Waar gebeurd





Rond 1915 werd er, in een katholiek gezin, een meisje geboren; laten we haar Anneke noemen.




Anneke werd naaister.
Ze werd in 1937 verliefd op een, eveneens katholieke, jongen.
Ze trouwden en kregen 10 kinderen

De pastoor was blij met haar;  zij en haar man zorgden voor 10 nieuwe parochianen

Ze hadden het niet breed maar gelukkig kon Anneke goed naaien, ze naaide de meeste “bovenkleding” voor zichzelf en de kinderen. Daarbij was ze erg creatief met stof, vaak uitgetornde, geschonken kleding.
Haar man was goed voor haar, bracht zijn hele loon naar huis maar had verder niet veel te vertellen; het gezin werd door Anneke financieel én op alle andere wijzen, draaiende gehouden.

Anneke was een sterke, inventieve vrouw die emoties van haar zelf en haar gezin afdeed als “flauwekul”
Zo goed mogelijk overleven daar ging het om in het leven.

Toen er in 1964 een busreisje voor ouders van “goede leerlingen” van de middelbare school werd georganiseerd van het boerendorp in Noord Holland, waar Anneke en haar gezin woonde naar Twente, waar net een Technische Hogeschool (THW) was geopend, die leerlingen “nodig” had, ging Anneke mee en gaf daar ter plekke één van haar zoons als leerling op; de opleiding was GRATIS!
Het ging er bij haar niet om of hij dat zou willen, het ging om een goede toekomst; dát had ze voor ogen met haar jongens. De meisjes zouden wel trouwen.

De bewuste zoon haalde zijn middelbare school en kreeg een treinkaartje naar Enschede.
In die tijd was het daar verplicht om op de campus te wonen, dus hij had meteen onderdak!
Hij werd later inderdaad ingenieur

Vóór de tijd dat die zoon vertrok naar Enschede haalde Anneke haar 4e kind, een dochter (we zullen haar Nel noemen) van school naar huis. Er liepen inmiddels 5 kinderen van onder de 10 en één van elf in huis rond; Anneke had (goedkope) hulp nodig.
Nel waste en sopte, veegde snotneuzen af, kortom was altijd bezig.
Géén complimentjes van ma, het hoorde zo! Wél hoorde ze het als er wat fout ging, dán kreeg Nel de wind van voren.
Nel was, al heel jong, meer een moeder dan een zusje (Zó beschouwen de jongsten haar nog)

Anneke vroeg, toen Nel 17 werd, aan de groenteboer of hij niet een dame wist die een meisje voor huishoudelijk werk nodig had.
Dát wist de groenteboer wel en zo kreeg Nel er een (betaald) werkhuis bij!

Nel had echter haar moeders kracht en doorzettingsvermogen geërfd!
Ze gaf haar toekomst niet in mama’s hand, maar ondernam zelf stappen.
Ze zocht en vond informatie over een avondopleiding;  de Handelsavondschool.
De kosten waren 80 gulden per jaar. Dat geld spaarde ze en ze volgde de opleiding.
Na 3 jaar had ze haar diploma.

Nel kreeg daarna een kantoorbaan en ontmoette een leuke jongen.
Toen haar jongste broertje 16 jaar was trouwde ze met haar vrijer.

Eén van de zussen trouwde niet en bleef bij papa en mama wonen; ze had niet dat sterke, inventieve van haar moeder geërfd, meer het passieve van haar vader; ze vond het “wel goed zo” bij haar ouders thuis.

Anneke vond dat aanvankelijk oké, maar toen deze dochter 36 jaar werd vond ZIJ het tijd dat de dochter uit huis ging. Ze “regelde” een huurflatje in een nabij dorp en gooide haar letterlijk “het nest uit”.
De dochter vond het allemaal wel oké; ze hoefde tenminste zelf geen actie te ondernemen.
Toen haar vader stierf “zorgde” zij min of meer voor haar moeder; ze was er toch al veel.

Anneke werd 92 jaar! Ze was nooit een moeder geweest die haar affectie toonde; voor het naar bed gaan maakte ze met haar vinger een kruisje op het voorhoofd van elk kind, dát was het dan! Geen aai of kus!
Haar liefde “toonde” ze door te zorgen dat haar jongens goede opleidingen kregen, haar meisjes goed gekleed rondliepen en het huishouden draaide.
Dát moest genoeg zijn.