereldwijd worden er per minuut  259 baby’s geboren.

Nazoekend hoeveel baby’s daarvan in Nederland geboren worden kom ik terecht bij “ons” Nederlands Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS)
Actueler dan 2015 kon ik het niet vinden: toen werden er 478 kinderen per dag ( in Ned) geboren.
Het CBS meldde toen (2015) dat de bevolking groeide met 136 mensen per dag.
(De Wereldbevolking wordt anno 2021 geschat op 7 miljard)


Eenmaal aan het lezen en nazoeken over baby’s las ik een paar feitjes ( niet uit het naslagwerk van de CIA maar “gewoon” op internet)  die ik nog niet wist en misschien u ook niet.
Zoals:

  • baby’s hebben geen knieschijven als ze geboren worden; er zit wel kraakbeen dat zich later ontwikkelt tot knieschijf op die plek. Kinderen ontwikkelen pas knieschijven rond hun 2de levensjaar en als ze zo’n 10 tot 12 jaar zijn is de knieschijf pas af.
     
  • Baby’s hebben meer botten dan volwassenen, 350 tegenover 206. De babybotjes groeien in de loop der jaren aan elkaar. 

  • Een baby heeft meer smaakpapillen dan een volwassen mens. Na de bevalling heeft een baby zo’n 10.000 smaakpapillen. Die smaakpapillen nemen af: met tien jaar is nog maar de helft over en rond de dertig jaar zijn het er 250. ( Volwassenen kunnen om die reden pittig eten verdragen, wat een baby niet kan: volwassenen proeven gewoon minder)
     
  • Sommige  pasgeboren baby’s huilen veel, maar….. zonder tranen! De traanbuizen van pasgeboren baby’s zijn bij de geboorte nog niet ontwikkeld; pas na 3 weken kan een baby huilen mét tranen. 

Verder las ik nog dat kraamzorg een typisch Nederlands fenomeen is, dat veel landen kraamzorg niet kennen en ziekenhuisbevallingen daar “normaal” zijn .(in het buitenland bevalt maar 1% van alle vrouwen thuis: in Nederland is dat om en nabij de 35%)

Betalen met bloed

Onlangs las ik een artikel over de handel in organen.
In Nederland is dat verboden, maar in landen als Irak en Tunesië is dat wel mogelijk. Zo las ik dat  voor een gezonde nier daar ongeveer € 10.000 tot € 50.000 betaald moet worden.
Er zijn Nederlanders die daar (bijvoorbeeld) een nier “kopen”, terugkomen en hier door een specialist verder behandeld worden; zij vertellen (soms) de herkomst en de betaalde bedragen

Bloed kan ook “verkocht” worden. Ook dát mag NIET in Nederland, maar wel in andere landen
Door bovenstaand artikel kwam bij mij een voorval boven dat ik zelf heb “meegemaakt”

Na ons trouwen wilden we graag kinderen, maar niet “meteen”.
We besloten wel “meteen” een kind op afstand te adopteren.



Er was een nét een Nederlandse organisatie opgericht die in India kinderen in een tehuis financieel ondersteunden. We doneerden elk kwartaal een bedrag. Een pater die in Bihar het opvanghuis (Bhagalpur), waar ons financieel geadopteerde kind woonde, runde stuurde ons een paar keer per jaar een nieuwsbrief over hoe het daar met de kinderen ging.

Toen Chris*) zelf  schrijven kon schreef hij ons een paar korte zinnen in zijn eigen taal (ik meen urdu)
Toen hij Engels leerde schreef hij ons korte briefjes, die we in het Engels beantwoordden.

Hij werd ouder en ging studeren, hij wilde frater worden; een lesgevende geestelijke.
In hoeverre dit zijn eigen keus was of min of meer aangedragen door de paters in zijn huis, weten we niet.
Een lange tijd hoorden we minder, toen opeens een “brandbrief” of we snel geld over wilden maken want hij moest een operatie ondergaan en de paters betaalden die niet.

Dát leek me uiterst vreemd; een Christelijke organisatie die, d.m.v. donaties én eigen geld, kinderen een thuis gaven, opleiden en dan als ze ziek waren ze in de steek lieten?
Ik belde het Nederlandse contact van de organisatie; die kon niets zeggen over dit individuele geval, maar wist (even als ik) zeker dat een dergelijke weigering van het betalen van een operatie NIET aan de orde kon zijn en het geld voor andere doeleinden gebruikt zou worden.
Ik schreef een brief naar Chris

Ik kreeg een brief terug met de ware reden: Hij had een meisje zwanger gemaakt, kon dat niet aan de paters vertellen en moest de abortus van het meisje betalen, terwijl hij géén geld had.
Dilemma voor ons.
Niet het geld was een probleem, wél de morele kant: Studeren voor pater, een meisje zwanger maken, verzwijgen tegen de mensen die je grootbrengen en liegen om geld voor een abortus te krijgen.
Wat ik ook moeilijk vond was één zin in zijn brief: “Mama, ik zal hierna het meisje nooit meer zien, dat beloof ik”
Was dit de zienswijze van een toekomstige pater? (Wij zijn NIET katholiek en NOOIT in India geweest, dus hebben verstand noch van de cultuur, noch van het katholieke geloof, maar hebben wel moreel kompas!
Niet de gebeurtenis zelf, maar hoe hij ermee omging baarde ons zorgen voor de toekomst; zijn toekomst!
Wilde hij nog wel pater worden? Was de celibataire gelofte misschien te groot voor hem? Dáár moest over gepraat worden. Kon dat daar?
Voelde hij  zich misschien moreel verplicht om pater te worden?

Geld sturen en  aan dat alles voorbij gaan konden en wilden we niet (Dit was voor de tijd van internet en mobiele telefoon)
Er ging dus een (lange) brief naar hem terug.
Of zijn “roeping” echt zijn roeping was, of hij misschien een andere keus wilde maken, of we hem daarbij
konden helpen. Dat haar “probleem” wellicht niet alleen met een abortus was “op te lossen” dat zij misschien ( zijn?) steun nodig had.

We kregen een brief terug; het geld was niet meer nodig, hij had zijn bloed aan een ziekenhuis “verkocht” en zo geld voor de abortus verkregen en zou het meisje niet meer zien.

Daarna hoorden we niets meer.
Tot het moment waarop hij tot geestelijk gewijd werd.
Of we, pappa en mama, wilden komen om  bij de festiviteiten te zijn en hem tot geestelijke gewijd zien worden.
De brief terug was (weer) een afwijzing; heen en weer naar India was voor ons niet mogelijk.
Wat we niet schreven en wél voelden was dat áls we zoveel geld uit te geven hadden om heen en weer naar India te gaan, we dát geld beter aan het tehuis konden geven om méér kinderen te helpen, dan om op bezoek te gaan.

We kregen daarna nog één brief: een vraag om geld voor het feest; hij wilde graag “iedereen” uitnodigen.
We maakten de laatste bijdrage aan hem over, hierna was hij volwassen en kon hij voor zichzelf zorgen.
We zonden een bijzonder kruisje aan een ketting voor zijn wijding.



Er kwam geen post meer.
Na meer dan 25 jaar nooit airmail uit India meer.

*) gefingeerde naam

Ged. zonsverduistering 10/6

Bij een zonsverduistering schuift de maan tussen de zon en de aarde in, zodat de maan de zon verduistert


a.s. Donderdag, 10 junI kunnen we in Nederland een gedeeltelijke zonsverduistering zien. Het zal niet donker worden, de zon wordt maar een klein stukje bedekt: om 12.23 zal de zon voor 17% bedekt zijn.

(Het proces begint om 11.19 en zal  zich om 13.31 voltrokken hebben*)

Nooit met het blote oog de zon in kijken; ideaal is een eclipsbrilletje maar mocht u dat niet hebben dan kan het ook met een vergiet

Houd een vergiet loodrecht in de richting van de zon en leg een groot blad wit papier op de grond.
Normaal gesproken zijn er dan tientallen ronde lichtvlekjes te zien, maar tijdens de zonsverduistering zijn het allemaal fraaie sikkeltjes. Een afstand tussen de vijftig en honderd centimeter werkt meestal wel. Tip: creëer zoveel mogelijk schaduw rondom het projectiesysteem, zodat het contrast groter is.

Ik las  ook een leuk Nederlands weetje: De eerste mens op aarde die  het tijdstip van een zonsverduistering kon berekenen en voorspellen was een Nederlander Symon van der Moolen (1658-1741) een zeventiende-eeuwse Nederlandse astronoom/wiskundige.
Van de Moolen voorzag TOEN dat het hoogtepunt van de (gedeeltelijke) verduistering op 12 mei 1706om 9.23 uur  in de ochtend zou zijn. (Volgens moderne (computer) berekeningen moet dat zo’n twee minuten later zijn geweest ) Behoorlijk accuraat voor iemand in 1706!

Er wordt nu voorspeld dat deze gedeeltelijke zonsverduistering  donderdag  “goed”  te zien zal zijn
( zeker aan de kust)
 
De eerst komende, voorspelde volledige zonsverduistering zullen wij niet meer meemaken; die zal op 7 oktober 2135 plaatsvinden!


*) De laatste gedeeltelijke(80% bedekt) zonsverduistering (in West-Europa) was op 20.3.2015 te zien.