Tijd verglijdt

“Of uren duren eeuwigheden
dat ligt hem aan het besteden”

Jan Pieter Heye (1809-1876)*)

 

Verleden jaar, 18 juni, stapte mijn broer door euthanasie het leven uit; hij was ongeneeslijk ziek en de aftakeling en pijn vond hij te veel om te dragen.

beeld nico
Het beeld aan zijn vijver,door hem gekozen voor zijn rouwkaart met zijn tekst “In dankbaarheid aan een optimaal leven”

 

Toen hij omstreeks april hoorde dat hij zou sterven vroeg hij ons (naaste familie) of wij zijn huis en tuin wilde “opruimen voor hij stierf” Dát hebben we natuurlijk (wie weigert een stervende iets?) gedaan.
Terwijl mijn broer in de huiskamer steeds meer achteruit ging, waren wij schuurtjes aan het afbreken, de zolder aan het leeg sjouwen en caravan en vouwcaravan aan het ontmantelen.**)
Mijn broer had de regie: alles moest weg!
Het was een heftige tijd; Hij wilde dat we  opschoten, hij wilde het klaar hebben vóór zijn dood en hij vond dat we geen tijd moesten ”verdoen” aan zijn bed.
Het was erg heet vorig jaar mei en juni!

Op 18 juni was de daadwerkelijke euthanasie.
Nu een jaar geleden.
We (naaste familie) hebben allemaal tijd nodig gehad om weer “gewoon” te kunnen leven na deze zo heftige tijd.
Fysiek waren we kapot van het harde werken in de hitte, er was zoveel te doen!
Maar ook geestelijk was het ongekend zwaar: iemand die wéét dat hij gaat sterven, die nog dingen wil regelen, iemand tegen wie JIJ  misschien nog dingen zeggen wil terwijl je tegelijkertijd bezig bent  met  zijn foto’s uitzoeken (“gooi alles maar weg)”en containers te vullen met ZIJN spullen. Emotioneel zwaar; hij wilde het zo!

En dan is het voorbij.
Na de zomer wordt het herfst, wordt het Kerstmis, komt het Nieuwe Jaar en langzaam wordt het weer “gewoon”, maar dan zonder broer, zwager, (schoon) vader of oom.

Nu is het een jaar geleden.
Een heel jaar hebben WIJ meegemaakt en hij niet meer!
We hebben het er nog vaak over, over hem, over die intensieve tijd ***)  ook door de spullen die NIET in de container zijn gegaan en waarvan er bij ieder van ons nog wel “iets” rondzwerft.

buddah
Bij ons staat een van zijn tuinbeeldjes

*) Nederlandse arts, dichter en liedjesschrijver
**)Anders wilde de ijzerboer ze niet meenemen
(in mei en juni 2018 heb ik daar  wat blogs over geschreven)
***) Het gaf ook ons een  close band door samen zoiets mee te maken

Terugblik week van de euthanasie

NVVEOp 7 februari schreef ik een blog over deze week.
Nu kreeg ik bericht dat meer dan 1.000 mensen de 5 plaatsen bezocht hebben waar de film”Voor het te laat is” gevolgd door een paneldiscussie gehouden werd en dat ook de inloopbijeenkomsten goed bezocht zijn.

Er waren veel vragen over dementie en euthanasie.
Op 12 april a.s. zal er  door de NVVE een symposium over de complexiteit van euthanasie bij dementie gehouden worden.
Het wordt in het midden van het land gehouden: in Amersfoort, congrescentrum de Eenhoorn (t.o. cs Amersfoort) van 9.45 tot 16.00 uur.

Info www.NVVE.nl/symposium

Week van de Euthanasie (9 t/m 16 febr)

Mensen die regelmatig mijn blog lezen weten dat mijn broer vorig jaar juni voor euthanasie heeft gekozen. Ook mijn schoonzusje heeft ooit na een heftig ziekbed voor euthanasie gekozen. Bij mijn moeder (die een euthanasieverklaring had)  is passieve euthanasie toegepast.
Ik ben van mening dat iedereen zelf een keuze moet kunnen maken wanneer hij of zij een eind aan zijn/haar leven wil maken en draag de NVVE dan ook een warm hard toe omdat zij de informatie daarover verstrekt en bij de politiek op de mogelijkheden van euthanasie heeft aangedrongen.

NVVEDe NVVE*) heeft de week van 9 t/m 16 februari uitgeroepen tot de week van de Euthanasie. Dat doen ze om informatie te geven en om het bewustzijn van de keuzemogelijkheden bij euthanasie te vergroten 

Overal in den lande worden in die week avonden georganiseerd waar informatie wordt gegeven en vraagstukken over euthanasie kunnen worden behandeld.

Dit jaar is het thema euthanasie bij dementie, omdat de meeste vragen die men bij de NVVE krijgt daarover gaan.
De film “Voor het te laat is” wordt in bioscopen in verschillende plaatsen vertoond (Breda en Enschede o.a.) Na de film is er gelegenheid tot stellen van vragen aan deskundigen.

Zie voor het programma van die week op www.NVVE.nl/weekvan

 

*) NVVE= Nederlandse Vereniging voor een Vrijwillig Levenseinde

 

Arts, filosoof en schrijver: Bert Keizer

Deze bijzondere man die filosofie studeerde en, naar eigen zeggen in het 2de jaar van zijn studie al ontdekte dat hij géén GROTE denker zou worden: “Dan kan je gaan lesgeven, maar sorry hoor, dat trekt me niet”
Hij ging  na zijn filosofie studie geneeskunde studeren; Omdat hij wel eens wat actie wilde en als iemand bij een arts komt dan wil hij wat!
Verbonden aan een verpleeghuis in Amsterdam kreeg hij veel met sterven te maken en ontdekte dat “hij daar wat mee kon” Nu werkt hij alweer een tijd voor de Levenseinde kliniek “Als huisartsen vinden dat euthanasie niet van toepassing kan zijn, dan komt de Levenseindekliniek in beeld.”

Bert Keizer kwam gisteren aan het woord toen hij geïnterviewd werd door Jacobine Geel*) in het Kerkcafé**) in Blaricum

Keizer  vertelde dat hij katholiek werd opgevoed en met de dood in aanraking kwam als 11 jarige jongen, toen zijn moeder, na een ziekbed, thuis overleed. Als kind was dat niet traumatisch: je moeder was ziek,  de pastoor kwam, die diende de laatste sacramenten toe, ze sloot haar ogen en stierf, waarna, als  de hele familie hard bad, ze van het vagevuur in de hemel werd toegelaten.
Op dit moment vraag Keizer of er gepensioneerde katholieken in de zaal zitten. Hij legt uit “dat zijn katholieken die er niet meer aan werken
Een paar aanwezigen steken hun hand op. Zij zullen zich herkennen in zijn verhaal over vroeger: Die katholieke zekerheden zijn weg als je het geloof de rug toekeert
Bij hem was dat omstreeks  1964: “Toen de Beatles kwamen ging bij mij het Gregoriaans eruit“ Als kind was ik godsdienstig. Niet als volwassene.

Jacobine vraagt Keizer hoe het nu is met euthanasie, zij las ( in Trouw) dat er na jaren van groei, nu sprake was van minder euthanasiegevallen. Keizer weet niet zeker waar aan dat kan liggen, wel wéét hij dat de  beoordelingscommissie ( achteraf) strenger aan het worden is en dat artsen wellicht “banger” zijn en daarom minder euthanasie plegen.
Hij vertelt dat er steeds “nieuwe” groepen aan de euthanasievragers worden toegevoegd:
* Eerst waren het mensen die, ongeneeslijk ziek, al bijna dood waren, toen
* zij die uitzichtloos lijden,
* beginnende dementerende,
* geesteszieken,
* mensen die hun leven voltooid vinden
* mensen die volledig dement zijn.

Over iemand van de laatste groep heeft vandaag een rechter zich uitsproken dat de procedure zorgvuldig is gevolgd. Dus dat ook iemand die NIET meer wilsbekwaam is, voor euthanasie in aanmerking kan komen.
Keizer vindt dat niet kunnen. Hij wil iemand in de ogen kijken als hij op dat moment, met de spuit in zijn hand vraagt of de patiënt euthanasie nog wil en niet iemand eerst met een slaapmiddel verdoven, zodat hij of zij zijn arm niet terugtrekt bij de fatale spuit (dat schijnen demente mensen te doen)

Keizer beantwoordt de vragen van Jacobine over dit zware onderwerp op een heel aparte, reeële, humorvolle manier.
Hij heeft vele uitspraken die mij (wiens broer 3 maanden geleden en schoonzus jaren eerder euthanasie hebben gepleegd) raken. Ook uit hun oorspronkelijke context denk ik dat ze voor zichzelf spreken, uitgesproken door een man die veel met de dood bezig is. Die dit jaar  11 x euthanasie heeft gepleegd en zegt “Ik ben niet eeltig, maar wel professioneel. Ik heb er geen slapeloze nachten van.  Als je iets vaker doet, word je er beter in.”

Een ziekenhuis is niet ingesteld op de dood.
En dat is ook wel een geruststellende gedachte.

Een arts is opgeleid om te denken: Wat is het probleem? Dan gaan we daar wat aan doen.
Als verpleegarts wéét je dat je niks kunt doen, je kunt alleen goed gezelschap zijn
.

Mensen vragen of ik zelf ooit euthanasie zal laten plegen. Dan geef ik als antwoord, Nou liever niet. Als je om euthanasie vraagt gaat het niet goed met je, anders vraag je het niet, ik ga liever gewoon dood.

Over de dood: Het is goed dat het leven eindig is. Je sleept de dood als een soort kogel je hele leven met je mee. Zonder “kogel” zweef je weg, dan heeft het leven geen zin.
Als je het eeuwige leven hebt, waarom zou je dan je bed uitkomen?

Over ziekte, leven en sterven: Leeftijd is geen diagnose! Het is niet zo dat iemand iets heeft en  de beslissing dan moet zijn: Hij  is 80 jaar dus……………Leeftijd is een gegeven verder niets.

Artsen zijn niet goed in palliatieve zorg (de zorg voor mensen die ongeneeslijk ziek zijn) dat zit niet in hun pakket, ze zijn opgeleid om mensen beter te maken.

Hij vraagt zich af: Waarom is het zo erg als we sterven? Een hondenkerkhof is niet zo verdrietig als een mensenkerkhof. Van honden accepteren we het dat ze een beperkte levensduur hebben, waarom van mensen niet? We zijn per slot van rekening apen met een heldere oogopslag.

Mensen denken dat stervende op de drempel van de eeuwigheid staan en dat dat “bijzonder” is, in feite ligt de stervende op een plooi in het laken.

Sterven gaat niet met een groot gebaar. Sterven op zich is vrij saai.

Een bijzonder man Bert Keizer, veel ( letterlijk) bezig met de dood, een man met een eigen visie, die MIJ in ieder geval veel te overdenken heeft gegeven.

 

*) Jacobine Geel is theologe,  presentatrice NCRV, bestuursvoorzitter GGZ Ned.
**) Bijeenkomsten op het raakvlak van geloof en samenleving

 

Communicatie over zee

Als er buitenlandse familie is en er is een sterfgeval, moet die op de hoogte gesteld worden.
Geen punt in deze moderne digitale tijd?
Wel dus.
Want in ons geval is de Engelse schoonzus 90 jaar, woont nog op zichzelf en is wars van alles wat “knopjes” heeft.

Ik vind trouwens dat je iemand van die leeftijd niet met zulk nieuws telefonisch “overvallen” kan.
Ze wist dat haar zwager ernstig ziek was, maar de overlijdensmededeling kan toch onverwacht hard aankomen. (Engelsen en de Nederlandse euthanasiewet is toch altijd een moeilijk punt)
Ik had dus voor een (slimme/laffe?) manier gekozen en haar zoon geappt of hij haar het nieuws wilde vertellen.
Hij woont ver van haar vandaan, had geen tijd om naar haar toe te gaan en haar “gewone” telefoon lag er een paar dagen uit, deelde hij me per app mee.
Hij zou voor een behouden reis  van mijn broer naar de hemel bidden.

Daar had ik het probleem “hoe vertel ik het mijn schoonzus” weer terug.
Ik had daar geen oplossing voor.
Gelukkig kwam de zoon met het verlossende appje: zijn ex woont in  dezelfde stad als mijn schoonzus. Hij had haar gebeld (bijzonder want ze hebben bij mijn weten geen contact meer) en gevraagd of ze zijn moeder wil vertellen dat haar zwager is overleden.(mijn schoonzus en haar ex schoondochter hebben nog contact, ikzelf geen telefoonnummer of whatsapp adres, stuur haar alleen de traditionele kerstkaart)
Zij wilde wel haar schoonmoeder het verdrietige nieuws brengen.
Communicatie probleem opgelost.

Toch moest ik nog even een ander “dingetje” aankaarten:
Een vrouw van 90 jaar, alleenwonend zonder communicatiemiddel!
Hoe zat het met die telefoon?
Appje terug; hij zou de telefooncompany waarschuwen.
Volgende dag appje zoon: telefoonmaatschappij zou de telefoon woensdag herstellen. Nog een “probleem” opgelost.

Mijn schoonzus weet dus van het overlijden en is woensdag weer bereikbaar. Ik neem me voor haar dan te bellen, maar ze is me voor.
Woensdagnamiddag gaat de telefoon; ze is verdrietig.
De “euthanasiekwestie” hebben we aan de telefoon niet besproken, wél zei ze dat het goed was dat hij nu niet meer hoefde te lijden en vroeg ze of ik bloemen namens haar wilde regelen.
Dat heb ik inmiddels gedaan.

Een teken

Sommige mensen geloven in  hemel en hel, sommigen in reïncarnatie of in het grote NIETS.
Mijn broer geloofde dat het hierna OP was.
Hoewel hij dat later nuanceerde in “ik geloof wel dat je een tijd in een tussenstadium bent, en nog niet helemaal weg”
Ik vroeg toen of hij vanuit dat “tussenstadium” me, als hij kon, een teken wilde geven. Hij dacht niet dat dat kon, maar; wie weet.

Toen ik afscheid van hem ging nemen vroeg hij of ik nog even wilde blijven want de begrafenisonderneemster kwam later en wilde me nog spreken.
Ik zei dat ik nu echt ging ( een definitief afscheid kún je na dat alles gezegd is en de kus gegeven niet rekken) en dat ik haar maandag wel zag.
“O, dus je komt wel…..daarna? ( hij wist dat ik bij de eigenlijke euthanasie niet zou zijn)
– Ja zeker –
Hij keek geëmotioneerd. “Ga je me dan nog even aaien”.
Ik knikte ( mijn stem weigerde dienst)

Ik heb in het verleden moeite gehad ná het overlijden met het zien van het dode lichaam en  besloten dat NIET meer mee te willen maken.
Ik wil de mensen liever herinneren zo als ze levend waren. Het lichaam zie ik als een “jas” die nadat de ziel eruit is, slechts een omhulsel is. (ik heb moeite met het zien van “de jas”)

Vandaag was de eigenlijke euthanasie. Nadat het was gebeurd en mijn broer was  gekist gingen we naar zijn huis om afscheid te nemen.
Ik ging mijn broer even “aaien”
Ik legde een witte roos op zijn kist en “aaide” de kist.
AU! Dat deed zeer!. Er zat een splinter in de muis van mijn hand, een flinke.
Ik keek naar de dichte kist.
Er kwam een glimlach om mijn mond; de splinter zie ik als mijn broers teken:
– Aaien? Noem je dit mij aaien, je aait een kist meissie!! –
Een splinter. Ik kreeg mijn gevraagde teken.

Gedicht

Nu er niet meer te doen is, alles is geregeld, alles is gezegd, ligt mijn broer in zijn bed te wachten op de euthanasie. Een zware tijd, waarin we nauwelijks iets voor hem kunnen doen.
Als ik eenmaal thuis ben, bedenk ik wat ik zal zeggen op zijn crematie. Deze laatste tijd is zo hectisch geweest, er zijn zoveel extreme dingen gebeurd dat is niet te delen met “anderen”. Dit  laatste stukje leven van mijn broer hebben we in een smeltkroes van emoties en hard werken met elkaar gedeeld en is niet in woorden in een aula  vol toehoorders te vatten.

Dus doe ik wat ik dan altijd doe: ik zoek het in woorden van anderen. Ik haal één plank uit onze Billy boekenkast leeg, die met de dichtbundels. Ik zit op de bank omringd door, meestal dunne, boekjes en lees! Ik hoop op een Eurekamoment. Ik heb, na lezing, een aantal boekjes met bladwijzers, aan de kant gelegd. Maar HET gedicht zit er nog niet bij.

Na  veel lezen komt het wel! Alle boekjes kunnen terug op de plank: DIT is het.
dichtbundel
Ik lees het voor aan mijn lief, ook hij “ziet” het.
Dan ga ik denken: ik kán het voordragen, maar wil ik niet mijn broers zegen?
Het is een gedicht vanuit de gestorvene gesproken.
Zou ik het dan niet met mijn broer moeten bespreken?
Kan ik dat?
Ik slaap er een nachtje over. Of liever gezegd: ik slaap niet.

De volgende dag, naast mijn broers bed vraag ik of ik mag voorlezen wat ik, eigenlijk namens HEM zeggen wil. Het mag. Ik lees, mijn stem breekt.
Ik wilde het zo graag “mooi” voorlezen. “Natuurlijk” lukte dat niet.
De essentie komt over. Een traan drupt uit mijn broers oog: Doen.
De rest van de familie knikt.

Euthanasie.

Toen mijn broer wist dat de kanker door zijn hele lijf zat, heeft hij mij meteen gevraagd hoe dat gaat met euthanasie (ik ben daar al een keer eerder bij betrokken geweest)
Ik heb hem een link van de NVVE (Ned.Ver.Vrijwillig Levenseinde) gestuurd.
Hij is er lid van geworden en heeft de verklaringen thuis gekregen en getekend.
Ook zijn zoon en ik hebben getekend voor het geval hij niet meer wilsbekwaam zou zijn en wij zijn laatste wens zouden moeten uitvoeren.

Wij zijn er niet bij nodig, want hij heeft volkomen wilsbekwaam de nodige stappen gezet. De SCEN arts ( Steun en Consultatie bij Euthanasie in Nederland) is geweest.
Dat is een andere arts, dan degene die de euthanasie gaat verrichten.
Eén van de zorgvuldigheidseisen houdt in dat de behandelende arts ten minste één andere onafhankelijke arts moet raadplegen. Deze andere arts (consulent) moet de patiënt zien en schriftelijk zijn oordeel geven of de arts, mocht deze tot uitvoering van euthanasie overgaan, aan de wettelijke zorgvuldigheidseisen zal voldoen.

Gisteren was deze arts bij mijn broer. Wij hebben ons teruggetrokken.
Wettelijk, zei de arts, MOET hij 5 minuten met de patiënt alleen praten en een uur waar familieleden bij mogen zijn. Mijn broer gaf ons geen seintje en kon het kennelijk alleen af. Hij had een goed gesprek met de arts gehad zei hij.
Deze SCEN arts gaat de huisarts adviseren over de euthanasie, zelf zegt hij niets, hij adviseert de behandelend arts!

De huisarts neemt  daarna contact met de patiënt op.
Dat heeft hij gedaan: datum en tijd van de euthanasie zijn vastgesteld.
Het moment komt naderbij.

Euthanasie

Mijn broer ongeneeslijk ziek, wil, als de tijd daar is euthanasie.
De verklaring voor mij om te tekenen lag gisteren klaar op zijn tafel.
Als hij niet meer wilsbekwaam is wil hij dat zijn zoon en ik zijn (laatste) wil uitvoeren.

Ik vind dat tekenen een heftig iets. Het is meewerken aan de dood, dat doe je niet lichtvaardig.
Engelse familie van me vindt dat wij Nederlanders maar “makkelijk” over euthanasie praten en dat onze regering daar maar “makkelijk” mee ingestemd heeft.
Ik kan  ze niet uitleggen dat dat niet “makkelijk” is gegaan (wel geprobeerd)

Euthanasie meemaken, er (passief) aan meewerken laat krassen na op je ziel.
Bij mij wel. Palliatieve sedatie én euthanasie, ik heb het beide meegemaakt, het was beide heftig. Het enige dat NOG erger geweest zou zijn, was iemand ZO te laten lijden.

Euthanasie. Mensen van wie je houdt zie je achteruit gaan, erger ziek worden. En als het ondragelijk is, is er a way out. Dat willen ze niet; ze willen leven!
Pas als dat niet meer kan en het ondragelijk wordt nemen ze die beslissing, liefst met de steun van de mensen van wie ze houden.
De ultieme daad van liefde is om ze te laten gaan, maar “makkelijk” is het nooit!

Glijd, als de tijd daar is, zachtjes weg, broertje.

 

Week van de euthanasie (10-17 febr.)

De Nederlandse Vereniging voor een Vrijwillig Levenseinde (NVVL) is op 23 februari 1973 opgericht en heeft inmiddels 166.000 leden. Het is een vereniging die “er is voor iedereen die waardig wil sterven”. Deze vereniging organiseert jaarlijks de
                                                      Week van de Euthanasie
E
r worden dan discussies gevoerd en een film bekeken. Dit alles om meer informatie te geven én te debatteren over een vrijwillig gekozen levenseinde.

In Engeland ben ik, als Nederlander, aangevallen op onze Hollande euthanasiewet (in werking getreden 1.4.2002) Wij Nederlanders, zouden het mensen het sterven té makkelijk maken. Ik heb zelf zowel een actieve als een passieve euthanasie meegemaakt. In beide gevallen was er sprake van medische ongeneeslijkheid en ondragelijk lijden en er is in allebei de gevallen niets “makkelijk” gegaan. Er werd met de patiënten en hun naasten gesproken, alle mogelijkheden werden besproken en toen er echt niets medisch meer mogelijk was, werd uiteindelijk  de euthanasie mogelijk gemaakt. Dit speelde zich eind jaren ’90 af.

10 tot 17 februari: Een jongerensymposium(10/2) een bijeenkomst rond de film” ’t Is mooi geweest” (15/2) en een discussiebijeenkomst met als thema “Help, mijn moeder wil euthanasie”(13/2)

[ Voor meer informatie: https://www.nvve.nl/weekvan%5D