Het beste tijdschrift

vandaag
Ik ben geabonneerd op het beste tijdschrift van de Benelux.
Dat vind ik niet alleen maar ook de jury van de Grand Prix Content Marketing; Een magazine met mooie integere verhalen. 

Het bijzondere is dat dit blad gratis is, je kunt een gratis abonnement aanvragen bij www.apgen.nl

Het intro van het blad is: Al jong leer je praten schrijven en rekenen maar hoe leer je leven? Oog te hebben voor je eigen behoefte én die van de ander? En daarin een balans te vinden? Hoe leef je met alles wat er op je pad komt? Dat vraagt levenskunst.

Het blad komt 4x per jaar uit.

Het  blad wordt uitgegeven door het ApostOlisch Genootschap, daarvan is de geloofsbasis dat alles één oorsprong heeft en dus verbonden is.

Een bijzonder blad!

 

Een échte boekhandel.

Bijna in elke dorp of stad is een Bruna.
Fijn als je een krant of een vierkleurenpen wil kopen, maar  voor een boek wil ik een echte boekwinkel.
In een naburig dorp is een ECHTE boekwinkel, ze hebben alleen boeken, het ruikt er naar boeken en de man die er achter de toonbank staat weet ALLES van boeken.
Dát is voor mij een echte boekwinkel.

Gisteren belde ik weer eens om te vragen of een bepaald boek er was.
Ik hoor het al aan de toon van zijn stem: het is er niet.
De verontschuldigende stem zegt dat het boek, als hij het nu bestelt er morgen na drieën zeker is.
Ik verzeker hem dat ik er géén haast mee heb en dat het genoemde tijdstip vroeg genoeg is. Het is een verjaardagscadeautje.

Dus fietste ik vandaag naar de boekwinkel.
Er staat daar altijd wel, ergens in een hoekje, een volwassene of een kind met zijn/haar neus in de boeken.
Er staat deze keer ook iemand bij de toonbank. Een man van middelbare leeftijd met een stapeltje  al uitgezochte boeken. Hij vist een briefje uit zijn portemonnee en leest een titel op.
De boekenhandelaar zegt meteen mét zijn verontschuldigende toontje dat dát specifieke boek in herdruk is “Zal hij  noteren dat hij even belt als de nieuwe druk er is? “
Dat mag hij. De man heeft waarschijnlijk een rekening lopen óf had al betaald, want nadat zijn boeken (bij elkaar) zijn ingepakt loopt hij met een zwaai naar achteren, de winkel uit.

IMG_20180706_185345Ik noem mijn bestelde boek en vóór ik uitgesproken ben loopt de boekhandelaar al naar achteren, waar de bestelde boeken liggen. Ik kijk intussen even bij de boekenkrantjes en stop er een paar in mijn tas.

Ik geniet altijd van een bezoek aan deze boekhandel; er is service; je voelt je gast en zelden kom je met lege handen of zonder belofte dat het er “morgen zal zijn” naar buiten.

 

“Gezien de feiten”

Den Bosch 1

 

 

Boekenweekgeschenk 2018 van Griet op de Beeck.

 

 

Een verhaal dat je, in het begin tot op je botten verkilt, als je je het huwelijksleven van Olivia en Ludo gewaar wordt.
Een liefdeloos leven, dat eindigt met de dood van Ludo. Olivia leeft verder in de “houdgreep” van haar volwassen, getrouwde dochter, die haar vader adoreert.
Ze heeft een schilderij van hem gemaakt dat in de huiskamer van Olivia op een bepaalde plaats moet hangen.
Ludo’s geschilderde ogen volgen Olivia overal en zij heeft de moed niet het schilderij van de muur af te halen. Wel zet ze de meubels anders zodat ze onder het schilderij zit en hem niet de hele tijd hoeft te zien.

Haar leven neemt een andere wending als een vroegere leerling van haar, die vrijwilligerswerk in Afrika doet haar overhaalt om een tijdje kinderen les te geven Afrika.
Eindelijk kiest ze voor zichzelf en gaat, ondanks de tegenwerpingen van haar dochter naar Afrika. Daar voelt ze zich weer tot leven komen, kan ze zich nuttig maken en ontmoet ze een bijzondere man.
Van hieraf “bruist” het boek van leven.
Als Olivia terugkomt  in België voelt ze wat ze allemaal gemist heeft in haar leven met Ludo. Ze vraagt Daniel om naar België te komen en dat doet hij.
Zijn visum is geldig voor 3 maanden en ze hebben 3 geweldige maanden.
Dan moet hij terug.
De verdere geschiedenis zal ik niet beschrijven, leest u zelf.
Een bijzonder Belgisch boek. Belgisch omdat de dialogen Belgisch zijn :
“Waarom zegt ge dat?”
“Zoveel mogelijkheden, nu ge eindelijk weer moogt.”
“Ge meent dat echt?”
Het doet mij, halve Belg (moeder geboren in Schaerbeek) heel warm aan.
Je “hoort” Griet praten in haar boek.
Warm aanbevolen.

 

Boekenweek

damascusIk lees veel, maar wel bij vlagen. Soms is mijn concentratievermogen zo laag dat ik een tijdje alleen maar kranten en/of bladen lees, voor een boek heb ik dan geen geduld.
Dientengevolge heb ik nu zeker 8 boeken liggen, die gekregen of gekocht zijn en nog niet gelezen.
Soms ben ik streng voor mezelf. Zoals nu!
Ik mag van mezelf geen leesboeken meer kopen vóór ik minstens 6 van de boeken die er nog liggen heb uitgelezen. Ik kom dus nu ook pertinent NIET in een boekwinkel.

Toen ik hoorde dat de boekenrubriek van Adriaan van Dis nu ECHT voor de ALLERLAATSTE keer op tv. zou zijn, ging ik er echt voor zitten. Geweldig programma! Stephen Frye, DE gast op deze avond is me bekend. Van Frye en Laurie, Blackadder, QI, maar bovenal van zijn 2 geweldige documentaires over bipolair disorder.
Ik heb echter nog  nooit iets van hem gelezen. Reden te meer om naar dit boekenprogramma te kijken.

Een enorm interessante man, die iets te zeggen heeft en misschien ga ik wat van hem lezen (als ik weer een boek kopen mag van mezelf)
Vóór het interview dat Adriaan van Dis met Stephen Fry had, waren er 2 dichters in zijn programma te gast ”de Palestijns-Syrische dichter Ghayath Almadhoun en Anne Vegter. Beiden ontroerden me.
Van Ghayath MOET ik iets lezen. MOET, zo voelt dat.
Gelukkig vallen gedichtenbundels buiten mijn strenge regel van niet -kopen.
Het boek “Weg van Damascus” was niet bij mijn favoriete boekhandel in voorraad, maar “het kon er morgen zijn”.
Zaterdag heb ik het gehaald én ik kreeg er het Boekenweekgeschenk van Griet op de Beeck bij (nu nummer 9 op de stapel nog niet gelezen boeken)
Ik kan dus 18 maart gratis met de NS reizen! Een leuke bijkomstigheid,
Ik heb de eerste 2 bladzijden gelezen. Ik KAN niet verder. Ghayath ’s werk heeft tijd nodig om in te zinken (althans bij mij)
Het is heftig werk:
“Het probleem van de oorlog,
zit hem niet in wie sterven,
maar in wie
na afloop nog in leven zijn.”

Dank je Adriaan van Dis, voor het op mijn pad brengen van deze dichter.

Rebible

Rebible is de titel van een net verschenen boek. Een boek over 14 bijbelse verhalen, die “nageplozen” zijn en eigentijds naverteld. Inez van Oord (journaliste, oprichtster van het blad Happinez) en broer Jos, theoloog, hebben samen dit “project” zoals zij dit noemen, gedaan.
Ze vertelden hierover, uitgenodigd door de gezamenlijkheid van boekhandel en kerk.

Inez en Jos zijn opgegroeid in een Zeeuws gezin met 6 kinderen. Hun vader had dominee willen worden, maar werd aannemer. Jos is wel dominee geworden. Geloof was belangrijk in het Zeeuwse gezin, iets waar Inez, de jongste, moeite mee had.
Ze vertelt dat het feit dat God alles ziet, haar een gruwel was; ze wilde in de kast gaan zitten of onder tafel of in ieder geval een plek opzoeken waar Hij haar NIET kon zien.

Ze werd een journaliste. En onderzoekster, ze heeft allerlei “geloven” onderzocht en er over geschreven. Het bracht haar in vele landen bij vele goeroes, maar het Christelijk geloof (én de bijbel) heeft ze altijd “laten liggen” zoals ze zelf zegt.
NU was de tijd gekomen om ook daar “in te duiken”. Veel gesprekken met haar broer over de Bijbel bracht haar op het idee om het project ”Rebible” op te zetten: het beleven en  hervertellen van 14 van de Bijbelse verhalen.

Jos vertelt hoe De Bijbel ontstaan is: “Het is niet een boek als zodanig. Het is eigenlijk een bibliotheek van verzamelde verhalen, verzamelt in een tijdspanne van 1500 jaar vóór Christus tot honderd jaar ná Christus. Mondelinge verhalen, profetieën die (veel) later opgetekend zijn én brieven die erin verwerkt zijn. Er staan ook doublures in, verhalen die meerdere keren, met een andere invalshoek vermeldt staan.
Onze voorouders dachten dat de BIJBEL uit de hemel kwam. Maar in een concilie
(4e eeuw na Chr) is besloten welke van deze verhalen wél en welke niet in HET BOEK thuis hoorde. Ook later nog zijn er verhalen aan toegevoegd.
Het is samengesteld voor de mensen van DIE tijd en niet bedoeld om letterlijk wáár te zijn.” Aldus Jos.

Toen Inez het HOE van het ontstaan van de Bijbel wist, durfde ze het aan om, met duiding van haar theoloogbroer Jos, het Rebibleproject te beginnen
Daarvoor zijn ze samen naar Egypte en Italië getrokken.
Ze bezochten de Horebberg*) waar Mozes de stenen tafelen ontving en  de Santa Maria kerk**) in de Trasteverewijk in Rome

Inez vertelt over de soort weerzin die ze bij  Bijbelverhalen had:  Mozes die de berg opgaat om terug te komen met 10 voorschriften van wat NIET mag! Het rebelse in haar ontwaakte weer Ze sprak met haar broer over dit verhaal en herlas het in de Bijbel. Samen besloten ze naar Egypte te gaan naar de Sinaïwoestijn om daar de
berg Horeb ( 2200 meter) te beklimmen en iets mee te krijgen van de ervaring die Mozes toen had.
In het Catharinaklooster aan de voet van de berg zagen  ze het braambosje (een stekje van de bramenstruik, waarbij God aan Mozes “verscheen”) Het verhaal zegt dat Mozes nadat de stem gesproken had, riep ”Wie roept dat? “en het antwoord kwam, niet het woord GOD (JHWH) maar “Ik ben”. Inez: “Hoe mooi is dat antwoord?  I am
Inez is de 10 geboden anders gaan lezen bijvoorbeeld:

Houd de sabat in ere, het is een heilige dag In haar ogen werd dit de eigentijdse waarschuwing:  Je moet ophouden, ga niet alsmaar door, luister niet naar nepnieuws: LEEF.

Jos haakt in op de “uitleg” van Inez, hij vertelt over de Joodse manier van uitleggen, die ook voor de Bijbel geldt: NIETS staat vast, je mag alles onderzoeken. Inez doet dat op haar manier en schrijft erover. Een heel bijzonder project, waar, zo te horen, een bijzonder boek uit ontstond.

 

*) Horeb is Hebreeuws en betekent woestenij.
**)
volgens velen de oudste kerk van Rome

 

De 8 bergen (P.Cognetti)

de 8 bergenMet sommige landen “heb je wat” en met sommige landen niet.
Dat kan met vroegere ervaringen te maken hebben, het kan ook totaal ongefundeerd gevoel zijn. Zo zijn Italië en Spanje landen “waar ik niets mee heb” (Ooit in Barcelona geweest, verbleef in Girona,  geweldige mooie plaats, fijne tijd gehad, dus waarom niet “ergens” anders Spanje kijken?)
Een lange inleiding om te vertellen dat ik dus geen Italiaans (vertaald) boek zou kopen. Ik kreeg “De acht bergen” en legde het op de stapel “nog te lezen boeken” Gisteren begon ik er aan en vandaag heb ik het uit.

Het boek gaat over een vriendschap tussen twee jongens en speelt zich grotendeels in de Italiaanse Alpen af . De natuur speelt een grote rol.
Een “traag” boek, waar geen “actie” in zit.
De hoofdrolspelers :
De vaderfiguur: niet gelukkig met het stadse leven(Milaan); competitief, het eerste boven willen zijn, alle toppen beklommen willen hebben;
De zoon: zich vrij in de natuur voelend, maar aan hoogteziekte lijdend en zich letterlijk met zijn vader omhoog slepend,  als klimtochten boven de 2000 meter komen;
De vriend, die in de bergen geboren is en geen ander leven kent.
De vrouwen in het boek zijn sterke vrouwen, de één zelden sprekend (moeder van de vriend), de ander altijd de harmonie bewarend (moeder hoofdfiguur) en de zich een eigen-weg-banende vrouw van de vriend

Het boek neemt je mee de “hoogte” in.
Het brengt mij persoonlijk ook terug naar mijn kinderjaren toen ik met mijn ouders in Oostenrijk “klom” en in een logboek in een berghut mijn naam mocht zetten. (Ik bleek, op die hoogte, het eerste kind onder de 10 jaar daar te zijn.)
Het boek gaat, in mijn ogen ook over verwachtingen, of liever over het NIET hebben van verwachtingen. De vader had zich het leven anders bedacht, de zoon en de vriend laten zich tot een bepaald punt “met de stroom meedrijven” (go with the flow) Ook in hun leven komt er een moment van bewuste keuze maken. De keuzes van de beide jongens kan ik niet beschrijven, dat zou de loop van het boek “verraden”, maar het zijn geen spectaculaire keuzes. Zoals, behalve misschien het beschrijven van de natuur, niets spectaculair is in dit boek. En juist dat maakt het boek zo bijzonder; zonder hoogte- of dieptepunten, het schept geen verwachtingen van hoe het zal aflopen, het neemt je mee in het leven van 3 anderen, “gewone” mensen op een prachtige plek in de Italiaanse Alpen.

Döstädning.

MargaretaDöstädning is een Zweeds gebruik om je materiële dingen te ordenen vóór je doodgaat.
Margareta Magnusson is de schrijfster van het boekje Dödstädning met als ondertitel “Opruimen voor je doodgaat” Hoewel ik nog lang niet van plan ben om dood te gaan zou opruimen een slim plan zijn. Het probleem is dat ik zo moeilijk afstand van dingen kan doen. Bij veel dingen in ons huis zit een verhaal achter: Dít heb ik gekregen van een vriendin die nu dood is, dát heb ik gekregen één van onze zonen van zijn eerste zakgeld, die blouse droeg ik toen….. en zo gaat het maar door. En hoewel veel “spullen” in een kast of doos liggen, blijken ze, als ik ze zie, niet WEG te kunnen

Margareta Magnusson, die zelf, “ergens tussen de 80 en honderd jaar oud is”  heeft op een inzichtelijke manier beschreven dat je afstand van dingen MOET doen, anders zadel je er een anderen (kinderen) mee op als je dood gaat. Maar ze schrijft ook dat afscheid nemen van spullen een ritueel kan zijn en je andere mensen BLIJ kan maken met jouw spullen.Ik gooi zelden iets weg, de Kringloopwinkel, de zak van Max, Mensen in Nood, er zijn genoeg goede doelen die je met spullen, huisraad, boeken of kleiding blij kan maken.

Het is heel verwonderlijk hoe anderen op het lezen van mijn nieuwe boek reageren. Speciaal jonge mensen denken meteen dat ik een enge ziekte heb of van plan ben uit het leven te stappen. Ouderen vinden het óf luguber, óf willen het van me lenen.
Ik ben nu al een dag of drie aan het ruimen en al een paar keer naar de kringloopwinkel geweest om een doos af te leveren. Ook staat in de gang de “zak van Max” klaar die volgende week wordt afgehaald.
Met een paar tips van Margareta ben ik erg blij. De doos (hooguit schoenendoosformaat) waarin papieren, kaarten etc. die je NU nog niet weg wil doen, maar waar niemand later wat aan heeft. Daar kun je van alles instoppen wat emotionele waarde heeft, maar waar de kinderen later niet in hoeven kijken omdat ze denken dat er iets formeel belangrijks in zit. Alleen waarde voor mij! De doos( zelfs kleiner dan een schoenendoos) is er en veel spul is al weg. Margareta heeft een versnipperaar, ik niet, dus ik verscheur.
Ook een goede tip is ( voor mij zeker toepasbaar bij kleding) om iets in je hand te nemen en je af te vragen “word ik hier blij van?” Dingen die te strak of te wijd zitten, maar geld hebben gekost kon ik moeilijk weggooien, na deze vraag gesteld te hebben, is het antwoord bijna altijd NEEN, dus gaat het in de zak van MAX.

Het boekje heb ik inmiddels opgestuurd naar een vriendin aan de andere kant van het land, die het boekje wilde lenen. Ik hoef het niet terug om te herlezen, het zit in mijn hoofd. En het werkt, alleen  bij mij niet zo rigoureus als Margareta beschreef.
Maar die is ook veel ouder dan ik!