Haagse gloeilamp

Mijn  lief en ik lezen vaak in bed voor het slapengaan.
Daar heb je leeslampjes naast het bed voor nodig.
Die zijn op ons logeeradres ook, alleen in één zit geen lampje meer.
Dat gaan we vandaag oplossen.
Op de terugweg van het Fotomuseum “Fotografie wordt Kunst” rijden we, op de fiets door een winkelstraat.

fotmuseum
ontwikkelgelatinezilverdruk 1914 H.Berssenbrugge

We zien er een Hema.
Het “andere” bedlampje zit in mijn tas.

Er komt een meisje op ons af met een vragende blik in haar ogen, dus ik begin meteen met ”Goedemiddag kun jij me zeggen waar hier de gloeilampen staan”?
– Dan moeten we samen gaan zoeken, want dit is mijn eerste dag hier –
“Waar, zou jij gaan zoeken?”
Ze loopt weg en wij achter haar aan. Ze loopt naar een collega en vraagt, die wijst aan en we danken.
Heel veel halogeen en ledlampen, maar geen “gewoon” lampje met mignonfitting.

Aan de overkant is een (Nieuwe) Blokker. We vinden op eigen kracht de lampenplank.
Een halogeenlampje dat  eventueel  óók zou passen voor € 8,65.Dat gaat hem NIET worden.
We komen langs een  mini Praxis en worden meteen naar de lampenafdeling geleid als we het vragen. Daar zijn wel  ledlampjes met mignonfitting  maar voor € 6,65.
Ik vind het nog steeds te gek, er zal toch wel wat goedkopers zijn?
We rijden verder, “even” geen winkels meer en dan een grote Kringloopwinkel.
Daar wil ik wel even in. Ik loop rond en kijk, maar mijn lief is slim en loopt naar de lampenafdeling (afzichtelijke uit de mode zijnde lampen, maar ook een bakje met  gloeilampen en ja hoor de juiste zit erbij. Ik ga naar de kassa en vraagt of deze het doet en hoe duur hij is.
Het lampje kost 50 cent, en als ik thuiskom en hij doet het niet mag ik hem terugbrengen!
We komen “thuis” (logeeradres)
Mijn lief draait er 2 lampjes in, de oude en de nieuwe (die eigenlijk ook oud is)
Allebei de bedlampjes doen het!
De aanhouder wint…… een lampje van 50 cent.

Poezenoppas

Zowel mijn lief als ik hebben nooit poezen gehad; we zijn meer hondenmensen.
Het dichtst bij “poezenbewoning” zijn we het eerste jaar van ons huwelijk geweest, toen we inwoonden (gedeelte van een bovenverdieping) en onze hospita een grote, dikke, witte poes had: Bianca.
Soms stond ze mauwend voor onze deur; we lieten haar dan binnen, ze rolde zich op voor de kachel en sliep dan een tijdje (tolereerde onze aanwezigheid) en mauwde weer als ze eruit wilde.
Soms  zagen we haar ’s avonds “luchtboksen” op het gras beneden: ze maaiden dan met haar voorpoten door de lucht om nachtvlinders te vangen (en op te eten).Een bijzonder gezicht: de witte kat in het donker “dansend” op het grasveld.
Ze was voor niets en niemand bang en heeft eens een hond het huis uit gejaagd.

Onze zonen (inclusief “pleeg” zoon) zijn met poezenmeisjes getrouwd; en hebben meerdere katten. Omdat ze wel eens met vakantie willen, passen wij wel eens op de katten. Ze mogen dan van ons NIET naar buiten. We wéten dat het natuurlijkgedrag is, maar we trekken het allebei niet als één van de katten met een (half) dode muis, vogel, kikker of vis binnenkomt.

Omdat ik nauwelijks interesse in katten had was voor mij elke kat hetzelfde: een roofdier wat mij uit de weg moest gaan (en  dat meestal ook deed)
Als je op (meerdere) katten  tegelijk gaat passen ontdek je ook de verschillen in karakter en krijg je ook favorieten!

djengis
Momenteel passen we op katten waar er één van “praat”. De eigenaren worden er wel eens gek van, maar ik vind het ( voor een paar dagen,) leuk! Je hebt  even echt contact met een huisdier, dat meestal gewoon zijn eigen gang gaat.Deze katten wonen in Den Haag, dus daar verblijven we dan ook.

Als we binnen komen en we hebben  de katten aandacht en eten gegeven (en zelf ook een hapje hebben genuttigd) vertrekken we op de fiets naar het Westduingebied. We zijn in een andere omgeving en niet MOET bekeken worden
De fietsen zetten we daar met een ketting aan elkaar (er wonen in Den Haag meer dan een half miljoen mensen, dat voelt toch anders dan in een dorp zoals waren wij wonen)
We lopen het duingebied in, (zand) heuveltje op, heuveltje af, mooie omgeving.
Ook hier mega veel honden (uitlaatservices); ik tel 25 loslopende honden in één duinpannetje!!westduin
Er komt een jonge vrouw op ons aflopen, een kindje in een draagzak op de borst, een wandelwagentje duwend en een kleine meid ernaast. Ze zegt dat ze dit gebied prachtig vindt maar nu wil ze ERUIT, of wij de weg eruit weten. Nee dus. We kunnen onze weg terug naar de fietsen vinden, maar die kant wil ze NIET op. Helaas dan kunnen we haar niet helpen. Ik stel voor het aan een hondenbezitter te vragen, die lopen hier waarschijnlijk vaker en weten vast wel een uitweg.

 

Ze kijkt niet erg enthousiast na deze suggestie
– Ik vroeg het net aan een dame met een hond, ze zei “Ga dan hier ook niet met een wandelwagen lopen”.
Jeetje, wat heb je toch horken van mensen!
We wensen de vrouw met de kindertjes succes en lopen door.
Het begint een beetje te miezeren.
De fiets opzoeken lijkt ons nu wel slim. Als we op de Laan va Poot zijn ( vernoemd naar twee vroegere koddebeiers/ boswachters: Jakob en Willem Poot) begint het harder te regenen. We fietsen rechtstreeks naar ons logeeradres. Vlak daarbij zien we een kleine buurtbibliotheek; een kastje met 8 boeken aan een hek. Ik haal er een dun boekje van Vonne van der Meer uit.( zo’n dun boekje lees ik wel uit in een paar dagen, zodat ik het weer terug kan zetten)
Als het blijft regenen vermaak ik me wel met mijn lief, twee poezen en Vonne.