Ontzuiling 2

Mijn ouders waren voorstanders van Openbaar Onderwijs; iedereen moest met iedereen om kunnen gaan welk geloof men ook aanhing. Ik heb dus Openbaar Onderwijs genoten.

Ik ben wél gedoopt: Remonstrants. Later heb ik begrepen dat dat een “dingetje” van mijn moeder was en dat het dopen voor mijn vader niet zo hoefde.
Toen mijn vader nog leefde (hij stierf toen ik 9 jaar was) gingen we zondags naar de kerk van de  Nederlandse Protestante Bond (NPB). Toen hij overleed zijn we “terug” gegaan naar de kerk van mijn moeder en ben ik bij de Remonstranten op catechisatie gegaan.

Op de (Openbare) Lagere School had ik geen benul van andere geloven. Ik had vriendinnetjes die naar een andere school gingen en die “anders” bidden vóór en na het eten.Dat was het wel zo’n beetje
Het besef kwam pas op de middelbare school toen ik naar dansles moest (voor mij hoefde het niet, maar volgens mijn moeder hoorde dat bij je opvoeding)
Heel veel van de kinderen waar ik mee om ging gaven zich op bij Dansschool van Bommel. Ik ging naar een andere dansschool, dát was dichter bij ons huis (zei mijn moeder)
Na een tijdje “zeuren” kwam de werkelijke reden eruit: Dansschool van Bommel was een katholieke dansschool. Katholieke mensen wilden (volgens mijn moeder) dat hun kinderen trouwden met een katholiek iemand, DUS moesten ze op een dansschool waarop ze  katholieke jongens en meisjes zouden ontmoeten.)

Mijn man komt uit een niet-gelovig gezin, waarin men ook vond dat iedereen met iedereen moest kunnen omgaan. Dus er was geen beletsel van onze ouders om met elkaar om te gaan, te verloven en te trouwen.

Onze kinderen zijn NIET-gedoopt en zaten op een openbare lagere school, tot zover
“ l’histoire se répète
De Middelbare School mochten ze zélf uitkiezen. We zijn met de oudste naar verschillende scholen geweest en hij koos een katholieke school.
Toen zijn broer aan de beurt was om een middelbare school te kiezen (6 jr later) wilde hij geen scholen gaan bekijken: hij wilde op de school van zijn broer. Daar was hij diverse keren geweest en dié was hem vertrouwd.
Mijn man en ik zijn toen ”voor de vorm” (én omdat we het leuk vonden) bij andere scholen gaan kijken om een beeld te krijgen hoe het dáár, zoveel jaar later was, maar de jongste was onvermurwbaar, hij wilde zelfs niet mee gaan kijken, hij had zijn keuze al gemaakt (hij heeft er nooit spijt van gehad zegt hij zelf)
Een goede school voor het ene kind hoeft nog niet DE goede school voor het andere kind te zijn. Bij onze jongens heeft het allebei goed uitgepakt (dankzij hun eigen keuze)