Namen

Op de schouders van aankomende ouders rust een grote verantwoordelijkheid; ze moeten een naam voor hun kind verzinnen. Een naam waarmee het toekomstige mens zijn hele leven én daarna*) moet doen.

Heel vroeger was dat makkelijk; het eerste kind heette naar een van de ouders van de aankomende ma, de tweede naar een van de ouders van de aankomende pa, en zo voort. Kreeg je heel veel kinderen dan werden ook de opa’s en oma’s vernoemd.

Ik geloof niet dat tegenwoordig nog veel vernoemd wordt (wij deden het in elk geval niet)
Zelf ben ik wel vernoemd, en dat heeft toch wel een emotionele lading gegeven toen ik ouder werd.

Onlangs sprak ik een jonge vader en ik vroeg wat HEN had laten leiden tot de bewuste naam.
Hij vertelde dat hij en zijn vriendin niet echt op één lijn zaten wat namen kiezen betreft en dat het DUS een moeilijk proces was. De naam van háár oma vond hij prachtig, zij vond de oma lief, maar de naam niet.  Ze wilden iets bijzonders, een naam die je niet veel hoort. Het (schattige) meisje heet nu Querine. (ik las dat de naam Querine lanszwaaier betekent!)

Ooit sprak ik met een leraar wiens vrouw zwanger was.
– Babynamen zoeken is een crime! Ik heb zoveel kinderen in de klas gehad en ik wil niet dat mijn kind HUN naam krijgt, we willen wat “anders”-
Toen ik hem, maanden na de geboorte van zijn kind, zag vroeg ik wat het geworden was ( hij en zijn vrouw wisten vooraf NIET welk geslacht hun kindje zou hebben)
– Een jongen- en hij noemde  de naam.
Dezelfde naam als onze oudste zoon heeft.
Ik lachte, hij ook “Hem heb ik NIET in de klas gehad!”

Ook nu is er iemand in mijn omgeving zwanger. Ze weten welk geslacht hun nu nog ongeboren kindje heeft en hebben de naam al uitgekozen, maar houden die voor zich.

Een ander stel heeft bij de echo het geslacht op een briefje laten schrijven en in een enveloppe laten doen. Ze gaven een dinertje voor de naaste familie en op dat moment werd de enveloppe opengemaakt, zodat “iedereen” tegelijk wist welk geslacht de baby hebben zal en de ouders nu een jongensnaam (want het wordt een jongen) kunnen gaan uitzoeken.

Ik ken volwassen mensen die op een bepaald punt in hun leven NIET tevreden waren over hun naam.
Het voordeel van de iets oudere mens is dat hij/zij vaak meerdere namen heeft en dus verder door het leven kunnen gaan met hun tweede of zelfs derde naam.
Ik ken één iemand die haar tweede naam is gaan gebruiken en één vrouw die zich iets totaal anders is gaan noemen.
Zelf heb ik, 2 letters van mijn roepnaam weggestreept, het klinkt hetzelfde, maar je schrijft het anders. Voor mij is dat voldoende om de “lading” van de ander, naar wie ik vernoemd ben, die vroeger iedereen in mijn omgeving kende, behalve ik, te laten wegvloeien.

Shakespeare laat Julia onderstaande tekst zeggen tegen Romeo.
Voor haar gaat het er niet om hoe hij heet maar wie is.

What’s in a name?
that which we call a rose
By any other name would smell as sweet;
So Romeo would, were he not Romeo call’d,
Retain that dear perfection which he owes
Without that title. Romeo, doff thy name,
And for that name which is no part of thee
Take all myself.

Ik denk dat er mensen zijn die zich NIET gelukkig voelen met hun naam en die graag veranderen.
Ouders kunnen daar verdrietig van worden, zij hebben immers die naam uitgekozen?
Maar ze “kenden” hun kindje nog niet bij het naamgeven; de naam sprak hen persoonlijk aan ( of het kind werd vernoemd) maar het zou kunnen zijn dat het kind , of later de volwassene, niet vindt dat de naam bij haar/hem past.
Zelf heb ik met voornaamsverandering ( hoe gering ook) uit piëteit gewacht tot mijn beide ouders overleden waren.

*)op de grafsteen of urn
En als hij of zij bekend wordt (president, filmster of schrijfster bijvoorbeeld) gebruiken mensen die naam ook nog na zijn/haar dood! (pseudoniem kan natuurlijk ook)

Vooruitlopend op 2022

Onlangs las ik dat 2022 het Jaar van de Merel *) gaat worden!
Waarom? En waarom dan pas?

De merel blijkt één van de belangrijkste broedvogels in Nederland. De populatie nam alsmaar toe.
Tot 2016, daarna nam de populatie met zo’n 30% af.
Waarom?
Dat weet men niet. Daarom wil men gaan onderzoeken waarom deze populaire tuinvogel minder in Nederland voorkomt.
Deels komt dit, weet men, door het Ushutu virus, genoemd naar een rivier in Swaziland (Afrika)
Het virus wordt overgedragen door steekmuggen; de meeste zieke merels gaan na een paar dagen dood. (Vindt u een dode merel meldt dit aub bij: www.sovon.nl/dodevogels)
Doch er blijkt meer aan de hand met de merels!


Vogelbescherming Nederland en SOVON (non-profit vogelorganisatie die ontwikkeling van vogels in Ned. bijhoudt) hebben 2022 uitgeroepen tot jaar van de Merel maar gebruiken 2021 om vooronderzoek te doen (de focus ligt vooral op nestonderzoek)
Merels zingen vooral ’s avonds, ze bakenen zo hun terrein af, overdag moet er voedsel gezocht worden

Merels zijn vrij opvallende vogels behalve…..na het laatste legsel eind van de zomer, dan gaan ze in de rui en houden zich wat schuil, ze zien er dan ook wat “rommelig uit” met soms een kalige kop.



*)De merel is een zangvogel, behorend tot de familie van de lijsters, wetenschappelijke naam: Turdus merula

Hooikoorts

Ooit had ik een buurman die last van hooikoorts had.
Hij kreeg van ruwweg maart tot mei last van tranende ogen, vaak niezen en allerlei andere allergische reacties.
Ieder jaar weer.
Op een gegeven moment vertelde hij me dat hij er GEEN last meer van had.
Hij had een natuursteen van iemand gekregen, die moest hij op zijn blote huid dragen en dan zou het over zijn!

Het was een formele man met altijd een pak aan, hij knoopte zijn overhemd open en liet me, een beetje gegeneerd een kettinkje met een natuursteentje eraan zien.
Hij zei eerlijk dat het hem flauwekul leek, maar onder het mom van baat het niet dan schaadt het ook niet had hij het wel omgedaan en NU was hij  van de hooikoorts af!


Aan dat verhaal moest ik denken toen ik onlangs een foldertje in de bus kreeg over hooikoorts
Tussen de 800.000 en 1.5 miljoen mensen in Nederland schijnen aan hooikoorts te lijden ( we leven tegenwoordig te schoon en hebben vaak niet voldoende afweer opgebouwd zeggen wetenschappers.
Ook duurt het hooikoortsseizoen tegenwoordig langer door het veranderende klimaat!

Ik las dat de Engelse arts John Bostock in 1819 het eerst over hooikoorts publiceerde; hij had er zelf last van. Hij noemde het géén hooikoorts maar summer catarrh (catarrh zijn koortsachtige symptomen)
Een middel had hij er niet voor, maar hij merkte wel dat binnen blijven het enige was wat hielp.
Een andere Engelse arts, Charles Harrison Blackley toonde, omstreeks 1873, aan dat de veroorzakers van hooikoorts de pollen van grassen en bomen zijn

Het is, weet men tegenwoordig, histamine dat de hooikoortsklachten veroorzaakt, dus wordt er anti-histaminica voorgeschreven : binnen de natuurgeneeskunde scutellariae en bioflavonoide quercetine (volgens mijn folder)

NU zijn er tal van apps die je actuele informatie kunnen geven over pollen en hooikoorts:
Hooikoortsradar, Pollennieuws en ook Buienradar heeft een functie voor mensen met hooikoorts.

In “mijn” foldertje las ik een paar tips die ik hierbij doorgeef:

Draag een bril buiten,
smeer vaseline rond de neus,
droog je was binnen (zo krijgen pollen geen kans om op je wasgoed neer te strijken)
knuffel niet met huisdieren die buiten zijn geweest,
ga wandelen ná regen (dan is de lucht schoner),
maak  strandwandelingen (daar zijn minder pollen dan in het bos),
vóór 10 uur ’s morgens is de pollenconcentratie het laagst én
neem een douche voor het slapengaan (was de pollen uit je haar)

Huisdieren en vlees

Onze consumptie van vlees MOET verminderen, het is ontzettend belastend voor onze planeet:
Dierlijke producten zijn verantwoordelijk voor ongeveer 60% van de voedsel gerelateerde uitstoot van broeikasgassen.*) Dan hebben we het nog niet over dierenwelzijn en je eigen gezondheid.

Minderen dus! Er zijn veel mensen die dat al doen: Veganisten, vegetariërs én minder extreem flexitariërs. Tot die laatste groep behoor ik zelf; een paar dagen per week eten we geen vlees.

Ik wil het nu even niet over vleesetende mensen hebben maar over huisdieren.
Persoonlijk heb ik nooit gedacht aan hoeveel vlees onze huisdieren (honden en katten) te eten krijgen.

Onlangs las ik een artikel over een onderzoek van de Universiteit van Edinburgh (opgericht in 1582 in de, sinds 1437, hoofdstad van Schotland) Daaruit blijkt dat  het produceren van dierenvoer **)jaarlijks zo’n 49 miljoen hectare aan landbouwgrond nodig heeft om alle honden en -katten ter wereld van voer te voorzien.  Wat betreft de uitstoot van CO2, bij het produceren van diervoerder: zou  de DiervoedersTan (Tan=Totaal Ammoniakaal stikstof)  op de zestigste plek van de wereld komen.

De conclusie van de onderzoekers luidt, nadat ze de voornaamste ingrediënten van 280 soorten Europees en Amerikaans droogvoer voor honden en katten hadden geanalyseerd en daarna keken naar de milieu-impact die de productie van deze ingrediënten met zich meebrengt, dat er meer aandacht moet komen voor de problematische gevolgen van dierenvoer.
Dat is, volgens de onderzoekers, heel hard nodig.

Ik heb ook ergens gelezen dat er meer huisdieren tijdens deze COVID 19 pandemie worden aangeschaft; door het coronavirus blijven mensen gedwongen massaal thuis (werken thuis) en willen dan wel dierengezelschap, getuige de toegenomen vraag bij asiels en fokkers.
Als het aantal huisdieren toeneemt neemt ook de bijbehorende CO2-uitstoot toe!

In het artikel dat ik las ik ook over een onderzoek van de Universiteit Maastricht (2019) dat onderzoek kwam tot vergelijkbare conclusies, bovendien maakten zij zich zorgen over de toenemende obesitastrend; huisdieren zijn vaak (veel te) dik! En dat is dan weer, behalve voor het dier, ook extra belastend voor het milieu.

Een oplossing wordt in dit artikel niet aangereikt; vegetarisch huisdierenmenu zou een optie kunnen zijn, ware het niet dat katten carnivoren zijn en dus vlees NODIG hebben om hun lijf te laten functioneren.
Ook staat er in het artikel,  dat het de vraag is  of louter plantenvoeding gezond is voor honden.
Een suggestie is wel om dan in plaats van rundvlees (het meest belastende vlees voor het milieu) dan pluimveevlees of vissenvlees te gebruiken als huisdierenvoer-ingrediënt.
Knappe koppen zijn hierover aan het nadenken en er proeven mee aan het doen, want dát er iets moet gebeuren is duidelijk.

Nawoord

Natuurlijk ben ik, na het lezen van het artikel, meteen gaan kijken waarvan vijvervissenvoer dan gemaakt is (want vijvervissen zijn de enige huisdieren die WIJ momenteel hebben)
Wat blijkt: één van de bestanddelen van dit voer is: vismeel.
Onze koi’s blijven netjes van onze sarasa’s en goudvissen af (hoewel: misschien zouden we veel meer jonge visjes moeten hebben maar zijn die, door ons ongezien, in de koimagen verdwenen!) maar in hun voeding zit wél een bestanddeel van andere vissen!
IK ga ze dat niet vertellen!


*) Vlees is verantwoordelijk voor 40 procent van broeikasgassen die vrijkomen bij productie van het voedsel van de gemiddelde Nederlander De veehouderij die al dat vlees produceert, stoot broeikasgassen uit, verbruikt veel water, heeft wereldwijd veel ruimte nodig voor de verbouw van veevoer en kan een mestprobleem veroorzaken. (Bron MilieuCentraal)

**) er is ook water nodig om dit diervoer te produceren, daarover “zegt” het onderzoek: Zo’n 0,2 tot 0,4 procent van het wereldwijde waterverbruik in de agrarische sector komt ten goede aan het dierenvoer.

(g)een vuurwerk

Bij de jaarwisseling 2019/2020 moesten bijna 1300 slachtoffers van vuurwerk naar huisartsenpost of ziekenhuis!
Als het goed is zullen bij de jaarwisseling van 2020/2021 géén slachtoffers van vuurwerk zich bij ziekenhuis of arts hoeven melden. Deze jaarwisseling mag er geen vuurwerk worden verkocht,  worden vervoerd en  is het verboden om vuurwerk te bezitten en het af te steken. 

Dat allemaal om ziekenhuispersoneel en hulpverleners te ontzien.
Op de site van de Rijksoverheid staat het allemaal te lezen, ook dat de minimale boete € 100,- is mét een aantekening in het strafblad.

Hier, op een wandelingetje door de wijk zie en vooral HOOR ik “jongetjes” vuurwerk afsteken.
Ook zag ik een VADER met 2 zoontjes ’s avonds na het eten op een parkeerplaats vuurwerk afsteken.
( Waarom denken toch zoveel mensen dat het HEN NIET gebeuren zal?)

Mag dat wel? Nee natuurlijk niet, maar op de site van de RIJKSOVERHEID  staat tijdens de jaarwisseling.
Je mag, in Nederland, nóóit vuurwerk afsteken alleen in de nacht van 31 dec op 1 januari. Dus hoeft de Rijksoverheid NIET te vermelden dat het voor (en na) de jaarwisseling  ook niet mag.
Maar ik vind het wel ietwat vreemd geformuleerd, want de verkoop van vuurwerk is nooit tijdens de jaarwisseling, meestal  30 en 31 december.(Wij Nederlanders, steken zelf trouwens pas vuurwerk af sinds ca. 1950, daarvóór had (bijna) niemand geld om iets te kopen en het dan in de fik te steken)

Ik hoop dat mensen zich houden aan het vuurwerkverbod en NIEMAND, gewond door vuurwerk, medisch personeel nodig heeft.

Voor de(huis)dieren is het een zegen geen (weinig) vuurwerk. Ik herinner me onze hond, die de hele Oudjaarsavond en -nacht onder het bed zat te bibberen en de hond van vrienden die valium kreeg omdat hij anders helemaal DAAS werd van dat geknal.

Dit jaar dus géén of weinig geknal (oorspronkelijk bedoeld om de boze geesten weg te jagen) maar stilte, 31 december 00.00 uur; een moment van bezinning!
Of de herinnering aan hoe het “vroeger” was!

De duur van Kerst

Je kijkt naar iets uit…. en “opeens” is het voorbij.
Tevoren ben je druk met de voorbereidingen, je leeft naar HET moment toe, dan is daar het moment ZELF…. en dan…. is het VOORBIJ.

Kerstmis heeft dat.
De voorbereidingen: boodschappen, de versiering IN huis én (dit jaar EXTRA vroeg)  véél lichtjes buiten. Het vergt allemaal nogal wat tijd!
En dan breken de kerstdagen aan: gezelligheid, naar de kerk of thuis een kerstverhaal, samen brunchen of dineren, een wandelingetje  buiten of spelletjes binnen en dan………..komt er nog zo’n
dag (in afgezwakte vorm) en dan….. is het weer voorbij

De volgende morgen breekt aan; wat men ook weleens noemt de DERDE kerstdag, dit jaar op een zondag.

Geen werk, boodschappen of andere bezigheden. Opruimen?
Een beetje, je wilt het kerstgevoel nog even laten duren, maar het lukt niet echt.
Je gloeit nog na van de gezelligheid, maar het huis is “leeg” het kerstgevoel van binnen was er gisteren, eergisteren en de avond ervóór, maar NU is het weg.
En na een tijdje pyamatijd ga je je aankleden en ná de koffie ga je toch maar wat opruimen; het logeerbed, een stofzuiger door de huiskamer voor de kruimels, het kerstkleed gaat in de was, de overgebleven (papieren) kerstservetten (je had 2 pakken gekocht) gaan weer in de kast voor volgend jaar (als je wéér vergeten bent dat je nog een pak had) en dan tóch de wasmachine maar vast aan.
Vanavond eet je “restjes” (je had weer veel te veel gekookt)

En, vóór je het weet, valt de avond. De voor- en achtertuin worden weer stralend verlicht, dát besluit je nog een tijdje zo te laten, die lichtjes; je wordt er blij van (en blijheid heb je NU meer dan ooit nodig om verder te kunnen) Na het opmaken van de “restjes” loop je nog een rondje in je wijk en zie (én voel je) licht. Dit jaar meer lichtjes dan ooit tevoren, met uitschieters die je andere jaren niet (zoveel) zag fairybells, heglichten en verlichte deurkransen.

Alexander Smith zei het ooit in het Engels (Schots) en dit jaar gold het meer als ooit tevoren:|

“Christmas is the day that holds all time together” of (vrij) vertaald:
“Kerstmis is de dag die de tijd bijeenhoudt”

En zo is het: de Kerstdagen zijn nu  écht voorbij, er komt weer een maandag aan!

Kerstwens

Begin van dit jaar, toen we nog nooit van COVID-19 gehoord hadden ( O, wat verlang ik terug naar die tijd!) waren we in Boedapest.
Nog niet alles was opgeruimd van kerst en het was ongelooflijk zacht voor de tijd van het jaar.
We hebben ontzettend veel gezien van die bijzondere, oude stad ( zie blog 13 jan.)

Daar zagen we ook, in een kerk, deze bijzondere kerststal.

Met een foto van déze uiting van Kerst wil ik U allen Goede Kerstdagen wensen

Iets heel anders is de stal die hier thuis onder de kerstboom staat, een door Dick Bruna ontworpen stoffen kerststal die inklapbaar met handvat als een soort theemuts met inhoud rondgesjouwd kan worden. (Iets wat menig kind ook gedaan heeft: het kán en het mág)

Een kerstgedachte die ik u wil meegeven in deze Coronatijden: Koester wat is!

Lockdown

Een lockdown is een noodprotocol dat meestal beoogt te voorkomen dat mensen (of informatie) een gebied verlaten. Het protocol kan meestal alleen worden ingesteld door een autoriteit.

De autoriteit die “onze” lockdown gisteren heeft afgekondigd was de voorzitter van de Ministerraad, zijnde minister-president Rutte!

Velen van ons zagen het al aankomen, sommigen hadden er soms opgehoopt; zoals de verpleegsters in de ziekenhuizen, die op hun tandvlees lopen na zoveel maanden extra diensten en hogere werkdruk.

Anderen zaten met knopen in hun maag af te wachten, zou hun bedrijf gesloten moeten worden?
In vele gevallen is het antwoord daarop JA geworden.
Er komt extra geld voor de gedupeerden beloofde de Minister-president.
Goed dat het gebeurt maar liever wil je als ondernemer open zijn en zélf je geld kunnen verdienen.

Als we eerlijkzijn zullen de meesten van ons wel begrijpen dat dit MOET, dat we anders dit virus er NIET onder krijgen

Er is een (druk) appverkeer met de vrienden en familie die we tegenwoordig niet meer KUNNEN zien.
Zomaar wat lockdown verhalen uit mijn omgeving:



Kerstvieren kán met 3 volwassenen. Maar stel dat op de laatste dag voor kerst er één (of meer) verkouden worden? Dan komen we NIET bij elkaar, we beschermen elkaar.
Een vriendin en haar dochter (met kleine kinderen) hebben een ludieke oplossing bedacht.
Beiden hebben bij HelloFresh een kerstbox besteld. Hetzelfde kerstmenu.

Zijn ze samen, dan maken ze het samen klaar en eten ze het samen op.
Kan het NIET (omdat iemand positief is of verkouden wordt) dan blijf de dochter (met kinderen onder de 12) met háár kerstmenu thuis en de ouders in hun huis met hun kerstmenu. De webcam kan op tafel staan zodat ze hun oordeel over het menu kunnen delen en toch  “een beetje ”samen kunnen zijn.

Een jarige vriendin had maandag 2 vrienden op bezoek. Haar zoon en kleinzoon kwamen afgelopen  zaterdag. Alles keurig volgens de regels. Vandaag blijkt de zoon (en ook zijn vrouw) positief getest te zijn, dus misschien heeft moeder (beslist) ongewild een vervelend cadeautje gekregen.

We wandelen en fietsen veel. Zo ook gisteren. Een stuk door het bos gefietst en op de terugweg door een naburig dorp. We hadden “stilte” verwacht! Dat was NIET zo: Er stond een rij voor het Kruidvat en in de (hoofd)straat waren best nog veel mensen. De slijter was open. Dat die open mocht blijven hadden wij gemist!

Vrienden met een horecagelegenheid zitten met kromme tenen af te wachten of ze deze lockdown financieel gaan overleven.

Zonen van vrienden zitten in het onderwijs en moeten nu (weer) razend snel hun digitale lesprogramma bijwerken.

En een kapsterkennis heeft maandagavond tot 22.00 uur s’ avonds gewerkt omdat een paar van haar klanten écht met dát haar de lockdown niet zeiden in  te kunnen. Vanaf gisteren is ze gesloten, maar ze krijgt enorm veel telefoontjes van mensen die vast een afspraak willen maken voor 19 of 20 januari van het volgende jaar, als het naar de kapper gaan weer mag!

Een doktersassistente die ik gisteren sprak ziet de drukte van de inenting in januari al aankomen. Zij werkt “gewoon” en heeft het beredruk in tegenstelling tot 2 kennissen in de kledingbranche, die nu, net als eerder dit jaar, werkeloos thuis zitten.

Als ik, in Coronatijd naar de supermarkt voor boodschappen moet, ga ik vóór 8 uur dan is het lekker rustig (soms ben ik de enige klant!) Vanmorgen vertelde de cassière dat het gisteren een “normale” dag was met maandagmiddagavond een gekkenhuis zo druk! Hamsteren, angst dat de supermarkten dicht zouden gaan!

Roodharige personen

In 2015 schreef ik een blog over roodharige naar aanleiding van de (toen) voor de 6de keer georganiseerde Irish Redhead Convention.

Ik schreef toen ondermeer: Roodharigen komen het meeste voor, niet in Ierland maar in Schotland:  13% van de bevolking dáár heeft rood haar (roodharige komen meer voor in landen waar de zon niet zoveel schijnt)Roodharige mensen schijnen dikker haar te hebben dan mensen met andere haarkleuren, maar ze hebben wel minder haar op hun hoofd.

Nu las ik weer een actueel stukje over roodharige en aangezien ik niets van DIT “nieuws” vermeldde in het andere blog, waag ik me wéér ( eens in de 5 jaar!) aan een blog over de 2% van wereldbevolking met roodhaar ( 70% van de wereldbevolking is zwartharig)

Ik heb een roodharig kleinkind, een roodharig kind (niet de vader van het kleinkind) een roodharige schoondochter (niet de moeder van het kleinkind) ik had 3 roodharige schoonzussen (één is overleden, twee zijn nu grijs) én ik heb een roodharige nicht en 2 roodharige  neven. Genoeg interesse in roodharige mensen.

Roodharig zijn wordt veroorzaakt door een recessief gen; beide ouders moeten het gen bij zich dragen om een roodharig kindje te krijgen. Door de gen mutatie verbranden roodharige sneller én hebben ze meer kans op huidkanker.

Uit een Canadees/Tsjechisch onderzoek onder 7.000 Tsjechen en Slowaken bleek dat roodharige vrouwen bovengemiddeld met gezondheidsklachten kampen.

Amerikaans onderzoek onder roodharige mannen toonde aan dat prostaatkanker onder roodharige mannen minder vaak voorkomt.

Ook uit Amerikaans onderzoek blijkt dat mensen met roodhaar meer verdoving nodig hebben vóór ze er iets van merken. (uit een klein onderzoek, 144 deelnemers, blijkt dat roodharige ook minder graag naar de tandarts gaan, dat kán natuurlijk te maken hebben met die verdoving!)

Er zijn mannen met een andere kleur haar op hun hoofd dan in hun baard of wenkbrauwen! Het blijkt dat kleine kleurverschillen in ieders hoofdhaar zitten.

Baardharen zijn een stuk dikker dan hoofdharen en er groeien ook minder haren per vierkante centimeter op een kin dan op een hoofd. Kleurverschillen vallen daardoor meer op.  
Oudere mannen hebben vaak grijshaar op hun hoofd en hun wenkbrauwen hebben soms een andere kleur. Men verklaart dát doordat hoofdhaar 6 jaar mee gaat en wenkbrauwhaar 6 maanden.(??)

Deze keer waren het Schotse onderzoekers die ontdekten dat veel meer mensen het roodhaargen
hebben dan op het eerste gezicht lijkt. In Groot Brittannië heeft 8% van de bevolking roodhaar,  bij analyse van 5.000 Britse mannen met donker haar bleek 40% de roodhaar gen te hebben.

Je mag niet alle haren over één kam scheren: hoofdharen verschillen van andere haren op je lichaam, het zou kunnen dat bij je hoofdhaar de donkere gen “wint” en bij baardhaar de roodhaar gen  en dat daarom sommige mannen een andere kleur baard dan hoofdhaar hebben.

Tenslotte nog een aanhaling uit mijn blog van 2015 ooit opgetekend uit de mond van de Amerikaanse schrijver Mark Twain (1835-1910)

“Gewone vrouwen stammen af van de apen, roodharige echter zijn aan katten verwant

Vijf en 6 december

Bijna iedereen weet dat “onze” Sinterklaas gebaseerd is op de bisschop van Myra ( in Lycië, dat nu Turkije heet) Er is niet bekend wanneer hij geboren is wél dat hij op 6 dec. 342 (na Chr) overleden is.
Nicolaas is de schutspatroon van de zeevaarders en beschermheilige van kinderen.
Pas vanaf de dertiende eeuw wordt zijn naamdag gevierd

In de  Middeleeuwen al werd op Duitse en Noord-Franse kloosterscholen het Sint-Nicolaasfeest gevierd.
Rond 1600, na de Reformatie, werd het in sommige plaatsen, bijvoorbeeld Delft verboden om Sinterklaas te vieren, Protestanten hadden bezwaren tegen deze katholieke heldenverering.

Het oudste bekende sinterklaasgebruik is het zetten van een schoen.
In Nederland doet men dit vanaf de 15e eeuw, toen mochten armen in de kerk zetten hun schoen zetten. Rijke burgers stopten daar  dan geld in.

Bisschop Nicolaas kwam uit Myra en dus niet uit Spanje; ik las dat in oude liedjes niet vermeld wordt dat hij UIT Spanje komt maar dat hij NAAR Spanje reisde om cadeautjes (sinaasappelen en zoetigheid) te kopen. Vandaar de verwarring?

De eerste intocht van Sinterklaas in Nederland was in Limburg, in 1888 in  Venray.
Dit gebeurde op de sterfdag van de Bisschop van Myra, op 6 december dus.
Nú is dat de datum waarop het sinterklaasfeest vaak eindigt (hoewel er ook mensen zijn die het DIE dag juist vieren)
Mijn Engelse schoonzus vond het belachelijk dat wij de Sint (die de Engelsen NIET kennen, wel de Kerstvariant Santa Claus) wél inhaalden aan de kade, maar hem nooit uitzwaaide.
Inderdaad “verdwijnt” Sint altijd nogal stilletjes: ”Dag Sinterklaasje, daaag zwarte Piet”


Nog wat “weetjes” over de Sint:

* De Sint zijn muts (mijter) is altijd ROOD maar… rode mijters worden in de Katholieke kerk  niet gedragen;[ Waar is dan ooit die rode muts vandaan gekomen?] 

* De  staf: de krul is een symbolische slang, teken van wijsheid en oneindigheid;

* De lekkernij marsepein komt oorspronkelijk uit het Midden Oosten en kwam via Venetië naar Europa; de Italianen maakte van amandelen, suiker en water een soort brood en noemde het Marci panis;

* In Nederland geeft men chocolade letters; ik heb gelezen dat dát komt omdat kinderen in kloosterscholen in de middeleeuwen letters leerden door ze te  bakken van brooddeeg, als
ze de letter kenden mochten ze die opeten. Rond 1890 daalde de cacaoprijzen erg, zo erg dat het brooddeeg werd vervangen door chocolade ( waarom dan op 5 december? Zou dát de oorzaak van de chocoladeletters met 5 december zijn? ik vraag het me af. Internet is niet ALTIJD juist)

* De letters S, M,P en J zijn de meest verkochte chocolade letters.
* Van al het lekkers dat omstreeks 5 december verkocht wordt staat de chocolade letter op 1 en de pepernoot op 2

* 300 jaar geleden ontstonden de pepernoten; zeelui brachten kruiden:
 peper, nootmuskaat, kaneel, gember en kruidnagel mee uit het Verre Oosten .
 Daarvan werden  speculaaskruiden gemaakt … en dus ook kruid- of pepernoten, die waren hard en daarom kon er mee gegooid worden. [Waarom gooien? Waarom omstreeks 5 december? Geen idee]

* In Amsterdam is in 1880 een pepernotenfabriek geopend.