Constantijn Huygens*) en zonen**)

Constantijn Huygens was secretaris van twee prinsen van Oranje, maar ook dichter, diplomaat, geleerde, componist en architect. Huygens trouwde in 1627 met Suzanna van Baerle, waarmee hij 5 kinderen kreeg: 4 zonen en een dochter.
2 Maanden na de geboorte van de dochter stierf Suzanne.
Een paar jaar na haar dood kocht Constantijn een stuk grond in Voorburg waar hij zijn buitenverblijf Hofwijck laat bouwen. 

hofwijck
Op de fiets onderweg naar Voorburg zien we een andere kant van Den Haag dan we tot nu toe zagen. Wij rijden door het stadsdeel Laak. Hier geen huizen met mooie gevels, maar flats met huisnummers van over de 2000, wat industriegebiedjes, maar ook een molen uit 1699 ( dat stond er tenminste op) gelegen aan de Haagse Vliet.

Het buitenhuis en de tuin van Hofwijck ontwierp Huygens zelf in 1641. De tuin is gebaseerd op ideëen van Romeinse architect Vitruvius en is aangelegd in de vorm van een menselijk lichaam, waarbij het hoofd het huis is.  Het stuk grond waarop de “benen” aangelegd waren behoort nu niet meer bij het buitenhuis.
station voorburgTegenover het buiten is nu het treinstation Voorburg.
Het buiten en tuin zijn nu toegankelijk.

herfsttijloosDe zon schijnt en we wandelen rondom het huis.Walnotenbomen en tamme kastanjes hebben rijkelijk gestrooid met hun vruchten, de paden liggen er vol van. De herfsttijloos en de wilde boscyclamen bloeien er tussen de dode bladeren en bodembedekkers.

kwakelaartje
Er lopen 3 witte, prachtige, kleine eenden naar me toe, ze happen in het plastic zakje dat ik tevoorschijn haal om de noten in te verzamelen. Later hoor ik dat deze eenden eerst met zijn vijven waren en horen bij het landgoed, ze worden kwakelaartjes genoemd (Als we het landgoed verlaten zie ik een oudere dame met een AH tas met brood aankomen, ook in haar plastic tas wordt “gepikt”, maar dan terecht:  er zit eten in!)

Men heeft de uitbouw, die zoon Christiaan heeft bijgebouwd (hij woonde er na de dood van zijn pa) verwijderd en het buiten weer zoveel mogelijk in de oorspronkelijke staat gebracht en nu als museum ingericht.
Constantijn senior (zijn oudste zoon heette ook Constantijn en werd ook secretaris van een prins van Oranje) had vele kwaliteiten; hij was staatssecretaris, dichter, architect, muzikant en diplomaat maar hij had geen titel. Dat “loste hij op” door in 1630 heerlijkheid Zuilichem (Gld) te kopen; hierdoor mocht hij zich Heer van Zuilichem noemen (hij was zelden in de Bommelerwaard)
Alleen de adel mocht zwanen houden en dat wilde Constantijn ook graag, dus liet hij in het water om zijn buiten Hofwijck een plateau maken voor een zwanennest (er was nu nog een “oud” nest te zien)

Constantijn heeft, denkt men, meer dan 100.000 brieven geschreven, aan familie, maar ook aan illustere personen.
Omdat Constantijn ook thesaurier alsmede secretaris van stadhouder Frederik Hendrik was ging hij mee bij veldslagen (de troepen moesten immers uitbetaald worden) De echtgenote van Frederik, Amalia van Solms vroeg Constantijn of hij haar wilde rapporteren hoe het met de gezondheid van haar man gesteld was. Constantijn schreef haar daarom briefjes ( klein, omdat ze soms langs vijandelijke linies gesmokkeld moesten worden en de boodschapper ze in zijn hak kon verstoppen) in het Frans. Deze (kopieën) zijn hier ook te zien.
ijskelder
Hofwijck is, zo vertelde de gids, het enige huis uit die tijd dat nog een ijskelder aan huis heeft.
Meestal zijn de ijskelders van landgoederen “ergens” in de tuin
Vanuit de keuken is de ijskelder te zien (niet toegankelijk)

Christiaan, een zoon van Huygens, wilde geen diplomatieke carriére en ging verder in de wetenschap; hij werd wis-en natuurkundige, sterrenkundige en uitvinder. De zolder van Hofwijck is aan hem gewijd. (hij was degene die er later  8 jaar woonde en die de uitbreiding heeft laten bouwen omdat hij meer ruimte nodig had voor zijn uitvindingen) Hij heeft oa. een uitvinding aan een slingeruurwerk gedaan, waardoor deze veel accurater ging lopen en als sterrenkundige ontdekte hij (1655) de eerste maan van Saturnus én dat Saturnus een ring heeft.

Het buiten is klein, maar er is veel over te vertellen. We kregen een audiotour mee, maar aangezien ik daar een hekel aan heb en de vrijwilligster het heerlijk vond om veel te vertellen, heb ik de audiotour ongebruikt teruggegeven en veel van de gids opgestoken.

De terugweg ging niet volgens de, op fiets ingestelde GPS route, omdat de GPS “geen sap” meer had.
Den Haag konden we zelf vinden maar we kwamen wel een andere kant Den Haag binnen dan we vertrokken waren. Deze keer langs de Hofvijver en Gymnasium Haganum (rijksmonument gebouwd 1905) een mooiere route,  wel giga druk.
We kwamen heelhuids thuis met weer meer kennis dan dat we vertrokken waren.

*) 1596-1687, 90 jaar geworden; voor die tijd een heel bijzondere leeftijd
Hij had een bijzonder levensfilosofie; at wat zijn lichaam nodig had niet meer en  groente en fruit uit eigen tuin.

**)Constantijn was  secretaris van Willem III en hielp Christiaan met de lenzen van zijn telescopen. Christiaan was de wis-natuur- en sterrenkundige. Lodewijk was ook diplomaat, later drost van Gorinchem en nog later bij de Admiraliteit van
Rotterdam

Vredespaleis

vredespaleis

Al meerdere keren hebben we getracht het Vredespaleis te bezichtigen, niet gelukt.
Het is maar één of twee keer per maand mogelijk, met groepen van ca. 20 mensen.
Vandaag gaan we “dan maar” het bezoekerscentrum in, om daar vast wat kennis op te doen en misschien wat foto’s  te zien hoe het er van binnen uitziet.

Mijn lief heeft veel in Den Haag gewerkt en weet de weg, dus ik fiets achter hem aan (sowieso te druk om naast elkaar te fietsen) door lanen met prachtig architectonische gebouwen, waar we oa.  de ambassades van Duitsland, Angola en Belarus zien.
hek den haag
Voor de ingang bij de prachtige hekken staat een beveiligingsbeambte met een apparaat waarmee ze onder de binnenkomende auto’s kan kijken; zelfs met een toegangspasje en identiteitsbewijs kom je niet “zo maar” in deze vredestempel.

wensenboom

Het bezoekerscentrum, vlak voor de hekken is wel vrij toegankelijk, er staat een wensboom bij, die  vol hangt met door bezoekers geschreven boodschappen. De Japanse, Arabische en Russische  boodschappen kan ik niet lezen, maar ik lees wel veel peace, vrede en la paix en varianten daarop.

In het bezoekerscentrum “leren” we dingen die we nog niet wisten en wordt “oude” kennis weer opgefrist.

Zo wist IK niet dat de Eerste Vredesconferentie in Den Haag (1899) gehouden was op initiatief van tsaar Nicolaas II. Wél wist ik dat koningin Wilhelmina ere-voorzitster was en dat deze bijeenkomst op Paleis Huis ten Bosch werd gehouden.
Tijdens deze vredesconferentie werd het Hof van Arbitrage opgericht en een passende huisvesting  hiervoor zou worden gebouwd. Dát werd het Vredespaleis, waarvan de eerste financiële bijdrage (1,5 miljoen dollar) kwam van Andrew Carnegie (1835-1919).
Deze Schot was met zijn ouders naar Amerika geëmigreerd en had zich daar opgewerkt tot eigenaar van een staalbedrijf dat hij in 1901 verkocht en daarmee één van de rijkste mensen ter wereld werd (the American dream!) Andrew vond dat rijke mensen iets terug moesten doen voor de mensheid. Met zijn geld werden 2500 bibliotheken gebouwd in 12 Engelssprekende landen.
Hij had dan ook als voorwaarde voor de gift van 1,5 miljoen dollar voor de bouw van het Vredespaleis dat er een Openbare bibliotheek* in gebouwd zou worden.

Voor het ontwerp van de bouw van het Vredespaleis werd een internationale prijsvraag uitgeschreven, die gewonnen werd door de Franse architect Louis Cordonnier (1854-1940)  Dit ontwerp in Neo-renaissancestijl werd, vanwege de kosten, wel wat aangepast.

In 1907 werd de Tweede Vredesconferentie in Den Haag gehouden en werd de symbolische eerste steen voor de bouw van het Vredespaleis gelegd. Kort daarna begon men met de bouw en in 1913 werd het paleis officieel in gebruik genomen.  Sinds die tijd zetelt het Permanent Hof van Arbitrage (voor conflictoplossingen van internationale geschillen ) daar en sinds 1946 zetelt  er ook het Internationale Gerechtshof, opgericht door de Verenigde Naties

Beide werken dagelijks aan het oplossen van mondiale kwesties, waardoor een bijdrage wordt geleverd aan de wereldvrede. (zo lazen we in het bezoekerscentrum)

 

*)  Deze bibliotheek is gespecialiseerd in vakliteratuur over internationaal publiek- en privaatrecht, vergelijkend recht en jurisprudentie uit alle delen van de wereld.