Messen en Sjeffies

Veel supermarkten hebben allerlei acties, waarbij je zegeltjes spaart voor artikelen (die je meestal niet echt nodig hebt, maar die soms leuk zijn om cadeau te geven)
De één na laatste actie van MIJN supermarkt waren zegeltjes voor messen.

Mijn lief is een keukenmessenfanaat. Hij heeft er veel, die ik allemaal “eng” vind en ook beslist NIET gebruik. Eerlijk is eerlijk; hij kookt meer dan ik, dus heeft ze ook meer nodig.
Ik spaarde dus, op zijn wens, voor een santokumes, hier in huis steevast zijn sudokumes genoemd.

Nu is er een actie met “Sjeffies”.
Kruidenpotjes met kartonnen mensensnuitjes.
sjeffies
Leuk om kruiden te kweken, maar de potjes ( ik ben niet de doelgroep, neem ik aan) vind ik niets. Dus naar de Kringspierwinkel gegaan en zes dezelfde potjes voor € 1,20 gekocht en zo successievelijk e.e.a. gezaaid. Er komt al wat op.
De sjeffies die ik nu nog krijg, geef ik weg; dit is genoeg.

Nu ik actief bezig ben met de kruidenkweek lees ik opeens  veel over kruiden:

*Kneus verse kruiden eerst even als je ze in een koud gerecht gebruikt, dan komen de smaken vrij
*De meeste kruiden zijn verst het lekkerst, maar niet oregano, dat is gedroogd beter van smaak
*Tijm ruikt lekker en wordt ook in de zeepindustrie gebruikt
*Salie werkt ontstekingsremmend, als je een wondje in je mond hebt kun je op een salieblaadje  kauwen en het verdwijnt
*Laurier wordt alleen gedroogd verkocht omdat de specifieke lauriersmaak pas vrij komt in het drogingsproces
*Rozemarijn is een kruid dat in sommige culturen werd gezien als symbool voor vriendschap
*Peterselie is er in de krul- en de platte versie; platte peterselie lijkt qua uiterlijk op een selderijblad
* Oregano wordt ook wel wilde marjolein genoemd (marjolein wordt ook wel majoraan genoemd)
* Basillicum wordt ook wel koningskruid genoemd (Basileus is in het Oudgrieks koning)

 

Film: The wife

wife

Regie: Björn L.Runge
Hoofdrollen: Glenn Close en Jonathan Price

Hij, Joe Castleman is professor (literatuur), getrouwd met een kind, maar gaat vreemd met een van zijn studentes.
Ook als hij met de studente getrouwd is gaat hij vreemd. Zij tolereert.
Hij schrijft een boek, waarvan zij meent dat de figuren “van bordkarton lijken, er zit geen leven in”

Dát vind ik van deze film ook. Geen moment heb ik een positief, noch negatief gevoel over de 2 hoofdpersonen, ze worden geen mensen die gevoel oproepen (althans NIET bij mij)
Het verhaal komt heel langzaam opgang, of misschien komt “de gang” er wel helemaal niet in.
De enige stukjes die IK wel aardig vond waren de flash backs naar hun jonge jaren.

Voor wie wil weten hoe het bij de uitreiking van een Nobelprijs toegaat, is het wél interessant.
Het plot van de film, die ik hier niet ga verklappen, zag ik al heel lang aankomen en was beslist geen verrassing (misschien ook niet zo bedoeld?)

Medebiosgangers die ik in de pauze sprak vonden de film geweldig.
Ik niet.

Een chevron

Chevron_Anadarko_24547

In Nederland was omstreeks 1967 een benzinemerk bekend onder de naam Chevron.

 

 

Verder hoorde ik ooit van mijn lief dat chevron ook een raceautomerk is ( of was?)
Pas onlangs in Engeland heb ik geleerd wat het nog meer is.
chevronOp de autowegen staat namelijk dat je bij mist minimaal 3 chevrons afstand moet houden; op de weg staat dan een teken:

chevrons
In Nederland hebben we hier een bord voor, maar daar heb ik nooit het woord “chevron” bij zien staan.
Nu weet ik dus dat dit  v-teken, een chevron heet.

Ook zag ik nu dat het Franse woord chevron
visgraat
betekent.

Genant

Af en toe haal ik bij mijn supermarkt een doos HelloFresh, daar zit alles in en voor net geen € 10,- heb je een hele maaltijd voor 2 personen.
Meestal nemen we een doos zonder vlees.
Het zijn vaak aparte combinaties, waar we zelf nóóit op zouden komen én er komen ingrediënten in voor waarvan ik nog nooit gehoord heb.
Zo hebben we door de HelloFresh dozen oa. Provolonevlokken, Garam Marsala, Parelcouscous, Pasata en bulgar leren eten. Spannend en allemaal lekker.

hellofVandaag had ik weer zo’n doos gekocht, dit keer mét, zo vermeld het bijgeleverde recept,
krokante garnalen en venkel. Het water liep me in de mond.
Thuis meteen de garnalen in de koelkast en de doos op het aanrecht.
’s Middags wilde ik toch wel eens weten wat er mee gebeuren moest om dit lekkers allemaal dampend op tafel te krijgen. Ook hier weer een gerecht dat me totaal onbekend was: panko.
Er staat een plaatje van de ingrediënten bij: deze keer 2 ronde “doosjes”, 1 met mayonaise, 1 met panko. Ik wil wel eens zien hoe die “panko” eruit ziet en zoek in de doos. Maar één doosje en dat is met de mayonaise. He, verdorie, dat is nog nooit gebeurd, dat er iets niet inzat.
Ik haal de spullen uit de doos, behalve de tortilla’s, die onderin plat liggen te wezen.
Geen doosje panko.

Ik bel mijn supermarkt, leg het uit en vraag wat panko is (wie weet is het een vertaling van iets dat ik wél in huis heb)
“Mango bedoelt u?”
Nee, dat bedoel ik niet.
Het supermarktmeisje (ik weet wie het is, we dollen aan de kassa wel eens samen) heeft er, net als ik, nog nooit van gehoord. Ze zegt dat als ik naar de winkel kom, ze het op gaat lossen.
Ik ga. Ik wéét: ze lost op.
pankZe heeft vóórwerk gedaan en zegt dat het paneermeel is! Natuurlijk voor die “krokante” garnalen, bedenk ik me. Dát had ik dat wel in huis gehad.
Ze kijkt me guitig aan. “Wedden dat het in je doos zit?”
Ze opent de door mij meegebrachte doos: onder de tortilla’s zit een plat, bruin zakje met paneermeel: panko.
Zwak breng ik nog uit dat het er niet uitziet zoals op het plaatje, het zit niet in een rond doosje. Ze lacht en ik ook.
Gegeneerd maak ik rechtsomkeert

Langs de deuren

voordeur-e1568060554774.jpg
Daar liep ik dan met mijn oranje collectebus. *)voordeur
Ik  heb zo’n 2 weken wat kleingeld verzameld om in de bus te doen, dan rammelt de bus al bij het eerste adres waar ik collecteer.

We aten vroeg, zodat ik om kwart voor 6 (de beste collecte tijd**) kon beginnen. Eerst maar mijn eigen straat, daar kennen ze me en geven ze wel.
En inderdaad, dat ging erg voorspoedig.

Van te voren was ik toch wat benauwd omdat steeds meer mensen geen kleingeld meer in huis hebben.  Bij  het Prinses Beatrixfonds kan ik dan een QR code aanbieden, waarop mensen met hun telefoon een donatie kunnen doen (zelf zou ik dat nooit aan de deur doen, dus ik biedt het ook niet graag aan)

Ik heb 4 straten te collecteren gekregen, waarbij  één straat met etagewoningen; trap op, trap af.
Mijn werkwijze is alle deuren van mijn route langs gaan; noteren waar men niet thuis is en dan een andere dag en andere tijd DIE adressen weer bezoeken.
Zijn de bewoners dan weer niet thuis dán krijgen ze een kaartje in de bus (QR-code) waarop ze alsnog kunnen doneren.

De eerste dag had ik na twee uur mijn route helemaal gelopen; had ik 31 mensen niet thuis getroffen, had ik 17 x NEEN te horen gekregen en (maar) één keer had iemand geen kleingeld in huis en heb ik een kaartje met de QR-code achtergelaten.
Twee mensen hadden een sticker  met GEEN COLLECTES AAN DE DEUR. En één sticker vond ik erg ludiek:

Geachte aanbeller
Als u aanbelt om het geloof te verkondigen, iets te verkopen of een energie-advies wilt geven zullen wij U € 25,- per gesprek in rekening brengen om uw verhaal te moeten aanhoren.
U dient dit bedrag vóóraf te betalen
.
Er stond niet bij dat collectanten NIET mogen aanbellen, toch deed ik het niet.

Over humor gesproken:
Ik belde ergens aan,verrassing voor ons beiden:  een oud collega deed open, hij was  daar  een paar maanden geleden komen wonen: hij gaf.
De volgende dag belde ik in dezelfde straat aan: hij deed open: “Ben je daar nu al weer, ik gaf gisteren toch al?”
Ik bloos snel. Op mijn papiertje stond toch echt DIT nummer als niet thuis
Hij zag mijn “ongemakkelijkheid” en verloste me: “Nee, hoor, dit is mijn buurhuis, ik ben even hier” Hij verdween in zijn eigen huis en de échte bewoonster kwam aan de deur, lachte en gaf.

Van de 17 neen-zeggers  zeiden de meesten gewoon NEEN of “daar doen wij niet aan”
Deze collecte zei NIEMAND: ik heb al gegireerd.
Twee mensen zeiden dat ze zélf al bijna niets hadden en niets konden missen (géén grapje) en één zei “Als ik iemand geld wil geven doe ik dat NIET aan de deur”
(Ik krijg dan altijd de neiging om iets terug te zeggen, zoals, “dan kom ik toch aan het raam” Maar mensen die zulke dingen zeggen hebben zelden gevoel voor  humor)

In deze wijk zitten ook in een aantal hofjes: per hofje 5 voordeuren.Een opmerkelijk feitje was dáár dat de mensen in één hofje, alle 5 NIETS gaven.
Er waren  in deze wijk echter (ter compensatie?) ook 2 gulle gevers die papiergeld in de bus stopte.

De tweede keer dat ik bij de “NIET THUIS mensen” langs ging was ik een halfuurtje
bezig en kregen de 20 mensen die wéér niet thuis waren (vakantiegangers?) van mij een kaartje in de bus: We hebben je gemist, doneer je alsnog?
Deze 2 de ronde had ik 2 weigeringen.

Twee leerzame dagen, waarna ik (nog steeds) een positieve kijk op de mensheid heb; de meesten zijn aardig, goedgeefs én THUIS als ik langs kom!

 

*) Vervolg van het blog van gisteren
**) vroeger zat men dan nét te eten, maar tegenwoordig eet men later en zijn de meesten om die tijd  aan het koken.

Maatschappelijk bezig zijn

Vroeger is me geleerd dat IETS DOEN voor de maatschappij een vanzelfsprekendheid is.
Mijn vader “deed” dingen voor zijn voetbalclub en zat in het bestuur en mijn broer was jeugdleider bij een club.  Het was dus vanzelfsprekend dat ik ook“iets maatschappelijks” deed. Het begon als tiener en is eigenlijk nooit opgehouden (Jeugdraad, ,Buurthuis, Vluchtelingenwerk, WereldWinkel, Ouderraad,Telefonische Hulpdienst en collecteren voor Goede Doelen)

Goede Doelen hebben allemaal één bepaalde week per jaar toegewezen gekregen waarop ze collectanten langs de deuren mogen sturen.
Ik had mijn Goede Doelen qua weersomstandigheid NIET goed uitgekozen.
Amnesty was altijd in februari/maart en de Dierenbescherming omstreeks 4 oktober (Dierendag) Maanden waarop de kans op regen (én kou) groot was.
Ik  heb een aparte regenjas voor het collecteren (geel, want als mensen  in het half donker iemand met een donkere jas door een klein ruitje of een spleetje door de gordijnen zien doen ze vaak niet open)
Ik heb zelden met een zonnetje gecollecteerd.

Dit jaar was ik tijdens de collecte voor Amnesty (voor het eerst) niet thuis en kon dus niet collecteren.
De dierenbescherming in deze regio kon geen mensen genoeg krijgen voor het collecteren en is gestopt (met collecteren)
beatrix
Dit jaar zou ik dus “collectevrij” geweest zijn, ware het niet dat ik gebeld werd door het Prinses Beatrix  Spierfonds  “Iemand” had hen verteld dat ik wel eens collecteerde, of ik tijd had om in september…
Maatschappelijk gezien had ik in 2019 nog niet veel bijgedragen, dus ik zei JA.
Vandaar dat ik nu in week 37 met een oranje collectebus langs de deuren ga, ik hoop ZONDER mijn gele regenjas (die op de zolder nog in een kast hangt te wachten)

 

                                                                                  wordt vervolgd

Oude auto’s

fest.of transpEén van de laatste dagen dat we in Engeland waren zijn we naar het Festival of Transport in Hellingly geweest. Een mega groot stoppelveld om (gratis) te parkeren, een giga groot weiland voor de deelnemers om te kamperen met tenten, caravans en huifkarren (het evenement duurde meerdere dagen) en vele velden vol met Oldtimers, oude vrachtwagens, dubbeldekbussen, tractoren, stoommachines, motoren, scooters en brommers.

Eigenlijk waren er alleen geen vliegtuigen.
Het was bere-interessant, helaas bloedheet, felle zon en geen enkel stukje weiland met schaduw.
Na 2 uur waren we bijna gesmolten en gingen terug naar onze.in de schaduw staande tent.
De kaartjes man, die we passeerden bij de uitgang trok zijn wenkbrauwen op: Waarom gingen we weg? Er was nog zoveel te zien! We noemde de hitte als oorzaak, zijn reactie: “It’s all in the mind!” Nee, goede man, we hadden ons niet ingesmeerd en smolten! (Ik heb wel een zonnehoed gekocht voor één pound! (Goede investering voor de laatste vakantie dag!)

oldtimerInmiddels zijn we bijna 2 weken thuis en nu naar het Oldtimerfestival in Huizen gegaan. Ook een groot (gratis) parkeerterrein, helaas helemaal vol, dus dan maar een eind verder bij de plaatselijke voetbalvereniging de auto gestald, een eind lopen maar gelukkig was het TOEN droog.
Ook hier Oldtimers en tractoren, motoren en vrachtwagens én ook open dag van de Brandweer met allerlei demonstraties én kraampjes met “brocante en lifestyle”
bus meeuw
Af en toe een miezerregentje, maar dan gingen we droog in een dubbeldekbus zitten, waar in een hoekje van de bus deze ( stille) “passagiers” ook zaten te schuilen.

Ook hier weer leuke oude auto’s gezien; de mannen waren meer geïnteresseerd in wat onder de motorkappen zat, ik kijk meer naar het leuke, nostalgische auto’s (de buitenkant) Van beide was genoeg te zien.

Alfabetisering

logo st.Op 8 september is de Wereld Alfabetiseringdag.
Van 9 tot 15 september de week van de Alfabetisering.
Allemaal nodig om meer aandacht te vragen voor laaggeletterden.
De Stichting Lezen en Schrijven, opgericht in 2004 door Prinses Laurentien (zij was t/m 2013 voorzitter van de Stichting)

De Stichting wil het aantal laaggeletterden in Nederland terugdringen, d.m.v. scholing en roept allerlei organisaties en bedrijven op om deze week evenementen op het gebied van taal en scholing te organiseren.
Het is nodig! Want in Nederland hebben bijna 2,5 miljoen mensen van boven de 16 jaar moeite met schrijven en lezen; mensen die laaggeletterd zijn.
Dat is 1 op de 6 mensen!
250.000 mensen in Nederland zijn analfabeet; mensen die helemaal NIET kunnen lezen of schrijven. Mensen die moeite hebben met formulieren invullen, straatnaambordjes lezen, geld opnemen bij een pitautomaat, or vertrektijden van het Openbaar Vervoer opzoeken.*)

Laaggeletterdheid kost de maatschappij 1,1 miljard euro pet jaar.

 

 

 

*) Zweden heeft van de Europese landen het laagste percentage laaggeletterden en Engeland het hoogste percentage, nl. 23%

Niet zoek, wel gevonden

Als we bij de golfbaan wegrijden moeten we, met de auto, een stuk verder op het terrein een uitrij kaart kopen om van het recreatieterrein af te kunnen komen (daar verdient de golfbaan niets aan, het recreatieschap wél)
bankpasMijn lief parkeert de auto en haalt uit de automaat een parkeerkaart. Ik zie hem bukken en iets oprapen. Het blijken 2 bankpasjes en een tankkaart te zijn.
Op één staat een naam, op de ander een bedrijf.
We nemen ze mee naar huis en zoeken thuis op internet de naam en het bedrijf op.

Het bedrijf staat ingeschreven bij de Kamer van Koophandel (2006) maar is op het daar staande adres niet (meer) te vinden. De, toch wel bijzondere achternaam, komt wel een paar keer op internet voor, maar niet met de goede initialen.

Ik bel de bank, leg het uit. Ze vragen mijn telefoonnummer, zullen de rekeninghouder bellen en hem vertellen dat bij mij de 3 pasjes liggen. De bankdame aan de telefoon zegt ”Als we zijn goede telefoonnummer hebben” en legt neer. Dat geeft me niet erg veel vertrouwen, maar ik laat het daarbij.

De volgende dag bel ik de andere bank. Deze  heeft een automatisch antwoordende dame die geprogrammeerd is om voor te stellen dat ik met haar chat, dat gaat een stuk sneller en wil ik tóch aan de telefoon geholpen worden dan moet ik er rekening mee gaan houden dat het lang gaat duren. Ik wil geen mechanische stem ik wil een MENS!
Ik haak dus af en chat niet met de “omgekeerde” bank (knab)

De laatste de tanktroefkaart. Een echt meisje neemt op. Ik vertel dat we de tankpas gevonden hebben. “Wat lief dat u de moeite neemt om even te bellen, ik zal even kijken of de pas al geblokkeerd is. Nee dat is hij niet, ik ga die meneer bellen en verbindt hem met u door, moment aub”
En weg is ze, het jammere is dat er nu een irritant tingeltangel muziekje komt.
Maar daar is de dame alweer. “De heer is druk en kan niet aan de telefoon komen, mag ik hem uw nummer geven, zodat HIJ u straks kan bellen?”
Dat mag. Dankjewel snelle en goede benzinekaarttelefoniste.

De telefoon gaat. Ik hoor een andere naam dat er op de bankpas staat.
“U heeft mijn tankkaart gevonden, hoor ik?”
Ik zeg dat ik ook bankpasjes gevonden heb maar dat er een andere naam dan de zijne op staat. Ik zeg, op zijn verzoek de naam die er wél opstaat “Dat is mijn compagnon. Ik bel hem even, mag ik uw nummer geven?”
Ik zeg  “ja”.

De telefoon gaat. De juiste achternaam is aan de andere kant van de lijn.
Heb ik zijn pasjes? Ja die heb ik.
Ik krijg de indruk dat hij ze nog niet gemist had. Hij had ze ook alle drie (nog) niet laten blokkeren. Het spijt hem dat ik “zo’n last van hem heb “en vraagt of hij ze morgenochtend mag ophalen.
Ook dat mag.

pasbloemen
En dan staat hij, een veertiger schat ik, ‘de volgende dag
(15 minuten later dan de afgesproken tijd) met een bos bloemen op de stoep.
Hij bedankt me: “Dit scheelt me een enorm gedoe”
Ik bedank hem voor de bloemen.

Gevonden voorwerpen terug bij de eigenaar.

Hergebruikte telefooncellen

Nu (bijna) iedereen een mobieltje heeft zijn telefooncellen niet meer echt nodig. In Nederland zijn er al heel veel weggehaald.
In Engeland zijn de telefooncellen, de Londense taxi’s en de dubbeldekbussen DE herkenningstekens van Engeland.Dus die telefooncellen kunnen, voor buitenlanders én als Engels handelsmerk, niet weg.
Zoals een film die in Parijs speelt minstens één shot van de Eiffeltoren moet hebben,zo heeft een film die in Engeland en/of Londen speelt óf een Engelse (hoge) cab, óf een rode dubbeldekbus of een telefooncel, of  soms alle drie. Dán weet zelfs een kind:dit speelt zich af  in Engeland!

De Britten zijn vindingrijke mensen (denk aan Alexander Fleming penicilline, Alexander Parks – parkesine (de voorloper van plastic)  en Peter Durand, de uitvinder van het conservenblik)
Dus vonden ze nieuwe toepassingen voor hun bekende rode telefoonboxen uit: Deze vakantie zagen we weer 3 nieuwe:

Informatiezuil                      waterkraan                defibrillatorbox

Verleden keer toen we in Engeland waren (2017) zagen we al een telefooncel met een kleine buurtbibliotheekje erin.
Dat is nog eens goed hergebruik!