Kurkuma – supplement van het jaar 2019

kurkuma
Ik ken kurkuma, of koenja of geelwortel alleen als kruid, dat bij een curry gebruikt wordt én ik heb wel eens gehoord dat het als verfstof bij textiel werd gebruikt. Daar houdt mijn kennis van kurkuma op. Tot gisteren.

Ik kreeg het blad Vitamin Times in de bus (abonnement is gratis)*) dat deze keer bijna geheel gewijd was aan kurkuma, verkozen tot supplement van het jaar 2019!

Hierin las ik een paar opvallende zaken:

  • In de traditionele Oosterse geneeskunde staat het bekend als bloedzuiverend
  • Ook de Grieken kenden kurkuma: arts, farmacoloog en botanicus Dioscoris heeft in zijn encyclopedie van kruidengeneeskunde Materia Medica al gerept over kurkuma (omstreeks de jaren 54-68 )
  • Marco Polo (1254-1324) beschreef kurkuma als eetbare plant met de eigenschappen van saffraan**)

Dan naar het NU: kurkuma

    • wordt toegepast in curry, rijst en soep en schijnt een positieve werking op de spijsvertering te hebben;
    • wordt gebruikt om etenswaren “geel” te maken; zoal in vanillevla, kaassnacks en roombotercake;
    • wordt gebruikt als kleurstof voor het verven van textiel en als inkt
    •  wordt gebruikt als voedingssupplement

De officiële naam van de plant  is Curcuma longa; de gele wortel bevat de specerij kurkuma, waarin  curcumine de belangrijkste werkzame stof is

In 2018 werd er een onderzoek gepubliceerd in American  Journal of Geriatric Psychiatry over  curcumine; een groep mensen kreeg 18 maanden lang dagelijks een hoge dosis curcumine.
De conclusie was dat er bij deze mensen minder vorming van bepaalde stoffen, die bij de ziekte van Alzheimer normaal gesproken worden aangetroffen in de hersenen, aanwezig waren én dat deze mensen een betere geheugenfunctie hadden.

Kortom veel positieve propaganda voor curcumine. Dan heb ik het nog niet gehad over depressiviteit waarbij het in combinatie met antidepressiva betere resultaten gaf dan alleen antidepressiva. En over inname bij kanker***)

Een positief kruidje dat, voordat IK het ooit “medicinaal” zou gaan gebruiken nog wel wat meer research vereist (uit andere bronnen dan alléén Vitamin Times)

 

 

*) aanvragen bij info@vitamintimes/nl; verschijnt 3x per jaar
**) een kruid, oorspronkelijk afkomstig uit Perzië dat bij neerslachtigheid werd gebruikt
***) Onderzoeker M.Heger (AMC) in AD maart 2019 ”Curcumine kan kanker NIET genezen maar wel bij enkele kankersoorten, de chemotherapie gunstig  beïnvloeden”

Misschien geen eerlijke vergelijking

Gisteren moest ik naar het ziekenhuis. Niet voor het gat in mijn hoofd maar voor iets anders.
Ik ben altijd (zie ook eerdere blogs over medische zaken) erg tevreden over de medische zorg in Nederland, maar niet eerder was ik me zo hyperbewust van de zegeningen van een goede gezondheidszorg en verzorgend personeel.

ziekenhis van buitenHet gebouw: licht en schoon met mensen die je aankijken
NIET EERLIJK om de vergelijking met het Boedapester ziekenhuis te maken; dáár was ik ’s nachts, donker (letterlijk) en stil.
NIET EERLIJK: hier kom ik door de hoofdingang, daar door een achterommetje bij de spoedeisende hulp, die wel een garage leek.

ziekenhuis internTóch maak ik de vergelijking. U mag best weten dat mijn ogen traanden toen de medisch specialist me vroeg wat er gebeurd was, toen ik gehavend binnen kwam. Het had NIETS met zijn specialisme te maken! Het was geïnteresseerdheid!

Ik reis ontzettend graag, verruim  er mijn kennis over andere landen en volkeren mee.
Ooit was er een kans dat mijn lief in het buitenland zou gaan werken en ik met hem mee kon gaan; het ging niet door, maar ik had er geen moeite mee om weg te gaan uit Nederland.
Desondanks ben ik zo dankbaar dat ik in Nederland leef en geboren ben; waar misschien veel overgeorganiseerd is en teveel regeltjes zijn, waar vaak van betutteling sprake is, maar waar het o zo goed leven is!

 

Slechts één paar lieve,Hongaarse ogen

’s Nachts word ik misselijk wakker, ik moet vomeren en loop naar de badkamer.
Als ik bij kom staat mijn lief over me heen gebogen en moet ik stil blijven liggen.
Mijn hoofd bonkt als een gek en ik voel vocht. Ik “doezel” weer weg. Ik hoor mijn lief bellen en probeer ondersteund naar mijn bed te komen. Er wordt geklopt en ik hoor de Engelssprekende receptioniste; er komen twee geelgeheste ambulancepersonen in mijn blikveld. Het is druk in de kamer, veel gepraat. Ik hoor dingen als: Passport, insurance, allergic? Seafood?
De blond gepaardenstaarte ambulancedame komt mijn blikveld in en begint aan me te sjorren, ze wikkelt een verband hardhandig en erg strak om mijn hoofd. Harde ogen kijken me aan, geen enkele blik van mededogen. Mijn hoofd bonkt en ik zak weer weg. Ik hoor mijn lief ruziemaken, hij geeft mijn paspoort NIET af. De paardenstaart blaft, kennelijk MOET het. Mijn lief houdt voet bij stuk.

Ik ben er weer als ik hoor “Can she walk?” de receptioniste vertaalt de paardenstaart. Ik snap het al en kom overeind. De tot dan toe op de achtergrond gebleven broeder komt naar voren en ondersteunt me, terwijl mijn lief mijn broek aangeeft en mijn sokken en schoenen aanwurmt. Zelf gris ik mijn vest van de stoel, de broeder helpt me er in en hij en mijn lief sjorren me omhoog, de gang in, de lift in, de straat uit.
Het is stil in de straat.

De ambulance staat een eind verder (autovrije straat, dus óók geen ambulance!)
Ik word rechtop in een stoel gehesen, de paardenstaart blaft bevelen, de broeder helpt me met de gordel. Ik wil slapen. Mijn lief zit naast me en pakt mijn hand. Hij is er.
We scheuren weg. Ik heb moeite om te blijven zitten, glijd onderuit. De sirenes gaan aan.
Ik ben toch niet ernstig??

ziekenhuisbandje

Daarna beland ik in een soort kafka-achtige scene. Een achterkant van een ziekenhuis met verticale doorzichtige, harde lamellen waar ik lopend doorheen geduwd wordt en een klein, gedrongen man in een wit trainingspak die me op een zwart leren brancard wijst. Ik hoor weer passport en mijn lief moet kennelijk iets regelen. De ambulancebroeder verschijnt in mijn beeld (het verband belemmert mijn zicht gedeeltelijk) Hij trekt me op en helpt me op de brancard, trainingspak haalt de hekjes aan weerszijden omhoog en daar lig ik dan. Alles in het schemerdonker. Er komt een zwartgeklede man aan, dronken? Stoned? Hij pakt de brancard vast en stamelt in het Hongaars. Ik trek dit echt niet. Ik kan me nu geen junk van het lijf houden. Gelukkig verschijnt mijn lief, die tussen mij en de junk/dronkenman komt staan,niemand anders is aanwezig.

Het trainingspak verschijnt weer, pakt de brancard en rijdt ermee weg, mijn lief loopt er achteraan, maar hij wordt gestopt, alleen ik kom een verlichte ruimte binnen: Plank aan de muur met verlichte schermen, 3 figuren hangen in een stoel, één met haar benen gedeeltelijk op de plank, één probeert kennelijk te slapen en ligt opgerold in een stoel en een ander draait zijn stoel om als we binnenkomen; trainingspak blaft iets. Géén enkele reactie van de twee ander figuren.
Het is alsof ik er niet ben.

Ik zak weg en zie een grote tang op me af komen, trainingspak begint de knippen, hardhandig. Volgens mij knipt hij ook mijn haar mee. Hij duwt een lap met vocht op mijn hoofd, het loopt mijn nek in (ik hoop maar dat het iets desinfecterend is, ik heb nog niets steriels gezien) Dan komt er een jonge man in witte jas, hij kijkt naar mijn hoofd (stelt zich niet voor, kijkt naar mij of ik een ding ben en zegt: “no stitches”  zegt verder iets Hongaars tegen trainingspak en vraagt dan “last 3 weeks Tetanus?” Ik zeg no.(3 weken zo’n prik is toch 10 jaar geldig?)De dokter vertrekt.

Trainingspak komt weer in beeld, hardhandig drukt hij op mijn hoofd en plakt zwaluwstaartjes. Ik zeg au! Hij verdwijnt en komt terug met een naald. Mijn rechterarm mag om medische redenen persé niet beprikt worden. Ik zeg dat, hij verstaat me niet, het interesseert hem ook niet; hij pakt mijn rechterarm. Met alle kracht die in me is brul ik NO. De ambulancebroeder komt in mijn blikveld (kwam hij net binnen?) hij pakt mijn hand, ik zeg hem not my right arm . Hij zegt iets tegen trainingspak die terugblaft, ik probeer mijn linkerarm vrij te maken, maar mijn pyjamajasje zit te strak. De broeder lijkt iets te zeggen dat klinkt als quick. Ik open mijn knoopje en maak mijn linkerschouder vrij. Uit het niks komt de naald.
Is trainingspak om me heen geslopen? Het doet zeer, de ambulancebroeder buigt zich over me heen, lieve ogen kijken me aan en knikken me toe. Eén echt levend mens in deze ruimte met een soort zombies met lege, ongeïnteresseerd ogen.Ik ben de ambulancebroeder zó dankbaar.

Mijn brancard wordt weggereden naar de donkere ruimte, mijn lief komt weer in beeld. Ik hoor hem praten met de ambulancebroeder! Duits. Ik hoor hem vertellen dat hij zijn spreekvaardigheidstest Duits gisteren heeft gehaald, dat hij zich verontschuldigt voor het gedoe hier, dat ze altijd veel interesse hebben in formaliteiten, meer dan……
Ik houd van die man!
Hij kwam in de hotelkamer amper aan bod doordat paardenstaart de leiding had/nam, maar hij is de enige die zich om ons bekommert.
Hij neemt afscheid. We zijn weer alleen tussen de zombies.

Trainingspak komt weer in beeld en rijdt me uit de donkere ruimte. Alles zonder een woord te zeggen (oké hij kent alleen maar Hongaars, maar zeg wat, knik, kijk me aan, NIETS)
Waarheen gaan we nu? Mijn lief loopt mee, er moet nog een CTI scan gemaakt worden, had de ambulancebroeder in het Duits aan mijn lief verteld.
Ik zie de junk(?) weer, hij zwalkt (loopt schuin) door de ruimte, niemand besteed aandacht aan hem. Er zit een man op een stoel met een doek onder zijn kin.  Verder is er niemand.We rijden door gangen en trainingspak drukt op een bel, er galmt iets, hij pakt een soort hoorn van de haak en blaft er iets in, de metalen deur schuift open met een geratel van een garagedeur.
Mijn lief blijft buiten en mijn brancard wordt naast het apparaat gereden. Trainingspak wijst op het lig gedeelte. Ik kan moeilijk over het hekje heen klimmen en vraag of het hekje naar beneden kan, hij zucht en wijst op het bed. Ik wijs terug op het hekje; hij rommelt wat en het hekje zakt, ik schuif op en… zak weg. Ik hoor Hongaarse stemmen, ik houd mijn ogen gesloten, het gebrom begint en mijn bed schuift het apparaat in.
Als het gezoem ophoudt komt trainingspak in beeld, hij wijst weer op de brancard, er loopt een blauw figuur weg. Ik schuif weer door en wordt weggereden.

Mijn lief pakt mijn hand. Ik wil  NU naar huis! Naar het hotel en ons vliegtuig halen. Geen idee hoe laat het is en dit allemaal geduurd heeft, maar het lijkt me nog donker dus het moet lukken (om 10.00 uur s morgens worden we opgehaald)  Mijn lief is dingen regelen en ik zie de dokter lopen. Ik roep hem, hij komt, ik vraag wat de uitslag was van de CTI scan, negative. Is dat goed of fout? You can go home now.
Hij verdwijnt uit beeld en ik blijf wachten op mijn lief.

Dan voel ik nattigheid, er loopt bloed over mijn gezicht. Mijn lief verschijnt in beeld en roept; My wife is bleeding. Trainingspak komt in beeld en rijdt me weer naar de eerdere ruimte met de plank aan de muur, hardhandig verwijdert hij de zwaluwstaartjes. De dokter komt in beeld en zegt stitches en is weer weg. Ik word weggereden en samen met mijn lief gaan we gangen door. Er wordt weer ergens aangebeld, getelefoneerd en er schuift weer een metalen deur met geratel open. Een fel verlichte ruimte: operatiekamer. Een oudere in blauw geklede dame staat in de deuropening. Trainingspak wil mijn brancard binnen rijden, maar ze pakt hem over, mijn lief glipt de deur in. Trainingspak wil dat niet, hij loopt op mijn lief af, agressief. Ik vrees een lichamelijke confrontatie en kom overeind; bloed begint weer te lopen.
I don’t leave my wife hoor ik mijn lief zeggen, sussende woorden van de blauwe dame, boze woorden van trainingspak. De blauwe dame wijst op een stoel in een hokje zonder deur, mijn lief gaat braaf zitten: hij is binnen. De deur schuift ratelend dicht met een briesend trainingspak aan de andere kant.

De dame pakt een in blauw gewikkeld pakketje en opent het, glimmende instrumenten komen er uit, ik kom wat overeind, wil weten wat er gebeurt. Met zachte hand drukt ze me neer: stitches zegt ze. Ik krijg een groene doek met een gat erin over mijn hoofd en hoor de dokters stem. Injection for pain en er wordt meteen een naald in mijn hoofd gejast. Het doet ontzettend pijn en als de naald eruit gaat komt er meteen een tweede in
(kennelijk met draad) die niet veel minder pijn doet dan de eerste (moet daar niet een tijdje tussen zitten?) Er wordt me niets gevraagd.

De dokter verdwijnt.
De dame haalt de doek weg, plakt een verband half op mijn oog en de deur ratelt weer open.
Trainingspak rijdt me naar de hal, mijn lief houdt gepaste afstand.
In de donkere hal is de junk weg, maar de meneer met kin zit nu met verband op een stoel.
Ik hoor een stem tegen mijn lief zeggen pay en zie een vinger naar een hokje wijzend.*)
Mijn lief verdwijnt en ik besluit weg te doezelen. Ik kan niks, BEN NIKS,  HIER ben ik alleen  een hoofdwond.
verwond

Even later hoor ik mijn lief iets zeggen over een taxi, de hekjes zijn naar beneden en ik probeer te gaan zitten, dat gaat. Mijn hoofd bonkt van mijn romp, maar ik kan staan en ondersteund door mijn lief een gang doorlopen. Daar zit een man in een blauwe (beveiligings ?) trui in een hokje.
De administrateur waar mijn lief moest betalen was aardig en had gewezen waar we uit het gebouw konden en gezegd dat de bewaker een taxi zou bellen. De trui kijkt ons ECHT aan, staat op zegt “taxi yes,5 minutes” en wijst op stoelen. Eindelijk weer een mens! Hij gaat naar buiten kijken of de taxi eraan komt en wenkt. De lieverd! We stappen in de taxi zeggen de naam van het hotel en rijden weg, laten dit hellhole met zombies achter ons.
Als we in de buurt van het hotel zijn vraagt mijn lief  de chauffeur hoe hij moet betalen; onze HUF’s zijn op.( we gaan immers over een paar uur naar huis)
Geen punt, het mag ook in Euro’s. Hoeveel is dat? Hij vraagt 5 euro’s voor de rit.

We lopen naar het hotel, het is inmiddels iets over drieën en gelukkig is de straat uitgestorven. Niemand ziet het onder mijn vest uitstekende pyamajasje, mijn strompelende gang en mijn verbonden hoofd. De receptioniste knikt als we lang haar lopen, mijn man verontschuldigd zich voor de troep in onze kamer, ze wuift het weg
“ They’ll clean it tomorrow”
Ik ruk de vieze lakens van het bed en plof zó op de matras, uitgeput.
Mijn lief gaat de badkamer kuisen, er ligt een mega plas bloed en meer. Als we naar het toilet moeten moeten we niet uitglijden!! Ik verontschuldig me voor de puinhoop, hij kijkt me aan met een blik die zegt; houd je mond, laat mij mijn ding doen en ga slapen!
Ik houd van hem!

*) Het bedrag dat ik in Nederland pas op de rekening zie was, omgerekend in euro’s, ca  € 60,- (mét ambulance, CTI scan en tetanusprik !)
We hadden graag wat meer betaald voor een beetje meer menselijkheid.

 

Ziektenkostenverzekering

Met een verzekering  wil de verzekeringnemer de financiële gevolgen van een risico, dat hij zelf niet kán of wil dragen, afdekken.
Met een verzekering stelt de verzekeraar, tegen betaling van premie, de verzekerde schadeloos in bepaalde (afgesproken) situaties.

Een ziektekostenverzekering sluit je af omdat in het geval je ziek wordt, de geneeskosten én bijkomende kosten betaald kunnen worden. Er zijn landen waar je als je ernstig ziek bent, dood kunt gaan omdat je NIET verzekerd bent en de kosten van behandeling of geneesmiddel NIET kunt betalen.
In Nederland  zijn we verzekerd voor veel. Een basisverzekering is in Nederland voor iedereen van 18 jaar en ouder wettelijk verplicht. Niet alleen de ziektekosten kunnen verzekerd worden maar ook, hulp in de huishouding (als je te ziek of te oude bent om het zelf nog te kunnen)  Zo ook hulpmiddelen die je tijdelijk of voor altijd nodig hebt, zoals krukken, een rollator.Je kunt vergoeding (geheel of gedeeltelijk) krijgen voor een bril, prothese, steunzolen, gehoorapparaat of beugel.

We leven in een geweldig land dat dát allemaal kan. Ja die premie kan behoorlijk hoog zijn, maar de kosten dat ook.

Waarover wind ik me dan nu (in de decembertijd) zo vreselijk op?
Er staan borden buiten bij opticiens met teksten als : heeft u uw brillenvergoeding nog niet opgebruikt dan kunt u bij ons……………….
Hoezo nog niet opgebruik
t?
Als het nodig is kun je 1 of per 2 jaar een (gedeeltelijke)  vergoeding voor nieuwe bril krijgen. Opticiens, maar ook “mensen” doen alsof ze recht op die bril hebben.
Onlangs vroeg iemand hoe lang ik mijn bril al had.
Ik weet het niet precies, denk een jaar of 8.
De ander zei meteen “Maar je kunt toch om de 2 jaar een nieuwe bril krijgen?”
Hoezo krijgen? Ik heb geen nieuwe bril NODIG! Deze is nog goed!
Hetzelfde met steunzolen! Als ze niet goed of “op” zijn dan is het fijn dat nieuwe mogelijk zijn, maar het hoeft niet!
Iedereen klaagt over de kosten van de ziektekostenverzekering.
Vind je het gek als iedereen elke keer dat het kán nieuwe spullen gaat halen?
Het kán als het nodig is!
Niet nodig, haal dan niet afnemen, dan kunnen de kosten ook omlaag!

Vandaag hoorde ik een nog maffer verhaal over patiënten van fysiotherapeuten. Patiënten kunnen bijvoorbeeld 8 behandelingen per jaar krijgen. Ze hebben er 6 gehad en zijn  van hun klachten af.
Fysiotherapeuten hebben in het in de maand december razend druk omdat mensen komen, zónder klachten maar met nog 2  (gratis) behandelingen voor dat jaar.
“Maak mijn schouders maar los” of “Masseer mijn rug maar, ik heb nog recht op 2 behandelingen”
Daar zakt mijn broek van af!

Je hebt ook een brandverzekering voor je huis, je steekt toch ook niet iedere paar jaar je huis in de brand om je premie eruit te halen?

Van mij mogen veel mensen wel eens socialer gaan denken!  Oók op dit gebied.

Waarschuwing!

Als je, op een zaterdag, aan het eind van de middag langs een oliebollenkraam rijdt en onweerstaanbare drang krijgt om oliebollen of appelflappen mee naar huis te nemen: weersta die drang!

Mocht je tóch stoppen en gaan kopen, kijk goed in de vitrine! Zie je daar maar een handjevol oliebollen en/of appelflappen liggen, keer dan alsnog om! (het zijn niet voor niets de laatste!)

Kun je de drang NIET weerstaan en kocht je voor € 4,- 2 appelflappen; gooi ze thuis in de vuilnisbak.

Vind je dat zonde van het geld en ga je ze  ’s avonds voor de bij de koffie toch “even oppiepen” en lekker warm nuttigen: ruik dan goed! Als  ze, op een servetje, onder je neus komen om de eerste hap te nemen en ze ruiken ranzig: gooi alsnog weg! Alleen het laatste stukje weggooien omdat de flap enorm tegenvalt is niet genoeg!

Twee derde opeten is al genoeg om boven de w.c. pot te moeten hangen en de halve nacht kotsmisselijk te zijn.

Neem deze les ter harte. Ik deed het niet en zie waar het mij bracht!
kots

Vertrek huisarts.

Onze huisarts gaat weg. Bijna 30 jaar is hij hier huisarts geweest en nu hij bijna 65 jaar is gaat hij met pensioen. Ik zag het niet aankomen. De man heeft een jeugdige uitstraling en ziet er zeker niet uit als 64.

Er zitten in ons gezondheidscentrum 3 artsen, (+vervangers) .De eerste  (oude) vertrok in 2013  na vele jaren hier huisarts te zijn geweest. In 2017 is de volgende huisarts weggegaan die hier 37 jaar heeft gewerkt en nu dus nummer 3. De mijne!

Toen hij deze huisartsenpraktijk binnenkwam schreef ik een column voor het plaatselijke blad en in die hoedanigheid interviewde ik de nieuwe huisarts. Hij vertelde dat hij gewerkt had bij een Medische Noodhulporganisatie in rampengebieden. Ik vroeg me toen af of na, in heftige (oorlogs)gebieden te zijn geweest, hij een keelontsteking of een griep (waarvoor mensen in een huisartsenpraktijk kunnen komen) niet “peanuts”zou vinden in vergelijk tot de eerdere verschrikkingen. Hij zag dat toen niet zó en heeft dat, ook nooit laten blijken.

Als je niets ernstigs krijgt en je inderdaad “alleen” voor een flinke griep, keelontsteking of een akelige val bij de huisarts komt, is een “goede” arts  ruim voldoende. Als er andere, ernstigere zaken voorkomen is dat een heel ander verhaal. Hij schreef dat ook in zijn afscheidsbrief naar zijn patiënten*) toe dat hij “bijzondere momenten van verdriet, geluk, van spanning en onzekerheid, angst en wanhoop met sommigen van zijn patiënten heeft meegemaakt.”
Die dingen zullen ook een huisarts niet in de koude kleren gaan zitten, dus na een periode van huisartsenpraktijk heeft hij zijn geestelijke en lichamelijke rust ook wel verdiend.
Gaat hij op zijn lauweren rusten? Nee, het bloed kruipt waar het niet gaan kan, hij wordt vrijwilliger bij Stichting VluchtelingenWerk Nederland.
En zo is de cirkel weer rond.

*) waarin hij ook zijn opvolgster aan zijn patiënten voorstelt.
Significant detail is dat de praktijk nu uit 3 vrouwelijke artsen gaat bestaan.

Ziekenhuisbezoek

Gisteravond gingen we op ziekenbezoek in een ziekenhuis.
We contacten eerst familie die een agenda bijhield wanneer en wie er aan zijn bed zouden zitten, want 2 mensen was het maximale bezoek in één keer, na een behoorlijk zware operatie. Overdag was al volgeboekt, we konden op een avond.

ziekenhuis2
’s Avonds komen we nooit in een ziekenhuis. Als we overdag een enkele keer naar een polikliniek gaan is er in de buurt geen parkeerplaats te vinden. De betaalde parkeerplaats én de parkeerplaatsen verderop zijn dan meestal vol.
Nu was het rustig. De bezoektijd is van half 7 tot 8. Om half 7 zitten waarschijnlijk nog veel mensen te eten. Er waren parkeerplaatsen genoeg en het was erg stil, in de hal, maar ook op de afdelingen.

Vroeger waren er vrouwen- en mannenafdelingen, dat is niet meer.
Onze kennis lag op een zaal van 4; hij met 3 vrouwen!
Het ging goed met hem, hij had geen pijn en er waren al een paar ”apparaten” afgesloten.
Toen wij om half 8 weggingen kwamen er bezoekers bij de dames (misschien kwamen zij van verder. Wij hoefden maar 33 km  rijden)

Was vroeger alles bijna  wit in het ziekenhuis, behalve de ansichtkaarten boven de bedden, nu waren er tal van kleurige kunstwerken in de hal.
Mooi, levendiger.
ziekenhuis1

 

 

 

 

Handige hulpmiddelen

Vaak verbaas ik me over wat tegenwoordig technisch beschikbaar is aan hulpmiddelen voor ouderen of zieke mensen.
Mijn (toen) ernstig zieke broer had een “bijzondere” telefoon  met een SOS armband waarmee met één druk op de knop, een noodbericht naar een voorgeprogrammeerd nummer kon worden gestuurd. Nam díe persoon niet op, dan belde de telefoon zelf nummer 2 van de lijst en zo verder. Nam er wél iemand op dan kon die persoon praten met mijn broer en  kon hij ook terug praten zonder dat mijn broer de hoorn oppakte.

Gisteren was ik bij een iemand die alleen woont en slecht horen kan. Hij had een flitsbel. Dus toen ik op de bel drukte flitste er in zijn huiskamer een blauw licht, waarna hij naar de deur kwam.
Ook op de voordeur zag ik iets “bijzonders”. Er werd me uitgelegd dat dit een sleutelkluisje was.
sleutelkluisOók dat had ik nog nooit gezien. Er zit een cijfercode op die iemand (bv de thuiszorg) krijgen kan.
Door het intoetsen van die code gaat er een klepje open en komt de sleutel te voorschijn, daarmee kan de voordeur geopend worden als de persoon die er woont zélf niet naar de voordeur komen kan (de sleutel kan, na binnenkomst, weer terug in het kluisje, klaar voor de volgende gebruiker)

Steeds meer (zieke) ouderen wonen nog op zichzelf en willen dat vaak graag zó houden, soms hebben ze wel zorg nodig. Dat kan uit hun eigen netwerk zijn, familie, buren, vrienden, maar ook thuiszorg of een maaltijdservice.
Mijn schoonzus vrijwilligde indertijd voor Tafeltje-dekje, maar ik hoorde nu ook van een andere maaltijdservice : Uitgekookt ( geweldige naam vind ik!)

En  er zijn dus  technische hulpmiddelen die ouderen in staat stellen langer thuis te blijven wonen. Ik denk dat de bedrijven die deze spullen ontwikkelen en/of verkopen ook een grote markt hebben!
Even wat cijfers: 

  • Op 1 januari 2018 waren er ruim 779.000 mensen In Nederland van 80 jaar en ouder, wat neerkomt op 4,5% van de bevolking  (volksgezondheidsinfo)
  • In 2019 is voor het eerst de helft van de volwassen bevolking van Nederland ouder dan 50 jaar (cijfer CBS)
  • In 2019 stijgt het aantal 65-plussers tot boven de 3,3 miljoen (generationjourney)

Mazelen, één van de meest besmettelijke ziektes

Ooit, vóór mijn geboorte, is een neefje van mij aan de mazelen overleden
Dus “mazelen”  was in ons huisgezin een ernstige ziekte.
Ik kreeg het en werd door mijn ouders met argusogen in de gaten gehouden, nadat de rode vlekjes wegtrokken en de ziekte over was, waren mijn ouders dolblij: Iemand die mazelen gehad had, kon het niet wéér krijgen: het gevaar voor hun dochter was geweken.

Ik las dat omstreeks die tijd er honderdduizenden mazelpatiënten per jaar waren, bijna ieder kind kreeg de mazelen. Het is één van de meest besmettelijke ziekte en is overdraagbaar door de mens; hele klassen werden vroeger door deze ziekte geveld.

Sinds 1976 worden kinderen in Nederland hiertegen ingeënt, 2 x één keer: 1x op de leeftijd van 14 maanden en één keer bij de leeftijd van 9 jaar. Daardoor zijn er nu nog máár zo’n 10 mazelpatiënten per jaar (niet iedere ouder laat zijn/haar kind vaccineren)
Er is géén behandeling tegen mazelen, meestal gaat het na zo’n 10 dagen vanzelf over. Soms niet, dan gaat het over in iets anders, zoals longontsteking.
Er komt wereldwijd steeds minder mazelen voor, toch stierven er in 2016 nog 90.000 kinderen aan de mazelen.

Momenteel woedt er een mazelen epidemie in Congo*) die al aan meer dan 3.000 mensen het leven heeft gekost. Aangezien er géén medicijnen tegen mazelen zijn, is vaccinatie de enige oplossing; zorgen dat er niet méér mensen deze ziekte krijgen (meer dan 165.200 mensen zijn al besmet)
Artsen zonder grenzen is in Congo actief om te zorgen dat de mazelen epidemie zich niet uitbreidt. Ze hebben al 475.000 kinderen onder de 5 jaar gevaccineerd. Dat is dan alleen in Congo, ook in Nigeria is een team van Artsen Zonder Grenzen de strijd tegen de Mazelen begonnen.

De Bondsdag heeft gisteren (op persoonlijke titel) over een wet tot verplichte mazelvaccinatie gestemd.
Vanaf maart 2020 moeten alle school- en crechegaande kinderen tegen de mazelen zijn ingeënt. Ook leraren, medisch personeel, medewerkers in een creche en mensen die met asielzoekers werken moeten tegen de mazelen zijn ingeënt.
De minister van Volksgezondheid(CDU) Jens Spahn:Deze wet is kinderbescherming in de waarste zin van het woord”
In de Volkskrant stond vandaag dat de groep vaccinatiesceptici, de antivaxxers, zowel in Nederland als in Duitsland toeneemt.
Volgens de WereldGezondheidsOrganisatie moet er een 95% vaccinatiegraad zijn om de gehele bevolking te beschermen.

 

*) 10 juni officieel begonnen

Von Willebrand (VWD)

erik adolf

Erik Adolf von Willebrand (1870-1949) was een Fin, arts, anatoom en tevens professor aan de Universiteit van Helsinki.
In 1926 beschreef hij als eerste een bloedstollingsziekte*) die later de Ziekte van Von Willebrand zou worden genoemd.

Ongeveer 1% van de bevolking heeft een tekort aan stollingseiwit.
Getallen zeggen me niet zoveel: ik ken iemand die dit heeft, dan komt het plotseling dichterbij. Jarenlang met haar bevriend zonder dat ik van die ziekte iets wist (ze is een bikkel)
Een operatie vroeger, toen haar ziekte nog niet bekend was, heeft haar bijna het leven gekost door de bloedingen.
Daarna is e.e.a. onderzocht en kwam von Willebrand aan het licht.

Je hoeft van VWD (zoals de ziekte kortweg genoemd wordt) dan ook niet veel te merken. Soms wordt het “toevallig” ontdekt en dan vaak door een tandheelkundige behandeling of een chirurgische ingreep; er kunnen dan zware bloedingen optreden;  bloed  dat niet of nauwelijks stolt!
Het “toeval” wil dat MIJN bekende nogal eens geopereerd moet worden, dan wordt zij, de specialist én de narcotiseur daarmee geconfronteerd.

Er zijn middelen hiervoor die bv. bij een operatie gegeven kunnen worden, maar hier zit altijd een risicofactor bij.  Er is een nieuw Von Willebrandfactorconcentraat ontwikkeld, dat momenteel nog in de testfase zit; het zal nog wel enkele jaren duren voor dit middel voor patiënten beschikbaar is.

 

 

*) bloedstolling is het proces waardoor  bloed dat aan de lucht of aan andere oppervlakken dan de binnenkant van het vaatstelsel wordt blootgesteld, klontert en hard wordt. Het is een van de processen die bloedverlies bij verwondingen beperken.