De kerstbal.

De kerstbal heeft geen bal te maken met het Kerstmis, zijnde het Christelijke feest van de geboorte van Jezus.
De kerstbal vindt waarschijnlijk zijn oorsprong als decoratie bij het Midwinterfeest, een heidens feest!

Het huis versieren met groene takken en een naaldboom werd ver vóór de geboorte van Jezus gezien als symbool voor vruchtbaarheid; het werd gedaan om goden gunstig te stemmen. (een goede oogst was het resultaat van goed gestemde goden en wanneer de oogst mislukte waren de goden niet blij geweest)
De takken werden versierd met andere vruchtbaarheidssymbolen, zoals eikels, dennenappels, fruit en noten.

Later, in de 16e eeuw, versierden Europeanen hun bomen met appels om de paradijsboom in het verhaal van Adam en Eva te symboliseren; om ze te herinneren aan de paradijsboom mét de verboden vrucht waaraan Eva was bezweken.
Dus daar was wel wéér het Christelijke geloof bij betrokken!

heksenbal

De kerstbal komt waarschijnlijk voort uit de heksenbal!
Men dacht heel vroeger dat men ongeluk kon uitbannen door glimmende voorwerpen op te hangen. Niet alleen boze geesten, maar ook heksen zouden bang zijn voor spiegels
Door glimmende voorwerpen op te hangen, dacht men heksen te kunnen weren.

Er gaat een verhaal dat, in 1831 (de tijd dat men nog appels in de kerstboom hing) er in de Vogezen een glasblazer, Johann Simon Lindner genaamd, woonde die geen geld had om, ter versiering van zijn kerstboom, appels te kopen. Hij blies een glazen “kraal” en hing die in de boom: de eerste glazen kerstbal was geboren!

Men ging steeds vaker glazen ballen in de boom hangen in plaats van noten, appeltjes en koek. (Een piek*) kende men in die tijd nog niet, meestal werd de boom “bekroond” met een ster)

De, met ballen versierde naaldboom was al jaren te zien in Duitsland, maar deed in Engeland pas zijn intrede ná het huwelijk van Engelse koningin Victoria (1840 met Albert van Saksen-Coburg)
Toen Victoria in het land van haar Duitse echtgenoot de glazen ballen aantrof, was ze zo betoverd dat ze de kerstballen in Engeland introduceerde!



In plaats van glazen, zeer breekbare ballen, worden tegenwoordig de meeste  kerstballen van kunststof gemaakt.


Iedereen versiert zijn (kunst of echte) boom naar eigen inzicht, maar het schijnt dat er “regels” voor het aantal ballen in een boom zijn: Voor een boom van 1.80 zou je volgens een (geheime?) formule 37 kerstballen nodig hebben, een piek van 18 centimeter hoog, 9 meter slinger en ruim 5,5 meter kerstverlichting!




*) De komst van de (glazen) piek hing samen met een nieuwe glasblaastechniek, waardoor veel dunnere en lichtere kerstboomdecoraties gemaakt konden worden.


O, Tannenbaum

Met Kerstmis zetten veel mensen een echte (of kunst) boom binnen én soms ook in de tuin.
We zingen “O, dennenboom”, maar het is een SPAR! (Bij dennen zijn de naalden twee aan twee ingeplant, bij sparren is dit enkele naald)

Vermoedelijk komt dat den zeggen terwijl we spar bedoelen door de  foute vertaling van het Duitse lied “O, Tannenbaum” terwijl de correcte vertaling een SPAR zou zijn ( die Kiefer =  de den)

De spar behoort tot de familie der naaldbomen, Pinaceae. Het is een groenblijvende naaldboom, de naalden hebben een stomp uiteinde staan rechtop en zijn zachter dan de naalden van de den.

Door de eeuwen heen is de Spar een bron van symboliek. Symbool van het leven en de dood, symbool van goed en kwaad en symbool van vruchtbaarheid.
In de oudheid werd de boom in verschillende culturen als heilig vereerd.  De spar stond voor de Germanen symbool voor het nieuwe begin.  
Ook was het een Heidens symbool ter verering van het midwinterfeest.
Vroeger werd de kerstboom  versierd met appels en noten, tekens van sensualiteit en vruchtbaarheid.

Maar volgens de Duitse protestante theoloog Maarten Luther (begonnen als Augustijner broeder, gecommuniceerd door Paus Leo X) herinnert de kerstboom de christenen aan de boom in het paradijs; de kerstboomballen aan de vruchten waarvan Adam en Eva aten. De piek op de boom staat voor de ster die de Wijzen de weg wees naar de geboorte­plaats van Jezus.( Soms wordt de piek door een ster vervangen)

Dat was TOEN. Nu  wordt de kerstboom ook wel theologisch geïnterpreteerd als afbeelding van het hout van het kruis van Jezus’ lijden en dood.

Ook zeevarenden hadden vroeger iets met de spar, ze bonden sparrenboompjes hoog in de mast van een terugkerend schip, ten teken dat men met Kerst weer thuis hoopte te zijn.

De Roomse keizer Karel de Grote (742-814) verbood in 807 de cultus van met licht versierde heilige bomen
In de tiende eeuw verbood paus Martinus II de kerstboom in Italië

De eerste versierde kerstboom (daarna) was weer te bewonderen in 1605 in Straatsburg.
In het begin van de negentiende eeuw zette de kerstboom-binnen- traditie pas goed door in ons land.

Nog wat weetjes over een spar


* In gunstige omstandigheden kunnen sparren 60 meter hoog en tot 600 jaar oud worden;
* Op stam en takken vormen zich vaak harsblaren waaruit terpentijn  gewonnen kan worden;
* In het badwater geven extracten van sparrenscheuten een kalmerende werking op de zenuwen;
* De spar groeit in een groot deel van Europa in gebergte tot een hoogte van 1800 meter
* Het sap van de naalden werkt slijmoplossend en verlichtend bij aandoeningen aan de ademhalingsorganen;
* Sparrennaaldolie wordt door de industrie veel gebruikt bij de productie van huishoud- en schoonmaakmiddelen.    
* om een boom van 1,5 meter te krijgen, moet hij 7 jaar groeien (voor 2 meter ca.12 jaar)
*   na zijn eerste levensjaar is de “boom” 3 tot 4 cm.
* na 3 jaar is de boom zelfredzaam en wordt hij op een veld geplant voor verdere groei.
* eind jan. is de wintersnoei, om het perfecte model te krijgen 
*  de zomersnoei zorgt ervoor dat de bovenstukken worden afgesneden, daar ontstaan dan weer knopjes waar weer nieuwe zijtakken ontspruiten.   

Feest van het Licht

Lang voordat de Christenen de geboorte van Jezus gingen vieren, vierden de Germanen al het midwinterfeest (rond 21 dec. vandaar de naam) een Feest van Licht.
Ná de langste nacht van het jaar als op het noordelijk halfrond de winterzonnewende plaatsvindt, gaan we weer lichtere tijden tegemoet.

Dát stukje ” licht vieren” is in deze tijd weer prachtig te zien. Overal hebben mensen nu in tuinen, voor het raam en in heggen (elektr. en batterij)  lichtjes opgehangen. We zoeken allemaal in deze donkere tijd warmte, licht, gezelligheid.

Rond lopend zie ik vaak, ook overdag, op veel plekken lichtjes in tuinen aan, in de vorm van sterren, rendieren, slingers, kerstmannen en kerstbomen.

Natuurlijk zijn er ook Christelijke uitingen, zoals stalletjes en de 3 koningen, maar die zijn toch vooral binnen (uitgezonderd de kerststalroute)

Onlangs fietsten we over een pad waar “opeens” een soort van stalletje/kapelletje stond.
Boven de rivieren is Nederland grotendeels Protestant en kapelletjes zoals in Brabant en Zuid Limburg heb ik hier nog niet veel gezien.
Deze stond op een bospad

Natuurlijk met een Maria erin, en waxinelichtjes (zowel een echte als één op batterijen) maar ook andere zaken zoals een suikerzakje en een verfrommeld pakje sigaretten.
Mijn verbeelding sloeg (weer) meteen op hol: Iemand die Maria had gevraagd hem/haar van het roken af te helpen? Iemand die wilde gaan diëten en Maria had gevraagd om hulp?
Of…..?

Na een eerder tochtje langs rendieren en kerstmannen die met ladders tegen huizen op klommen, nu een stilleven in de vrije natuur. Geen huis in de omgeving te bekennen, toch had iemand hier een stalletje/kapelletje getimmerd en neergezet. Een moment van bezinning.

Dat zou je bijna vergeten met al dat geglitter en uiterlijk vertoon; even stil zijn van binnen.
Of je, als gelovige, aan de geboorte denkt, of als niet-gelovige, aan het feit dat de dagen straks weer langer gaan worden of het feest van het Licht viert, laten we niet vergeten “even” stil te staan vóór we weer verder “jagen” op kerstkoopjes, boodschappen doen voor het kerstmenu, of in de rij gaan staan voor de kerstzegels.

Laten we ook “even” bij onszelf naar binnen gaan en ons afvragen waar het werkelijk om gaat!

Midwinterwandeling.

Een midwinterhoorn, naar men zegt van Germaanse oorsprong, is een houten instrument dat alleen “natuurtonen”(bijvoorbeeld G-c-e-g)kan voortbrengen. Het werd vroeger gebruikt bij het Midwinterfeest ( 21 dec.) maar ook als communicatiemiddel: boerenburen konden elkaar oproepen.

In Twente, Drenthe en de Achterhoek wordt het instrument nog in de decembermaand gebruikt. In de Achterhoek werd dit weekend een Midwinterwandeling georganiseerd. Vanaf half 5 kon men de route ( 3,5 km) gaan lopen. De route begon in een museumzaal, waar in een zaal, keizer Augustus op zijn troon zat en een decreet uitvaardigde dat alle aanwezigen zich moesten laten registreren. Er werd van iedereen een vingerafdruk genomen en aan iedereen een officieel papier (stempelkaart) uitgereikt. 2 Romeinse soldaten lieten ons door, waarna de wandeling kon beginnen. De route leidde langs lichtjes (jampotjes met waxinelichtjes erin) het dorp uit naar een mooi versierde kantine van de plaatselijke voetbalvereniging. Daar was een stempel verkrijgbaar en werd binnen, het kerstverhaal verteld. Het was muisstil tijdens de vertelling die geïllustreerd werd met een PowerPoint presentatie. Na de vertelling ging het weer de kou in; het was inmiddels mistig, er hing een geheimzinnig sfeer over de weilanden en in de bossen, die invloed had op de kleine kinderen die meeliepen, ze waren vrij rustig. Bij de volgende registratie werd warme chocolademelk uitgedeeld, konden kinderen marshmallows boven het vuur houden en was er een engelenkoor te beluisteren Weer in het bos zagen we Maria met de ezel, zagen we herders en hoorden we de midwinterhoorns. De blazers stonden op verschillende plaatsen bij een vuurpot te blazen. Van verre waren ze te horen, als een soort antwoord op elkaar. In een stal gaven musicerende herders een miniconcert. Een reconstructie van een kerkje uit 801 was de behuizing voor Jozef, Maria en het kindje. Een stralende ster leidde de aanwezigen naar de deur. En daar zaten ze: Jozef en Maria elk aan een kant van de kribbe. Het kindeke (een echte baby) in de kribbe, warm ingepakt, sliep; het mondje open, zo vredig, dat iedereen die er langs liep, er stil van werd. In het museum teruggekeerd was er warme glühwein te drinken en waren er binnen oude ambachten te zien. Er was een tent bij het museum gezet waar gegeten en gedronken konden worden. De kniepertjes ( Oudejaars lekkernij) vonden gretig aftrek.

Een enorm geslaagde wandeling, waarbij het weer meewerkte aan de bijzondere sfeer en heel veel vrijwilligers zich hadden ingezet om dit een onvergetelijke wandeling te maken