Kermis

Ik ben geen kermisklant.
Vroeger al niet.
Het zou een bron van vermaak moeten zijn, ik werd er altijd een beetje triest van.
Ik vond en vind het altijd zo “geforceerd pret maken”, bovendien maken de dingen waar je “in” kunt, die draaien en/of op-en-neer gaan me misselijk.

De enige tijd dat ik kermis echt leuk vond was toen de kinderen (heel) klein waren; hun grote ogen als ze in een ronddraaiende trein, jeep, of brandweerauto (we hebben zonen) zaten, de blije gezichten als ze uit mochten zoeken bij het touwtje trekken. (Helaas ook weer het verdriet als thuis het gewonnen spelletje, beestje of poppetje meteen alweer stuk ging)

Zodra de kinderen groter werden (en alleen of niet naar de kermis gingen) hoefde de kermis voor mij niet meer. Toen kwam er een kleinkind en de grote ogen, het blij gezicht, de verwondering kwam weer en heel soms gingen opa en oma weer naar de kermis mét de kleine puk. Nu is de kleine puk10 jaar, woont bij mama en zien we zelden, maar gisteren was hij hier én er was er kermis. Dus we gingen.

botsautoTe groot om in een jeep of brandweerwagen te zitten; de, van oma “ik-hoef-nergens-in-gen” én het bedachtzame-gen van zijn papa en opa “eerst rondkijken wat er is” geërfd, lopen we over de kermis. Ik probeer niet de troep op de grond, het geforceerde en de flutprijsjes  te zien maar met de ogen van een tienjarige te kijken.

 

Het voetbalspel gaat het worden; op een ronddraaiende houten keeper schieten en dát met sandaaltjes aan! Die worden razend snel uitgeschopt en met blote voeten gaan er een paar in en een paar naast. De kermisexploitant is een toffe peer die het niet zo nauw neemt met het aantal schoten: als het misgaat roept hij ”probeer het nog een keer, joh”. En als er een paar ballen meer dan op het bordje naast de kraam staat, geschoten zijn mag kleinzoon uitzoeken en krijgt pacifistische oma een geweer in haar tas te dragen.

Bij kleinzoon zijn behendigheidspelletjes nu kennelijk favoriet, want er wordt ook ballen gegooid en ook daar wordt  schiettuig als prijs uitgekozen.
Dan komt de kraam voor  de mannen; de schiettent.
Opa en zoon schieten en oma en kleinzoon kijken toe. Hier worden stomme plastic punten als prijs uitgedeeld en  kleinzoon mag iets voor 30 punten uitzoeken.
Natuurlijk zijn bijna alle prijsjes méér punten en wil de kermisexploitant dat er meer geld uitgegeven wordt en er meer geschoten wordt.
De “jongens” vinden allebei 1x genoeg en gelukkig ziet kleinzoon een flesje met 100 dummykogels voor zijn eerder gewonnen geweer, en wordt dat gekozen.
Klaar.

Kleinzoons ogen worden groot als hij de botsautootjes ziet; zijn vader haakt af dus opa “offert zich op” en de twee stappen in een botsautootje.
Oma en zoon zien duidelijk de tegenstrijdige belangen van opa en kleinzoon: opa probeert andere autootjes te ontwijken, kleinzoon probeert ze te rammen; ze hebben allebei ontzettend veel plezier.
Wij kijkers, genieten van de lachende gezichten en de pret.

Tot besluit nemen we een zak oliebollen mét poedersuiker mee naar huis voor de napret. En o wonder boven wonder, het geweer gaat NIET meteen kapot en in de tuin wordt er door papa en kleinzoon naar hartenlust op kleine doeltjes geschoten, zit alles onder de poedersuiker en zijn de oliebollen vet maar lekker.
Zoon en kleinzoon vertrekken mét de speeltjes, een volle maag en “leuke dag oma”.

En als ze weg zijn zoekt oma (“ik heb er genoeg, oma”) in de tuin naar kleine felgele kogeltjes en wist de poedersuiker van bank en vloer; Een leuke zondag!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s