Aan de Vuntusplas

Al eerder blogde ik over de plaats Loosdrecht, waar vroeger een deel van mijn familie woonde en ook ik een tijdje gewoond heb.
Ik liet daarbij ook het schilderij zien dat mijn vader ooit van de Funtushoeve,* een hotel/restaurant dat zijn broer met echtgenote ooit runde gelegen aan de Vuntusplas*), schilderde.
Er is nóg een Loosdrechts schilderij van zijn hand: van de plas zelf.
(Helaas heeft een jong iemand er ooit met dartpijltjes naar gegooid zodat er nogal wat gaatjes inzitten!)

De Vuntusplas (soms worden alleen de Eerste tot en met de Vijfde Plas aangeduid als Loosdrechtse Plassen) is alleen vanaf de Eerste Plas toegankelijk via de smalle Heulsloot of Horregat (beide eenrichtingsverkeer) met zeer beperkte doorvaarthoogte.
De Vuntusplas grenst aan een laagveenmoeras, natuurgebied  dat wordt beheerd door Natuurmonumenten:

De Loosdrechtse plassen, gelegen tussen de rivier de Vecht en de Utrechtse Heuvelrug, vormden in de oertijd een bijna ondoordringbaar moeras. Na duizenden jaren ophopen van plantenresten is veen ontstaan .Vanaf de vijftiende eeuw is dit veenpakket hier en daar uitgebaggerd om turf te winnen. Zo zijn de plassen ontstaan, afgewisseld met legakkers en polders”.

Kaart van omstreeks 1870
( Michiel1972 op de Nederlandstalige Wikipedia)

Tot zover de “geschiedenis” van de Loosdrechtse plassen. Nu naar het HEDEN.
Door vrienden werden we onlangs meegenomen naar het Robberse eiland.
De naam Robberse eiland is voor mij te herleiden; de oom en tante die ooit de Funtushoeve runde hadden een dochter die trouwde met  de zoon van een Loosdrechtse aannemer Robberse, die woonde op de plek waar nu een restaurant staat.
In 2006  (zo las ik nu) zijn er ook  tweeëntwintig  studio-appartementen gebouwd, waar mensen met een beperking kunnen wonen en werken.

Ik herkende het terrein amper, misschien een beetje de timmermanswerkplaats die er (nog?) staat, totdat we op het terras kwamen; het uitzicht de plas, zó keken mijn nichtje, haar man en dochter uit de raam van hun toenmalige woning uit over de plas.

“Ons” tafeltje, zonder (helaas) een foto van het mooi opgediende eten, een lust voor het oog én de smaakpapillen, maar zo’n avond met vrinden hoort, vind ik, ZONDER mobieltje, dan dus ook geen foto’s.

Wat onze vrienden ervoor hadden gedaan weet ik niet, maar we werden naar het mooiste tafeltje van het hele terras geleid;  aan de plas; wat een uitzicht!
We zien een enkele supper (stand-up-paddler) en er legt een bootje aan met mensen die komen dineren, verder is er alleen het water en de zon. De avond die voor ons gekozen was om juist TOEN te dineren was subliem; in de zon aan het water in een zomerjurkje! Geen wind, geen kou. Heerlijk!

Over heerlijk gesproken; de bereide maaltijd was geweldig! Cijfer 9.5 ( nooit een 10; er moet wat overblijven om naar te streven!)
Ik ben een (hele) kleine eter en heb gevraagd of ik 2 voorgerechten nemen mocht in plaats van een voorgerecht mét hoofdgerecht.
Het was een topkeuze! Met als (voor mij)  het enorme voordeel dat er nog plaats in mijn maag was voor een overheerlijk toetje; cheesecake!
Ook de andere mensen van het gezelschap genoten van hun gerechtkeuze.

De bediening is leuk, mensen die kennelijk bewust DIT vak hebben uitgekozen (én top gecoacht waren) Gastvrij, snel én met humor. Een geweldige combinatie.
Dit was een plek waar we zeker teruggekomen! Een aanrader!


*) De plas wordt met een V geschreven, de accommodaties eraan meestal met een F


“Het is de natuur”

We hebben nog geen vakantieplannen.
Corona staat het vakantieplannen maken (nog steeds)  in de weg.
Familieleden gaan een weekje (in Nederland) weg en vragen of wij op hun huis en haard willen passen.
In een ander gedeelte van Nederland.
Het klinkt als een “beetje” vakantie.
Change of scenery.

Een huis met een mega grote tuin, een vijver en een kas.
Planten en vijver te verzorgen én 3 katten.

Lezers van mijn blogs weten dat ik geen kattenmens ben.
Katten eten (vijver) vissen (onze huisdieren) én vogeltjes en ze en mollen kikkers (onze “wilde” tuindieren)
Ik wéét dat dat de natuur is, maar ik wil graag de dieren, op het kleine stukje grond op aarde dat wij het onze mogen noemen, beschermen.
Dat kunnen we niet; beschermen.
Katten klimmen over de schutting, kruipen door heggen: ze zijn er, als ZIJ dat WILLEN.
Vandaar mijn aversie tegen katten.

Deze 3 katten (waar we al eerder op hem gepast) zijn binnen leuke beesten met individuele karaktertjes.
Twee van de katten werden door hun kattenmoeder ergens “gedropt”
Bij één, van oorsprong wilde kat, is dat nog duidelijk te merken; hij houdt afstand, is eenzelvig.


Ik ben altijd vroeg wakker. Helemaal in een andere omgeving.
Als ik om half zes mijn blog beneden aan het typen ben ( ná eerst de kattenbeesten gevoerd te hebben!) hoor ik het kattenluikje open en dicht gaan.
Ik zie een kattenbeest binnenkomen mét ………….een vogeltje in de bek.
Ik gruw.


De dader

Dit is het moment waarop ik direct naar huis wil en de boel de boel te laten, maar dat doe ik natuurlijk niet.
Het kattenluikje gaat weer, poes nummer 2 komt binnen, spring op de rug van nummer 1 om zijn prooi af te pakken. Het gaat vlug, een fractie van een seconde en het piepkleine musje fladdert tegen het raam.
Een kat springt.
Gelukkig mis.
Ik grijp het musje, dat tegen het raam fladdert, vóór de twee katten het doen, sla met mijn (goede) been de deur achter me dicht en sta in de hal (alleen, zonder poezenbeesten) met een klein musje in mijn hand.

Ik laat in dat halletje onze beide harten, van de mus en van mezelf, eerst hun normale tempo weer hervinden en probeer dan met één hand de voordeur open te maken. Dat lukt na een paar pogingen.
Twee poezen zitten binnen, wáár is nummer 3?
Ik loop naar een door planten overwoekerd afdakje en wil het musje daarop zetten; het musje denkt er anders over en vliegt zodra mijn hand een beetje opengaat de vrije lucht in.
Gelukkig alles “werkt” zo te zien nog.

Ik loop naar binnen en sluit de voordeur.
Eén kat zit op de vensterbank en snuft tegen het raam waar het vogeltje fladderde; de ander zit onder tafel zijn pootje te likken.
Ik kan  ze “even” niet zien en verdiep me in mijn blog.

Op een tak zingt een lijster.
Ik hoor het kattenluikje weer.
Ik wil die twee dingen NIET combineren.
De katten wél.

8 revisies




Mei-jarigen

In de maand mei hebben wij 5 verjaardagen in de naaste familie.
Mei is dus meestal een drukke visitemaand, minder in de Coronaperiode.
Twee mei-jarigen vieren dit jaar hun verjaardag niet vanwege de Coronamaatregelen

Eén jarige viert het alleen met zijn ouders; dat zijn wij! Dus daar gaan we heen.
Gezellig met zijn viertjes, helaas kan geknuffel nog steeds niet én is 1,5 afstand verstandig, dus doen we dat! Beregezellig op zo’n speciale dag samen te zijn, met een leuke maaltijd aan een grote tafel en heerlijk eten, gelach en “bijgepraat”
Kortom: we hebben genoten!
Het “sportcadeau” viel in de smaak. (Het kopen op zich was al leuk want hoe vaak in je leven koop je een golfballenvanger?)

Een andere jarige is een kind; hij viert meerdere verjaardagen, bij één van de vieringen mogen wij bij zijn; aanwezigentotaal: 3 volwassenen en 2 kinderen. Ook hier geen geknuffel en 1,5 meter.
Genoten van het gezelschap, het taart eten én de reactie van de jarige op ons cadeau een (groot deel van de verjaardag kropen de kids in en uit de tent)



En eergisteren was de laatste mei-jarige van de familie; een uur rijden van ons huis.
Een reis met een heerlijk zonnetje.
We zien 2 zonneparken onderweg waar de zon, na dagen regen nu vrolijk in weerkaatst; langs de snelweg een prachtige berm met klaprozen en koolzaad en boven de weg een verkeersportaal met een aalscholver, wijd open vleugels om te drogen (visjes gevangen in de IJssel misschien?)
Het was een mooie rit.

Ook bij deze jarige geen geknuffel maar elleboog-verjaars-contact en meerdere verspreide vieringen, de ene dag wij, de dag erna vrienden, de dag dáárna andere vrienden!
We genoten van de zon, de tuin en elkaars gezelschap en gelukkig schoten we ook hier in de roos met ons cadeau
Nu maar hopen dat de egel, gezien in hun tuin, de voor hem bedoelde behuizing óók leuk vindt en blijft komen, want dát willen ze graag!


Algemene verjaarsconclusie: De Coronaperiode is over het algemeen NAAR*), je kunt de mensen van wie je houdt, maar waar je géén huishouden mee vormt, niet knuffelen of aanraken; je kunt niet samenzijn met meer dan 4 personen, kortom niet een verjaardag vieren op de ouderwetse manier met de hele kamer vol vrienden en familie.

Maar er zijn ook “minder nare” kanten aan; je hebt méér tijd en aandacht voor elkaar als je met zo’n klein gezelschap bent.
Winkelen is NIET onze favoriete bezigheid ( een feit dat het in Coronatijd NIET kon, vonden we (m.u.v. een enkel ding dat echt NODIG was en dat je nergens lijfelijk kon kopen) dan ook niet erg.
Maar nu was “bijzondere” cadeaus uitzoeken en kopen een UITJE!
We genoten van het uitzoeken en waren dan ook oprecht blij dat ze zo in de smaak vielen!

Toch hopen we dat we volgend jaar mei weer “gewoon” zal zijn!











*) Dan heb ik het hier niet over het vreselijke van ziek zijn, ziekenhuisopnames en zelfs overlijden van mensen die je liefhebt maar uitsluitend over de “randverschijnselen” zoals niet bij elkaar kunnen zijn als je dat WEL zou willen.



Warmte, liefde, aandacht en meer

Als je ziek bent (of zoals ik, van de trap val) krijg je van vrienden en familie aandacht, trosje druiven, bosje bloemen, een tijdschrift of boek, maar bovenal BEZOEK.

In Coronatijd kan een heleboel NIET. Eén persoon op bezoek mag, maar aangezien bijna iedereen een partner heeft en ze meestal samen komen, komt er ook NU niet één alleen; dus (bijna) niemand.

Sommigen hebben daar iets op gevonden. Dan gaat de bel en staat een bloemist met een prachtige bos bloemen voor de deur.
Natuur in het algemeen en bloemen in het bijzonder hebben voor mij een helend vermogen. Ik word er, ziek of niet, pijn of niet, altijd blij van.

Ik was amper thuis toen de bel ging: een buurvrouw met één roze roos. ( Eén rode roos kreeg ik al van mijn lief om de erg witte ziekenhuiskamer op te fleuren)

Dezelfde avond wordt er een prachtige bos bloemen bezorgd. Ik kruk naar de aanrecht, manlief zoekt een vaas (op mijn aanwijzing) en ik frunnik de bloemen in de vaas (mét bloemenvoeding)
Het fijne van krukken is dat je je kan verplaatsen, het nare ervan is dat je NIETS mee kan nemen.
Zodra de bloemen “geschikt” zijn en ik wegkruk, vraagt mijn lief waar ze heen moeten.
We verzinnen samen een plek.

De volgende dag gaat de bel, iemand komt horen hoe het met me gaat én…. neemt een schattig boeket mee. Na zijn vertrek treedt mijn “schikproces” weer in werking.
Het wordt steeds “zonniger” in huis. ’s Avonds onder het eten staat er een bezorger voor de deur met een pakje.
Ik heb niets besteld, en als ik mijn lief aankijk; hij ook niet.
De bezorger is al weg; het pakje ligt voor de deur: Corona, dus geen echt contact.
Na het eten open ik het pakje.
In het pakje zitten 2 joggingbroeken in 2 verschillende maten. De geefster wil me “ontzorgen” en zo heb ik iets om te dragen zonder dat het ongemak van “strakke kleren” met zich meebrengt.
De sluizen van mijn traanbuizen gaan open. Ik snif een potje aangedane tranen. Hoe lief kan iemand zijn?

De volgende dag hoor ik mijn man lachend aan de deur praten met een, mij onbekende, stem.
Als ik beneden ben (ik kán zelf de trap af, maar manlief wil erbij zijn) zie ik dat er weer een boeket bezorgd is. Het was dezelfde bloemist geweest als de vorige keren.

Hij en mijn man hadden geintjes gemaakt en “tot ziens” gezegd.
Dat was kennelijk de Goden verzoeken want er kwamen meer bloemen, maar van een andere bloemist!
Dit keer een bollenbakje, waarvan bijna alles nog uit moet komen.
Ik vind dat altijd zo verwachtingsvol: “zomaar” zie je een narcis, krokusje of blauwe druifje tussen de groene sprieten, de volgende dag nog een en dan heb je “opeens” een kleurig geheel!

Het is nu echt een blij huis met weliswaar kussens onder de bank, een verplaatste tafel (om mij vrije doorgang met krukken te verlenen) en iets meer “troep” her en der omdat ik niks mee kan nemen als ik wegloop, maar verder geurt en straalt het hele huis: De dame des huizes is weer thuis en wat heeft ze een ontzettend lieve kring van dierbaren om haar heen! Dan wel de mensen zelf niet, maar ze maken zichzelf wel “zichtbaar” door hun bloemengroet en ontzorgpakket!

Ik ben weliswaar een gebutst en gedeukt, maar tegelijkertijd ook een zeer gelukkig mens.



Het Achterhoekse huis

Achterhoekse-vlag-4
Mijn broer woonde heel lang in de Achterhoek.
Eerst woonde hij bij Achterhoekers in, terwijl er huizen werden gebouwd.
Hij kwam in aanmerking voor een hoekwoning en heeft het jaren gehuurd, totdat hij het kopen kon. Het werd ZIJN huis.

Onze zoon en zijn vrouw (wonend in Zd. Holland) wilden al lang graag naar de Achterhoek verhuizen, maar moesten daar eerst werk zien te vinden en dat was niet makkelijk.
Mijn broer zou het leuk vinden als ze ook bij hem in de buurt kwamen wonen.
Vóór dat kon gebeuren werd hij echter ziek en stierf.
Hij gaf mijn schoondochter op zijn sterfbed zijn auto want “ beiden werken en met één auto dan kom je hier niet ver. Misschien kunnen jullie HIER wel wonen? ”
De as van mijn broer werd op de eerste verjaardag van zijn sterfdag in zijn tuin uitgestrooid

Zijn zoon, die in dezelfde plaats als zijn vader een woning had, erfde het huis van zijn vader.
Hij had geen interesse in het (weer) wonen in het huis van zijn vader. Hij wilde het verkopen; het liefst aan zijn neef en aangetrouwde nicht. Zij wilden dat ook dolgraag, maar er zat nogal wat aan vast; allebei een baan in de Achterhoek krijgen en hun eigen woning verkopen! Dat ging niet op stel en sprong!

voordeurZOnze schoondochter vond binnen een aantal maanden na de dood van mijn broer werk in de Achterhoek; voor onze zoon duurde het langer.
Neef gaf hen alle tijd en ruimte om werk te vinden en hield het huis “vast” totdat ze allebei werk hadden en het huis konden kopen. Onze schoondochter kon er zo lang in wonen terwijl zij en haar man een weekendhuwelijk hadden (er wat wat heen en weer gereisd!)

verkocht
voordeur ROndertussen ging onze neef samenwonen. . Zijn eigen huis verkopen lukte binnen een week. Een geschikt  nieuw huis in de buurt van het werk van zijn vriendin was vrij snel gevonden en werd gekocht

Uiteindelijk vond onze zoon werk nabij de Achterhoek en konden ze hun huis in Zd Holland verkopen. Binnen een maand was dat in kannen en kruiken en kon de volgende stap genomen worden.
Het huis van, oorspronkelijk, mijn broer en nú van onze neef, kon door hen worden gekocht.

toast

Toen kwam Corona; naar de notaris  voor het voorlopig koopcontract kon niet meer,  er moest online worden getekend, in plaats van op het kantoor van de notaris.
Neef en vriendin, zoon en schoondochter hadden zich dit bijzondere  (officiële) moment  anders voorgesteld.
Ze maakten zelf een ceremonie en vierden alle vier het Leven, hun Nieuwe Woonomgevingen, hun familie- én  hun vriendschapsband.

Toen de officiële overdracht plaatsvond mocht het wél in het notariskantoor mét Coronaregels: 1,5 m afstand, met plastic scherm ertussen én de pen waarmee (officieel) getekend werd moest mee naar huis genomen worden.
Gezessen vierden we ’s avonds dit geweldige moment.
Het huis van mijn broer en het geboortehuis van onze neef, het blijft in de familie; we blijven elkaar daar zien; een stukje van mijn broer zal daar altijd zijn en nu krijgt het huis een nieuw leven; er wordt gewit, behangen, verbouwd; het huis krijgt een verjongingskuur.

En op een afstand van zo’n 22 kilometer van dat huis woont onze neef met zijn vriendin in een mooi (nog) ouder huis, en ook dát krijgt een nieuw leven.

achterhoeksetegel

Bruiloft in Coronatijd

Vrienden van ons zijn 50 jaar getrouwd.
Dat is reden voor een feestje.
Een reden die ze in “normale tijd” zeker gevierd zouden hebben.
Maar het is nu geen “normale tijd” het is Coronatijd.
Het zijn kwetsbare mensen, niet alleen door hun leeftijd maar ook speelt een hartprobleem en suikerziekte daar een rol in. Géén mensen dus over de vloer.

Maar wat kunnen wij, hun vrienden én hun kinderen én familie dan wél doen.
Er is gebrainstormd.
gehuwd 50Buren en zoon hebben ’s nachts en ’s morgens het huis van buiten versierd. Om 11 uur verzamelden vrienden zich bij de buurvrouw voor een aubade in de tuin (kan door poort hoeft niet binnendoor)
Natuurlijk liep het anders dan gepland; omdat we ook niet bij de buurvrouw met zijn allen naar binnen konden, stonden we allemaal op een afstandje  van het huis te wachten tot iedereen er was. En wie kwam haar huisje uit om even een boodschap te doen? Natuurlijk de bruid!
De een dook de bakker in, mijn lief en ik een “onbekend” portiek, een vriendin in haar fietstas en de buurdame vloog haar huis weer in. Allemaal nét op tijd. De bruid zag niets!

huwelijk50
We zongen, toen ze terug was, in hun tuin; een vriendin deed een ontroerende voordracht, iedereen gaf een bos bloemen en toen gingen we allemaal weer.
De zoon bleef, anders werd het wel opeens erg stil voor ze.

Iedere vriend, vriendin, kind of familielid had,na overleg, een pagina toegewezen gekregen in een “krant”
Die kon (on line) ingevuld worden met foto’s gedachtes, een verhaaltje, kortom wat je hen maar meedelen wilde. Die krant werd door hun kinderen later op die dag aangeboden.
’s Middags gingen ze naar hun oudste zoon, die heeft een grote tuin. Zij  hadden het zo geregeld dat familieleden met een interval van 3 kwartier om de beurt zouden langskomen, mét inachtneming van de 1,5 meter.
Verrassing.

Zo kon het toch nog een beetje “bruiloft” worden.

Jarig tijdens Corona

9
Mijn neefje was in maart jarig.
Door de Coronacrisis konden we er niet heen.
Dat vond ik echt erg.
Noch in mijn familie noch in die van mijn man zijn er nog jonge kinderen, behalve dit ene neefje, die nu, zonder ons 9 jaar is geworden.

We hadden cadeautjes gekocht en zouden die gaan geven als dit “over zou zijn”.
Het ziet er naar uit dat “dit” voorlopig nog niet over is en dat afstandhouden voorlopig nodig blijft. Dus hebben we met de ouders overlegd en afgesproken het cadeautje te gaan brengen.
Niet door de voordeur, maar achter door de poort en pakjes in de tuin neerleggen.
Dus dat hebben we nu gedaan. Het neefje was in de tuin en we hebben op afstand even gepraat

Het uitpakken van het cadeau wordt later gedaan (het schijnt dat het virus maar ca. 2 uur buiten een mensenlichaam kan overleven ( het RIVM meldt daarover :De kans is klein dat je ziek wordt als je spullen of oppervlakken aanraakt of vastpakt, die kans wordt nog kleiner als je regelmatig de handen wast en voorkomt dat je na het aanraken met de handen in het gezicht komt) maar beter safe dan sorry!
We horen via app of telefoon wel of hij de cadeautjes leuk vond.
’t Was fijn om hem weer even te zien en te horen.

In onze familie zijn begin MEI nogal wat mensen jarig. Ik vrees dat we daarvoor ook een ludieke oplossing moeten bedenken of…… niet gaan en alleen een kaart en/of app sturen.

Onze (wegens Corona thuiswerkende) zoon belde en vertelde dat een jarige collega van hem met zijn ouders op een parkeerplaats tussen hun beider woonplaatsen in,  had afgesproken; gebak had meegenomen en daar op 1,5 meter van elkaar een gebakje stonden te eten: Happy Birthday.
We hebben al tegen onze zoon gezegd dat we IN zijn voor zo’n idee als hij volgende maand jarig is. Leuk is anders! Maar de dag dat ik mijn kind gebaard heb wil ik hem  best graag even zien, zonder hem en ons in gevaar te brengen.
Ik hoop dat dat mogelijk blijkt.

Oeraals

Een neef van mij werd ooit voor zijn werk uitgezonden naar de Olympische spelen in Finland
Hij werd daar verliefd op een Finse, blonde vrijwilligster.
Hij is daar later ook mee getrouwd en met haar in Nederland gaan wonen.
Toen mijn geëmigreerde broer ooit “even” in Nederland was en bij zijn neef langs ging, deed ’s neefs Finse eega open, zei dat haar man er niet was en sloot de deur weer.
In de familie ging dit verhaal van de weinig gastvrije, aangetrouwde nicht rond en het gevolg was dat we weinig contact hadden met die tak van de familie.
Wel schreef ze ooit een gedichtje in mijn poëziealbum, in het Fins.
Ik heb (later) flink wat tijd besteed aan het proberen het vertaald te krijgen (er bestond toen nog geen internet)
Finnen klonten niet samen, er was ( in die tijd) geen Finse vereniging in Nederland.
Uiteindelijk heb ik de WereldOmroep aangeschreven en zelfs zij hadden, op dat moment, geen beschikking over een Finse vertaler.*)

Fins en Hongaars zijn Oeraalse talen en de meeste sprekers daarvan wonen in Finland, Estland en Hongarije.
Op de lijst van de 8 moeilijkste talen om te leren staan Hongaars en Fins op 6 en 7 (het Fins heeft 15 naamvallen en de bezittelijk voornaamwoorden zitten in het zelfstandig naamwoord verwerkt!)
Nederlands behoort tot de Indo-Europese talen, een taalfamilie van zo’n 400 verwante talen. De Oeraalse taalfamilie bevat ca. 30 talen)

Hoe kom ik NU hierop?
Als ik naar een land ga probeer ik vooraf een beetje van de taal te leren ( ik wil mijn goede wil tegenover het gastland tonen) Ik ben nu bezig met Hongaarse woordjes en zinnetjes.
hongaarsHongaars heeft weinig raakvlakken met het Nederlands, noch de zinsopbouw, noch de woorden hebben “iets” bekends. Ik beperk me dus maar tot köszönöm  (dank je wel) en dergelijke woorden.Want als ik een zinnetje uit mijn hoofd leer zoals Wat is hier te zien?  Zal ik uit het antwoord NIETS kunnen herleiden.
Meestal red ik me wel met Engels, of anders Frans of  desnoods Duits, daar hoop ik nu ook maar op.Boedapest is een grote stad met 1,7 miljoen inwoners  daar zullen er wel een paar zijn waarmee ik kan communiceren, want dát maakt een stad, land voor mij nog aantrekkelijker, dat je kan praten met de mensen.

 

*) In mijn volwassen leven is het wel gelukt om een vertaling te krijgen, een zeer poëtisch gedichtje, waar ik ook als volwassene niets van snap.

Familie en tradities

Iedere familie heeft zijn eigen tradities. Sommige worden doorgegeven van ouders op kinderen. En soms ontstaan tradities “zomaar”.
Sommige tradities die mijn ouders gestart hebben, heb ik doorgegeven aan mijn kinderen. Sommige dingen die mijn (schoon) ouders deden hebben de generatie van mijn man en mij overgeslagen en zie ik bij onze kinderen terug.

Vroeger moesten de jongeren op Nieuwjaarsdag naar de ouderen om Nieuwjaar te wensen; dat hoorde zo!
De ochtend van Nieuwjaarsdag naar het ene ouderpaar en ’s middags naar de anderen.
Mijn schoonouders hadden ALTIJD op Nieuwjaarsdag het schansspringen op t.v. aan staan.
Vreselijk vond ik dat, verplicht t.v. kijken naar iets dat je geen BAL interesseerde.
Toen we kinderen kregen gingen zij natuurlijk ook  mee naar de opa en oma’s.
Bij mijn schoonouders speelden ze meestal met nichtje en neef in de gang; ze hadden dáár hun eigen wereldje. Wij hebben nooit gemerkt dat ze veel mee kregen van het “binnengebeuren”.
Toen mijn zoon en zijn vrouw ons uitnodigden voor Nieuwjaarsdag, zagen we daar de t.v. aanstaan met schansspringen “Dat hadden opa en oma ook altijd
Traditie tóch doorgegeven!

Onze zoon en vrouw zijn een eigen traditie begonnen; Op 1 januari komt de hele familie daar samen en koken zij een -tig gangen diner voor allemaal. Een geweldig festijn, allemaal genieten we van het samenzijn en het heerlijke eten.

Bij ons thuis was Sinterklaas een feest met (zelfmaak) cadeautjes. Met kerst lag er voor ieder één pakje onder de boom; een BOEK.

Toen de kinderen groter werden en meisjes kregen wilden ze geen Sinterklaas meer vieren, maar cadeautjes onder de kerstboom. Ik stapte met moeite van mijn bij-kerst- horen- geen- cadeautjes filosofie af (een idee waarschijnlijk vanuit mijn christelijke opvoeding ontstaan)
Toen ook de gezinstraditie met kerst naar de kerk wegens geringe animo werd opgeheven had ik daar moeite mee en zei dat ook.
Onze zoon opperde; Dan verzinnen we toch in plaats van de “naar-de-kerk-gaan-“een nieuwe kersttraditie ?Het slimme plan dat hij introduceerde en dat we nog steeds uitvoeren is om kerst nacht 12 uur warme (eigengemaakte) chocolademelk met kerstbrood te eten en te drinken (bij kaarslicht)  tijdens het nuttigen daarvan vertelt iemand een kerstverhaal. Zelfgeschreven, uit boek of van internet, het maakt niet uit. Daarna wijst hij of zij iemand aan die volgend jaar met een verhaal aan de beurt is.
Dan worden de cadeautjes uitgepakt.
Geweldig gezellig met een “overdenkmomentje” én vrolijk-en gezelligheid.

In het gunstigste geval kan iedereen blijven slapen en hebben we Eerste kerstdag een brunch. Iedereen die wil en kan blijft die dag.

Met Tweede Kerstdag heb ik altijd een beetje moeite omdat dát mijn moeders verjaardag was. Die dag was mijn hele leven bijzonder. Als dan je moeder overlijdt blijf je op die dag altijd iets missen.
Het slijt, maar het is er altijd op die dag.
Vóór die dag hebben we geen nieuwe traditie kunnen maken; we nemen de dag zoals die komt.

De dag na de verhuizing.

boonie
We worden wakker op ons logeeradres in de Achterhoek en kijken naar buiten.
De aanblik van de poes die een plekje in het vogelhuisje heeft gezocht is nieuw,
geen idee hoe zij er zó ingekomen is.

We ontbijten. Het is zonnig dus we gaan een stukje lopen nabij Doetinchem op het bijna 600 hectare grote landgoed Slangenburg, aangelegd in de 17-de eeuw  en (veel )later in handen gekomen van Staatsbosbeheer.

 

De parkeerplaatsen op het landgoed zijn allemaal vol, ook  de toegangswegen, waar parkeerverbodsborden staan, staan helemaal vol met auto’s. We vinden een stuk verder een bospaadje waar we wél mogen parkeren; het is er erg rustig.
herfstwandelingHet is een landgoed met prachtige bospaadjes, wijde velden en een veld  nog begroeid met verpieterde mais. Te droog geweest? Het waterpeil is erg laag hier, vennetjes zijn bijna leeg en ook verschillende greppels staan helemaal droog.
We maken een leuke wandeling op dit mooie landgoed.

Als we op ons logeeradres terug zijn en ons hebben opgefrist gaan we naar Warnsveld; We  gaan met elkaar eten in restaurant de Pauw. Een prachtig restaurant dat in 2017 door brand (kortsluiting) verwoest werd. 10 maanden later opende het herbouwde restaurant weer en afgelopen zondag waren wij er, als gasten van ons zaterdag verhuisde familieleden.

de pauwGoede gastheren  heette ons welkom, verzorgden een drankje en gaven de menukaart.
Een bijzonder gevarieerd menu, waar ons gezelschap verschillende keuzes uit maakten.
Zowel vis (tonijn) als wild als T-bonesteak werd gegeten en iedereen was erg tevreden. De toetjes waren geweldig lekker, waarbij de Dame Blanche wel de Topper was.

Op een bord werd  een half ronde chocolade bol binnen gebracht, de ober goot er warme chocoladesaus op, waardoor het dakje van de chocolade halve bol begon te smelten en het ijs binnenin zichtbaar werd. Verrassend!

Het restaurant is tegenover een kerk die op deze avond met de verlichte ramen een prachtige decoratie in ons uitzicht vormde.

Om half 10 aanvaardden we de terugreis naar het Westen;  het was een productief, gezellig weekend met familie in de Achterhoek geweest.